dinsdag 20 maart 2012

Surinaamse overheid kijkt toe hoe illegale porknokkers Brownsberg Natuurpark vernietigen

Fotoverslag WWF Guianas goudmijnactiviteiten op Brownsberg leidt tot hypocriete reacties....


20-03-2012  door: Paul Kraaijer


Het is jammer te moeten constateren dat in Suriname kennelijk foto's verantwoordelijken moeten wakker schudden..... Al jaren achtereen zijn illegale ‘porknokkers’ (goudzoekers) actief in het Brownsberg Natuurpark in het district Brokopondo. Al jaren achtereen hebben de autoriteiten niet opgetreden. Het natuurgebied met een rijke en unieke biodiversiteit en een grote toeristische trekpleister, wordt vernietigd.


De minister van Ruimtelijke Ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB), Simon Martosatiman, reageerde ontstemd op de berichten. ‘Er is duidelijk iets behoorlijk mis. De consequentie is dat iemand daar niet op zijn plek zit en zal moeten opstappen.’ Hij erkende zelfs te weten dat er goudzoekers waren in het gebied, maar dacht dat het zou gaan om ongeveer twee of drie locaties. Toen het WWF een week terug hem het rapport onder de neus duwde, viel de minister bijna van zijn stoel toen het om ongeveer vijftig locaties bleek te gaan, zo berichtte een van de kranten in Suriname. Hij wist dus van de activiteiten van illegale goudzoekers in het natuurgebied, maar trad niet op.


Datzelfde kan gezegd worden van de in december 2010 geïnstalleerde presidentiële commissie Ordening Goudsector. Leden Gerold Dompig en Melvin Linscheer van die commissie wisten dat porknokkers in het natuurgebied de boel aan het vernietigen waren, maar ook zij bleven op hun stoel zitten. Nu, gedwongen door de onthullende foto's van het WWF, gaan de porknokkers uit het Brownsberg Natuurpark verwijderd worden - vrijwillig, aldus Dompig.....


Het verslag komt op een moment dat de directeur van de St. Natuurbehoud Suriname (Stinasu), Frank Kasantaroeno, in opspraak is. Stinasu is beheerder van het natuurgebied. Desondanks blijkt Kasantaroeno illegale porknokkers toestemming te hebben gegeven om gedurende vier maanden goud te mijnen in het natuurpark in ruil voor goud. Natuurlijk wordt dit door de directeur van Stinasu ontkend. Er zijn echter kwitanties in omloop waaruit blijkt dat Stinasu goud heeft ontvangen van porknokkers. Overigens al in 2007 waren goudzoekers in het natuurgebied actief. Ze werden toen door Stinasu willens en wetens gedoogd.


Hopelijk heeft het op 19 maart 2012 gepresenteerde fotoverslag van het WWF Guianas als zijdelings effect, dat Stinasu wordt opgeheven of een andere invulling gaat krijgen en dat haar directeur onmiddellijk wordt ontheven uit zijn functie. Als beheerder van het Brownsberg Natuurpark, een toeristische trekpleister en een gebied met een unieke en bijzondere biodiversiteit, had Kasantaroeno dit natuurpark moeten beschermen en niet voor grote delen uit handen moeten geven aan kleinschalige goudzoekers. Het WWF Guianas, dat Stinasu niet voor de presentatie van haar fotoverslag had uitgenodigd, heeft inmiddels laten weten de geldkraan naar Stinasu dicht te draaien. De internationale natuurbeschermingsorganisatie is Stinasu en haar directeur meer dan zat.


Beschermt de Surinaamse regering wel de unieke biodiversiteit van het land, waarmee zjj altijd op het internationale politieke toneel pronkt?


Neen, de natuur mag ongehinderd door ongeveer tweeduizend porknokkers en gadegeslagen door de organisatie die die natuur zou moeten beschermen en door de verantwoordelijke minister en de commissie Ordening Goudsector vernietigd worden. Het WWF Guianas heeft hen nu op een confronterende wijze de ogen geopend. Hopelijk blijven die ogen open en draaien ze niet langer naar links, wanneer rechts de natuur onherstelbaar wordt vernietigd.

Noot Kraaijer:
Het artikel is op 21 maart 2012 gepubliceerd op de Surinaamse nieuwswebsites NoSpang en GFC Nieuws.

vrijdag 2 maart 2012

Veel huurwoningen voor Surinamers niet betaalbaar

Hebzucht en wantrouwen overwoekeren gedrag verhuurders

03-03-2012  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Het blijkt voor vele Surinamers welhaast onmogelijk om tegen een betaalbaar bedrag een woning te kunnen huren. Dat heeft niets te maken met de inkomens van mensen, maar met het hebzuchtige en wantrouwende gedrag van veel verhuurders. Hebzuchtig, omdat zij woningen te huur aanbieden tegen een maandelijkse prijs in euro’s of Amerikaanse dollars. Wantrouwend, vanwege slechte ervaringen met huurders. Maar, heb je uiteindelijk na lang zoeken – je zoekt immers naar een naald in een hooiberg - een geschikte en betaalbare huurwoning woning gevonden, dan blijkt er extreem veel borg te worden gevraagd. De huursector in Suriname lijkt ziek en verziekt.

Onbereikbaar
Een gemiddelde goedverdienende Surinamer ontvangt iedere maand een salaris dat globaal ligt tussen de twaalf- en zestienhonderd Surinaamse dollars. Toch blijkt het zeer moeilijk om met een dergelijk inkomen een fatsoenlijk huis te kunnen huren. Fatsoenlijk, simpel, flatwoning, woonkamer, keuken en twee slaapkamers. Maar, probeer in Suriname eens een dergelijke gewone woning te vinden voor een maandelijkse huurprijs van rond de zeshonderd Surinaamse dollars. Een rondje kijken op de populaire internetsite Via2000 (een soort Surinaamse Marktplaats.nl) toont onomstotelijk aan, dat tachtig procent van dergelijke woningen wordt aangeboden voor huurprijzen die schommelen tussen de driehonderd en zeshonderd euro’s..., per maand.

Welke Surinaamse arbeider en gezin zijn in staat om deze dagen nog een simpele huurwoning te kunnen betrekken? Mensen die voor dergelijke prijzen woningen te huur aanbieden zijn of het gevoel met de dagelijkse realiteit van het leven in Suriname verloren, of zij zijn verhuurders die hopen op huurders die zijn teruggekeerd uit Nederland met een Nederlands pensioen of ander inkomen in euro’s of het zijn niets meer en niets minder dan ordinaire hebzuchtige geldwolven. Via Via2000 worden diverse woningen zelfs door één en dezelfde verhuurder aangeboden. Zo’n verhuurder lijkt verdacht veel op een soort makelaar of ‘pandjesbaas’. Een blik op de website Via2000 leert ook, dat zeer veel woningen en appartementen gemeubileerd te huur worden aangeboden en specifiek voor vakantiegangers en stagiaires. De huursector lijkt alleen bestemd te zijn voor niet lokale woningzoekers. Lokale huurders worden gedwongen om huren te voldoen in euro’s en dan nog graag contant, zodat instanties zoals de Belastingdienst geen lucht krijgen van de extra inkomsten van de verhuurders.

Hoelang mogen Surinaamse producten nog in vreemde valuta worden aangeboden?
De vraag zou nu gesteld moeten worden of in Suriname producten mogen worden aangeboden in andere valuta (zoals de euro en de Amerikaanse dollar) dan de eigen Surinaamse dollar – en een huurwoning is ook een product waar geld voor wordt gevraagd. Een jaar gelden adverteerde het ministerie van Handel en Industrie (HI) met regelmaat in kranten dat winkeliers hun producten in Surinaamse dollars moeten aanbieden. Minister Michael Miskin van dat ministerie liet toen weten, dat volgens bestaande wetgeving de prijsaanduiding in Surinaamse valuta moet worden gedaan, maar dat toch ook het bedrag in andere valuta vermeld mag worden. Echter, iemand die een product in bijvoorbeeld euro’s aanbiedt, mag geen Surinaamse dollars weigeren. Bedrijven als de SLM, Telesur en de EBS (NV Energiebedrijven Suriname) moeten werken met alleen de eigen munteenheid van Suriname. Begin 2011 zei minister Miskin dat Suriname ‘in een grijze fase’ zit. Het blijkt nauwelijks mogelijk om op te kunnen treden tegen ondernemers en bedrijven die een hogere dan de door de Centrale Bank van Suriname vastgestelde wisselkoers hanteren. De regering sprak de hoop uit dat de jacht op bijvoorbeelde euro’s en Amerikaanse dollars zou afnemen, wanneer bedrijven gewoon de Surinaamse dollar gaan accepteren.

Op hetzelfde moment dat de HI-minister zijn uitspraken deed over de Surinaamse dollar, liet zijn collega van het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme, Falisi Pinas, weten een klopjacht te starten tegen prijsaanduidingen in euro’s en Amerikaanse dollars. Een jaar later is duidelijk dat van een klopjacht nauwelijks sprake kan zijn geweest. Bekijk productadvertenties in kranten en op websites en de euro’s en Amerikaanse dollars lachen je vrolijk en ongestoord tegemoet. Het lijkt er nog steeds op dat de eigen Surinaamse munt in het handelsverkeer het onderspit delft en wordt ondergesneeuwd door buitenlandse muntsoorten als de euro en Amerikaanse dollar. De Centrale Bank van Suriname was niet bereikbaar voor een reactie, ondanks herhaald verzoek.

