donderdag 5 april 2012

Surinaamse inbeslaggenomen zeeschildpadeieren mogen amnestiewet dankbaar zijn....

Plotseling interesse Nederlandse pers voor Surinaamse zeeschildpadeieren

05-04-2012  Door: Paul Kraaijer


Zelden tot nooit heeft de Nederlandse pers aandacht besteed aan het rapen, stropen, van  eieren van beschermde grote zeeschildpadden in Suriname, zoals de groene zeeschildpad (Chelonia mydas) of de lederrugschildpad (Dermochelys coriacea). Maar, plotseling wordt op donderdag 5 april 2012 via een ANP-bericht aandacht besteed aan de inbeslagname in Suriname van ruim 8.000 zeeschildpadeieren. Het AD, de Volkskrant, de Telegraaf en het Parool zijn een paar Nederlandse kranten die het ANP-bericht hebben overgenomen.


De bij Stolkertsijver in het district Commewijne ontdekte 8.270 schildpadeieren in een plastic tas in een bus mogen 's avonds 4 april in het Surinaamse parlement, De Nationale Assemblee, aangenomen gewijzigde amnestiewet dankbaar zijn voor de Nederlandse media-aandacht. De behandeling van deze wet trok veel Nederlandse journalisten naar Suriname en waarschijnlijk kreeg een van hen, via lokale media, lucht van de onderschepte zeeschildpadeieren.

'Heh, dat is interessant zeg, iets meer dan 8.000 schildpadeieren in beslag genomen hier. Ach, ik ben hier nu toch, de amnestiewet is inmiddels aangenomen, het vliegtuig vertrekt nog niet, dus ik kan er wel een leuk stukje over schrijven.'

Waarschijnlijk is het zo gegaan. Hieruit blijkt hoe selectief nieuws gebracht kan worden. Waarom, nu wel aandacht voor een paar duizend onderschepte Surinaamse zeeschildpadeitjes en waarom niet een paar dagen geleden, een maand geleden, een jaar geleden? En er zijn de afgelopen paar jaren heel veel gesmokkelde zeeschildpadeieren onderschept die nooit welke grijze Nederlandse krantenpagina dan ook hebben gehaald. De nu onderschepte eieren hadden het geluk dat de controversiële amnestiewet in het Surinaamse parlement werd behandeld welke behandeling vele Nederlandse mediavertegenwoordigers naar het land wist te lokken.

In de eerste vier maanden van 2008 werden ruim 2.700 eieren van de krapé zeeschildpadden (groene zeeschildpadden) van Galibi in beslag genomen. De eieren moesten worden vernietigd.

Op 26 juni 2011 werd bekend dat in de eerste zes maanden van dat jaar al ongeveer 30.000 zeeschildpadeieren waren gestroopt. Het ging om 12.223 eieren, die door de politie van Albina in beslag waren genomen, terwijl de politie van Tamanredjo 7.637 eieren wist te onderscheppen. In Galibi werden 10.000 eieren in beslag genomen en 2.072 eieren onbeheerd aangetroffen. Het aantal nesten van de lederrugschildpad is binnen tien jaar drastisch afgenomen. In 2010 werden nog ongeveer 22.000 nesten aangetroffen op Surinaamse stranden (Galibi en Matapica), terwijl in 2000 nog 40.000 nesten werden geteld. Meer dan vijftig procent van de wereldpopulatie van de lederrugschildpad legt haar eieren op Surinaamse stranden.

In de tweede week van februari 2012 werd de smokkel van 6.000 eieren door de politie van Albina onderschept. De eieren werden aangetroffen in een boot op de Marowijnerivier. Drie mannen werden opgepakt die bekenden de eieren te hebben gestroopt in het Natuurreservaat Baboensanti.

De politie van Albina nam op 13 maart 2012 10.500 krapé-eieren in beslag. Een verdachte werd opgepakt bij de monding van de Marowijnerivier, in de omgeving van het Natuurreservaat Baboensanti. De duizenden eieren waren verstopt in in totaal eenentwintig vuilniszakken.

