woensdag 8 april 2020

Bekend gezicht binnen de VHP, Ahilia Welles, staot uit partij

Bijschrift toevoegen
Welles voert 'interessant gesprek' met LVV-minister Parmessar


Het Dagblad Suriname bericht dinsdag 7 april 2020, dat een bekend gezicht binnen de VHP, Ahilia Welles, de partij zondag verlaten heeft. Dit bevestigt Welles zelf. 

Minister Rabin Parmessar van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) heeft via zijn Facebook-pagina meegedeeld, dat hij een interessant gesprek heeft gehad met Welles.

Maar, wat maakt dit gesprek zo interessant? Daarop wenste Welles niet in te gaan. Ze benadrukt, dat zij officieel geen lid is van een andere partij, ook niet van de NDP.

Ze staat echter wel open voor andere politieke partijen. In dat kader was zij uitgenodigd door Parmessar.

dinsdag 7 april 2020

NDP-Assembleelid Doekhi kondigt na 38 jaar vertrek uit politiek aan

Markant politicus wil meer tijd besteden aan zijn familie


Het NDP-Assembleelid Rachied Doekhi neemt na 38 jaar afscheid van de politiek. Dat heeft Doekhie maandag 6 april 2020 laten weten. 

De voormalig districtscommissaris van Nickerie is nu 65 jaar en zegt in onderstaande video, dat hij nu gaat rusten. Doekhi zet een punt achter zijn politieke carrière, omdat hij meer tijd wil besteden aan zijn familie. Ook speelt zijn leeftijd en gezondheidssituatie een grote rol.

Hij heeft 15 jaar gewerkt als Assembleelid en ervaart dat als voldoende. Hij benadrukt, dat hij de NDP niet heeft verlaten en NDP’er zal blijven tot de dood.

Over de relatie met Bouterse zegt hij: 'Bouterse is mijn bloodbrother. We verschillen soms van mening, maar we zijn onscheidbaar.'

Positie VHP kandidaat-Assembleelid Cherryl Dijksteel lijkt in het geding

(Bron foto: Facebook)
'Jammer dat het zo wordt gepresenteerd, eigenlijk zielig’ 

Bevoordeling naar verluidt vanwege vriendschap tussen partijvoorzitter Santokhi en Stanley Dijksteel, vader van Cherryl


Cherryl Dijksteel, Assembleelid-kandidate van de Vooruitstrevende Hervormingspartij (VHP) GB oor de komende verkiezingen, wordt niet gelust binnen de kringen van de partij. 

Volgens enkele partijleden zou de goedkeuring van Dijksteel tot kandidate niet op transparante wijze zijn geschied, omdat zij een veroordeling op haar naam zou hebben. Dijksteel werd op 8 maart 2001 door de civiele rechter veroordeeld voor het betalen van enkele duizenden Nederlandse guldens aan iemand in Kort Geding. Volgens informanten, aldus het Dagblad Suriname dinsdag 7 april 2020, gaat het om een zaak waarin de Assemblee-kandidate weigerde te betalen aan de eisende partij. Zij verloor de zaak bij de rechter en moest naast de opgelopen rente ook nog boetes betalen.

Dijksteel zou naar verluidt bovendien een politieke parachutist zijn die voor haar kandidaatstelling nooit eerder op het terrein van het VHP-hoofdkwartier is gezien. Desondanks is zij op nummer 5 van de kandidatenlijst van de VHP in Paramaribo gekandideerd. Deze bevoordeling zou naar verluidt komen, vanwege de vriendschappelijke band tussen partijvoorzitter Chandrikapersad Santokhi en Stanley Dijksteel, de vader van Cherryl. Stanley Dijksteel is momenteel 2e secretaris van de partij.

'Jammer dat het zo wordt gepresenteerd. Eigenlijk zielig', is de reactie van Cherryl Dijksteel op de aantijgingen.

