dinsdag 23 september 2014

De trage reactie van Surinaamse regering op aanpak chikungunya-epidemie - Overheid schuift verantwoordelijkheid in schoenen burgers

Eerste signalen virus in regio al in januari

Toenemend aantal gevallen doet kritieken op overheid aanzwellen: nauwelijks voorlichting over chikungunya

Een overzicht van 'acties' en nieuws rond snel uitbreidend virus

23-09-2014 Door: Paul Kraaijer/Obsession Magazine


Paramaribo - De zelf door het chikungunyavirus getroffen NDP-Assembleelid Amzad Abdoel is zeer verontwaardigd over hoe het beleid van het ministerie van Volksgezondheid en het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG), dat onder dat ministerie valt, gefaald heeft rond de aanpak van het virus. Burgers zouden volgens hem nauwelijks goede hulp, begeleiding en voorlichting krijgen. Hij uitte zondag 21 september ook zijn twijfels over het door het BOG naar buiten gebrachte aantal mensen dat door chikungunya is getroffen. ‘Het ziet er niet goed uit. Als wij Ebola hier krijgen, zijn wij allemaal dood met uitzondering van hen die een ticket kunnen betalen en vluchten, aldus Abdoel…

Overheid faalt
Abdoel heeft gelijk. Adboel heeft een punt. Het schort aan alles als het gaat om het regeringsbeleid om chikungunya aan te pakken en om het op een adequate manier voorlichten van de burgers. Al in januari van dit jaar werden diverse chikungunyagevallen in het Caribisch gebied gerapporteerd. Toen had de regering al maatregelen kunnen treffen en een voorlichtingstraject kunnen uitstippelen. Het virus heeft zich de afgelopen maanden stilletjes uitgebreid: de eerste zieke werd officieel begin juni door het BOG geregistreerd (een Surinamer die terugkeerde van Sint Maarten), op 25 juni waren 17 zieken geregistreerd, op 11 juli 28, op 30 juli 39 en op 4 september was het aantal geregistreerde door het virus getroffen zieken al gestegen naar 121.

Chikungunya is een virale infectieziekte die wordt overgedragen door dezelfde Aedes aegypti-muskiet die ook dengue overbrengt. De ziekte veroorzaakt koorts en ernstige gewrichtspijnen. Andere symptomen zijn spierpijn, hoofdpijn, misselijkheid, zwakte en huiduitslag. De ziekte lijkt op dengue en kan daarmee worden verward. De enige behandeling is het verlichten van de symptomen door onder andere rust, paracetamol en voldoende drinken, aangezien er geen effectief medicijn of vaccin beschikbaar is. De gewrichtspijnen verdwijnen meestal binnen enkele dagen of weken, maar soms kunnen ze enkele maanden tot zelfs jaren aanhouden.

Wat is er sinds januari van dit jaar door de regering (lees: ministerie van Volksgezondheid en het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg) zoal gedaan om het zich snel overal verspreidende chikungunyavirus aan te pakken en om de bevolking voor te lichten? Een overzicht laat een zeer afwachtende en onverantwoordelijke houding van de regering zien. Soms lijkt er sprake te zijn van paniekerig ad hoc-beleid. Naarmate de maanden verstrijken zijn er steeds meer kritische geluiden te horen, uit zowel de bevolking, als uit het bedrijfsleven, maar ook uit de gezondheidszorg en de politiek. De minister van Volksgezondheid, Michel Blokland, vertrok gewoon zaterdag 20 september voor een tweeweekse vakantie naar New York in de VS, terwijl vandaag, dinsdag 24 september 2014, de commissie Volksgezondheid in De Nationale Assemblee bijeenkwam om over chikungunya te spreken. De vicepresident, Robert Ameerali, zou volgens de Ware Tijd, de bewindsman hebben opgeroepen, in een mailtje, om onmiddellijk naar Suriname terug te keren. Er is duidelijk geen sprake van beleid en ook lijkt de bewindsman de opmars van het virus niet echt serieus te nemen.

EEN OVERZICHT 27 januari: Alertheid opgevoerd
De directeur van het BOG, Lesley Resida, laat weten, naar aanleiding over berichten over een stijgend aantal chikungunyagevallen in de regio, dat 'de alertheid' is opgevoerd. Artsen zouden zijn geïnformeerd en hij beweert zelfs dat in februari het virus geïsoleerd zal worden. Daarenboven beweert Resida, dat op 16 februari deskundigen van het Erasmus Laboratorium Rotterdam komen om BOG-personeel te trainen. Resida roept verder de gemeenschap op om broedplaatsen van muskieten te voorkomen. Personen die pas op reis zijn geweest binnen de regio of naar landen waar dit nieuwe virus voorkomt en koorts en gewrichtspijnen vertonen, kunnen zich melden bij hun huisarts en of bellen naar een speciaal open gestelde hotline: 8836643.

28 mei: Chikungunya in buurlanden Guyana en Frans Guyana
Het chikungunyavirus heeft minstens twee mensen in Guyana ziek gemaakt. Een regionaal laboratorium heeft bevestigd dat een 4-jarig kind en een man van 40 jaar in het oosten van het land, bij de grens met Suriname, door het virus zijn getroffen. Frans Guyana was het eerste land op het Zuid-Amerikaanse continent waar het virus opdook en heeft inmiddels al 170 gevallen van chikungunya geregistreerd.
De Pan American Health Organization, PAHO, zegt dat er inmiddels meer dan 60.000 verdachte gevallen zijn geweest in het gehele Caribisch gebied sinds het eerste lokaal overgebracht geval werd geregistreerd in december.

30 mei: BOG neemt geen extra maatregelen na bekendmaking chikungunya in Guyana
Ondanks de geconstateerde chikungunyagevallen in Guyana neemt het BOG geen extra voorzorgsmaatregelen, omdat het bureau, aldus haar directeur, geen paniek wil zaaien. Het BOG zal hooguit de voorlichting nabij de grensposten intensiveren. Een BOG-team vertrekt richting Nickerie om samen met lokale artsen en gezondheidsdiensten de voorlichting op te voeren.
Overal waar personen het land binnenkomen worden posters opgehangen, stelt BOG-directeur Resida. Hij zegt verder, dat het ondoenlijk is om iedereen die het land binnenkomt te laten controleren. Resida verwacht dat ook Suriname getroffen wordt en alertheid wordt geboden. ‘Belangrijk is dat men voorzorgsmaatregelen treft om het virus geen kans te geven zich hier uit te breiden.’ Hij legt dus de verantwoordelijk in handen van de burger en niet bij de overheid, bij het BOG, bij zichzelf en dat is kwalijk, terwijl iedereen weet dat het virus zich snel aan het verspreiden is in het gebied.

6 juni: Eerste chikungunyageval in Suriname
Het Centraal Laboratorium van het Bureau Openbare Gezondheidszorg (BOG) bevestigt het eerste geval van besmetting met het chikungunyavirus bij een ingezetene in Paramaribo, die in de maand mei opgenomen en behandeld geweest is in een van de lokale ziekenhuizen. Het gaat om een 45-jarige man die na terugkomst van St. Maarten de specifieke chikungunyaklachten ontwikkelde. Betrokkene is inmiddels ontslagen uit het ziekenhuis en intussen zijn de bestrijdingsmaatregelen, gericht op het voorkomen van lokale verspreiding, uitgevoerd.

12 juni: Minister van Volksgezondheid laat voor het eerst van zich horen
De minister van Volksgezondheid, Michel Blokland, laat pas op 12 juni voor het eerst van zich horen. Hij doet een beroep op burgers om zoveel mogelijk broedplaatsen van de denguemuskiet te voorkomen. De bevolking gaat over het algemeen nog steeds slordig om met vuil. Vooral flessen, cups, vaten, emmers, autowrakken en zelfs koelkasten worden achteloos in ‘achterbuurten’ gedumpt. Het is allemaal afval waarin na regenval water blijft staan en juist dergelijke plekken zijn geliefd bij de muskieten. De minister stelt, dat burgers voor een groot deel zelf kunnen zorgen voor bescherming tegen de ziekte chikungunya. Verder adviseert hij om onder een klamboe te slapen. Net als het BOG legt ook de verantwoordelijk bewindsman de verantwoordelijkheid bij de burger. Zijn opmerkingen kunnen gekwalificeerd worden als zijnde algemeen bekend zonder iets specifieks toe te voegen dat betrekking heeft op het chikungunyavirus.

25 juni: 17 Geregistreerde gevallen van chikungunya
Het BOG maakt bekend dat 17 gevallen van chikungunya officieel zijn geregistreerd. De meeste zieken zijn woonachtig in de stad, Paramaribo, en één in Albina. De bevolking wordt weer op het hart gedrukt om broedplaatsen van muskieten op te ruimen en te voorkomen door beschermende maatregelen te treffen.

27 juni: BOG kondigt grootschalige voorlichtingscampagne aan
Het BOG heeft een grootschalige voorlichtingscampagne in voorbereiding om het chikungunyavirus de baas te worden. De campagne zal zich richten op voorlichting aan de gemeenschap over voorzorgsmaatregelen. Ook komt er een landelijke schoonmaakcampagne om broedplaatsen van de muskiet, die het virus overbrengt, te bestrijden. De campagne wordt in samenwerking met de ministeries van Openbare Werken en Onderwijs en Volksontwikkeling uitgevoerd. Van OW zal de afdeling Openbaar Groen worden ingezet om grof vuil op te ruimen in alle districten. Daarnaast zullen scholen voorgelicht worden over het virus en maatregelen daartegen. Van een werkelijk grootschalige uitgevoerde campagne is echter geen sprake geweest.