Jachtopzieners van de Dienst ´s Lands Bosbeheer, afdeling Natuurbeheer, hebben op 28 maart van dit jaar tijdens een reguliere patrouille in het dorp Johanna ate Commewijne, een man aangehouden met in zijn bezit 1.500 zeeschildpadeieren. Gelet op het feit dat de eieren gedurende enkele dagen bloot waren gesteld aan het daglicht, kreeg LBB/Natuurbeheer toestemming van het Openbaar Ministerie om de in beslag genomen eieren te vernietigen.

Nooit heeft de Nederlandse journalist aandacht besteed aan het stropen van eieren van bedreigde en steeds zeldzamer wordende reusachtige zeeschildpadden op de Surinaamse stranden van Galibi en Matapica.
Terwijl, dit - gelet op de wereldwijde bedreigde status van onder andere de lederrugschildpad - absoluut nieuws is. Het stropen van de eieren nu kan leiden tot het bijna uitgestorven zijn van enkele zeeschildpadsoorten over zo'n vijfentwintig jaar.

Maar, de Nederlandse journalist in Nederland en een enkele verdwaalde Nederlandse correspondent in Paramaribo blijkt alleen oog en oor voor Suriname te hebben als er nieuws is over het 8 decemberstrafproces, president Desi Bouterse of recentelijk over de Surinaamse zanger Bryan B.
Er is echter met regelmaat veel meer interessant en nieuwswaardig - ook voor de Nederlandse media - nieuws uit Suriname over bijvoorbeeld milieu- en natuurgerelateerde issues. Maar, helaas blijken de Nederlandse journalisten/correspondenten in Paramaribo niet in staat om nieuws op Nederlandse nieuwswaarde in te kunnen schatten. Het Surinaamse tropisch regenwoud is uniek in de wereld, maar dat regenwoud wordt her en der blootgesteld aan de vernietigende werking van goud- en bauxietwinning.
Illegale goudzoekers kunnen ongestraft een beschermd natuurpark, Brownsberg, voor een groot deel vernietigen terwijl de beheerder van het gebied en de autoriteiten jarenlang op de hoogte waren van de aanwezigheid van goudzoekers.
Een grote Amerikaanse goudmijnmultinational, Newmont, dreigt een overeenkomst te gaan sluiten voor de 'bouw' van twee grote mijnen in het unieke Nassau Gebergte in het oosten van het land.
Een groots hydro-energie - TapaJai - project, dat in ontwikkeling is, gaat water van de Tapanahonirivier in het zuidoosten omleiden naar het Brokopondo stuwmeer via de Jaikreek, waardoor de elektriciteitscentrale in het meer, meer elektriciteit kan gaan opwekken voor de toekomstige mijnbouwontwikkelingen in het Nassau Gebergte. Door dit project zal in ieder geval het dorp Palumeu, waar ongeveer tweehondervijftig inheemsen leven, onder water verdwijnen.
Zo maar een paar, ook voor Nederland en de wereld, nieuwswaardige onderwerpen....
Maar ja, de ruim 8.000 schildpadeitjes hebben dankzij de amnestiewet wel de Nederlandse nieuwspagina's weten te bereiken....hopelijk bereiken toekomstige inbeslagnames van zeeschildpadeieren in Suriname ook het Nederlandse nieuws.....

dinsdag 3 april 2012

Sneer van oud-president Venetiaan in richting SVJ tijdens behandeling amnestiewet in Assemblee

Venetiaan: ‘Vijf journalisten zijn 8 december 1982 vermoord, maar de SVJ heeft geen standpunt’

03-04-2012  Door: Paul Kraaijer


Tijdens het betoog van oud-president en huidig Assembleelid Ronald Venetiaan in de Nationale Assemblee dinsdagmiddag 3 april, uitte hij kritiek op de Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ). In de Assemblee wordt voor de tweede dag gedebatteerd over de voorgestelde wijziging van de amnestiewet.


‘Vijf journalisten zijn op 8 december 1982 vermoord, en de Surinaamse Vereniging van Journalisten heeft nu geen standpunt’, aldus Venetiaan. Venetiaan kreeg later in de vergadering bijval van Assembleelid Ruth Wijdenbosch die in haar betoog ook kritiek uitte op de SVJ maar respect toonde voor Reporters Without Borders die wel een standpunt innam over de voorgestelde wijziging amnestiewet......