Samseerali Sheikh–Alibaks, voorzitter van de verkiezingscommissie, zegt  dat vonnissen en goed gedrag in feite geen beletsels zijn om tot kandidaat gekozen te worden. 'De enige voorwaarden die de Grondwet stelt zijn, dat de persoon de Surinaamse nationaliteit moet bezitten, ingezetene van de Republiek Suriname moet zijn en de leeftijd van 21 jaar moet hebben bereikt. Ook het woonplaatsbeginsel is belangrijk', stelt hij. Wat wel in de wet staat is  dat de kandidaat niet middels een onherroepelijk rechterlijk vonnis het kiesrecht moet zijn ontzegd. In het geval van Dijksteel weet Sheikh–Alibaks dat dit niet zo is. 'Als geen vonnissen als voorwaarden zouden worden opgenomen, dan zou dat voor velen een probleem zijn. Ook bij een verkeersovertreding, waar iemand veroordeeld is voor een boete, zou die persoon dan ook niet mogen meedoen. Er zijn dus geen beletsels dat haar als kandidate zouden kunnen tegenhouden', aldus Sheikh–Alibaks.

Sheikh–Alibaks ontkent ook de beweringen over het voortrekken van Dijksteel door de verkiezingscommissie vanwege de band tussen de partijvoorzitter en de 2e secretaris. Dit, omdat de partij een sollicitatieprocedure heeft gehanteerd waar een ieder vrij was te solliciteren. Voor elke kandidaat is door een selectiecommissie advies uitgebracht aan het hoofdbestuur van de partij. Het hoofdbestuur heeft op basis van dit advies, en ook op basis van politiek-strategische overwegingen, een concept kandidatenlijst samengesteld. Die lijst is conform de statuten voorgelegd aan de verkiezingscommissie van de partij ter toetsing. De verkiezingscommissie heeft alle kandidaten getoetst aan de formele vereisten en het grootste deel goed bevonden.

'Als zij op de lijst van het hoofdbestuur is komen te staan, dan ga ik gevoeglijk ervan uit dat zij aan de criteria voldoet', aldus Sheikh–Alibaks.

Dijksteel zou haar vonnis hier hebben verzwegen. De vraag bij velen rijst daarom hoe Dijksteel dan ook nog groen licht in het gehele onderzoekstraject vanaf het begin en vooral van de verkiezingscommissie heeft gehad, terwijl naar zeggen van Santokhi het hele proces waterdicht is. Partijleden vinden dat er consequenties aan moeten worden verbonden.

Dijksteel is in het dagelijkse leven verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering van de Faculteit der Maatschappijwetenschappen van de Anton de Kom Universiteit van Suriname. Daarnaast is zij parttime docente op HBO-niveau, voorzitster van de examencommissie van een der hboHBO-opleiding en heeft een adviserende functie inzake Volksgezondheid-aangelegenheden ten behoeve van de vaste parlementaire commissie van Volksgezondheid van het parlement. Haar opleidingsachtergrond ziet er als volgt uit: Doctoraal Rechten, Master in Public Health en Master in Bioethics. 

Zij stelde eerder, dat zij na de recente vernieuwingen (afgelopen 3-4 jaren) binnen de partij nauwgezet gevolgd te hebben, besloot om uiteindelijk niet meer vanuit de kantlijn haar bijdrage te leveren, maar officieel de stap te maken.

Schuttevaer: Apache boort nog meer olie aan voor kust Suriname



Sinds 2013 gezochte crimineel Soke aangehouden in boot op Marowijnerivier

'Rasta', 'Kleine' of 'Antenne' verdacht van reeks brute gewapende berovingen


Roland Soke, meer bekend als 'Rasta', 'Kleine' of 'Antenne' die sindsjuli 2013 door de politie en Justitie gezocht werd, is gisteren aangehouden door de politie van Albina met ondersteuning van leden van het Nationaal Leger. Dit meldt het Korps Politie Suriname vandaag, dinsdag 7 april 2020.