 

Extreem veel borg
Niet alleen de verhuur van woningen in Suriname in andere valuta dan de eigen Surinaamse munt is opmerkelijk en afkeurenswaardig. Verhuurders blijken ook nog eens vrij te zijn om extreem hoge borgsommen van huurders te vragen. Ga je een woning huren dan is het normaal dat tevens een maand borgsom wordt voldaan gelijk aan de maandelijkse huurprijs. Maar, daarenboven kan een verhuurder vervolgens ook nog eens twee maanden of meer vooruit huur vragen – dat  moet dan wel bij het aangaan van het huurcontract duidelijk door de verhuurder worden uitlegd of in een contract zijn vastgelegd. Gebruikelijk is het, dat een huurder aan het einde van een maand de huur voldoet voor de volgende maand. Ook is het gebruikelijk dat de verhuurder geen huurcontract op papier heeft. Door een huurcontract op papier op te stellen kunnen misverstanden en problemen worden voorkomen en kan een huurder eventueel nog besluiten om toch maar niet een huurovereenkomst aan te gaan. Een mondelinge huurovereenkomst is wel rechtsgeldig, maar bij een eventueel conflict kunnen de verhuurder en huurder elkaar gaan tegenspreken over wat wel of wat niet is overeengekomen.

Verhuurders blijken weinig vertrouwen te hebben in de Surinaamse huurder en verlangen dan ook meer dan de gebruikelijke borgsom. Klinkt logisch, maar is één borgsom niet voldoende?

Om de verziekte Surinaamse huursector – waar geen belangenorganisatie voor huurders te vinden is - te genezen is het wellicht raadzaam wanneer de regering Boutserse-Ameerali een presidentiële commissie Ordening Huursector in het leven zou roepen. Ordenen is het beste en meest effectieve lap- en/of wondermiddel om delen van de Surinaamse maatschappij in het gareel te krijgen.

Noot Kraaijer:
Het artikel is op 3 maart 2012 geheel gepubliceerd op de Surinaamse nieuwswebsite NoSpang en 4 maart 2012 op GFC Nieuws.

De Surinaamse nieuwswebsite berichtte op 22 augustus 2012 het volgende:

Het merendeel van De Assembleeleden dringt er bij de regering op aan duidelijkheid te geven over een staatsbesluit waar sommige staatsbedrijven toestemming wordt gegeven vreemde valuta te vragen voor geleverde diensten.

Betalingen voor huishuur, roerende en onroerende goederen in vreemde valuta vinden de volksvertegenwoordigers ongehoord. Deze zaken moeten desnoods bij wet verboden worden, aldus de politici.

‘De SRD is redelijk stabiel en we moeten de burger ontlasten van die verplichting om in valuta te betalen’, zo stelt André Misiekaba (Mega Combinatie/NDP) .

DOE-fractieleider Carl Breeveld vindt het ongehoord dat burgers worden gedwongen om huishuur in vreemde valuta te betalen. Volgens hem is het elke maand een ‘gehossel’ voor sommige mensen om vreemde valuta te kopen. In sommige gevallen worden zij zelfs met uitzetting bedreigd, aldus Breeveld.

Het bewuste staatsbesluit zou volgens Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons zijn gemaakt enkele jaren terug toen er een schaarste was aan vreemde valuta in het land. In die periode is voor sommige staatsbedrijven, zoals de Surinaamse Luchtvaartmaatschappij (SLM), de uitzondering gemaakt, hun diensten aan te bieden in vreemde valuta.

Guno Castelen (Nieuw Front/SPA) zegt dat wel rekening gehouden moet worden met bedrijven als NV Havenbeheer die diensten levert aan buitenlandse partners. Hij benadrukt dat bij dit staatsbedrijf geen betalingen worden geëist in valuta aan Surinamers.

Mahinder Ratipal (Nieuw Front/VHP) zegt dat dagelijks de kranten bol staan van verhuur en handel in roerende en onroerende goederen die vrijwel alleen in valuta worden aan geprijsd. Zijn fractiegenoot Sheilendra Girjasing, die ook tegen de verplichte valutabetaling is, zegt evenwel dat de keus om in vreemde valuta te betalen aan de burger moet worden overgelaten. Die betaling moet wel plaatsvinden tegen de vastgestelde koers als er in SRD wordt betaald.

woensdag 22 februari 2012

Asociale Surinaamse automobilisten negeren zebrapad

Opinie/Column: Voetgangers in Suriname zijn hun leven niet zeker op ‘veilig’ zebrapad


Tijd voor een commissie Ordening Verkeersgedrag en Infrastructuur

22-02-2012 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Het zebrapad is in Suriname geen garantie voor voetgangers om veilig en zonder kleerscheuren een weg over te kunnen steken. Asociale automobilisten negeren simpelweg het zebrapad. Vaak zijn zij selectief blind, kijken stuurs recht vooruit en zien niet de wandelaar staan die het zebrapad op wil lopen om de weg over te steken. Let wel, een zebrapad in Suriname is het bij wet vastgestelde ‘domeingebied’ van de voetganger.

Maar, die wandelaar kent het gedrag van het merendeel van de Surinaamse weggebruikers. Die wandelaar weet dat negen van de tien automobilisten niet voor hem zal stoppen. Die wandelaar is bekend met de asociale wijze waarop vele automobilisten – èn niet te vergeten buschauffeurs – zich in het verkeer gedragen. Die wandelaar zal niet zo ‘brutaal’ zijn om ook maar één voet op een zebrapad te plaatsen, wanneer een auto van links of van rechts nadert. Maar, die wandelaar staat wettelijk in zijn recht om die ene voet op het veilige zebrapad te plaatsen. Die wandelaar weet over het algemeen heel goed dat, zodra hij ook maar één voet op een zebrapad plaatst of zelfs maar aanstalten maakt om dat te doen, een naderende auto of bus moet stoppen.

Veel automobilisten willen zebrapad niet zien
Als voetganger moet je echter wèl brutaal zijn en in zekere zin durf en lef hebben om een zebrapad op te lopen, want het zou anders lang kunnen duren voordat een automobilist met fatsoen voor je wil stoppen.

Je komt aangelopen bij een drukke weg, zoals de Kwattaweg of Indira Gandhiweg in Paramaribo en wilt naar de overzijde. Gelukkig, er is een zebrapad met zowaar verkeerslichten erbij. Maar ja, dan moeten die verkeerslichten wel werken. Je kijkt naar rechts en ziet veel verkeer naderen. Er wordt hard gereden. Ook van de andere zijde nadert druk verkeer. Toch moet je naar de overkant. De stoute schoenen maar even snel aantrekken om voorzichtig één voet op het zebrapad te plaatsen. De ene na de andere automobilist raast echter gewoon voorbij. Inmiddels staat je tweede voet ook op het duidelijk zichtbare zebrapad en nog steeds raast het verkeer je bijna uit je schoenen. Diverse automobilisten kijken je zelfs verwijtend en doordringend aan, alsof jìj ze hindert. Je loopt inmiddels op het veilig gewaande zebrapad, maar een automobiliste heeft toch de asociale brutaliteit om gewoon door te rijden. Ze ziet je niet eens. Omdat jìj wel bij je volle verstand bent, houd je in om een fatale klap tegen die auto te voorkomen; je wilt immers met twee bruikbare benen aan de overzijde van de weg komen en niet met twee benen met rammelende botten erin. Van de andere zijde nadert een fatsoenlijke automobilist met gepaste snelheid en stopt netjes voor je, zoals het hoort, zoals het moet.

Rijbesluit 1972 legt spelregels vast
Moet, omdat het ook in Suriname bij wet is geregeld hoe je als voetganger een voetgangersoversteekplaats als een zebrapad moet ‘nemen’ en hoe je je als automobilist moet gedragen wanneer een zebrapad wordt genaderd. Het zogenoemde Rijbesluit 1972 (in 2005 gewijzigd bij Staatsbesluit) omschrijft een zebrapad alsvolgt:
‘Een voetgangersoversteekplaats bestaat uit een dwars over de rijbaan aangebrachte strook van tenminste 4 m breed, samengesteld uit witte en donkere strepen. Op voetgangersoversteekplaatsen wordt aan voetgangers door bestuurders een zekere bescherming geboden ( art. 52 b lid 1 ). (...) Uit de verplichting voor bestuurders om voetgangers op een voetgangersoversteekplaats voor te laten gaan, vloeit voort dat zij de naar omstandigheden geboden voorzichtigheid in acht moeten nemen. Zij dienen de voetgangersoversteekplaatsen voorzichtig te naderen. (...) Hetzelfde geldt als zij kennelijk op het punt staan te gaan oversteken, bijv. als zij op het trottoir bij een voetgangersoversteekplaats staan te wachten.’

Wanneer een automobilist niet stopt bij een zebrapad om iemand veilig de weg over te laten steken, riskeert hij een boete van honderdvijftig Surinaamse dollars. De woordvoerder van het Korps Politie Suriname, John Jones, liet op 10 februari 2012 tegenover de krant De West weten dat er ‘onmiddellijk wordt opgetreden’ als een automobilist op heterdaad wordt betrapt op het doorrijden over een zebrapad terwijl iemand aan het oversteken is. Jones: ‘Op het moment dat iemand vòòr een voetgangersoversteekplaats een poging doet om over te steken, dient de bestuurder gelijk te stoppen. Wanneer hij het zebrapad nadert, moet hij op een afstand al vaart verminderen.’

Zelden agent bij zebrapad
Het zijn goedbedoelde woorden van de vertegenwoordiger van de Surinaamse politie. Maar, dat zijn het, woorden. De praktijk leert echter dat je zelden tot nooit een agent bij een zebrapad ziet staan. Mocht hij er wel staan, dan is de vraag hoe hij denkt op te kunnen treden tegen een asociale voorbij razende automobilist die geen oog had voor die ene aarzelende voetganger die het zebra nauwelijks op durfde te lopen.