Eind maart liet Reporters Without Borders (RWB) wel weten fel gekant te zijn tegen de voorgenomen wijziging van de Amnestiewet 1989. De indieners werden dan ook opgeroepen om hun voorstel terug te nemen. De voorgestelde wijziging van de Amnestiewet 1989 is een belediging aan het adres van de slachtoffers van de standrechtelijke executies en hun families, aldus RWB.

Onder de slachtoffers waren de journalisten André Kamperveen, Frank Wijngaarde, Leslie Rahman, Bram Behr en Jozef Slagveer.

De SVJ had geweigerd deel te nemen aan de hearings die door de Commissie van Rapporteurs van De Nationale Assemblee werden gehouden. Tijdens die hearings werden verschillende maatschappelijke groepen gehoord over wat hun mening of standpunt is ten aanzien van de voorgestelde wijziging van de Amnestiewet.

‘De SVJ heeft aangegeven geen oordeel of mening te hebben in de kwestie wijziging Amnestiewet, simpelweg omdat wij journalisten geen deel uitmaken van maatschappelijke groeperingen en dus geen mening hebben over dit soort kwesties. Journalisten moeten zich onthouden van het geven van een mening over de Amnestiewet. Wij doen niet mee aan een hearing voor maatschappelijke groepen, omdat de SVJ geen mening kenbaar maakt over maatschappelijke groepen of kwesties over wie zij zelf informatie moeten weergeven. De kans is groot dat als journalisten een bepaalde mening uiten, de gemeenschap ons in een partijdige hoek kan plaatsen, waardoor onze betrouwbaarheid op het spel staat. Daaraan gaan wij niet meewerken’, zo liet voorzitter Wilfred Leeuwin van de SVJ weten.

Leeuwin had wellicht een punt door niet mee te werken aan de hearings, maar hij had wel namens de SVJ een standpunt kunnen innemen en kunnen uitdragen over de executie van vijf collega’s op 8 december 1982..... Een dergelijk standpunt had ook aan duidelijkheid niets te wensen over gelaten.

zondag 25 maart 2012

Levendige handel in export dieren uit Suriname....

In 30 jaar werden ruim 850.700 levende dieren geëxporteerd uit Suriname

In 1993 recordaantal van bijna 41.000 groene leguanen uitgevoerd

25-03-2012  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Uit Suriname blijken op legale wijze jaarlijks vele duizenden in het wild gevangen dieren te worden geëxporteerd, waarvan de meesten verdwijnen in de commerciële handel en een enkele soort in een dierentuin of in de internationale vivisectie-industrie. Het aantal geëxporteerde dieren kan verontrustend worden genoemd. Het is een exportbranche waar weinig over bekend is. Bedrijven die zich specifiek met de export van dieren bezig houden zijn nauwelijks te traceren. Het is niets meer en minder dan broodhandel. Dieren worden uit het wild geplukt, opgeslagen in kooien en vervolgens wacht ze een lange reis naar verre oorden. Aan de essentiële vraag of dergelijke exporten in deze tijd nog nodig zijn, wordt voorbij gegaan. Immers, veel diersoorten worden wereldwijd in gevangenschap opgenomen in fok- en kweekprogramma’s.



Uit onderzoek van de gegevens uit het CITES handelsregister (Convention on International Trade in Endangered Species of wild fauna and flora) blijkt dat uit Suriname tussen 1981 en 2011 in totaal ruim 850.700 levende dieren (ruim zestig verschillende soorten) met CITES-papieren zijn geëxporteerd. De (commerciële) handel van meer dan 30.000 beschermde soorten planten en dieren wordt gereguleerd met CITES-vergunningen en -certificaten. Daar hebben verschillende landen in 1973 afspraken over gemaakt. Inmiddels hebben bijna 180 landen deze zogenaamde CITES-overeenkomst ondertekend. Ook Suriname.