De agenten zagen Soke in een boot op de Marowijnrivier en gingen over tot zijn aanhouding. Soke wordt verdacht van deelname aan een reeks brute gewapende berovingen in Suriname. Er zijn al zeven van zijn bendeleden aangehouden en achter slot en grendel gezet.

De boot is vermoedelijke van Soke. Daarin heeft de politie een groot geldbedrag in Euro’s aangetroffen. De boot en het geld zijn ten behoeve van Justitie in beslag genomen.

Na de aanhouding heeft de politie van Albina Soke overgedragen aan het Arrestatie Team. Die hebben hem  naar Paramaribo overgebracht en vervolgens overgedragen aan collega’s van de Afdeling Kapitale Delicten. Deze afdeling is belast met het strafrechtelijk onderzoek tegen Soke.

PRO: 'Wet Uitvoering Uitzonderingstoestand kroonstuk op recente campagne tot uitholling rechtsstaat'

'Noodzaak wet is niet op medische gronden gebleken'


De Partij voor Recht en Ontwikkeling (PRO) constateert dat de Wet Uitvoering Uitzonderingstoestand het kroonstuk vormt op de recente campagne tot uitholling van de rechtsstaat. Het wetsvoorstel wordt behandeld op een moment, dat de noodzaak daartoe, niet op medische gronden gebleken is. Er is geen uitbraak of besmettingsgraad gebleken van een schaal die de ernstig beperkende maatregelen rechtvaardigen, als zulks ooit al het geval zou kunnen zijn. 

Hoewel de wettekst, ten aanzien van financiën geformuleerd is, om de indruk te wekken, dat mocht de situatie dat de noodreserve, waarvan het de wettelijke taak van de regering was, deze voor te bereiden en op te bouwen, tekort zou schieten, zij uit andere normale middelen financiering tijdens de uitzondering zou kunnen regelen. Echter gaat de wet veel verder dan dat. 

De wet stelt de belangrijkste wetgeving op zijn, die moet zorgen voor het veiligstellen van de belangrijkste middelen van de staat, zoals onroerend goed, mijnbouwrechten, goud- en kasreserves en aandelen van staatsbedrijven, door van de Bankwet en de Comptabiliteitswet af te wijken. Er staat ook met zoveel woorden, dat extra voorschotten en externe financieringen aangetrokken mogen worden, zonder voorwaarden of restricties te noemen, voor alles wat de regering ziet als het algemeen belang. De grondrechten, die Hoofdstuk V van de Grondwet garandeert, worden door de wettekst en de toelichting erbij, voorwaardelijk gemaakt en ondergeschikt gesteld aan de vermeende uitzonderingstoestand. 

Een van de meest schrikbarende bevindingen is, dat er heel specifiek verwezen is naar de mogelijkheid om zelfs op verdragsrechtelijk vastgelegde mensenrechten af te wijzen. 

De Partij voor Recht en Ontwikkeling stelt zich op het standpunt, dat de Covid-19 pandemie, hoewel ernstig en ingrijpend, in geen enkele democratische rechtsstaat tot zulke verregaande beperkingen heeft geleid voor een dergelijk lange en onzekere periode en zonder de nodige waarborgen. Zij constateert dat vanuit het oogpunt van rechtsvergelijking. Zij constateert ook, dat door juiste toepassing van de bestaande regelgeving, alle maatregelen die tot nu toe afgekondigd zijn, uitvoerbaar en handhaafbaar zouden zijn en blijven. 

Zij komt tot de conclusie, dat de beperking van mensenrechten en de vrijbrief tot wangedrag en verder financieel wanbeleid van de overheid, onacceptabel is en getuigt, van strijdigheid met de Grondwet in de zin van artikel 92 Grondwet. 

Om die reden roept zij alle Assembleeleden op om zich maximaal te verzetten tegen aanname en alle Surinamers om de bescherming en naleving van de Grondwet en garantie grondrechten te eisen van een ieder, onder alle omstandigheden. 