Het Surinaamse verkeer is een waar risicogebied. Het ontbreekt veel Surinamers helaas aan fatsoen en ook aan verkeersinzicht. Velen blijken maling te hebben aan verkeersregels en verkeerswetgeving. In Suriname krijg je geen voorrang, maar neem je voorrang. Brutalen en asocialen hebben de halve wereld. Staat er ergens een file dan zie je met regelmaat buschauffeurs fietspaden op racen, een ander woord is er niet voor. Bermen worden kapot gereden. Soms belandt een bus mèt passagiers in een berm, vanwege het roekeloze rijgedrag ven de chauffeur. Je vraagt je wel eens af hoe het mogelijk is dat dergelijke buschauffeurs hun rijbewijs hebben kunnen behalen. Zij nemen grote risico’s in het verkeer en ‘vergeten’ daarbij dat zij mensen vervoeren. Buspassagiers moeten zich veilig kunnen voelen wanneer zij van plaats A naar plaats B worden vervoerd. In Suriname is een ritje in een bus een klein avontuur.

Een auto kan dodelijk wapen worden....door onbezonnen en onverantwoordelijk gedrag chauffeur
Het aantal ongelukken in Suriname is te hoog, het aantal (dodelijke) verkeersslachtoffers in Suriname is te hoog. Maar, zolang mensen hun gedrag als chauffeur/coureur niet veranderen, zal er weinig in het verkeersbeeld veranderen. Sinds december 2010 wordt de kleinschalige goudsector geordend door een presidentiële commissie. Het zou goed zijn wanneer er een presidentiële commissie Ordening Verkeersgedrag en Infrastructuur ingesteld zou worden. Veel verkeersleed in het land is simpelweg te voorkomen, wanneer weggebruikers hun verstand gaan gebruiken en beginnen te begrijpen dat hun voertuig eens een dodelijk wapen kan worden door hun eigen onbezonnen en onverantwoordelijke gedrag.

Noot Kraaijer:
Het artikel is volledig gepubliceerd op 22 februari 2012 op de Surinaamse nieuwswebsite NoSpang en op 24 februari 2012 op de Surinaamse nieuwswebsite GFC Nieuws.
De directeur van Sky Radio & Televisie reageerde via email persoonlijk op 22 februari 2012:
'Beste heer Kraaijer,
Het is een juiste constatering.!!!
Het lijkt alsof het de verantwoordelijkheid van alleen de politie is om in de gesignaleerde trend een ommekeer te brengen.
Ik denk dat wij als gemeenschap stelling moet nemen tegen het verfoeilijk en a-sociaal gedrag van bepaalde weggebruikers.Dan kan er iets veranderen aan het rijgedrag en mentaliteit van deze lieden.
Met vr groet
A.Lall Mohamed'

zaterdag 4 februari 2012

Onzorgvuldige Surinaamse media....twee onvoldoendes op een dag

Bevolkingsgroep stigmatiseren en te snel nieuws willen brengen (scoren) brengt onzorgvuldigheid met zich mee…..

04-02-2012 door: Paul Kraaijer


De media heeft zich zich weer eens van een slechte zijde laten zien. De wijze waarop op zaterdag 4 februari door twee vertegenwoordigers van de Surinaamse nieuws is gebracht, wekte mijn verbazing.

Mijn eerste verbazing ontstond in alle vroegte bij het lezen van de krant De Ware Tijd. De krant bracht een artikel over de wateroverlast in Paramaribo-Noord. Inhoudelijk een prima artikel, maar het onderschrift bij een bij het artikel geplaatste foto fronste weer eens mijn journalistieke wenkbrauwen. Op de foto is een woning te zien die volledig door het water is ingesloten. Het onderschrift luidt: ‘Ook minderbedeelden worden geteisterd door wateroverlast in Paramaribo-Noord. Dit huis aan de Kleinestraat zit nu middenin een zwamp.’


De wateroverlast deze dagen in delen van Paramaribo treft iedereen, of je nu een Hindoestaan, Chinees, Javaan, goed gesitueerd, zwerver of huisdier bent. Waarom heeft iemand op de redactie van De Ware Tijd besloten om nadrukkelijk te vermelden dat ook ‘minderbedeelden worden geteisterd door wateroverlast’? Tja, iedereen zou zelf kunnen beoordelen wie in het huis op de foto zou kunnen wonen. Maar, het uiterlijk of de grootte van woning hoeft bij voorbaat niet te verraden hoe financieel daadkrachtig de bewoner(s) is (zijn).
Het deel van het onderschrift bij de foto waarin het woord ‘minderbedeelden’ wordt genoemd, is dan ook behoorlijk stigmatiserend en ook nog eens overbodig. Van enige objectiviteit bij de bedenker van het onderschrift is totaal geen sprake.

Na van deze verbazing te zijn bekomen, werd mijn aandacht gevestigd op een serie berichten op de nieuwswebsite Starnieuws over een ernstig ongeval te Uitkijk, dat al snel een zelfmoord en drievoudige moord bleek te zijn.

Het eerste bericht verscheen om twee uur in de ochtend met onder andere deze tekst: ‘(...) Omstanders vertellen aan Starnieuws dat de chauffeur van de auto eerst naar achteren reed. Ineens schoot de grijze Carina in volle vaart naar voren en belandde in de rivier. Het voertuig dreef een poosje op het water, maar verdween in de diepte. Het is nu vloed wat het zoeken bemoeilijkt. Er wordt gevreesd voor het leven van de inzittenden. (...)'
Op dat moment is totaal nog niets bekend over het aantal en de identiteit van de inzittenden.
De redactie van Starnieuws wil gewoon als eerste het nieuws brengen, terwijl er feitelijk nog te weinig te melden is.

Het tweede bericht verschijnt ’s morgens om kwart voor negen op Starnieuws. Daarin is onder andere het volgende te lezen: ‘(...) Gisteravond zijn twee vissers getuige geweest van dit ongeval. De vissers hebben tegenover de politie verklaard dat er twee personen, een man en een vrouw, in de auto zaten. Op een gegeven moment reed de man de auto ongeveer tien meters achteruit en reed daarna vooruit. Hij gaf veel gas en ging met knarsende banden de rivier in. De politiecommandant zegt dat dit, vermoedelijk, te maken heeft met zelfmoord en moord. Vermoed wordt dat de twee vermiste personen uit een ander district afkomstig zijn. (...) Aanvankelijk werd ook gedacht dat er kinderen in de auto zaten.’Starnieuws baseerde haar informatie kennelijk vooral op de verklaringen van twee getuigen, vissers. Die mannen hadden verklaard dat zich in de auto een man en een vrouw bevonden. Het artikel eindigt met de opmerking dat aanvankelijk gedacht werd dat er ook kinderen in de auto zaten.

Om acht minuten voor elf in de ochtend verschijnt een derde bericht op Starnieuws. Daarin staat onder andere: ‘(...) De auto, Toyota Carina, die in de Saramaccarivier verdween, had vier inzittenden erin. Het gaat om een vader met zijn drie kinderen. De moeder van die kinderen en echtgenote heeft aangifte van vermissing gedaan bij de politie te Nieuwe Grond. (..) Eerder op de dag was het gezin gaan uit eten. Er ontstond een heftige ruzie tussen man en vrouw. De man bedreigde de vrouw dat hij zichzelf samen met de kinderen van kant zou maken. Hij zette de vrouw uit de auto en reed met de kinderen weg. Toen de vrouw de man en de kinderen niet zag aankomen, besloot ze vanmorgen aangifte te doen. De personen en de auto worden nog steeds vermist. (...)’

Een uur na publicatie van dit bericht meldt Starnieuws dat de auto is gelokaliseerd en dat de politie een graafmachine heeft laten komen om de wagen uit de rivier te takelen. Het artikel eindigt alsvolgt: ‘(...) Het drama dat zich afspeelt op de plaats des onheils is enorm. "Waarom moest dit gebeuren, waarom moesten de onschuldige kinderen meegesleurd worden in de dood", vragen huilende familieleden zich af.’ Starnieuws houdt van drama en het benadrukken ervan.

Om vijf minuten voor half drie ‘smiddags bericht Starnieuws dat de poging om de auto uit de rivier te takelen is mislukt, omdat de kabel brak. ‘(...) Een diepe zucht ging door de menigte toen de kabel brak. In de auto worden de ontzielde lichamen verwacht van de slachtoffers. Het gaat om een meisje van anderhalf, twee jongens van 3 en 7 jaar. De vader die ze dood in joeg, is 29. (...)’

Starnieuws laat haar bezoekers om vier uur ’s middags weten dat de auto de rivier uit is getakeld: ‘Om half vier is het gelukt om het voertuig met de vier verongelukten uit de rivier te trekken. De tweede poging om de auto uit het water te halen, is gelukt. Het heeft ruim zestien uur geduurd om de wagen te lokaliseren en uit de Saramaccarivier te krijgen. Nadat de technische formaliteiten verricht zijn door de Forensische Opsporingsdienst, worden de ontzielde lichamen vervoerd naar het mortuarium. (...)’
Uit dit bericht zou de conclusie kunnen worden getrokken, dat de lichamen van de vader en de drie kinderen zich in de auto bevonden. Later zou blijken dat ook die informatie onjuist was.

Duidelijk is dat de redactie van Starnieuws liever het nieuws (te) snel brengt dan de informatie voor plaatsing te checken. Sky Radio had inmiddels gemeld dat één van de inzittenden, de zevenjarige zoon, zich niet in de auto bevond. Hij was vermoedelijk door de door de klap op het water kapotgeslagen voorruit van de auto eruit gekomen. Ook dit artikel wordt met de nodige overbodige dramatiek beëindigd: ‘(...) Hij reed volgens ooggetuigen bewust in volle vaart het water in. Het gegil van de kinderen blijft naklinken... (...)’