12 juli: 28 Geregistreerde zieken met chikungunya
De afdeling Epidemiologie van het BOG heeft tot 11 juli 28 gevallen van chikungunya genoteerd.
De gebieden waar de infecties zich hebben voorgedaan zijn Wanica (ressort Leiding en Kwarasan) en Commewijne (ressort Tamanredjo). Het hoofd van het laboratorium van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo, John Codrington, zegt, na het uitvoeren van 130 testen tussen 3 juni en 10 juli: 'Wij kunnen nu definitief zeggen het virus is in Suriname. Het is duidelijk dat je in het land chikungunya kunt oplopen.’

14 juli: Oude autobanden verwijderen in strijd tegen chikungunya
Het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg is samen met de afdeling Openbaar Groen van het ministerie van Openbare Werken (OW) eindelijk gestart met het verwijderen van oude autobanden in Paramaribo en omstreken. Deze opruimingsactiviteiten houden verband met de uitbraak en bestrijding van het Chikungunyavirus in Suriname. Het maakt onderdeel uit van de op 27 juni aangekondigde grootschalige schoonmaakcampagne. Maar, of je alleen met het verwijderen van autobanden het chikungunyavirus kunt tegengaan lijkt zeer onwaarschijnlijk.
Maureen van Dijk, onderdirecteur Programma Ontwikkeling van het BOG, drukt mensen op het hart om broedplaatsen van muskieten op te ruimen.
Maar, die oproep is al vele jaren te horen en lijkt aan dovemansoren gericht.
‘We hebben een serieuze campagne op touw gezet en beschermende maatregelen ingebouwd ter bestrijding van de muskiet die dit virus overbrengt. De focus is op autobanden en andersoortige banden die een broedplaats vormen, maar ook waterhoudende voorwerpen die in weer en wind worden gelaten.’ Hierbij wordt gedacht aan flessen, cups, vaten, emmers, autowrakken en koelkasten.

22 juli: Volgens BOG-directeur geen sprake van een epidemie
Hoewel een aantal landen in het Caribisch gebied spreekt van een chikungunya epidemie, zegt Lesley Resida, directeur van het BOG, dat in Suriname nog niet over een uitbraak van een epidemie kan worden gesproken. Volgens de BOG-directeur is het nog veel te vroeg om over een epidemie te praten. Hij stelt, dat er geen duidelijke vaste regel is met betrekking tot het aantal geregistreerde gevallen dat nodig is om van een epidemie te spreken. Volgens Resida speelt de grootte van de bevolking hieraan ook een rol, de manier waarop de ziekte zich uit en de manier waarop het aantal ziektegevallen stijgt. Aan al deze criteria moet voldaan worden, voordat er sprake kan zijn van een epidemie.

30 juli: 39 Bevestigde chikungunya zieken en nu wel een epidemie....
Zei een week eerder BOG-directeur Resida nog dat van een epidemie geen sprake is, op 30 juli zegt zijn onderdirecteur Programmaontwikkeling, Maureen Wijngaarde-van Dijk, dat er nu sprake is van een epidemie. In dit geval gaat het om een epidemie, omdat Suriname voor het eerst met dit virus geconfronteerd wordt, stelt Wijngaarde. De onderdirecteur Programmaontwikkeling vergelijkt de chikungunya-epidemie met dengue. Er is volgens haar pas sprake van een dengue-epidemie wanneer het aantal gevallen een stijgende trend vertoont, in vergelijking met het aantal genoteerde gevallen van de jaren daarvoor in dezelfde periode. Maar, waarom haar baas een aantal dagen eerder nog verkondigde, dat er geen sprake was van een epidemie is opmerkelijk. Het duidt erop, dat leidinggevenden binnen het BOG geen eenduidig beleid erop na houden en de definitie van het woord epidemie verschillend uitleggen. Dat schept geen vertrouwen in de richting van de bevolking die toch voor haar informatie over dit specifieke virus vooral en met name afhankelijk is van dat BOG.

29 augustus: BOG spuit wel malathion in Nieuw Nickerie vanwege chikungunyagevallen
Vanwege het feit dat er enkele slachtoffers van chikungunya zijn gevallen in Nickerie, heeft het BOG wel besloten om bespuitingswerkzaamheden uit te gaan voeren in Nieuw Nickerie. Dit, omdat de gerapporteerde gevallen niet ver van elkaar verwijderd zijn in dit gebied. Er zal, zoals gebruikelijk, bespoten worden met het insecticide malathion. Er zijn acht gevallen gerapporteerd, waarvan vier vermoedelijke gevallen zijn. Deze gevallen zijn binnen vier weken geconstateerd. Bij de meeste van de bevestigde slachtoffers werd chikungunya ontdekt na terugkeer uit Guyana.

4 september: Aantal gevallen van chikungunya opgelopen tot 121
In Suriname zijn tot 4 september 121 mensen getroffen door het chikungunyavirus. Het BOG verwacht dat het aantal chikungunya gevallen nog zal toenemen. Het bureau verzamelt data van haar eigen laboratorium, het Medisch Wetenschappelijk Instituut (MWI) en het Academisch Ziekenhuis Paramaribo. Het MWI pas ongeveer drie weken onderzoek. Ook werden enkele bloedmonsters verstuurd naar Trinidad & Tobago voor onderzoek. Dat was volgens het BOG noodzakelijk om na te gaan, of de resultaten van de analyses in Suriname betrouwbaar zijn.

17 september: Directeur lab AZP vindt dat er al lang alarm had moeten worden geslagenHet eerste kritische luid over het overheidsbeleid inzake de bestrijding van het chikungunyavirus wordt hoorbaar. ‘We zijn in een vrije val en ik heb het gevoel dat we het niet meer in de hand hebben.' Woorden van directeur John Codrington van het laboratorium van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo in de Ware Tijd naar aanleiding van het aantal gevallen van chikungunya. De aanpak stelt volgens hem niet veel voor sinds de eerste gevallen werden waargenomen. Er zijn sindsdien ruim negenhonderd verdachte gevallen geregistreerd. ‘Een groot deel was positief’, zegt Codrington. Het aantal besmettingen is waarschijnlijk nog veel hoger. Niet iedereen met verschijnselen meldt zich. Er kan dus gerust gesproken worden van een epidemie. Wel bekeken had er al lang alarm moeten zijn geslagen, aldus Codrington. Maar, echt gealarmeerd lijkt niemand, zeker niet de gezondheidsautoriteiten en milieudiensten. ‘Chikungunya had een testcase, een oefening, voor onze alertheid moeten zijn. Maar, we hebben niets onder controle en ik mis de serieusheid’, aldus Codrington.

20 september: Regering gaat voorlichting landelijk opvoeren
Het ministerie van Volksgezondheid treft eindelijk voorbereidingen voor een integraal plan tegen de verdere verspreiding van het chikungunyavirus. Dit plan wordt samen met het ministerie van Openbare Werken en het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG) voorbereid. Dat zegt directeur Marthelise Eersel van het ministerie. Kern van het plan is dat de voorlichting landelijk wordt opgevoerd. De nadruk zal – weer – vooral worden gelegd op verantwoordelijkheid van de burger zelf. Eersel onderkent dat er nog meer gedaan moet worden vanuit de overheid, maar vindt ook dat de bevolking haar verantwoordelijkheid moet nemen. ‘Je kunt niet thuis zitten op je bank en door een muskiet gebeten worden om daarna de schuld aan mij te geven. Jij hebt de verantwoordelijkheid binnenshuis en op je erf.'
Ook in het binnenland wordt de voorlichting opgevoerd. Volgens directeur Edward van Eer van de Medische Zending is er nu slechts sprake is van vermoedelijke gevallen van chikungunya in deze omgeving. Er is vanuit Paramaribo een team naar het binnenland gestuurd om steun te verlenen aan gezondheidsassistenten van de Medische Zending voor het geven van voorlichting.

20 september: Waarnemend voorzitter Assemblee kondigt vergadering commissie Volksgezondheid aan
Waarnemend voorzitter van De Nationale Assemblee, Ruth Wijdenbosch (NPS), zegt dat zij de voorzitter van de vaste commissie Volksgezondheid in het parlement, Theo Vishnudatt (NDP) gevraagd heeft voor dinsdag 23 september een vergadering uit te schrijven om te spreken over chikungunya. Wijdenbosch stelt, dat gezien de ongerustheid en het groot aantal personen dat besmet is met het chikungunyavirus, de vergadering noodzakelijk is.

22 september: BOG weet geen raad hoe chikungunya aan te pakken
'Momenteel is er duidelijk sprake van een chikungunya epidemie in Suriname, maar ik krijg zo zoetjes aan de indruk dat de bij wet erkende instantie, het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg, geen raad weet hoe dit probleem aan te pakken.' Woorden van de voedseltechnoloog Ricky Stutgard 22 september in een in diverse media geplaatste ingezonden brief. 'Behalve dat de muskiet en broedplaatsen bestreden moeten worden, is het van eminent belang dat ook informatie naar degenen die deze virusinfectie hebben opgelopen wordt verstrekt.'
'Degenen die chikungunya hebben opgelopen, moeten hun weerstand, door het innemen van vitamine C, versterken, omdat het een virusinfectie is. Er zijn namelijk geen medicijnen voor geen enkel virusinfectie.'