Tot slot wijst zij erop en waarschuwt zij allen die meewerken aan het schenden van de Grondwet, dat de parlementaire onschendbaarheid zich niet uitstrekt tot de misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten als vervat in Boek 2, Titel IV Wetboek van Strafrecht. 

De Partij voor Recht en Ontwikkeling zal zich in zetten voor de vervolging en berechting van iedere persoon die zich aan dergelijke misdrijven schuldig maakt, vooral onder misbruik van de huidige pandemie.'

VES wil dat regering Wet Uitzonderingstoestand per direct intrekt

'Wet is naar letter en geest een middel dat niet in verhouding staat tot de kwaal'


'De Vereniging van Economisten in Suriname (VES) vraagt de regering om de ingediende wet Uitzonderingstoestand in de Assemblee per direct in te trekken. Samen met de belangrijkste stakeholders moet om de tafel gezeten worden over actieve burgersteun aan de regering om een oplossing te vinden voor de Covid-crisis én de financieel-economische crisis. 

De Covid-19 uitbraak vormt een ernstige bedreiging voor de volksgezondheid van Suriname en dient dan ook adequaat en nationaal te worden aangepakt. Het Covid-team doet daarin een hele goede job. Het maatschappelijke middenveld probeert daar ook de noodzakelijke bijdrage aan te leveren. Op enkele storende uitzonderingen na volgt de burgerij de afgekondigde beperkende maatregelen. 

De VES is van mening, dat er in de samenleving geen enkele rechtvaardiging bestaat voor het uitvaardigen van nieuwe wetten om deze crisis te bestrijden. Gezien de huidige stand van de gezondheidszorg en de orde in het land is er voldoende ruimte om de Covid-19 crisis binnen de bestaande orde te bestrijden. De bevolking is meer dan bereid om bij te dragen aan de bestrijding hiervan. Er zijn daartoe al verschillende initiatieven genomen. 

De Wet Uitzonderingstoestand is naar letter en geest een middel dat niet in verhouding staat tot de kwaal. De VES is van mening, dat de Covid-crisis absoluut niet gebruikt mag worden om burgerrechten te beperken en vooral om het financieel-economisch wanbeleid voort te zetten. 

Als vereniging hebben wij op diverse momenten aandacht gevraagd voor de structurele economische problemen welke met het regeringsbeleid van de afgelopen jaren door haarzelf werden gecreëerd. De regering heeft hooghartig onze uitgestoken hand c.q. de aanbiedingen om te ondersteunen om het beleid om te buigen genegeerd. Wij hebben op diverse podia gewaarschuwd dat we zo rechtstreeks op een vierde crisis afstevenen.

'Deze Uitzonderingstoestand is volgens de organisatie bedoeld om het verkeerde financieel-economische beleid voort te zetten en nu zonder wettelijke beperkingen de gecreëerde begrotingstekorten ongebreideld monetair te kunnen financieren. Bovendien wil deze wet ons recht om te protesteren tegen het wanbeleid dat de gemeenschap nog verder zal verarmen, afpakken.

Deze Uitzonderingstoestand zal het bedrijfsleven verlammen en de samenleving sociaal hard treffen en de toekomstige generaties, onze eigen kinderen, in armoede dompelen. Voor de VES is dit onverklaarbaar en roepen we alle maatschappelijke groeperingen op die massaal uit te spreken tegen deze 'beknottingswet' van de regering. 

De vrees is dermate aanwezig dat met deze wet de regering de rijkdommen van de samenleving zal verpanden. 

De VES doet een dringend beroep op de regering om dit heilloze pad te verlaten.'

PCS reageert op onvolkomenheden berichtgeving de Ware Tijd rond detoxificatiekliniek

'Directie PCS betreurt het ten zeerste geen hoor en wederhoor is toegepast'

'Er is nimmer sprake geweest van gedwongen opname van verlof door het personeel'


'Het Psychiatrisch Centrum Suriname (PCS) wenst naar aanleiding van een krantenbericht dat is verschenen in de Ware Tijd d.d. 06 april 2020 een reactie te geven op enkele onvolkomenheden in de berichtgeving. 