Om vijf uur ’s middags moet Starnieuws in een artikel erkennen dat de zevenjarige jongen zich toch niet in de auto bevond: ‘Het ontzielde lichaam van de oudste zoon van zeven jaar is uit de auto gedreven. In het voertuig dat uit de Saramaccarivier werd getrokken, zijn drie lichamen aangetroffen. (...)’

Het ongeluk blijkt het gevolg te zijn van een familiedrama. De 29-jarige bestuurder/vader was volgens Sky Radio al enkele malen met de politie in aanraking geweest wegens huiselijk geweld. Dat zou verklaren waarom agenten op de plaats van het ongeluk al snel verklaarden dat het vermoedelijk ging om moord of zelfmoord. Instanties wisten dus van de problemen in het gezin, maar enige begeleiding heeft de vader nimmer gekregen, aldus Sky radio.

Velen zullen zich nu achter de oren krabben.
Hopelijk ook de redactie van Starnieuws die zich zou moeten bezinnen over haar wijze van berichtgeving. Berichtgeving die slechts ten doel had en heeft om nieuws telkens als eerste te brengen en mogelijk om bezoekers van haar website telkenmale terug te laten keren. Die snelheid brengt echter onvermijdelijk onzorgvuldigheid en slordigheid met zich mee. Juist in dit soort zaken is zorgvuldigheid heel belangrijk. Het gaat om mensenlevens, het gaat om families en vrienden en bekenden van slachtoffers. Informatie is niet of nauwelijks gechecked door Starnieuws....
Op één dag twee onvoldoendes voor de media....

donderdag 26 januari 2012

Gefronste wenkbrauwen SVJ over ranking Suriname op wereldranglijst persvrijheid van Verslaggevers Zonder Grenzen

SVJ heeft twijfels over hoge plaats Suriname op wereldranglijst persvrijheid


Eigen organisatie ook schuldig aan beperken persvrijheid

26-01-2012  door: Paul Kraaijer


De Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ) laat op 26 januari via haar voorzitter Wilfred Leeuwin weten, verbaasd te zijn over de plaats die Suriname inneemt op de 2011-2012 wereldranglijst van persvrijheid van de internationale organisatie Verslaggevers Zonder Grenzen(VZG). Op die lijst pronkt Suriname nu op een gedeelde tweeëntwintigste plaats met Japan. Suriname laat landen als het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Australië achter zich. Dat lijkt een ware prestatie, maar hoe realistisch is de lijst? Waar wordt de ranking van een land op gebaseerd?

Zijn VZG-informanten betrouwbaar
‘De verbazing van de SVJ wordt vergroot als achteraf wordt begrepen dat VZG geen relevante referentie heeft gebruikt om tot deze notering te komen’, aldus de SVJ in een verklaring, ondertekend door de voorzitter. Op de vragenlijst die een journalist voorgeschoteld heeft gekregen, konden vragen alleen met ‘ja’ en ‘nee’ worden beantwoord, zo staat te lezen op de nieuwswebsite Starnieuws waar Leeuwin als journalist werkzaam is (Kraaijer: die vragenlijst telt vierenveertig vragen).


‘De SVJ als georganiseerde beroepsinstantie en bewaker van de persvrijheid in Suriname is nimmer hierover geconsulteerd’, staat in de verklaring.  Of de SVJ geconsulteerd had moeten worden is natuurlijk maar de vraag. De VZG is voor haar informatie afhankelijk van zogenoemde informanten in landen. Die informanten geven misstanden en dergelijke in de journalistiek door aan het VZG hoofdbureau in het Franse Parijs. De vraag kan gesteld worden hoe betrouwbaar, objectief en geloofwaardig de informanten zijn. Voor Suriname is die informant Ivan Cairo, journalist bij een van de grote landelijke dagbladen, De Ware Tijd. Het is ook deze journalist die Leeuwin heeft geïnterviewd voor de editie van 26 januari. In dat interview zegt de voorzitter van de SVJ te hopen dat VZG ‘zich in de toekomst breder oriënteert over de situatie in Suriname, met meerdere journalisten praat en niet slechts afgaat op de afwezigheid van fysiek geweld tegen journalisten of mediahuizen. Ook de subtielere zaken die fnuikend zijn voor de persvrijheid moeten in de beoordeling worden meegenomen.’Leeuwin heeft feitelijk VZG via Cairo al direct benaderd...... Maar, wat of wie belet de SVJ om zelf informatie over persvrijheidissues in Suriname te melden bij VZG? Als de SVJ casu quo Wilfred Leeuwin zoveel belang eraan hecht dat VZG informatie ontvangt uit Suriname en dat Suriname op een meer realistische plaats komt te staan in de wereldranglijst van persvrijheid, dan zou de Surinaamse journalistenvereniging zelf contact op kunnen nemen met VZG en geen passieve houding aannemen.

Verbale intimidatie journalisten zou zijn toegenomen
Inhoudelijk gaat VZG niet in op de vraag waarom Suriname op de wereldranglijst van persvrijheid dertien plaatsen is geklommen naar plaats tweeëntwintig. In één zin wordt geschreven dat Suriname, zoals Canada, Jamaica en de zeven leden tellende Organisatie van Oost Caribbische Staten, haar nieuwe positie te danken heeft aan het feit dat er geen gewelddadige incidenten zijn geweest waarbij journalisten betrokken zijn geweest en aan verbeteringen in de vrijheid van informatie. In de op 26 januari uitgegeven verklaring reageert de SVJ hierop alsvolgt: ‘Op zich klopt dit en mogen we verheugd zijn dat ‘ook’ in 2011 geen enkele journalist vanwege zijn of haar werk is mishandeld, voor het gerecht is gedaagd of vermoord. Maar voor de SVJ is dat juist de reden waarom 2011 aangemerkt kan worden als het jaar waarin de persvrijheid wel degelijk onder druk is komen te staan. Juist in dat jaar is er verschil te merken en kan een vergelijking gemaakt worden met voorgaande jaren.’
Volgens de SVJ is in 2011 de communicatie tussen de overheid en de vrije media juist verslechterd. ‘De overheid kiest er eerder voor zelf gedoceerde informatie te verstrekken aan de gemeenschap. In 2011 zijn de mediabedrijven Dagblad Suriname en het avondblad De West, waar journalisten werken, vanuit de overheid belemmerd en beknot in de uitoefening van hun werk. In 2011 is de verbale intimidatie naar journalisten toe toegenomen’,aldus Leeuwin. In welke zin die verbale intimidatie is toegenomen, vermeldt Leeuwin niet.



Suriname en VZG
De SVJ hoopt dat VZG de situatie rond persvrijheid in Suriname voor haar jaarlijkse wereldranglijst werkelijk herziet en zich in de toekomst beter laat informeren vanuit Suriname over misstanden en dergelijke in de journalistiek. Hiertoe zou wellicht VZG een andere Surinaamse informant moeten krijgen. Met de verontschuldigingen van de organisatie is in ieder geval een goede zet geplaatst.

Op de internetsite van de organisatie worden overigens slechts drie journalistieke incidenten in Suriname vermeld, waarvan één ook nog eens – hoe opmerkelijk – direct betrekking heeft op haar eigen informant Ivan Cairo:

Mei 2007
Op 10 mei mocht het STVS actualiteitenprogramma Suriname Vandaag van de staatszender niet worden uitgezonden, onder druk van de toenmalige vice-president Ram Sardjoe en onder druk van Chinese diplomaten in Paramaribo. Feitelijk dus onder druk van de regering Venetiaan. Het programma zou gaan over de relatie tussen China en Taiwan. De producer en redacteur van het programma was Nita Ramcharan die  graag had gezien dat het programma was uitgezonden. Een van de journalisten die de Chinese ambassadeur had geïnterviewd kreeg later dreigtelefoontjes van diplomaten.

November 2009
VZG is bezorgd over dreigtelefoontjes op 7 november aan het adres van journalist Ivan Cairo van De Ware Tijd. De telefoontjes werden in verband gebracht met een serie artikelen over de verdwijning van negentig kilo inbeslaggenomen cocaïne uit een politiebureau in Paramaribo. De VZG-website laat met betrekking tot dit incident weten: ‘Cairo is also the Reporters Without Borders Surinam correspondent.’ Cairo verklaarde tegenover VZG een telefonische boodschap te hebben ontvangen waarin hij gewaarschuwd werd om uit te kijken. Suriname stond in 2009 op plaats tweeënveertig van de wereldranglijst van persvrijheid.

Augustus 2010
VZG laat op de dag van de inauguratie van president Bouterse weten dat die installatie niet mag betekenen dat hij onschendbaar wordt voor de moord op journalisten. Onder de vijftien doodgeschoten democratische activisten in de nacht van 8 december 1982 bevonden zich vijf journalisten: Andre Kamperveen, eigenaar en manager van Radio ABC, Frank Wijngaarde, een Radio ABC verslaggever, en drie schrijvende journalisten, Leslie Rahman, Bram Behr en Jozef Slagveer.  VZG: ‘Net als Zuidamerikaanse buurlanden van wie de regeringen veel in het werk hebben gesteld om mensenrechtenschendingen in het verleden niet te vergeten, zo moet de nieuwe regering van Suriname begrijpen dat een verkiezing of amnestie problemen uit het verleden niet kan oplossen.’