22 september: Bedrijfsleven maakt zich zorgen
Het bedrijfsleven maakt zich volgens Ferdinand Welzijn, voorzitter van de Vereniging van Surinaams Bedrijfsleven (VSB), ernstige zorgen over de chikungunya-epidemie in Suriname. ‘Het aantal ziektegevallen neemt steeds toe.’ Ik maak me ernstige zorgen hierover’, aldus de VSB-voorzitter.
Welzijn vindt, dat de overheid de chikungunya-epidemie serieuzer moet gaan bekijken en aanpakken. Hij heeft geen vertrouwen in het aantal gepubliceerde gevallen, omdat het aantal slachtoffers dat besmet is met het chikungunyavirus blijft stijgen. ‘Wij zijn als bedrijfsleven bereid om de overheid, waar nodig, te helpen’, aldus Welzijn.
Het Suriname Business Forum (SBF) had op 18 september ook al gesteld, dat werkgevers nerveus beginnen te worden door het toenemend aantal gevallen van chikungunya. De besmettelijke ziekte maakt veel slachtoffers op de werkvloer. Het SBF beweert aardig wat bezorgdheid gemerkt te hebben bij werkgevers. ‘Zodra er een ziekte uitbreekt die epidemische vormen aanneemt, krijg je dat er binnen het bedrijfsleven een extra aantal ziektegevallen zal zijn. En dat kan de productiviteit van het bedrijfsleven beïnvloeden’, aldus SBF-directeur Gilbert van Dijk.

Overheid schuift verantwoordelijk in schoen van burger
Uit het vorengaande moge duidelijk blijken, dat de overheid de verantwoordelijkheid voor het oplopen als burger van het chikungunyavirus bij die burger ligt. Maar, er is sprake van een epidemie en de overheid wist in januari al dat het virus zich snel aan het verspreiden was in het Caribisch gebied. De verantwoordelijkheid ligt bij de regering, maar enige voorlichting of preventieve acties bleven uit. Zo nam de regering niet het besluit om buurten te gaan bespuiten om de muskiet te bestrijden. Dat is niet gebeurd. Mogelijk niet, omdat er weer een tekort is aan de insecticide malathion, het gif waarmee wordt gespoten.
Zelfs op Curaçao besloot het ministerie van Gezondheid om van maandag 22 september tot en met donderdag 25 september verschillende buurten op het eiland te bespuiten in de strijd tegen het chikungunyavirus.

De Surinaamse overheid heeft te lang langs de zijlijn staan toekijken, terwijl ondertussen het virus zich aan het verspreiden was en poliklinieken overstromen door de toestroom van patiënten en potentiële chikungunya zieken.

Regering onverantwoordelijk en geen beschermer van de burger
Geen enkel team van het BOG is in de afgelopen maanden op pad gegaan om buurten te gaan bespuiten. Neen, men ging op pad om hier en daar wat autobanden te ruimen. Daar hebben het BOG en het ministerie van Volksgezondheid de afgelopen maanden tot vervelends toe op gewezen: burger, maak uw perceel schoon, verwijder voorwerpen waarin water kan blijven staan, wat dat zijn de broedplaatsen van de denguemuskiet. Maar, dat weet die burger zo langzamerhand wel en wij weten ook allemaal dat weinig burgers zich daar druk om maken. Iedereen weet dat die burger gewoon zijn afval blijft dumpen, iedereen weet dat die burger vast blijft houden aan oude gewoontes, iedereen weet dat al vele jaren en geen enkele informatie- en bewustwordingscampagne tot de hersenen van menig burger is doorgedrongen.
Het in de genen vastgebeitelde gedrag lijkt niet open te staan voor verandering.
Dat weet ook de overheid, dat weet ook het ministerie van Volksgezondheid,
dat weet ook het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg,
dat weet ook directeur Lesley Resida van dat bureau, die maar blijft volhouden dat zijn bureau het virus goed aanpakt en dat ook de voorlichting op een goede wijze wordt uitgevoerd.

Het is een onverantwoordelijke opstelling, onverantwoordelijk gedrag, van de overheid – die de burger dient te beschermen – om deze dagen, wat betreft het chikungunyavirus, de verantwoordelijkheid bij die stoïcijnse burger te dumpen, wetende dat die stoïcijnse burger zijn afval blijft dumpen en dat die blijft zorgen voor broedplaatsen van de denguemuskiet ondanks alle voorlichting vanuit de overheid.

Laatste nieuws
Ministeriële taskforce om virus aan te pakken
Het laatste nieuws is, dat vandaag, dinsdag 23 september 2014, tijdens de speciale vergadering van de commissie Volksgezondheid van De Nationale Assemblee, in aanwezigheid van vertegenwoordigers van de regering (minister Blokland van Volksgezondheid, kennelijk niet teruggekeerd van vakantie uit New York...., werd vervangen door zijn collega Ashwin Adhin van Onderwijs en Volksontwikkeling) en gezondheidsorganisaties, is besloten dat een ministeriële taskforce met assistentie van een ondersteuningsteam de aanpak van de chikungunya-epidemie gaat coördineren.
Ook worden per direct massale voorlichtings- en bewustwordingsprogramma’s via de media gestart. Eindelijk, maar die werden in een eerder stadium ook al aangekondigd, zoals op 27 juni 2014....
Verder worden bij scholen ook schoonmaak- en bespuitingsacties uitgevoerd om de muskiet te bestrijden en er zal een heus crisisplan worden uitgevoerd. Hoe dat plan eruit ziet is overigens niet bekend.

Tot slot, BOG-directeur Lesley Resida gaf tijdens de vergadering toe wat betreft voorlichtingsactiviteiten in gebreke te zijn gebleven en volgens de waarnemend voorzitter van het parlement, Ruth Wijdenbosch, ontbrak bij de regering een duidelijke coördinatie van de aanpak van de epidemie.

maandag 22 september 2014

Suriname weer niet aanwezig bij vergadering Internationale Walviscommissie

Contributie nog steeds niet voldaan: stemrecht al sinds juli 2012 opgeschort

Starnieuws suggereert met artikel dat Suriname wel aanwezig was en stem uitbracht

22-09-2014 Door: Paul Kraaijer/Obsession Magazine


Paramaribo – De vierdaagse 65e bijeenkomst van lidlanden van de Internationale Walviscommissie (IWC, the International Whaling Commission) in Portoroz, Slovenië, werd op 18 september afgesloten. Maar, net als tijdens de 64e bijeenkomst in juli 2012 in Panama Stad, was ook deze keer Suriname niet vertegenwoordigd.

Dat laat het secretariaat van de IWC vandaag, maandag 22 september 2014, bij monde van Kate Wilson in een reactie weten. Ook blijkt Suriname nog steeds een betalingsachterstand van de contributie te hebben, waardoor het land geen stemrecht heeft (zie document IWC onderaan dit artikel). Volgens Kate Wilson heeft Suriname in vier jaar tijd een achterstand opgebouwd van 20.000 Britse pond ofwel rond de Srd 108.000. (vandaag: Srd 107.888,33)

Volgens de IWC-website wordt Suriname nog steeds vertegenwoordigd door mr. Muriel Wirjodirjo, werkzaam bij de afdeling Visserij van het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij.

Suriname heeft al sinds 29 mei 2011 binnen de IWC geen stemrecht meer, omdat dat voor onbepaalde tijd is opgeschort vanwege de achterstand in contributiebetaling.

Sinds zijn toetreding tot de IWC in 2004 heeft Suriname steeds voor de walvisjacht gestemd, omdat volgens Suriname de walvis ‘een bron van eiwit is die aangewend moet worden in een wereld op zoek naar voedsel voor een groeiende bevolking’. Japan beweert echter al jaren, dat zij op walvissen jaagt voor wetenschappelijke doeleinden. Maar, het is wereldwijd bekend, dat de dieren voor hun vlees worden gevangen dat gretig aftrek vindt in de consumptiemarkt. Jaarlijks worden Japanse walvisjagers in een kat-en-muisspel op de voet gevolgd door schepen van de organisatie Sea Shepherd die letterlijk met hun schepen tussen de walvisjagers en de walvissen vaart om de vangst te verhinderen.


Maar, altijd hing rond het Surinaamse stemgedrag – en dat van andere kleine landen – in de IWC (International Whaling Commission) het gerucht van omkoping. Immers, de grootste walvisjager in de wereld, Japan, zou stemmen kopen binnen de commissie, vooral van kleine landen die geen enkele connectie met de walvis hebben. Er zouden zelfs kleine landen speciaal hiervoor lid van de IWC zijn geworden. Maar, in alle redelijkheid kun men zich afvragen wat de toegevoegde waarde is van het lidmaatschap van landen als Marokko, San Marino, Mongolië, Benin, Luxemburg, Oman en Suriname? Japan was de financier van een paar visserijcentra in Suriname.

De constante afwezigheid van Suriname in de IWC en het maar niet voldoen van de contributie lijkt duidelijk te maken, dat ‘de walvis’ voor Suriname niet interessant genoeg is. Suriname heeft eigenlijk bar weinig tot niets te zoeken binnen de IWC. Het land zou er beter aan doen te participeren met een groep Zuid-Amerikaanse landen die zich hard maken voor een beschermd gebied voor de walvis en voor het zogenoemde 'whale watching'.

Overigens lijkt het artikel ‘Suriname neemt ander standpunt walvisjacht in' van 19 september op Starnieuws, te suggereren, dat Suriname bij de IWC tegen de commerciële walvisjacht heeft gestemd. Dat is dus absoluut niet het geval, simpelweg omdat Suriname niet aanwezig was bij de laatste twee IWC-vergaderingen en al zou de vertegenwoordiger van Suriname wel aanwezig zijn geweest, het stemrecht is opgeschort vanwege de achterstand in contributiebetaling……



Suriname stond overigens binnen de IWC alleen als Latijns Amerikaans land met haar constante steun aan Japan in de IWC. De lidstaten Brazilië, Chili, Argentinië, Nicaragua, Panama en Belize zijn tegenstanders van de jacht op walvissen.

In december 2006 kwamen zelfs de IWC-landen Argentinië, Brazilië, Mexico, Peru, Chili en Panama bijeen in Buenos Aires, de zogenoemde 'Grupo Buenos Aires' om onder andere te praten over ‘whale watching’.