In 1981 werden 14.612 dieren en in 2010 10.826 dieren (de meeste dieren in 2010, 3.921, naar de Verenigde Staten en 2.082 naar Nederland) geëxporteerd. De meeste dieren werden in 1995 Suriname uit getransporteerd, 60.108, en het kleinste aantal, 7.740, in 1984.
Het dier dat het meest is/wordt geëxporteerd is de groene legaan (Iguana Iguana), vooral naar Amerika. In totaal werden de afgelopen dertig jaren 503.201 exemplaren het land uit vervoerd. In 1993 werden de meeste groene leguanen (40.715) geëxporteerd en het kleinste aantal, 1.227, in 2004.

Globaal overzicht aantal en soorten geëxporteerde dieren
Om een globaal beeld te schetsen van het aantal en soorten geëxporteerde dieren volgt hieronder een klein en willekeurig overzicht:
14.647 boa constrictors (de meeste, 909, in 2005) – CITES export quotum 2011 1.010 exemplaren;
8.226 kaaimannen met een recordaantal van 853 exemplaren in 1995 – CITES export quotum 2011 925 exemplaren;
6.755 viooltjespapegaaien (Pionus Fuscus, ook wel Pirikutu en Bruin Margrietje genoemd) – CITES export quotum 2011 800 exemplaren;
17.740 maïsparkieten (Aratinga Pertinax; Karuprakiki), waarvan de meeste, 1.500 in 1987 en het kleinste aantal in 2008, 12 exemplaren – CITES export quotum 2011 2.033 exemplaren;
62.187 oranjevleugel amazones (Amazona Amazonica; Kulekule), het grootste aantal van 4.941 vogels werd in 1995 uit Suriname geëxporteerd – het jaar waarin in totaliteit de meeste dieren het land uit werden vervoerd. De meeste oranjevleugel amazones zijn naar Nederland geëxporteerd – CITES export quotum 2011 3.600 exemplaren;
19.958 pijlgifkikkers (Dendrobates Tinctorius; Okopipi) naar vooral Nederland en de verenigde Staten (V.S.) – opvallend is dat in de jaren 1981 tot en met 1986 en 2005, 2006 en 2007 geen enkel exemplaar werd geëxporteerd – CITES export quotum 2011 1.886.

Opmerkelijke exporten
In 2009 werden volgens het CITES handelsregister 31 en in 2010 54 uitheemse Indian Bullfrogs (Hoplobatrachus Tigerinus) – die voorkomen in India, Pakistan en Nepal – geëxporteerd.
In 2007 werden 6 volgens de IUCN (International Union for the Conservation of Nature) Rode Lijst ‘bedreigde’ witvleugel cotinga’s (Xipholena Atropurpurea) naar de V.S. geëxporteerd.
De IUCN Rode Lijst van bedreigde soorten wordt jaarlijks opgesteld door de IUCN met medewerking van duizenden soortendeskundigen wereldwijd. Het risico dat een soort uitsterft en de ernst van de bedreiging wordt vastgesteld aan de hand van een aantal criteria: de snelheid waarmee een soort achteruit gaat, de zeldzaamheid van de soort, en de verspreiding van de soort – grootte van het leefgebied en mate van versnippering.
De witvleugel cotinga komt alleen in het oosten van Brazilië voor en er zouden nog maar tussen de 5.000 en 19.500 exemplaren in het wild leven.
Een ander niet-inheemse diersoort werd in een aantal van 600 naar Amerika geëxporteerd in 2006: de Nicobar sparrowhawk (Accipiter Butleri), die alleen zou voorkomen op de Nicobar Eilanden bij India (heeft de IUCN Rode Lijst status ‘kwetsbaar’).
Twee reuzenmiereneters (Myrmecophaga Tridactyla) zijn in 1996 Suriname uitgevoerd naar Japan en één een jaar later. Twee exemplaren verdwenen in 2002 naar Mexico en een naar de V.S.. Zijn status op de IUCN Rode Lijst is ‘gevoelig’.
In 2001 werden 10 driekleurige gifkikkers (Epipedobates Tricolor) geëxporteerd. Deze kikkersoort leeft alleen in Ecuador en kreeg drie jaar later de status ‘bedreigd’ op de IUCN Rode Lijst.
36 Reuzentoekans (Ramphastos Toco; Toco Toekan) werden in 1995 geëxporteerd naar Nederland en in 1999 6 vogels naar Spanje.
14 Zogenoemde toerako’s (Tauraco) werden in 1999 naar de V.S. geëxporteerd.
1 Tayra (Eira Barbara), een marterachtige, werd in 1997 vanuit Suriname naar Japan geëxporteerd en 1 gestreepte ransuil (Pseudoscops Clamator) naar buurland Brazilië.
In 1996 werden 2 witgezichtsaki’s (Pithecia Pithecia) naar Japan geëxporteerd. Tot vandaag de dag is volstrekt onduidelijk hoeveel van deze apen nog in het wild leven. Vanwege de schuwheid van de witgezichtsaki is de populatie moeilijk te controleren.
In 1987 werden 3 laaglandtapirs (Tapirus Terrestris) naar Nederland en 2 exemplaren in 2008 naar Zuid-Afrika geëxporteerd. Sinds 2008 heeft dit dier de IUCN Rode Lijst ‘kwestbaar’ status.