De directie van het PCS betreurt het ten zeerste dat het principe van hoor en wederhoor niet is toegepast voor de evenwichtigheid en juistheid van de berichtgeving. 

Zijdens het PCS zijn vanwege de Covid-19 situatie diverse preventieve maatregelen doorgevoerd met als gevolg dat de dienstverlening enigszins is aangepast. 

 Gezien het afgenomen patiëntenbestand is besloten om in samenspraak met het personeel na te gaan op welke wijze zij kunnen worden ingezet op de overige zorgafdelingen. 

De arbeidsrechten van het (zorg)personeel worden te allen tijde gerespecteerd en afgestemd op de geldende wetgeving, en is er nimmer sprake geweest van gedwongen opname van verlof door het personeel.'

'Staatsolie niet bij machte de staat laatste deek dividend voor 2019 te betalen'

Minister Hoefdraad: 'Maar, ook nu is de overheid er om naar oplossingen te helpen zoeken'


Door de Covid-19 pandemie en de wereldcrisis die dit heeft veroorzaakt, zijn aardolieprijzen 70% teruggevallen. Dit is een zware financiële klap voor Staatsolie. 'Maar, ook nu is de overheid er om naar oplossingen te helpen zoeken', zegt minister Gillmore Hoefdraad vandaag, dinsdag 7 april 2020, aan het Nationaal Informatie Instituut. 

'Staatsolie is niet bij machte de staat nu het laatste deel van het dividend voor 2019 te betalen. Ofschoon we het hard nodig hebben, en zeker nu met de economische impact van het Coronavirus, zoeken we gezamenlijk naar een oplossing', aldus de bewindsman.

Net als zijn collega van Natuurlijke Hulpbronnen, Sergio Akiemboto, ontkent Hoefdraad dat het nooit de bedoeling was om aandelen van Staatsolie te verkopen. Het bedrijf is ook nooit onder druk gezet, benadrukt hij.

'De officiële bekendmaking van de tweede grote olievondst door Staatsolie en haar exploratiepartners, wordt thans overschaduwd door valse aantijgingen aan het adres van de regering. De regering heeft Staatsolie in moeilijke tijden te hulp geschoten door bij internationale fondsenverschaffers aan te kloppen, waaronder het Chinese CNOOC, waar in de onjuiste mediaberichtgeving naar wordt verwezen.'

'Toen Staatsolie in 2015 in problemen was haar betalingsverplichtingen ten opzichte van haar schuldeisers niet zou kunnen voldoen, is de regering ingesprongen. Wij hebben samen een succesvolle obligatielening uitgegeven, waarvan het merendeel naar Staatsolie is gegaan. Het bedrijf heeft op deze manier de schuld kunnen herstructureren en in 2018 terugbetaald. Met deze betaling heeft de regering haar betalingsachterstanden op andere gebieden ingelopen', stelt Hoefdraad.

Eind 2019 kreeg Staatsolie andermaal druk vanuit de banken. Het bedrijf deed een beroep op het ministerie van Financiën om bij de IsDB (Islamic Development Bank) of andere financiële instituten hulp te zoeken. Hoefdraad: 'Ik was gelijk bereid ondersteuning te geven. Ik heb met de private arm van de IsDB gesproken die achteraf te duur leek te zijn. Er zijn daarnaast ook gesprekken geweest met EximBank China en de New York Stock Exchange listed company CNOOC. Beide toonden interesse, hadden meer informatie nodig.'

Tijdens zijn staatsbezoek aan China heeft president Desi Bouterse ook een ontmoeting gehad met vertegenwoordigers van CNOOC. Het bedrijf is in december door de president uitgenodigd een bezoek te brengen aan Suriname om samenwerkingsmogelijkheden in de energiesector na te gaan. De ministeries van Financiën en Natuurlijke Hulpbronnen hebben op hun beurt voorbereidingen getroffen voor een kennismakingsgesprek tussen CNOOC en onder andere Staatsolie.