Bij deze bijeenkomst waren ook regeringsvertegenwoordigers aanwezig van Ecuador, Guatemala en de Dominicaanse Republiek en diplomaten van de ambassades van Colombia, Uruguay en Venezuela. ‘Whale watching’ toerisme is een belangrijke bron van inkomsten geworden. Deze vorm van toerisme moet volgens de Buenos Aires Groep worden gestimuleerd. Verder blijven zij fel gekant tegen de hervatting van commerciële walvisvangst en pleiten zij voor beschermde gebieden voor walvissen in de zuidelijke Atlantische Oceaan en het zuidelijke deel van de Stille/Grote Oceaan. Chili was de gastheer voor de 60e jaarlijkse vergadering van de IWC in 2008.

Suriname is geen lid van de Buenos Aires Groep en als land gelegen aan de oceaan is dat opmerkelijk te noemen. Immers, ook voor de Surinaamse kust duiken walvissoorten op en wie weet is ook in Suriname 'whale watching' mogelijk.....

Nederlandse onderneming beweert binnen zes maanden vuilverwerkingsbedrijf in Suriname te kunnen opzetten

De zoveelste opgeworpen luchtballon in de Ware Tijd....

Geen spoor van Ludwich Cleantech op internet

22-09-2014 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Berichtte de Nederlandse correspondent Eric Mahabier van de Ware Tijd eerder (mei) over het plan van ene Raj Doerga voor een nieuwe luchtvaartmaatschappij Suriname Air Quo Vadis (waarvan hij zelfs de naam niet goed heeft vermeld) en een maand later over het windmolenplan voor de kust van Suriname van roti-bakker, ondernemer en industrieel Max Ghazi, wonend in het Nederlandse Aalsmeer, vandaag schrijft Mahabier over het plan van de Nederlandse onderneming Ludwig Cleantech om binnen zes maanden een vuilverwerkingsbedrijf in Suriname op te zetten. Van die plannen is nooit meer iets vernomen.... Is het de zoveelste luchtballon?

Volgens Mahabier kan het Nederlandse bedrijf Ludwig Cleantech binnen zes maanden een vuilverwerkingsbedrijf in Suriname opzetten dat vijftien megawatt extra stroom levert. 'Voor minimaal drieduizend huishoudens elektriciteit uit afval, waarmee direct een probleem voor de volksgezondheid en het milieu is opgelost', aldus de krant.

Naast de al genoemde voordelen, biedt een dergelijke onderneming ook werkgelegenheid aan negentig personen, die allemaal lokaal aangetrokken zullen worden. Een investering van enkele tientallen miljoen euro’s, zeggen Jack Beckers en Hans van der Plas van Ludwig Cleantech in gesprek met de correspondent van de krant in Nederland. Waarom de heren niet wat preciezer kunnen zijn voor wat betreft de kosten voor een dergelijk vuilverwerkingsbedrijf is vreemd, immers Mahabier schrijft toch ook, dat het bedrijf haar plannen 'uitvoerig gepresenteerd' heeft aan de Surinaamse regering, waaronder minister Rabin Parmessar van Openbare Werken (OW) en aan diens voorganger Ramon Abrahams. Indien dat werkelijk zou zijn gedaan, dan zou in die plannen toch ook een kostenraming moeten zijn opgenomen die wat preciezer is dan 'enkele tientallen miljoenen euro's?

'Alle afvalstoffen die dagelijks ontstaan in Paramaribo en omgeving en alle afvalstoffen die in het verleden zijn gestort op de vuilnisbelt in Ornamibo zullen verwerkt worden tot groene energie door de bouw van een milieuvriendelijke afvalverwerkingscentrale', schrijft de altijd zeer oppervlakkige Mahabier.
In april 2014 heeft OW voor de verwerking van het nieuwe afval een aanbesteding uitgeschreven, waarvoor elf bedrijven zijn genodigd. Ludwig Cleantech heeft, aldus de krant en dus aldus Mahabier, met vier partijen ingeschreven. Wie die partijen zijn vermeldt de correspondent niet. Ook is volstrekt onduidelijk wat bedoeld wordt met 'het nieuwe afval'......

Komt de besluitvorming voor 1 oktober, dan kan rond 1 april 2015 (een grap?) de centrale in gebruik worden genomen. Het wachten is nu op de uitkomsten van de door OW aangestelde externe deskundige die onderzoek doet naar de meest duurzame verwerkingstechniek van afvalstoffen voor Suriname. Hoe realistisch het is om binnen een periode van zes maanden in Suriname een compleet vuilverwerkingsbedrijf op te zetten zal de toekomst uitwijzen.

Maar, wie of wat is Ludwig Cleantech? Onderzoek naar dit bedrijf, een besloten vennootschap, levert bar weinig op en dat is veelzeggend.
Ludwig Cleantech BV is gevestigd in het Brabantse Budel aan de Meemortel 26 (een bedrijfspand met verschillende ondernemingen) en is een volle dochter van Ludwig Holding Company BV, ook gevestigd te Budel. Directeur van Ludwig Holding Company BV is Jan Beckers. Beide BV’s beschikken niet over een eigen website en zijn ook niet op zogenoemde social media te vinden, maar op diverse bedrijvenwebsites wordt als website bebra.com vermeld. Die website staat echter te koop: ‘The domain Bebra.com is for sale.' Ludwig Holding Company staat her en der vermeld als ‘financiële instelling‘ in de branche ‘vermogensbeheer’.

Dat een Nederlands bedrijf niet eens beschikt over een eigen website en dus kennelijk weinig moeite lijkt te doen om bereikbaar te zijn roept op z'n minst vraagtekens op en vooral enige terughoudendheid. Hoe serieus is zo'n bedrijf en wie zijn de mensen er achter?

Maar, dat heeft Mahabier er niet van weerhouden om het bedrijf en het plan wat ruimte te geven in de Ware Tijd met een wazig en typisch oppervlakkig Mahabier-artikeltje. Geen enkele kritische vraag, zoals waarom is jullie bedrijf nergens op het net te vinden, hoe denken jullie binnen zes maanden een vuilverwerkingsbedrijf in Suriname op te kunnen zetten, wat zijn de werkelijke kosten, heeft het ministerie van Openbare Werken gereageerd en zo ja, hoe, hebben jullie al ergens een dergelijk bedrijf uit de grond gestampt, enzovoorts, enzovoorts. Neen, zo denkt en werkt de correspondent van de Ware Tijd in Nederland niet. Hij brandt niet graag zijn vingers en blijft daarom het liefst zo oppervlakkig mogelijk en gaat kritische vragen uit de weg.
Maar, Nederlanders en Surinamers in Nederland met leuke in Suriname op te zetten luchtballonnetjes weten kennelijk de weg te vinden naar Eric Mahabier of andersom......

vrijdag 19 september 2014

Braziliaanse regering stopt tijdelijk bouw Tapajós hydrocomplex in Tapajósrivier, Pará, onder druk inheemse gemeenschappen

Ministerie wil impact project op inheemsen nader bestuderen

Inheems verzet in Brazilië tegen bouw megadammen werpt vruchten af

19-09-2014  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Braziliaanse autoriteiten hebben de veiling van het middelpunt van het imposante Tapajós hydrocomplex in de Tapajósrivier in de staat Pará opgeschort, meldden eerder deze week diverse Braziliaanse en internationale mede, waaronder Agência Brasil.

De veiling, gepland voor december dit jaar, was voor de 6,1-gigawatt São Luiz do Tapajós waterkrachtcentrale, die goed is voor meer dan de helft van de geplande geïnstalleerde capaciteit van het 11-gigawatt Tapajós en Jamanxim dam complex. Het ministerie van Mijnbouw en Energie zegt het noodzakelijk te vinden, dat verder gestudeerd wordt op de potentiële impact van het project op de inheemse gemeenschappen.

Het besluit van het ministerie volgt kort nadat activisten hun campagne over de kwestie hadden opgevoerd. De internationale organisaties Amazon Watch and International Rivers kwamen dinsdag 16 september 2014 met een verklaring waarin zij de Braziliaanse overheid veroordelen voor het feit dat er onvoldoende overleg is geweest met lokale inheemse gemeenschappen in het gebied die zouden kunnen worden beïnvloed door het megaproject.

Toen de overheid 15 september bekendmaakte over te gaan tot de veiling, zorgde dat voor spanningen onder met name de Munduruku gemeenschap, een van de laatst overlevende traditionele Amazone stammen, wiens territoria en gemeenschappen een groot deel van het Tapajós bekken beslaan.

In reactie op de bekendmaking publiceerde de inheemse organisatie Movimento Munduruku Ipereg Ayu een open brief over de ‘leugens’ van de Braziliaanse regering, daarbij verwijzend naar een recente ontmoeting met hooggeplaatste federale ambtenaren die beloofden, dat de bouw van de dam niet zou worden voortgezet zonder een proces van vrijwillige, voorafgaande consultaties met inheemse en traditionele gemeenschappen.

De open brief:

Leilão da usina de São Luiz do Tapajós: o governo mentiu para os Munduruku


Indígenas Munduruku exigem que o governo revogue a decisão de realização de leilão da hidrelétrica de São Luiz do Tapajós em dezembro e que seja realizada a consulta prévia aos ameaçado de acordo com a Convenção 169 da OIT
Publicado em 14 de setembro de 2014

Carta do povo Munduruku ao governo federal
Nós Munduruku estamos indignados com o governo. Nos dias 2 e 3 de setembro, guerreiros e guerreiras Munduruku e outras populações ameaçadas pelo projeto de construção de usinas no rio Tapajós, tiveram uma reunião com o governo federal, representado por pessoas da Advocacia Geral da União, Ministério do Planejamento, Secretaria Geral da Presidência da República, FUNAI, Ministério da Justiça e Ministério de Minas e Energia. A reunião foi convocada pelo governo para discutir a Consulta Prévia, Livre, Informada e Consentida prevista na Convenção 169 da OIT, depois que a Justiça Federal obrigou o governo a cumprir a Convenção.