De mishandeling begin juni 2010 van de Nederlandse journalist Armand Snijders, onder andere oud-hoofdredacteur van het Surinaamse maandelijkse magazine Parbode, was niet belangrijk genoeg voor VZG om te vermelden op de website van de organisatie. Waarschijnlijk werd de mishandeling ook niet bij de organisatie door haar informant Cairo gemeld...  Snijders werd door een terreinwagen ‘s morgensvroeg van zijn bromfiets gereden en vervolgens geslagen en geschopt. Volgens Armand zouden zijn belagers hem hebben ‘gezegd’ dat hij  'op moet houden met het schrijven van rotzooi in Parbode'. Met gebroken ribben, een op drie plaatsen gebroken sleutelbeen en schaafwonden over zijn hele lichaam kwam hij in een ziekenhuis terecht. Zowel de de Nederlandse Vereniging van Journalisten, NVJ, als de SVJ veroordeelden de mishandeling van Snijders. Het was overigens de vierde keer dat Snijders werd mishandeld. De mishandeling in juni 2010 werd door VZG niet  vermeld in haar volledig jaaroverzicht........

Uit dit overzichtje zou afgeleid kunnen worden dat het met de persvrijheid in Suriname prima is gesteld. Slechts drie ‘ernstige’ incidenten in een paar jaar. Maar, het is opmerkelijk te noemen dat bijvoorbeeld de ernstige mishandeling van Snijders niet wordt vermeld.

Wat weegt zwaarder voor een VZG-informant: een ‘simpel’ dreigtelefoontje aan je eigen (lees: informant) adres of het een ziekenhuis in slaan van een journalist vanwege zijn werk....? Hoe objectief, selectief en onafhankelijk is die ene informant van VZG en hoe goed zou het zijn wanneer het aantal informanten in Suriname drastisch zou worden uitgebreid?


Noot Kraaijer:
Verslaggevers Zonder Grenzen heeft 27 januari 2012 erkend dat de ranking van Suriname op de wereldranglijst van persvrijheid foutief is, aldus bericht het Dagblad Suriname een dag later.

In De Ware Tijd van 28 januari 2012 is in een artikel over 'het gedoe' over de ranking onder andere het volgende te lezen, waarin bevestigt wordt dat dWT journalist Ivan Cairo nog steeds de informant is in Suriname voor Verslaggevers Zonder Grenzen:
'(...) SVJ-voorzitter Wilfred Leeuwin heeft, nadat hij contact zocht met RSF, een brief ontvangen van de organisatie. “Ik moet erkennen dat mijn persoonlijke gegevens over Suriname duidelijk onvolledig zijn”, schrijft Benoît Hervieu van RSF in zijn reactie op de brief van Leeuwin. Verder zegt hij dat het gebrek aan contacten verklaart dat er een onvolledig beeld bestaat. “Ik zou u willen toevoegen als mijn contactpersoon.” Verschuiving Tijdens een telefonisch interview met ‘Bakana Tori’ op Radio SRS daagde RSFcontactpersoon Ivan Cairo eenieder uit om de enquêtelijst op een andere manier in te vullen. “Misschien eindigen we als land dan nog hoger!”

Cairo nam de gelegenheid op de uniforme vragenlijst van RSF door te nemen en daarmee aan te tonen dat de antwoorden op iedere vraag niet in twijfel gebracht konden worden. Daarbij is het zo dat de waardering van andere landen ook een rol spelen in de lijst. “Wanneer de situatie in landen die voorheen hoog scoorden verslechterd is, zakken zij en er vindt een verschuiving plaats op de hele lijst.” (...)'

Maar tot heden heeft geen enkele journalist in Suriname collega Ivan Cairo kritische vragen gesteld over wat hij zoal wel en niet meldt als informant voor Verslaggevers Zonder Grenzen aan deze organisatie......

Overigens besteed, uiteraard, ook Starnieuws op 28 januari 2012 weer aandacht aan de kwestie. Hierin komt de informant voor Verslaggevers Zonder Grenzen, Ivan Cairo, uitgebreid aan het woord.
Hij moet gewoon zijn taak als informant serieuzer nemen...hij komt nu behoorlijk hypocriet en haast verdedigend over en bekritiseert zijn 'eigen' VZG en dan druk ik me nog netjes uit......

Het Assembleelid en oud-journalist Melvin Bouva reageert als mostert na de maaltijd op 31 januari 2011 via het Dagblad Suriname op de ontstane commotie over de klassering van Suriname op de wereldranglijst van persvrijheid, daarbij ongetwijfeld gestimuleerd door zijn verleden als mediaman:

Bouva: “Surinaamse journalisten hebben machtige positie”

Parlementariër Melvin Bouva (NDP/Megacombinatie) vindt het zeer positief dat Suriname van de 36ste plaatst in 2010 naar de 22ste positie in 2011 is gegroeid op de wereld persvrijheidsladder van ‘Reporters Without Borders’.

“In Suriname bestaat er duidelijk geen gevaar voor journalisten om hun werk te doen. Ze hebben integendeel een machtige positie en moeten daar goed gebruik van maken om de bevolking te informeren”, zegt het DNA-lid.

Bouva is van mening dat voorzitter Wilfred Leeuwin van de Surinaamse Vereniging voor Journalisten (SVJ) emotioneel heeft gehandeld bij het bekritiseren en onder de noemer ‘discutabel’ plaatsen van het internationale persvrijheidsrapport.
“Zijn argumentatie dat 'Reporters Without Borders’ slechts één journalist heeft geïnterviewd om te komen tot het eindresultaat en dat journalistiek bedrijven in Suriname juist moeilijker is geworden, is zwak, want ik heb de vragenlijst gezien en ook al hadden 100 journalisten het beantwoord, ze zouden niets anders dan ‘ja’ of ‘nee’ kunnen invullen”, aldus de parlementariër.

Daarnaast vindt Bouva dat persvrijheid meer heeft te maken met de individuele beperkingen die een journalist/verslaggever ervaart om een regeringsfunctionaris te bereiken. “Het heeft ook te maken met hoe hoofdredacteuren het nieuws in zijn juiste of onjuiste vorm doorlaten en met wetten de journalistiek rakende”, aldus Bouva.

Het Megacombinatie-lid is ervan overtuigd dat de regering Bouterse/Ameerali de pers niet onder druk wenst te zetten, zoals de SVJ wil doen overkomen. Hij onderbouwt dit door te stellen dat de huidige regering in de eerste instantie verbeteringen heeft aangebracht voor de media bij de wekelijkse persontmoetingen.

De wekelijkse persontmoetingen zijn in een ander jasje gegoten met instemming van hoofdredacteuren en er zijn geen wetten gemaakt om de journalistiek te beperken. Daarnaast worden journalisten niet ontvoerd of vermoord. De samenleving is in het verleden ook nimmer zou nauw geweest bij de informatie van de regering. De regering Bouterse zorgt op agressieve manier voor informatievoorziening naar de samenleving toe”, aldus Bouva die vindt dat de groei naar de 22ste plek op de wereldpersvrijheidsladder Suriname moet stimuleren om vrije meningsuiting meer ruimte te geven.

Ondertussen heeft Reporters Without Borders, nadat de SVJ in stelling is gekomen, besloten om het onderzoek naar persvrijheid in Suriname opnieuw te doen. “Toch vind ik dat de reactie van de SVJ eenzijdig en geen objectief beeld geeft.”

zaterdag 21 januari 2012

Journalistieke ethiek ver te zoeken bij Times of Suriname

Times of Suriname gaat nog steeds over lijken

21-01-2012  door: Paul Kraaijer


Op de voorpagina van de Times of Suriname vandaag in kleur een foto van het eerste dodelijke verkeersslachtoffer van 2012: een man zonder vaste woon- of verblijfplaats van achteren aangereden door auto op brug van de Grote Combeweg....

Waarom zo'n foto??
Wat is de journalistieke meerwaarde?

Totaal respectloos en journalistieke ethiek is bij deze krant ver te zoeken....

Wanneer wordt journalistieke ethiek eens aan de kaak gesteld door de beroepsorganisatie SVJ (Surinaamse Vereniging van  Journalisten) of weet de SVJ niet wat journalistieke ethiek is.....??

maandag 16 januari 2012

Het bestrijden van de denguemuskiet door het BOG met ladingen insecticiden helpt niet

Opinie:
Alleen gedragsverandering bij de mens kan muskiet verdrijven

16-01-2012  door: Paul Kraaijer


Medewerkers van het BOG (Bureau Openbare Gezondheidszorg) gingen bij mij in de buurt maandagavond, 16 januari, flink tekeer met het spuiten van insecticiden tegen de denguemuskiet. De kracht waarmee het gif vanaf een pickup de lucht in werd geblazen was zefs hoorbaar. Maar, dat helpt geen moer. Voor korte tijd kunnen de insecten worden gedood, maar nieuwe keren snel terug.

Daarenboven verspreiden de insecticiden een voor de mens zeer irritante stank. De stank van de giftige stof die door medewerkers van het BOG de lucht in wordt geblazen, dringt je woning binnen. Gericht gespoten wordt er niet. Muskieten blijven vrolijk overal rond vliegen.

Ja, de muskiet keert terug.

Waarom?
Omdat u, de mens, daarvoor zorgt.
De muskiet kan alleen verdreven worden door een verandering van het gedrag van de mens.
De mens moet stoppen met het dumpen van huishoudelijk- en grofvuil en beginnen met het schoonmaken van de eigen trenzen en percelen. Verwijder voorwerpen die stilstaand water kunnen bevaten, want dat zijn immers de broedplaatsen van de denguemuskiet.