'Er is nog door mij, noch door mijn collega van Staatsolie geëist wat dan ook te verkopen aan CNOOC. Het Chinese bedrijf heeft US$ 800 miljard tot 1 triljoen in assets en als een samenwerking met Suriname niet lukt, gaan ze ergens anders neem ik aan. En let wel deze voorbereidingen waren er voordat er olie werd gevonden',  deelt de minister mee. Hij zegt dat nimmer autoritair of respectloos is omgegaan met Staatsolie. Integendeel. 'Ik heb altijd een uitstekende relatie gehad met Staatsolie in tien jaren dat ik in Suriname ben. En de autonomie van het bedrijf is altijd gerespecteerd. Ik ben in de afgelopen periode benaderd door Russische, Ghanese en Amerikaanse bedrijven. Ik heb allemaal netjes verwezen naar Staatsolie. Het is erg dat zaken zo in het nieuws komen, terwijl de regering altijd respectvol naar Staatsolie is geweest en zal blijven.'

De regering heeft geloof in Staatsolie en geenszins de intentie om het bedrijf te schaden. 'De bewijzen liggen daar: de 25 procent aandelen van Newmont zijn overgedragen aan Staatsolie zonder een cent voor te vragen en dit in een bijzonder moeilijke tijd. De overheid heeft zelfs voorgefinancierd. De Afobaka dam is eveneens overgedragen aan Staatsolie met een lening van de overheid van US$. 125 miljoen. Daarnaast is 30 procent participatie in IAmGold aan Staatsolie gegeven. Deze investeringen helpen Staatsolie juist om de schokken in de wereldmarkt te kunnen mitigeren. Immers, we hebben geleerd van 2015.'

Suriname houdt zich niet aan aflossingsafspraak obligatielening die de Staat Suriname heeft via Oppenheimer Funds

Rente op obligatielening is met 3% verhoogd, naar 12,875%


De rente op de recente obligatielening die de Staat Suriname via Oppenheimer Funds heeft uitgegeven op de internationale markt is met 3% verhoogd, naar 12,875%. De lening van US$ 125 miljoen was aangegaan voor de afbetaling van de stroomrekening bij Suralco van de Afobaka stuwdam in december vorig jaar. Dit betekent, dat de regering US$ 3,75 miljoen extra moet ophoesten voor het niet nakomen van de voorwaarden waaronder de overbruggingslening was aangegaan vorig jaar. 

De snel verslechterde naam van Suriname op de internationale kapitaalmarkt, heeft na de recente downgrade van Fitch en Standard & Poor's opnieuw een behoorlijke deuk gekregen, zegt oud-bankier en econoom Jim Bousaid in reactie op de verhoogde rente op de Bridge Loan vanmiddag, dinsdag 7 april 2020, op Starnieuws.

'Gisteren heeft Surinaamse regering in een verklaring bevestigd, dat zij in gebreke is om te voldoen aan de voorwaarden van de lening die via Oppenheimer op de internationale kapitaalmarkt is genomen.'

In een bekendmaking van de regering staat:

'De Republiek Suriname deelt aan houders van notes van haar lening van US$ 125 miljoen, tegen 9.875% rente, mee dat zij in gebreke is om, zoals afgesproken, uiterlijk 19 maart 2020 aan de houders een overzicht te sturen van haar terugbetaalcapaciteit. 

Volgens de voorwaarden van de leningsovereenkomst had dit binnen 90 dagen na ondertekening moeten gebeuren. Dit betekent, dat het oorspronkelijk afgesproken rentepercentage van 9.875%, conform de voorwaarden nu geacht wordt met 3 procentpunten te zijn verhoogd en thans dus 12.875% te zijn. De verhoogde rente gaat zal gelden tot dat Suriname heeft voldaan aan de voorwaarde om bedoeld overzicht van de terugbetalingscapaciteit te verstrekken.' 