Os Munduruku explicaram ao governo que estavam preparando uma formação sobre a Convenção 169, porque o assunto é muito complexo, e que só depois disso vão decidir quando e como será feita a consulta. Este é o direito que temos, garantido pela Convenção 169, e o governo se comprometeu de fazer o dialogo com nós de acordo com OIT e respeitar a nossa decisão no  processo de dialogo.

Na sexta feira dia 12 de setembro, ficamos sabendo que o governo publicou no Diário Oficial da União que fará o leilão da usina de São Luiz do Tapajós no dia 15 de dezembro deste ano.

Ficamos muito bravos com o fato de a presidente Dilma, o Gilberto Carvalho, o Paulo Maldos, o Nilton Tubino, o Tiago Garcia, representantes de ministérios e outras autoridades dizer que iam respeitar o direito do povo Muduruku, e depois parece que este compromisso não vale nada. Agindo assim  o governo não esta cumprindo suas  palavras, não está agindo com boa fé e não está respeitando a Organização Internacional do Trabalho.

Sabemos que a consulta é previa e deve ser feita antes de qualquer decisão sobre a usina. Como o governo quer fazer o leilão em dezembro? O governo mentiu para os Munduruku? O governo está jogando no lixo a Convenção 169 da OIT? O governo não tem palavra, não tem honra? O que o governo tem a nos dizer?

Mais uma vez o governo demostra que não quer fazer dialogo com nós. Exigimos que seja anunciado no Diário da União que o leilão não vai ser feito e que será realizada a consulta livre, prévia, informada e consentida com o povo Munduruku e todos os ribeirinhos e demais populações que estão ameaçadas pelo projeto das usinas no rio Tapajós, como prevê a Convenção 169. Exigimos que o governo cumpra o acordo que fez conosco, e que não se comporte como traidor, enganador e mentiroso em um assunto que diz respeito à sobrevivência e dignidade do nosso povo. 

Movimento Munduruku Ipereg Ayu, Jacareaganga, 13 de setembro de 2014
Sawe!!!!!! 


‘In gevallen zoals São Luiz do Tapajós, zijn politieke beslissingen met betrekking tot de bouw van nieuwe dammen uitsluitend gebaseerd op criteria inzake het maximaliseren van de energieopwekking, zonder vooraf raadpleging van inheemse volkeren en zelfs voordat studies over de sociaal-milieueffecten en de economische levensvatbaarheid van de projecten zijn afgerond. Bovendien is er een chronische neiging naar het verrichten technische studies in opdracht van voorstanders van de dam, die belangrijke sociale en ecologische effecten en risico’s serieus onderschatten of gewoon negeren’, aldus Brent Millikan van International Rivers. ‘Het is duidelijk dat dergelijke praktijken in strijd zijn met de Braziliaanse wetgeving en internationale overeenkomsten.’

Plannen voor tientallen dammen in de Tapajós en haar zijrivieren zijn op grote schaal bekritiseerd door milieu-NGO’s en juridische groepen, die zeggen dat door het project bossen, met inbegrip van beschermde gebieden, zullen overstromen, er meer ontbossing zal plaatsvinden, de rivierecologie verstoord zal worden, vismigratie routes geblokkeerd gaan worden en de impact op inheemse gemeenschappen groot zal zijn.
Meer in het algemeen, Brazilië, Peru, Colombia en Ecuador zijn verwikkeld in een proces van dammenbouw in de gehele Amazone. Brazilië heeft meer dan 200 dammen – waaronder 55 grote dammen – gepland in de regio.

De aankondiging van de São Luiz do Tapajós dam veiling kwam overigens ook na een escalerende controverse over de ambitieuze Amazone dam-bouwplannen van de Rousseff-regering. Recente mega-damprojecten – zoals de Belo Monte in de rivier de Xingu, en de Santo Antônio en Jirau in de rivier Madeira – werden geplaagd door grote vertragingen bij de bouw en enorme kostenoverschrijdingen, bovenop op de ernstige sociale- en milieu-milieu-effecten en vele inheemse protesten die internationale aandacht krijgen.

(Bronnen: Agência Brasil/International Rivers/Amazon Watch/Hydroworld)

woensdag 17 september 2014

Lgbt-organisaties willen behandeling lgbt's door leden Korps Politie Suriname op politieke agenda

LGBT Platform trok half augustus al aan de bel over onheuse bejegening door agenten van lgbt's

Politie stelt eigen onderzoek in na laatste incident: 3 agenten op non-actief gesteld

Lgbt-belangenorganisatis blijven geloven in politie: 'Het gaat om wat rotte appels'

17-09-2014 Door: Paul Kraaijer/Obsession Magazine


Paramaribo - Suriname werd woensdag 10 september opgeschrikt, toen door de Ware Tijd en door het actualiteitenprogramma 'In de Branding' van Apintie TV bekend werd gemaakt, dat twee sekswerkers, transgenders van Guyanese afkomst, waren mishandeld door drie agenten van het politiebureau aan de Keizerstraat in het centrum van Paramaribo. Het nieuws haalde zelfs de krantenpagina's op Jamaica. Inmiddels is binnen het Korps Politie Suriname, door de afdeling OPZ (Onderzoek Politie Zaken), een onderzoek ingesteld naar het gedrag van betrokken collega's. Enkele lgbt belangenorganisaties (lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders) willen de behandeling van lgbt's door leden van het politiekorps op de politieke agenda geplaatst zien.

Organisaties die de belangen van lgbt’s vertegenwoordigen, aangesloten bij het LGBT Platform Suriname, reageerden verontwaardigd en vooral geschokt op de mishandeling. De slachtoffers waren opgepakt vanwege een aangifte van diefstal van een mobiele telefoon. Ze moesten zich vervolgens uitkleden en werden geslagen met gummiknuppels en zelfs een cricketbat, dat uiteraard niet tot de normale uitrusting van een agent behoort. Een van de twee werd al tijdens de arrestatie geschopt en geslagen, terwijl ze al in de boeien was geslagen. En dit alles feitelijk alleen vanwege een cellulair. De ernstige gevolgen van de mishandeling werden door Apintie TV duidelijk zichtbaar in beeld gebracht. Ontkenning van de mishandeling lijkt dan ook welhaast onmogelijk.


'De twee transgenders zijn ook gewoon mens'
De nog jonge organisatie Trans in Action laat bij monde van haar voorzitter Lucy Wongsodikromo weten 'het vreselijk en zeker onmenselijk te vinden dat de politie, welke wij moeten zien als onze beste kameraad en het instituut dat ons bescherming bieden moet, mensen zo behandeld'. 'Op de eerste plaats zijn de twee transgenders ook gewoon mens. En geen mens mag zo behandeld worden.'

SMU: Politie is speciaal getraind in omgang met lgbt's
De organisatie Suriname Men United (SMU), die ook deel uitmaakt van het LGBT Platform Suriname, werd van de mishandeling op de hoogte gebracht en alarmeerde meteen het overkoepelende platform en andere belanghebbende organisaties in Suriname, de regio en elders in de wereld.
De voorzitter van SMU, Kenneth van Emden, zegt dat de zwaarst mishandelde transgender werd aangehoord en dat een rapport werd opgemaakt, waarbij gebruik is gemaakt van een intakeformulier dat beschikbaar werd gesteld tijdens twee trainingen gegeven aan het Korps Politie Suriname en het LGBT Platform Suriname.
Van Emden: 'Het korps is geïnformeerd over lgbt-vraagstukken en getraind in het documenteren van gevallen van geweld tegen lgbt's. Deze trainingen zijn verzorgd door een getrouwd homostel uit Canada, Maurice Tomlinson werkzaam voor de in het Amerikaanse New York gevestigde organisatie Aids-Free World, en een ex-politieman, Tom Becker. Verder werd er gelijk werk van gemaakt om deze zaak op de voet te volgen en om alle belanghebbende organisaties en personen, zoals de heel jonge organisatie Trans in Action, New Beginnings Consultancy & Counselingsservices, Stichting Liefdevolle Handen, LGBT Platform Suriname, de Amerikaanse ambassade, het NPS-Assembleelid en vicevoorzitter van het parlement Ruth Wijdenbosch, erbij te betrekken.'

Misschien zou het goed zijn als leden van het Korps Politie Suriname ook worden bijgebracht, dat transgenders, net zoals zij en zoals ook wordt benadrukt door Trans in Action, mensen zijn en als zodanig behoren te worden behandeld. Correct, netjes, fatsoenlijk en met respect. Moet een heteroman of -vrouw die verdacht wordt een cellulair te hebben gestolen, zich ook geheel uitkleden? Wordt een heteroman of -vrouw die verdacht wordt een cellulair te hebben gestolen, ook met een gummiknuppel en cricketbat bewerkt?
 
Organisaties blijven geloven in politie: het gaat om rotte appels
Volgens Van Emden moeten de betreffende agenten disciplinair gestraft worden. 'Het is verschrikkelijk wat de transgenders is overkomen en samen met andere organisaties zal SMU zich sterk maken op te komen voor deze groep mensen.' Over het inmiddels begonnen interne onderzoek, zegt hij: 'De algemene observatie is, dat de politie er heel serieus mee omgaat en dat gezegd mag worden dat de opvang van desbetreffende goed is. De politie heeft wel de belanghebbende mensen betrokken bij het onderzoek.'

Ondanks de ernstige mishandeling blijft Van Emden dus positief gestemd in zijn oordeel over het Korps Politie Suriname en de wijze waarop nu deze zaak wordt onderzocht, ondanks het feit dat het een intern onderzoek betreft en dus niet werkelijk onafhankelijk en objectief. 'De politie heeft een uitgesproken mening en dat is dat elke burger beschermd moet worden. Alleen zijn er echter enkelen die dat voor het korps verpesten. Dat was duidelijk te merken aan de goede behandeling door het korps gedurende het onderzoek, maar daar tegenover staat de mishandeling van de sekswerkers door een groep binnen het korps.'