De overheid zou moeten beginnen met het krachtig 'aanspreken' van eigenaren van leegstaande, overwoekerde percelen. Veelal verblijven die eigenaren in het buitenland. Een enkeling huurt iemand in om nu en dan het lege perceel schoon te maken, te onderhouden. Ook dat soort overwoekerde percelen is een broedplaats van onder andere de hinderlijke denguemuskiet.

Begin bij u zelf, begin op uw eigen perceel met een schoonmaak en de muskiet verdwijnt. Wat het BOG doet is een schadelijke, tijdelijke, oplossing.

Noot Kraaijer:
Het artikel is 17 januari 2012 geheel gepubliceerd op de Surinaamse nieuwswebsites NoSpang en GFC Nieuws.

dinsdag 27 december 2011

Justitie in actie tegen goudzoekersponton op stuwmeer - Geen openheid over eigenaar ponton

Gerold Dompig blikt terug in Mmanten Taki

27-12-2011 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - De voorzitter van de presidentiële commissie Ordening Goudsector, Gerold Dompig, blikt tevreden terug op 2011, het eerste actieve jaar van zijn commissie. Hij deed dat in het ochtend tvprogramma Mmanten Taki van de STVS.

Actie tegen goudponton
In het programma onthulde hij dat vandaag, 27 december 2011, actie wordt ondernomen tegen de eigenaar van een goudponton op het stuwmeer. Leden van de commissie gaan zelf polshoogte nemen. Enige tijd terug bleek het ponton zich op het meer te bevinden, maar na ingrijpen door de commissie – gealarmeerd door onder andere Assembleeleden – verdween het ponton. Afgelopen week bleek het goudponton zich toch weer op het stuwmeer te bevinden. ‘De ondernemer is bij de commissie bekend, maar in het kader van privacy maken wij niet bekend wie het is. Het is verboden om uit het stuwmeer goud te winnen. De eigenaar is dan ook in overtreding. Hij zal geen toestemming krijgen om daar werkzaamheden te mogen verrichten. Inmiddels is de Procureur Generaal ingeschakeld om via dwang de pontoneigenaar te dwingen het meer te verlaten.’

Registratie
Volgens Dompig zijn er in 2011 ruim 10.000 goudzoekers door de commissie geregistreerd. Hij is tevreden over de registratie. In totaal zijn er ongeveer 30.000 goudzoekers actief. Verder liet Dompig weten dat zo’n 200 machinehouders zijn geregistreerd. Deze mensen moeten nu belasting betalen. ‘De staat ontvangt dus nu inkomsten die indirect zijn voortgekomen uit de werkzaamheden van de commissie. Onze begroting in 2011 was tussen de 10- en 14.000 srd', aldus Dompig.

Bezochte goudvelden
Onlangs heeft de commissie Benzdorp ‘geordend’. ‘De ordening verliep rustig en naar tevredenheid’, aldus Gerold Dompig. ‘Maar, er moet nog veel in dit goudzoekersdorp gebeuren. Zo zijn er ongeveer 2.500 illegale Brazilianen aan het werk en die moeten binnenkort een traject in gaan om gelegaliseerd te worden. Daarnaast zijn er serieuze problemen, zoals de milieuverontreiniging door het gebruik van kwik, er is geen elektriciteit en er is prostitutie. Het Bureau Openbare Gezondheidszorg en andere instanties moeten in Benzdorp aan het werk om de leef- en werksituatie gezonder te maken.’
Over Maripaston verklaarde Dompig dat de algemene situatie daar nu rustig is, maar dat de problemen nog niet helemaal zijn opgelost.
In 2012 moeten nog de goudvelden te Saramacca, Kraboedoin en Sarakreek door de commissie worden bezocht en geordend.

maandag 19 december 2011

Foutencircus bij De Ware Tijd door incompetente hoofdredactie

Falende hoofdredacteur heeft geen oog voor kwaliteit

19-12-2011 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Met plezier en instemming lees ik eindelijk het boek ‘Het komt nooit meer goed’ van de eigenzinnige en goedgebekte drs. Julian S. With. Het in eigen beheer uitgegeven driehonderdenvierenveertig pagina’s tellende amusante boek, leidde een aantal maanden geleden in Suriname tot de nodige felle reacties. With was in september naar Suriname gereisd om tijdens een paar lezingen zijn boek te promoten en te verkopen. Vooral de toonzetting van With en zijn directe en nuchtere wijze van benadering van zaken oogsten nogal wat kritiek. Veel Surinamers zijn niet gewend aan kritiek en kunnen er nauwelijks mee omgaan. Toch, wie even de moeite neemt om door de ongenadige toonzetting van With te prikken, kan niet anders dan concluderen dat de man het simpelweg bij het rechte eind heeft.

De Ware Tijd amateuristisch
Ik wil mij hier – logischerwijs – beperken tot het hoofdstuk ‘Meredith Helstone: de incompetentste en onbeschaafdste hoofdredacteur die De Ware Tijd ooit gehad heeft’. Het hoofdstuk lezende kan ik een bevestigende glimlach niet onderdrukken. With heeft gelijk met zijn uitgesproken kritiek op de inhoudelijke kwaliteit van deze krant en de hoofdredactionele kwaliteiten van Helstone.
Hij somt een scala van fouten op die – werkelijk – dagelijks terug te vinden zijn in De Ware Tijd. Dat aantal fouten doet vermoeden dat de krant niet beschikt over een adequate hoofdredacteur en/of eindredacteur. Een aantal malen heb ik mij – eigenlijk naief tegen beter weten in - via email opgeworpen als kandidaat sollicitant voor de functie van eindredacteur. Ik heb immers de ‘arrogante’ gedachte er zeker van te zijn dat het aantal fouten in De Ware Tijd dagelijks drastisch zal dalen zo niet geheel zal verdwijnen als ik eindredacteur zou zijn. Maar, nooit heb ik welke reactie dan ook mogen ontvangen.

Meredith Helstone wil kennelijk haar krant laten voortmodderen op het huidige amateuristische niveau, waarbij het zorgdragen voor een goede inhoudelijke kwaliteit kennelijk niet in de taakomschrijving van de hoofdredacteur voorkomt. Nog afgezien van de dagelijkse hoeveelheid fouten in de krant, is er totaal geen sprake van kritische, onafhankelijke (onderzoeks)journalistiek. Zo heeft bijvoorbeeld tot heden geen enkele journalist op kritische wijze bericht over de Amerikaanse goudmijnmultinational Newmont die op dit moment onderhandelingen met de Surinaamse regering voert over haar plannen om twee goudmijnen op te zetten in het Nassau Gebergte, dat een unieke biodiversiteit rijk is. Geen enkele journalist heeft bericht over de problemen die Newmont nu ondervindt in Peru, Ghana, Indonesië en Australië. Kennelijk mag de gewone Surinamer niet geïnformeerd worden over het schenden van rechten van inheemsen door Newmont en het aanrichten van aanzienlijke milieuschade. Suriname mag niet weten wat haar wellicht te wachten staat.

Journalistiek beoefenen moet hobby zijn
Ook bekruipt mij wel het eens het gevoel dat de journalist van een artikel nauwelijks begrijpt wat hij of zij zelf heeft geschreven, zoals berichtgeving over CO2-compensatiegelden en REDD+. Zelden tot nooit wordt door een journalist in begrijpelijke taal aan de lezer uitgelegd wat bijvoorbeeld REDD+ is., waarschijnlijk niet omdat de journalist het zelf niet kan uitleggen, het zelf niet begrijpt. Verder wordt met regelmaat bewust of onbewust verzuimd om bij overname van artikelen uit andere, buitenlandse, media de nieuwsbronnen te vermelden.

Surinaamse journalisten werken tijdens kantooruren: daarna wordt de journalistiek uit het oog verloren, wordt niet gewerkt aan artikelen, wordt geen onderzoek gedaan. ‘Daar word ik niet voor betaald’, zal de reactie van menig Surinaams journalist zijn. Ik ben opgegroeid met het motto dat een journalist vierentwintig uur per dag en zeven dagen in de week journalist is. Het werk moet een hobby zijn. Je moet het leuk vinden om mensen van nieuws te voorzien en nieuwsvoorziening stopt niet om drie- of vier uur ’s middags of je dat nu doet als journalist, blogger of 'gewoon' schrijver zoals ik.

Ongenadig
In zijn boek krijgt Helstone er van With ongenadig, maar wat mij betreft terecht, van langs.
With: ‘(...) Helstone is een ramp voor De Ware Tijd, omdat ze de deskundigheid mist om slecht geschreven artikelen af te keuren, dus worden de lezers bijna dagelijks geconfronteerd met artikelen in die krant die zelfs door een eerstejaarsstudent journalistiek zouden worden geweigerd. (...) Die weigert artikelen van goede schrijvers en biedt ruimte aan anderen die koeterwaals produceren. (...) Ridicule fouten in artikelen van medewerkers en publicisten in de krant zijn niet goed te praten. Toch komen die eerder in aanmerking voor vergiffenis dan de blunders in de redactionele commentaren waarvoor Helstone direct verantwoordelijk is.
Vanwege haar taalhandicap verwordt het belangrijkste onderdeel van de krant tot een lachwekkend product. (...) Als ik een hele jaargang van de krant kritisch zou lezen, dan zou ik honderden pagina’s kunnen vullen met de krakkemikkige taal die onder het hoofdredacteurschap van mevrouw Meredith Helstone in de redactionele commentaren van de krant gepubliceerd wordt. (...)’