Bij de overname van de dam hadden de regeringsautoriteiten aangegeven, dat er alleen maar voordelen waren verbonden als de dam in Surinaamse handen zou zijn. Drie maanden later is de lening per jaar verzwaard met US$ 3,75 miljoen rente tot bijna US$ 16,1 miljoen. De obligatielening loopt tot 2023.

Twaalf vrouwen vermoord in eerste twee weken quarantaine Colombia

Quarantaine bevordert spanning en vergroot isolement van vrouwen met gewelddadige partners

(Bron foto: Pedro Pardo/The Bogota Post)

Twaalf vrouwen hebben de eerste twee weken van de voortdurende quarantaine van Colombia niet overleefd, zei de openbaar aanklager maandag 6 april 2020. Huiselijk geweld wordt een steeds groter probleem. Volgens vice-procureur-generaal Martha Janeth Mancera registreerde haar kantoor sinds het begin van het jaar 37 gevallen van vrouwenmoord (femicide), waarvan bijna een derde in de afgelopen twee weken.


Quarantaine bevordert de spanning en spanning die wordt veroorzaakt door veiligheid, gezondheid en geldzorgen. En het vergroot het isolement van vrouwen met gewelddadige partners, waardoor ze worden gescheiden van de mensen en middelen die hen het beste kunnen helpen. Het is een perfecte storm voor het beheersen van gewelddadig gedrag achter gesloten deuren. En tegelijkertijd, terwijl de gezondheidsstelsels zich tot het breekpunt uitstrekken, bereiken ook de schuilplaatsen voor huiselijk geweld hun capaciteit, een tekort aan dienstverlening wordt nog erger wanneer centra worden herbestemd voor extra Covid-19-respons.

Het aantal vervolgingen is aanzienlijk lager dan in de studentenkrant 070 in Bogota, die alleen al in de eerste twee maanden van het jaar 44 gevallen van vrouwenmoord registreerde. Femicide in Colombia heeft tot dusver dit jaar tot nu toe ten minste 44 slachtoffers gemaakt.

Volgens Mancera kon de aanklager in 58% van de gevallen van femicide die doorgaans door de partner van het slachtoffer wordt gepleegd, een verdachte vinden. Desalniettemin beweerde de hoogste Officier van Justitie dat 'deze quarantaine de gerechtigheid niet zal stoppen', dat notoir ineffectief is, vooral als het gaat om geweld tegen vrouwen.

Het feit dat Mancera niet eens gevallen van vrouwenmoord heeft geregistreerd uit een studentenblad, is een pijnlijke herinnering aan het onvermogen van de aanklager om gerechtigheid te dienen.

Het openbaar ministerie zei begin 2018, dat het elke moord op een vrouw als een haatmisdaad zou behandelen, maar zonder effect, omdat jarenlang wanbeheer en corruptie het kantoor vrijwel volledig hebben doen instorten.

Het vermoorden van vrouwen is in 2019 blijven stijgen van 960 tot 976, volgens het bureau van de lijkschouwerr. Veel vrouwen doen niet eens de moeite om huiselijk geweld te melden vanwege de virtuele ineenstorting van de aanklager en uit angst voor represailles van hun dader.

De vrouwenmoorden tonen slechts een topje van de ijsberg van het buitensporige geweld dat vrouwen in Colombia doorstaan, vooral door hun partners. De 960 vrouwen die in 2018 zijn vermoord, zijn een fractie van de 42.753 vrouwen die het waagden om echtelijk geweld te melden en het overleefden. De cijfers van vorig jaar worden pas later dit jaar verwacht.

UN Women sprak donderdag zijn bezorgdheid uit over een wereldwijde toename van geweld tegen vrouwen tijdens de pandemie, vooral in landen waar een quarantaine is ingesteld. 

(Suriname Mirror/Colombia Reports/YouTube/)