Ook Lucy Wongsodikromo van Trans in Action zegt te blijven geloven in de politie. 'Het zijn de rotte appels in het korps die de politie wellicht een slechte reputatie geven. Trans in Action gaat er daarom vanuit, dat na dit incident het bespreekbaar gemaakt is geworden binnen de samenleving en zeker binnen het korps en dat aanpak vereist is. Tenslotte wil geen enkele organisatie een slechte naam. Inmiddels is de aangifte van deze twee mensen, de nadruk op mensen, al naar het Parket, hetgeen erop duidt dat er aan gewerkt wordt. TIA volgt alles op de voet, staat gereed om zeker in samenwerking met andere organisaties andere stappen te ondernemen mocht dit geval in de doofpot gestopt worden', aldus Wongsodikromo.

Trans in Action: 'Dat elk Assembleelid zwijgt, vinden we erg'
Na alle publiciteit rond de mishandeling is het opmerkelijk dat Assembleeleden er het zwijgen toe doen. Natuurlijk, zij zijn formeel met reces, maar wanneer de samenleving wordt opgeschrikt door een ernstige mishandeling van transgenders gepleegd door agenten, dan zou je reacties uit het politieke veld mogen verwachten. Kenneth van Emden reageert hierop enigszins terughoudend. Hij herhaalt dat Ruth Wijdenbosch op de hoogte is gebracht 'en wij zullen zeker vragen dat er wat hierover wordt gezegd in de Assemblee'.
Lucy Wongsodikromo van Trans in Action denkt daar toch wat anders over. 'De Nationale Assemblee is het instituut waar wetten en regels gemaakt worden om orde in het land te brengen. Dat elk Aswembleelid zwijgt, vinden we erg. Reden te meer voor Trans in Action om nu hard aan de bel te gaan trekken, te gaan lobbyen en zeker mensen, in het bijzonder de regering, duidelijk te maken dat transgenderrechten ook mensenrechten zijn.'

Behandeling lgbt's door agenten moet op politieke agenda komen
Op de vraag of beide organisaties van plan zijn deze zaak ergens op een agenda geplaatst te krijgen reageren zij met een volmondig 'ja'. Van Emden: 'Verder met parlementariërs praten en zorgen dat hierover wordt gesproken binnen de Assemblee. Maar, ook met andere sekswerkersorganisaties aan tafel gaan en kijken welke strategieën gebruikt kunnen worden om beleid te gaan uitstippelen, ook voor deze groep.'
Wongsodikromo: 'Het is Trans in Action's plicht om het bespreekbaar te maken, tenslotte is TIA de organisatie voor de transgenders. En uiteindelijk waren het twee transgender zusters die zijn mishandeld. Of het nou Guyanezen waren of Surinamers is voor ons minder belangrijk. We zullen dat in samenwerking doen met andere organisaties, die als doel hebben discriminatie tegen deze groep, transgendersekswerkers, tegen te gaan.'

Mishandeling staat niet op zichzelf
De mishandeling van de twee transgenders lijkt niet op zichzelf te staan. Volgens Trans in Action is er absoluut geen sprake van een incident. 'Wij, van TIA, weten wat er gebeurt op het veld. Ook dat er gevallen zijn waarbij transgenders aangifte willen doen, omdat ze bijvoorbeeld beroofd en of verkracht zijn geworden en ze door agenten letterlijk uitgelachen worden, is ons bekend. Vaak is hun reactie 'jullie zoeken het zelf!', aldus Lucy Wongsodikromo van de jonge organisatie.

De stichting Liefdevolle Handen blijkt al op 26 juni van dit jaar met de politie een gesprek gevoerd te hebben, naar aanleiding van berichten dat sekswerkers onheus werden behandeld door agenten van hetzelfde politiebureau in de Keizerstraat. 'Een agente die mama wordt genoemd, deelt klappen uit, scheldt de sekswerkers uit en ze worden door haar beledigd. Travestieten en transgenders worden gesommeerd om zich uit te kleden, zodat men kan zien welke geslachtsdeel ze hebben. Verder gaven zij aan, dat de sekswerkers vaak zonder redenen opgepakt werden en uren en soms dagen moesten doorbrengen op het politiebureau', aldus de stichting in het Dagblad Suriname van vrijdag 12 september.
'Ook werd door de doelgroep aangegeven, dat zij niet serieus genomen worden wanneer zij een aangifte doen van diefstal of mishandeling of verkrachting door klanten.'

Anderhalf maand later, donderdag 14 augustus, laat ook Anita Kromosemito van het LGBT Platform via de Ware Tijd weten, dat lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders verontwaardigd zijn over de bejegening die ze van agenten krijgen bij het doen van aangifte van strafbare feiten die tegen hen worden begaan. Volgens Kromosemito gebeurt het met regelmaat, dat lgbt’s vanwege hun seksuele geaardheid worden gemolesteerd en mishandeld door personen die hun seksuele voorkeur afkeuren. ‘Hun aangifte wordt niet aangenomen, ze worden bespot of beschimpt en weggestuurd door de politie bij het doen van aangifte’, aldus Kromosemito. Het gevolg hiervan is dat lgbt's terughoudend zijn geworden om aangifte te doen.

Kenneth van Emden van Suriname Men United zegt vandaag, dat er feitelijk nog niets iets veranderd: 'De sekswerkers en sekswerkersorganisaties geven vaak aan dat deze doelgroep vaker allerlei negatieve uitspraken moet aanhoren, klappen krijgt van de politie en mensonterend behandeld wordt wanneer iemand eenmaal op het politiebureau is.'

Sinds publiciteit rond mishandeling valt politie transgendersekswerkers niet lastig op straat
Trans in Action constateert ook geen fundamentele verandering binnen het Korps Politie Suriname als het gaat om de behandeling van lgbt's in het algemeen. 'Wel weten wij, dat sinds de verontwaardiging in de media, de transgenders die commercieel seks aanbieden, niet 'lastig' gevallen worden, om het zo te verwoorden, op straat door de agenten. Dat weten wij, omdat we dagelijks contact hebben met enkele transgenders die ons dit wisten te vertellen en zelf gaat TIA ook op het veld', aldus Lucy Wongsodikromo.

Uitzien naar uitkomst intern politieonderzoek
Beide organisaties kijken met belangstelling uit naar de uitkomst van het interne onderzoek binnen het Korps Politie Suriname naar de gang van zaken rond de mishandeling van de twee transgenders, waarvan een ernstig. Zowel Suriname Men United als Trans in Action staan nog in contact met de twee dames. Van Emden: 'Suriname Men United is in nauw contact met een van de Guyanezen, die momenteel over een verblijfsvergunning beschikt. De bedoeling is dat de andere, die niet in het bezit is van een verblijfsvergunning, op een later tijdstip gedeporteerd wordt of misschien al gedeporteerd is.'
Trans in Action heeft onlangs nog met beide transgenders persoonlijk contact gehad en 'ze krijgen zeker onze steun in welke vorm dan ook'.

De webeditie van de Ware Tijd bericht vandaag overigens, dat inmiddels drie agenten buiten functie zijn gesteld, die werkzaam zijn op het politiebureau aan de Keizerstraat. Het gaat om de drie politiemannen die tijdens een zogenoemde confrontatie, vorige week donderdag tijdens het 'herkenningsonderzoek' van de afdeling Onderzoek Politie Zaken (OPZ), positief werden herkend door een van de twee slachtoffers. Een van de agenten zou eerder in een andere zaak al buiten functie zijn gesteld. Overigens bevestigt noch ontkent de afdeling Public Relations van het korps de disciplinaire maatregel tegen drie collega's.

zondag 14 september 2014

Onderzoek in Guyana door wetenschapper Universiteit van Texas naar relatie tussen jaguars en goudzoekers

In Guyana geboren wetenschapper ook geïnteresseerd in Surinaamse jaguar

Anthony Cummings bezoekt tijdens onderzoek in Guyana mogelijk ook Suriname

14-09-2014 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – De uit Guyana afkomstige en nu aan de Universiteit van Texas in het Amerikaanse Dallas verbonden Anthony Cummings was in het derde jaar van zijn doctorale werk, het bestuderen van gebruiksmogelijkheden van plantensoorten in het Guyanese deel van het Amazonegebied, toen hij in contact kwam met een Guyanese goudzoeker. De man overhandigde Cummings een diskette met foto’s waarop de goudzoeker met collega's te zien is wanneer zij een jaguar (Panthera onca) vangen en een paar dagen later doden. Het was het moment, dat Cummings deed besluiten om de relatie tussen de jaguar en goudzoekers eens te gaan onderzoeken, om te beginnen in zijn geboorteland, Guyana.

Ik was echt ontdaan door dit, omdat ik meteen moest denken aan grote, multinationale ondernemingen die naar Guyana komen om goud te winnen’, aldus Cumming woensdag 3 september 2014, op de website van de Universiteit van Texas in Dallas, VS, waar hij werkzaam is als geospatiale wetenschapper en assistent professor aan de School voor Economische-, Politieke- en Beleidswetenschappen. ‘Hier ging het om een kleinschalige goudzoeker, die liet zien welke gevolgen zijn werkzaamheden kunnen hebben voor het natuurlijk proces.