Belabberde kwaliteit
De kritiek van With op de hoofdredacteur van De Ware Tijd mag dan wellicht wat ongenuanceerd overkomen en kort door de bocht, maar in essentie legt hij zijn vinger op de zere plek: journalistiek in Suriname staat nog in de kinderschoenen. Inhoudelijke kwaliteit is ver te zoeken, zo niet onvindbaar. Prijsschieten op fouten. Niet openstaan voor bijdragen van goede journalisten en voor goede objectieve en onafhankelijke journalistiek.
Zolang kranten als De Ware Tijd daar niet voor openstaan, zolang blijven die kranten aanmodderen en een belabberde kwaliteit leveren.

Wat mij betreft verschijnt in een eventuele herdruk van het boek van With een soortgelijk hoofdstuk, maar dan over de hoofd- of eindredactie van en inhoud van de Surinaamse nieuwswebsite Starnieuws.....

vrijdag 16 december 2011

Niets en niemand houdt Suralco/Alcoa uit Nassau Gebergte

Opinie - Suriname plaatst zich buiten de werkelijkheid

16-12-2011 door: Paul Kraaijer


Tijdens een aantal informatiebijeenkomsten in het land heeft het bauxietmijnbedrijf Suralco/Alcoa belangstellenden geïnformeerd over de uitkomsten van de Environmental and Social Impact Assessment (ESIA) van haar Nassau Project. Tijdens de bijeenkomsten stond vooral centraal de geplande aanleg van een ruim honderdenvier kilometer lange transportweg van de geplande bauxietmijn op het Nassau Plateau in het Nassau Gebergte naar de raffinaderij te Paranam.

Surinaamse media hebben niet tot nauwelijks inhoudelijk over de bijeenkomsten bericht.

Vermeende onafhankelijkheid ERM
Suralco/Alcoa gaf, samen met het Amerikaanse consultancybureau Environmental Resources Management (ERM), een toelichting op het door het bureau opgestelde ESIA-rapport. We kunnen er vanuit gaan dat het bedrijf niets doet met de tijdens de bijeenkomst door aanwezige belangstellenden gemaakte kritische opmerkingen. Immers, de geplande voor het bedrijf belangrijke bauxietmijn gaat er komen, koste wat het kost.

Opmerkingen van ERM over haar onafhankelijkheid tijdens de bijeenkomst, kunnen uiteraard met een grote korrel zout worden genomen. Een milieurapport opgesteld door het door Suralco/Alcoa zelf ingehuurde bureau ERM, doet vermoeden dat dat rapport niet als objectief en onafhankelijk kan worden beschouwd. Niemand verwacht dat ERM een rapport presenteert waarvan de inhoud nadelig zou zijn voor opdrachtgever Suralco/Alcoa.

Schande
Het is jammer dat Suralco/Alcoa ongestoord en ongehinderd door wie of wat dan ook haar bauxietmijnplannen in het unieke Nassau Gebergte kan voortzetten. Het is eigenlijk een schande dat er nauwelijks verzet tegen de plannen is.
Natuurbeschermingsorganisaties houden zich muisstil.
Wellicht durven ze niet te ageren tegen bedrijven als Suralco/Alcoa.
Wellicht zijn ze bang voor verstoring van de goede relatie met de regering.
Wellicht is geld ook voor deze organisaties belangrijker dan werkelijke bescherming van de Surinaamse biodiversiteit.
Suriname is wereldwijd tijdens allerlei internationale bijeenkomsten aan het lobbyen om compensatiegelden te mogen ontvangen voor het door de regering gevoerde vermeende duurzame bosbeheer.
Maar, hoe verhoudt dat lobbyen zich met de ophanden zijnde mijnbouwplannen in het Nassau Gebergte? Hoe is het mogelijk dat diezelfde regering gaat toestaan dat een gebied, dat rijk is aan een unieke biodiversiteit, getroffen gaat worden door aanzienlijke vernietiging van die biodiversiteit door bedrijven als Suralco/Alco en het Amerikaanse Newmont dat twee goudmijnen in het gebied wil gaan exploiteren?? Suriname plaatst zich hiermee in het wereldwijde spectrum van natuurbeheer en bosbehoud buiten spel en buiten de werkelijkheid.

Immers...
Ja, natuurlijk bauxiet en vooral goud zijn belangrijke bronnen van inkomsten voor Suriname. Maar, het land, de regering, zou er beter aan doen om bijvoorbeeld te investeren in de toeristensector, de agarische- en tuinbouwsectoren in het verlengde daarvan het tropisch regenwoud te beschermen.
Immers, die sectoren kunnen zorgen voor een aanzienlijke instroom van buitenlandse valuta.....
Immers, die sectoren hebben toekomst.
Immers, binnen een aantal jaren zijn zowel Suralco/Alcoa als Newmont uitgemijnd in het Nassau Gebergte en blijft een groot vernietigd stuk natuur over en is de biodiversiteit onherstelbaar beschadigd.

Suriname wordt wakker en bescherm uw unieke biodiversiteit.

dinsdag 15 november 2011

Vogelsmokkelaars Suriname volhardend, ondanks grote pakkans

Doos waarin twa twa's en picolets zaten, A.J. Pengel luchthaven
(De Ware Tijd, 16 juli 2008)
Geld belangrijker dan welzijn vogels 

‘Smokkel niet nodig’

15-11-2011 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Met regelmaat voorkomt de douane op de Surinaamse nationale luchthaven Johan Adolf Pengel de smokkel uit het land van een partij vogels. De voorlopig laatste vangst was begin oktober, toen een partij van achtendertig vogels werd onderschept, waaronder een zeldzame oranje rotshaan. Ondanks de grote pakkans proberen nog steeds mensen allerlei vogelsoorten op al dan niet ‘creatieve’ wijze het land uit te smokkelen. Vaak is alleen geld de grootste drijfveer voor de smokkelaars. Maar, in Nederland blijkt er onder Surinaamse vogelliefhebbers ook nog steeds vraag te zijn naar Surinaamse wildvang, ondanks een importverbod. De vogels worden vooral gebruikt voor populaire zangwedstrijden.

Volgens Suniel Chedie, voorzitter van het landelijk bestuur van de Nederlandse vereniging ‘Surinaamse Zangvogels in Nederland’ – en bestuurslid bij een Surinaamse vogelvereniging in Amsterdam - blijft er altijd een groepje bestaan dat van mening is dat ‘wildzang’ het beste is en dat daar veel geld voor wil neertellen. Chedie: “Daarnaast zie je ook een trend dat de mensen die de vogels smokkelen, dit vaak doen voor geld om hun ticket te kunnen financieren of om het volgende ticket naar Suriname te kunnen betalen. Ze nemen vaak grotere partijen mee en gaan er vanuit dat er een aantal vogels in leven blijft, zodat ze aan hun geld kunnen komen. Het wel en wee van de vogels is geen issue. Vanuit het landelijk bestuur in Nederland keuren we elke vorm van smokkel van zangvogels af.’

De officiële import van vogels uit Suriname naar de Europese Unie is al een paar jaar verboden. Alle in Suriname in het wild gevangen vogels, waaronder diverse zangvogeltjes zoals de picolet, rowti en de met uitsterven bedreigde twa twa, mogen Nederland niet meer in. Een van de meest belangrijke redenen voor het Europese importverbod is de grote sterfte onder gesmokkelde vogels tijdens de lange vlucht uit Paramaribo. Meer dan de helft van de diertjes komt niet levend op de bestemming aan. Volgens Chedie heeft het importverbod onder andere tot gevolg dat de broed- en kweekprogramma’s in Nederland succesvoller zijn geworden. “De kweek is absoluut niet moeilijk. In het verleden was het wel zo dat de pioniers van het broeden niet alle kennis wilden delen met anderen. Dit is de afgelopen vijf tot acht jaar behoorlijk veranderd. Persoonlijk ben ik in 2009 begonnen met het broeden van twa twa's en rowties. Ik ben inmiddels verrijkt met vijftien twa twa's en twintig rowties. Veel van deze vogels heb ik doorverkocht aan andere vogelvrienden die ze wilden hebben. Vele vogelvrienden vinden het gemak om een vogel direct te kopen interessanter, dan extra moeite te doen om iets moois te zien groeien en bloeien”, aldus Chedie. Een rondje op het internet toont snel aan dat er toch nog steeds mensen in Nederland zijn die kweken met wildvang en dat zijn dus uit Suriname gesmokkelde vogels. Zo laat ene Ruud in maart 2009 op de website vogelarena.com weten, dat hij meerdere paren picolets heeft gehad en verschillende jongen heeft gekweekt. ‘Alle paren waren wildvangvogels’, aldus Ruud. ‘Het geheim van het goed groot krijgen van jonge vogels ligt naar mijn mening aan de goede kwaliteit van miereneieren. Ik heb wel eens een partij gekocht die ontdooid is geweest en opnieuw ingevroren. Deze eitjes plakken aan elkaar en worden door de vogels niet een voor een opgepikt en zijn snel uitgedroogd in het bakje. Toen ik weer goede miereneitjes had kwamen de jongen ook weer op stok. Het waren wildvangvogels en die namen geen eivoer op.’

Surinamers in Nederland zijn bereid om zeer veel geld neer te leggen voor een klein Surinaams zangvogeltje. Volgens Chedie is de prijs sterk afhankelijk van soort, zang en of het een echte wedstrijdvogel is. “Voor een twa twa, picolet of rowtie wordt al snel circa 750 euro betaald, voor een wedstrijdexemplaar rond de 2.500 euro en voor een twa twa, picolet of rowtie die zijn zangkunsten al bewezen heeft ligt de prijs nog hoger. “ Zo’n tachtig procent van de kwekers in Nederland kweekt Surinaamse vogels speciaal voor de zangwedstrijden, aldus Chedie.
 
Partij onderschepte vogels op A.J. Pengel luchthaven (De Ware Tijd, 5 mei 2009)

Hoe kan een koper van een Surinaamse vogel weten dat zijn aankoop geen wildvang is geweest? Chedie: “In Nederland worden de kweekvogels geringd. Alle kweekers kunnen lid worden van de vogelbond en daar voor een paar dubbeltjes een zogenoemde vaste ring bestellen. Op de ringen staan de gegevens van de kweker. Deze vaste ringen kun je alleen aanbrengen als de vogels heel jong zijn, zo tussen de vijf en zeven dagen. Daarna is het niet mogelijk een vast ring aan te brengen. De pootjes van de vogels zijn dan niet meer flexibel. Natuurlijk zijn er ook kwekers die geen ringen gebruiken, maar deze zijn op één hand te tellen. Alle vogels die geen vaste ringen hebben, worden als wildvang bestempeld. Het komt ook wel voor dat vogelvrienden de ringen afknippen, om zodoende te laten zien ofwel te showen dat ze een wildvang hebben in plaats van een broed. Ik weet niet wat de kick hiervan is.”

Af en toe bevindt zich onder een partij gesmokkelde vogels zelfs een oranje rotshaantje. Dat is een zeer opvallende en zeldzame vogel. Vaak zijn het, aldus Suniel Chedie, niet Surinaamse Nederlanders, Duitsers en Belgen die graag zo'n vogeltje willen.

In Nederland zijn naar schatting van Chedie op dit moment ongeveer 5.600 Surinaamse vogels. Hij baseert dat aantal op het feit dat ieder lid van een Surinaamse vogelvereniging – er zijn circa 600 actieve leden - gemiddels zes vogels thuis heeft. Daarbij telt Chedie zo’n 2.000 vogels van zogenoemde niet-actieve leden. Chedie: “Vrijwel alle leden zijn van Surinaamse origine. Ik ken hooguit tien leden van niet-Surinaamse origine.”

Gelet op het aantal Surinaamse vogelliefhebbers en het aantal Surinaamse vogels in Nederland, rijst de vraag of smokkel uit Suriname van zangvogels niet wat onzinnig is. Suniel Chedie reageert hierop kort en duidelijk: “Smokkel is absoluut niet nodig, gezien de vele vogels die reeds aanwezig zijn en de succesvolle broedprogramma’s in Nederland.”


Een overzicht van smokkelpogingen tussen 2007 en heden:

29 augustus 2007 – Vier picolets en zes twa twa’s onderschept
Tien zangvogels – vier picolets en zes twa twa’s – zijn inbeslaggenomen op de Johan Adolf Pengel luchthaven. De afdeling Natuurbeheer van de dienst ‘s Lands Bosbeheer van het ministerie van Ruimtelijke Ordening, Grond- en Bosbeheer heeft de vogels in het openbaar geveild.

Eind mei 2008 – 81 Surinaamse vogels ontdekt op Schiphol
De douane onderschept op de luchthaven Schiphol 81 Surinaamse zangvogels uit Suriname. Nog nooit eerder heeft de douane zo’n grote partij ontdekt. De vogeltjes zaten in kistjes in twee grote sporttasen, onder allerlei groenten. Zeventien vogels zijn tijdens de vlucht overleden en zes na aankomst. De tassen zaten in het vrachtruim waar het in de lucht min veertig graden celcius wordt.

20 mei 2008 – Zeven rowti’s en een jack in beslag genomen – Smokkelaar kan eigen vogels op veilig terugkopen....
De douane op de Johan Adolf Pengel luchthaven neemt negen zangvogels in beslag. Een man trachtte de zeven rowti’s en twee jacks naar Nederland te smokkelen. Stukken voor uitvoer ontbraken. De afdeling Natuurbeheer van de dienst ’s Lands Bosbeheer heeft de vogels geveild. Opmerkelijk was het dat de smokkelaar persoonlijk op de veiling aanwezig was. De man kon zelfs zes van de vogels (vijf rowti’s en een jack) terug kopen. Hij betaalde voor de zes vogels een bedrag van 1.010 Surinaamse dollars. (in euro’s op 11 november 2011 223,72)

14 juli 2008 – Twee twa twa’s en een picolet op Johan Adolf Pengel ontdekt in bagage
De Militaire Politie neemt op de Johan Adolf Pengel luchthaven drie zangvogels in beslag van een man die deze het land uit probeerde te smokkelen in een klein zuurstof doorlaatbaar doosje in zijn koffer. De zangvogels, twee twa twa’s en een picolet, werden overgedragen aan de dienst ’s Lands Bosbeheer. Voor de uitvoer van de vogels ontbraken de nodige documenten. De vogels werden openbaar geveild. De opbrengst was ruim 7.000 Surinaamse dollars. De smokkelaar kreeg een boete van 4.000 Surinaamse dollars.

12 augustus 2008 – Vier picolets onderschept op luchthaven
Op de Johan Adolf Pengel luchthaven zijn vier tamme picolets in beslag genomen van een buitenlander. De vogeltjes werden door de dienst ’s Lands Bosbeheer geveild.

8 september 2008 – Surinaamse siervogels in koffer op Schiphol
Controlediensten op de luchthaven van Schiphol nemen een partij beschermde siervogels in beslag. Ze zaten verstopt in een koffer die met een vlucht uit Suriname was meegekomen. Tegen drie Nederlandse vrouwelijke verdachten, die elke betrokkenheid bij de smokkel ontkennen, werd proces-verbaal opgemaakt. Medewerkers van de douane vonden de vogels in kleine transportkooitjes in een koffer van de drie vrouwen. De diertjes moesten het stellen zonder zitstok, water en voer. Vier van de vogels, twee oranje rotshanen en twee groene arassari's, bleken op de CITES-lijst te staan van beschermde vogels die niet uitgevoerd mogen worden.

26 april 2009 – Nederlander probeert achttien vogels in schoenen land uit te smokkelen
Een vertrekkende passagier met de Nederlandse nationaliteit is op de Johan Adolf Pengel luchthaven aangehouden. Hij had drie twa twa’s, twee picolets, vier gele beks, een rowti en acht geeldassen in zijn bezit. De man had de vogels op professionele manier in zijn schoenen verstopt. De vogels werden geveild door de dienst ’s Lands Bosbeheer.

24 september 2010
Negen vogels zijn op de Johan Adolf Pengel luchthaven bij een vertrekkende Nederlander onderschept. De man werd onmiddellijk aangehouden en ingerekend door de politie. Hi had elf picolets en drie rowti’s in zijn bezit. Vijf van de vogels stierven nog voordat ze door de dienst ’s Lands Bosbeheer geveild konden worden.

9 november 2010 - Werkstraf voor handel in vogels
Voor het in bezit hebben en handelen in beschermde vogels zijn twee inwoners van het Nederlandse Breda door de economische politierechter veroordeeld tot respectievelijk 120 en 60 uur werkstraf. In hun zaak De Nachtegaal vond de Algemene Inspectiedienst begin 2009 een groot aantal beschermde vogels. Het ging onder andere om baliespreeuwen, grote en kleine beo's, indigo vinken, roodborst kardinalen, Europese nachtegalen, goudvinken, putters, barmsijzen en een klauwier. De rechtszaak tegen de twee Bredanaars was een onderdeel van een groot politieonderzoek tegen een bende die handelde in Surinaamse zangvogels.

3 juni 2011 - 25 zangvogels uit Suriname gesmokkeld in weekendtas
De douane op Schiphol heeft in mei een man aangehouden die in zijn weekendtas – in het vrachtruim van het vliegtuig - 25 zangvogels uit Suriname wilde smokkelen. De vogels zijn weer op een retourvlucht gezet. De man beschikte niet over de juiste papieren.

5 oktober 2011 - Douane onderschept partij beschermde vogelsoorten
Een smokkelaar heeft geprobeerd een partij beschermde Surinaamse vogels het land uit te smokkelen. Bij controlewerkzaamheden op de Adolf Pengelluchthaven ontdekte de douane dat een passagier de dieren in kleine doorzichtige plastic doosjes in zijn handbagage had gestopt. Het ging om twee picolets, twee rowti’s, een geeldas, acht gelebeks, tien zwaluw tangara’s, twee bruinbuiken, zeven zevenkleuren, drie blauwdassen, twee uduloso trogons en een rotshaan. De afdeling Natuurbeheer van de dienst ‘s Lands Bosbeheer heeft de siervogels afgestaan aan de Paramaribo Zoo. Hierdoor kwam de dierentuin in het bezit van een zeldzaam oranje rotshaantje. De wilde zangvogels zijn na overleg met de Officier van Justitie in de vrije natuur losgelaten.

Geraadpleegde bronnen o.a.:
http://www1.nhl.nl/~ribot/ned/oran.htm
http://www1.nhl.nl/~ribot/ned/orcr.htm
http://www1.nhl.nl/~ribot/ned/spmi.htm   http://www1.nhl.nl/~ribot/english/ruru_ng.htm
http://www.douanesuriname.com/apendix14.html
http://www.vogelarena.com/forum/forum_read.php?id=508&recordnum=0
http://www.surinaamsevogels.nl/

Noot Kraaijer:
Het gehele artikel is 15 november 2011 gepubliceerd op de Surinaamse nieuws website NoSpang.

In de Telegraaf verschijnt zaterdag 18 mei 2013 het bericht dat de Nederlandse en Surinaamse politie samen aanwerken een onderzoek naar de illegale export van beschermde vogels. Klik hier om het artikel te lezen. Wel treurig dat het WWF Guianas om een reactie is gevraagd, terwijl deze organisatie naar mijn weten nooit echt welke actie dan ook heeft ondernomen tegen de illegale handel in- en export van vogels uit Suriname of welke andere diersoort dan ook......