Cummings werd geboren in het dorp Wauna, zo’n tien mijl verwijderd van de grens van Guyana met Venezuela. Hij groeide op onder inheemsen, vooral de Arawak- en Carib-stammen. Tijdens zijn periode aan de Universiteit van Guyana, werkte hij samen met Conservation International om de meningen onder inheemsen in het zuiden van Guyana te peilen over het opzetten van een beschermd gebied naast hun leefgebieden. Hij heeft ook gestudeerd aan de Universiteit van de West Indies op Barbados en aan de Britse Universiteit van Cambridge. Hij behaalde zijn PhD in geografie aan de Syracuce Universiteit in de Amerikaanse staat New York. Vorig jaar kwam hij naar de Universiteit van Texas als assistent professor.

Cummings ontving onlangs subsidie van de organisatie ‘National Geographic’s Big Cats Initiativie’ voor een reis komende winter naar Guyana, waar hij de relatie wil gaan onderzoeken tussen jaguars en goudzoekers.

Goudwinning in Guyana nam een enorme vlucht na de wereldwijde economische crisis in 2008, aldus Cummings. Maar, zo zegt hij, de meeste mensen realiseren zich niet welke langdurige effecten goudwinning kan hebben op de flora en fauna ofwel in algemene zin, op de biodiversiteit.

 

De jaguar, het nationale dier van Guyana, wordt beschouwd als een ‘surrogate’ soort, stelt de wetenschapper. Als de dieren in het regenwoud worden gespot, dan betekent dat over het algemeen, dat het ok is met de natuur: er zijn genoeg knaagdieren, zoals agouti’s en paca’s, en herten in het ecosysteem aanwezig om de jaguarpopulatie van voedsel te voorzien.

Als jaguars uit hun leefgebied worden verdreven door menselijke activiteiten, komt de vraag naar boven rijzen ‘Wie ondervinden nog meer de gevolgen daarvan?

Is er verband tussen economische crisis 2008 en aantal doodgeschoten jaguars in Guyana?
Cummings wil weten of er een verband bestaat tussen de economische crisis van 2008 en het aantal jaguars dat in Guyana wordt gedood. Met andere woorden, als er meer goudzoekers opduiken aan de grenzen van het leefgebied van de dieren, worden er dan automatisch ook meer jaguars gedood?

Er bestaat het bekend cliché dat we constant gebruiken, dat het tropisch regenwoud de longen van de wereld zijn. Daar valt veel voor te zeggen, omdat die bossen koolstof opslaan. Als die bossen verdwijnen en het koolstof elders moet worden opgevangen, dan heeft dat gevolgen voor onze mogelijkheden om op onze planeet te leven. Het is een precaire situatie. Wil men meer goud, dan moet er meer bos gekapt worden om bij dat goud te kunnen komen en dat heeft weer tot gevolg dat er ‘menselijk welzijn issues’ ontstaan.

Gedurende de drie weken dat Cummings in Guyana zal verblijven, gaat hij het aantal incidenten onderzoeken waarbij mensen jaguars hebben gevangen en gedood en jaguars mensen hebben gedood. Uiteindelijk zal moeten blijken of dit werkelijk een issue is en zo ja, dan zal er vervolgens over een plan moeten worden gediscussieerd over hoe de jaguars verwijderd kunnen worden voor hun eigen bescherming en over hoe goudzoekers geleerd kan worden om de dieren te beschermen.

Cummings gaat met goudzoekers, houtkappers en managers in de hoofdstad, Georgetown, spreken, en in diverse goudwinningsgebieden in het land. Maar, ook zal hij met inheemsen praten die in gebieden leven waar veel goudzoekers aan het werk zijn.

‘Ondanks dat jaguars ver verwijderd lijken te leven van plaatsen waar inheemsen wonen, zal het proces dat leidt naar bedreiging van de jaguar ook leiden naar bedreiging van de tradities van inheemsen. Daar is een sterke connectie tussen.’

Cummings streeft ernaar om een groter project op te zetten als onderdeel van een poging om de jaguars te behoeden voor uitsterven in Guyana. De Panthera onca is opgenomen in de zogenoemde Rode Lijst ('Red List') van het IUCN (International Union for Conservation of Nature), gevestigd in het Zwitserse Gland. Op die lijst heeft het dier de status 'near threatened' ('bijna bedreigd').

Jaguar in de achterbak
Onlangs, woensdag 3 september, betrapte het ‘Environmental Protection Agency’ (EPA) in Guyana in de buurt van Kurupukari, in het achterland, nog een vrouw die in de laadbak van haar pick-up een jonge jaguar vervoerde. De autoriteiten hebben gisteren bekendgemaakt, dat de vrouw spoedig voor een rechter zal verschijnen, aldus de Guyanese nieuwswebsite Kaieteur News donderdag 4 september.

De EPA ontving een melding over het transport van de jonge jaguar via Iwokrama, een natuurbeschermingsorganisatie in het binnenland. Iwokrama werd gewaarschuwd door haar ranger-station en vervolgens ging de informatie over de pickup en jonge jaguar naar de ‘Guyana Revenue Authority’ in Kurupukari.

Volgens de EPA was de vrouw niet in het bezit van welke vergunning dan ook om een jaguar te vangen of te vervoeren.
‘De vrouw heeft instructies gekregen om zich te melden bij iedere politiepost tussen Kurupukari en Georgetown en om het dier af te leveren bij de Guyana Zoo.’

Grootte jaguarpopulatie Suriname vraagteken
Het onderzoek van Cummings in Guyana is voldoende aanleiding hem eens te benaderen met de vraag of hij wellicht ook interesse heeft voor de situatie in Suriname als het gaat om de relatie tussen jaguars en goudzoekers en boeren. Cummings reageerde zeer snel en enthousiast: 'Ik heb inderdaad een grote wens om Suriname toe te voegen aan mijn lijst van gebieden om onderzoek te doen, maar tot vandaag had ik ten eerste geen tijd en ten tweede geen contacten daar.'
Nu heeft hij in ieder geval een contact in Suriname.

Hoe groot de jaguarpopulatie in Suriname is, is niet bekend. Er is nauwelijks onderzoek gedaan naar de jaguar in het land. De Nederlandse bioloog Paul Ouboter, al vele jaren in Suriname werkzaam (directeur van de Nationale Zoölogische Collectie Suriname en verbonden aan de Anton de Kom Universiteit in Paramaribo), zou nog niet zo lang geleden onderzoek hebben gedaan naar de jaguar in het land, onder andere door gebruik te maken van zogenaamde 'camera-traps'. Maar, of dat onderzoek inmiddels is afgerond en zo ja, wat de uitkomsten ervan zijn is onbekend. Ouboter doet er het zwijgen toe, ondanks herhaalde verzoeken om een reactie. Cummings is inmiddels wel op de hoogte gesteld van het werk van Ouboter.

Mogelijke samenwerking
Cummings laat verder weten, dat hij hoopt tijdens zijn onderzoeksperiode in Guyana, december 2014 en januari 2015, de grens met Suriname te kunnen oversteken voor een persoonlijke ontmoeting en om onder andere te praten over de eventuele mogelijkheid om samen artikelen te gaan schrijven. Inmiddels heeft hij ook met veel belangstelling de speciale website over de jaguar in Suriname bekeken,  waarop nieuws en informatie te vinden is over de jaguar in Suriname, maar ook nieuws over Panthera onca's in andere Latijns Amerikaanse landen.

Vuil verbranden, men leert het niet af

Asocialen verbranden grote hoeveelheid gekapt onkruid en hout pal naast woningen

Ook wordt niet geschroomd grote stukken dik plastic te verbranden

14-09-2014 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Het lijkt wel of mensen het in Suriname nooit leren. Nog steeds worden overal en nergens allerlei soorten afval verbrand. Soms voor een perceel, langs de straat, en soms op het achtererf van een perceel. Afval verbranden mag niet, afval verbranden is tegen de wet, maar het lijkt wel of niemand er tegen durft op te treden. Zelden wordt de politie of brandweer gealarmeerd. Zelden wordt een asociale vuilverbrander beboet.

Het is zaterdag 13 september.
Een mooie zonnige, hete, dag.
Totdat een paar asocialen opduiken op het achtererf van een naastgelegen perceel. Een muur scheidt beide percelen.

(Onlangs werd op dat erf een grote hoeveelheid onkruid en hout gekapt. Al het gekapte groen en hout werd op een paar grote hopen geharkt, pal achter de muur en op nog geen twee meter verwijderd van je mooie balkon waar je zo heerlijk kunt genieten van het weer, de vele vogelsoorten, vlinders en nu en dan een mooie grote groene leguaan. De onkruid- en houtkappers waren te lui om de bergen gekapt groen en hout even te harken naar een andere muur die dat achtererf scheidt van een ander perceel, waar geen woning direct naast staat.)

Die asocialen beginnen al dat afval in brand te steken.
Vuurkolommen stijgen boven de muur uit.
Grijze rookpluimen vervuilen de lucht.
Je bent en wordt gedwongen, door een paar onnadenkende types, om de deur en alle ramen van je woning dicht te doen.
Je bent en wordt gedwongen om op je jaardag binnen te gaan zitten.
Je bent en wordt gedwongen om was van de waslijn te halen.
Opgesloten in je eigen huis, om te ontkomen aan de verstikkende rook, op je vrije zaterdag.

Waarom?
Waarom, konden die types al dat afval desnoods niet even naar die andere muur harken en daar in brand steken?
Maar, wat erger is: ze verbranden niet alleen onkruid en hout, maar ook petflessen en zelfs een groot stuk, rood, dik plastic! Hoe halen ze in het hun hoofd.
Zo veel plastic verbranden. Daar komt het kankerverwekkende dioxine bij vrij. Lees dit artikel.

Er iets van zeggen? En dan ruzie krijgen met je weet niet wat voor gevolgen? Surinamers kunnen nogal eens opgewonden standjes zijn. Kranten en nieuwswebsites staan welhaast dagelijks vol met voorbeelden daarvan en die voorbeelden lopen niet vaak goed af. Maar, van binnen kook je van woede. Hoe halen die asocialen het in hun hoofd? Hebben ze geen hersens? Kunnen ze niet nadenken? Zien ze niet wat de gevolgen zijn van hun afvalverbranding? Zien en ruiken ze niet wat voor overlast ze veroorzaken.

Het is zondag 14 september.
De zon schijnt.
Het meeste onkruit- en houtafval is verbrand. Het smeulde en rookte gisteren nog lang na.
Resteren een groot zwart geblakerd stuk op het achtererf van de buren, het wijkkantoor van een verzekeringsmaatschappij.....
Zou die maatschappij ook niet kunnen nadenken?
Het grote stuk rood plastic staat nog grotendeels, letterlijk, overeind, waarschijnlijk wachtend tot de asocialen de rest in brand komen steken.

De temperatuur deze dagen schommelt zo rond de 33 a 34 graden Celsius. Het is geen pretje om gedwongen binnen te moeten zitten, omdat een paar idioten het leuk vinden om met vuur te spelen en jij daardoor niet op je balkon kunt zitten, waar steeds een verfrissende wind waait. En door die wind, kwamen gisteren de rook, vuursnippertjes en andere rotzooi op je erf terecht, op je plantjes, op alles.

Benieuwd of die asocialen vandaag weer komen om hun criminele gedrag voort te zetten en verder te gaan met vuurtje steken. Je zult dan weer met ingetogen woede en ongeloof binnen moeten blijven, terwijl de zon brandt......

UPDATE: De volgende dag, maandag 15 september, blijkt het restant aan plastic te zijn verwijderd. Kennelijk is er toch iemand in de omgeving geweest die aan de bel heeft getrokken.

woensdag 10 september 2014

Wayana's in Frans-Guyana bedreigd door vele duizenden illegale goudzoekers


Een Wayana-meisje. (Bron foto: 'Dirty Paradise'/Daniel Schweizer)
'Onze wereld staat op het spel' 

'10.000 Inheemsen sterven in stilte'

10-09-2014  Door: Paul Kraaijer/France24


In het hart van de Amazone, in het Franse overzeese departement Frans-Guyana, speel zich een gezondheids- en ecologisch drama af: illegale goudwinning vervuilt rivieren en vergiftigt lokale inheemsen.

Drie auteurs beschuldigen de Franse staat van 'onthechting', zo bericht de Franse nieuwswebsite France24 op 10 september 2014.

'De aarde is onze moeder, het goud is zijn hart. Als men die aanvalt, sterft zij', aldus Aïkumalé Alemin, woordvoerder van de Wayana's. De inheemse bevolking van Nagorno-Maroni, Frans-Guyana, heeft geen medelijden met zichzelf en raakt niet opgewonden. Hij constateert met bescheidenheid en waardigheid, dat meer dan 10.000 illegale goudzoekers het land roven, de rivier vergiftigen met kwik en zijn volk vergiftigen, zonder daarvoor gestraft te worden.

Wayana, 'naam en bloed', Aïku, zoals hij zichzelf noemt, is Frans. Guyana is de grootste regio van Frankrijk. In de late '60'er jaren heeft de republiek de inheemsen aangespoord de Franse nationaliteit aan te nemen. Vandaag de dag, sterven die eerste burgers - 10.000 inheemsen in Frans-Guyana, met inbegrip van 1.000 Wayana's - in stilte.

In 'Les abandonnés de la République', deze week gepubliceerd door Albin Michel, Alexandra Mathieu, Yves Gery en Christophe Gruner, wordt een beeld geschetst naar het gezondheids- en milieudrama onder de inheemse bevolking, wiens malaise wordt weerspiegeld door de golf van  zelfmoorden, zelfs onder kinderen. 'Beste Franse Republiek. De inheemsen wachten op uw bezoek, schrijf ze. Ze wachten op uw beloften.'

Aiku is echter moe van het wachten. Voor de eerste keer in zijn leven maakt hij de reis naar Cayanne. Hij is de stem van hen die, ondersteund door twee organisaties - Solidarité Guyane en Onag ('Organisation des nations autochtones de Guyane'), een klacht hebben ingediend, in april, bij de administratieve rechter in Cayenne en een schadevergoeding eisen vanwege kwikvervuiling en goudwinning. De beslissing van de rechter is uitgesteld.

'De kwestie van kwik in Guyana is een oud verhaal en wij stellen het niet optreden daartegen door de overheid aan de kaak. Ze wist dat ze iets moest doen, maar dat deed ze niet', aldus de advocaat die de zaak behandelt, William Bourdon. 'De kwikvergiftiging wordt vermeld en bewezen. Dit is een probleem voor de volksgezondheid, de staat heeft een verantwoordelijkheid', sprak hij tijdens een persconferentie in Parijs.

Kwik zorgt voor een langzame dood: het veroorzaakt een gestoorde neurologische en lichamelijke ontwikkeling van mensen die het in hun lichaam hebben gekregen. Kinderen zijn de eerste slachtoffers. Goudzoekers gebruiken het om goudstof te spoelen en vervolgen stroomt het kwik beken in waar het wordt opgenomen door vissen, het hoofdvoedsel van de inheemsen. 'We leiden een traditionele manier van leven. We leven door te jagen en te vissen. Bij ons is er geen supermarkt, maar de families kunnen het zich toch niet veroorloven om eten te kopen', zegt Aïkumalé.

Volgens onderzoek van het 'Institut National de Veille Sanitaire' (INVS) te Inserm, vertoont de inheemse gemeenschap concentraties kwik die ruim boven de WHO-grenswaarden (Wereld Gezondheidsorganisatie) uitkomen. 'Als er niets wordt gedaan op de korte termijn, zijn we op weg naar een vorm van genocide', stelt Jean-Pierre Havard, hoofd van 'Solidarité Guyana', die elk jaar de concentraties van kwik bekendmaakt.

In het dorp Antecume Pata, op drie uur varen met een korjaal ten zuiden van Maripasoula (in de buurt van de grens met Suriname) ziet Aïkumalé met eigen ogen de verwoestende gevolgen van kwikvervuiling in het water onder de Wayana's: huidproblemen ooginfecties, artritis, et cetera. Voor al deze nieuwe kwalen onder de Wayana's hebben de gezondheidsautoriteiten geen andere aanbeveling, dan te stoppen met het eten van vis. Niet realistisch voor een volk wiens leven zich rond de rivier afspeelt. 'Alles wat we nodig hebben vinden we en doen we in de rivier, eten.'


Door de stijgende goudprijzen hebben illegale (Braziliaanse) goudzoekers - 'garimpeiros' - zich in de afgelopen 20 jaar verspreid. Volgens schattingen van de Nationale Gendarmerie in 2013, zijn meer dan 10.000 illegale mijnwerkers actief op bijna 500 locaties in Frans-Guyana. In deze goudzoekerskampen, opgebouwd vanuit het niets, ontmoeten zo'n 1.000 goudzoekers uit Suriname en Brazilië elkaar. Ze vestigden zich een paar weken in dit 'Wilde Westen' van de Amazone, waar het goud wordt gebruikt als wisselgeld. Achter hen laten ze een verrotte woestenij achter, ontdaan van bossen: volgens het WWF, is meer dan 12.000 hectare van het Frans-Guyanese Amazonegebied verwoest.

'Ze komen met hun bulldozers, prostituees, ziekten. Ze gooien hun afval weg, dat wordt gegeten door de dieren waarop we jagen en daardoor worden we ziek. Het bos werd het 'groene paradijs' genoemd, maar door de massale toestroom van goudzoekers werd het het 'zwarte paradijs'. Nu is het de 'groene stad'', zegt Aïku.

Garimpeiros hebben een klimaat van onveiligheid gecreëerd in het bos. In 2012 werden twee Franse soldaten gedood. 'Garimpeiros zijn huurlingen. Mannen durven niet te gaan vissen, de vrouwen zijn bang om het dorp te verlaten. Verkrachtingen, zijn die gemeld? 'Nog niet', antwoordt Aïku, 'maar het zal niet lang meer duren.'

Met het oog op de plaag van illegale goudwinning werd actie ondernomen door de gendarmerie. In 2008 werd door Nicolas Sarkozy, de toenmalige president van Frankrijk, de operatie 'Harpie' in het leven geroepen. Er zou hard worden opgetreden tegen illegale goudzoekers. In 2012 namen soldaten en politie iets meer dan acht kilo goud in beslag. Een druppel water op de gloeiende plaat, in vergelijking met de 5 tot 10 ton per jaar door deze illegale activiteiten geproduceerd goud.

In december 2013, tijdens zijn bezoek aan Frans-Guyana, verzekerd Francois Hollande op zijn beurt dat hij 'zou door gaan tegen illegale goudwinning'. Maar het personeel en de middelen bleven hetzelfde. Hoewel het zeker moeilijk is om het Amazonewoud, dat ongeveer 80 000 km2 groot is, bijna 90% van de Frans-Guyana, te controleren. 'Maar, met hun uniformen, zijn de agenten alleen decoratie in de dorpen. Wat kunnen ze doen? Korjalen tellen die passeren op de rivier?', grapt Aïku.

Geconfronteerd met de al 20 jaren durende goudkoorts, hebben de inheemsen de wapens opgenomen om zichzelf recht te doen. Anderen zijn betrokken bij het illegale ​​transport van goud door het bos.  'Jongeren gaan naar de goudvelden en komen gedrogeerd terug. In het leven, is het belangrijk om te evolueren, maar zonder onze roots te vergeten. Ging naar de school voor twee werelden, niet om de mijne te verwijderen', zegt Aïkumalé. 'Want wat op het spel staat is niet alleen het onderhouden van een levensstijl ten koste van alles, maar het voortbestaan ​​van een volk, van een wereld. Onze.'