Begin jaren ’80 en in 1995 zijn krapé’s en aitkanti’s geëxporteerd
Twee van de meest in het oog springende exporten betrof de export van een aantal levende groene zeeschildpadden (Chelonia Mydas; krapé) en lederschildpadden (Dermochelys Coriacea; aitkanti). Van de groene zeeschildpad werden in 1980 120 exemplaren (bestemming V.S.), 1981 350 (bestemming Canada), 1982 1.102 (bestemming 1.100 exemplaren V.S. en 2 Denemarken), 1990 20 (bestemming V.S.) en in 1995 205 dieren – 200 naar Canada en 5 naar Nederland – geëxporteerd. De schildpad had en heeft de ‘bedreigde’ status op de IUCN Rode Lijst. In 1995 werden 5 lederschildpadden naar Nederland vervoerd, in 1981 300 naar Canada en in 1982 74 naar de V.S.. Destijds had deze grote zeeschildpad de ‘bedreigde’ status en nu ‘kritiek’. Een medewerker van de ‘Red List Unit IUCN’ in het Britse Camebridge bevestigt deze exporten en laat in een reactie weten dat de in 1980 en 1981 naar Canada geëxporteerde groene zeeschildpadden en lederschildpadden bestemd waren voor wetenschappelijke doeleinden. Ook de in 1982 naar de V.S. vervoerde 74 lederschildpadden hadden als bestemming de wetenschap.

WWF Guianas reageert verrast en terughoudend
Deze exporten geven aanleiding voor vraagtekens en redenen om een reactie te vragen van het Wereld Natuur Fonds Guianas (WWF Guinas). De ‘maritime turtle conservation assistant’ Avanaisa Turny reageert in een eerste reactie zeer voorzichtig en plaatst vraagtekens bij de genoemde exporten. ‘Als het toch nog blijkt, onderbouwd met bewijzen dat zeeschildpadden legaal geëxporteerd zijn, keur ik dat persoonlijk af. Wat WWF betreft, zullen we bij het uitkomen van uw artikel met de bewijsvoering zeker wel van ons laten horen.’ De geëxporteerde zeeschildpadden zouden mogelijk zogenoemde ‘hatchlings’ (jonge dieren) geweest kunnen zijn, aldus Turny. Dat het WWF Guianas kennelijk geschrokken is door de informatie blijkt binnen kore tijd uit een tweede WWF-reactie, deze keer van ir. Gerold Zondervan, ‘regional advisor’ WWF Guianas. Hij geeft aan ‘niet onmiddellijk een eensluidende reaktie’ te kunnen geven. ‘Ik wil eerst mij (ons) in elk geval terdege laten informeren en oriënteren, aangezien het gaat over een tijdsperiode van nog voordat WWF Guianas werkzaam was hier in Suriname. Officieel zijn wij hier begonnen in 1999. UIteraard zullen wij van onze zijde kontakt maken met de bevoegde instanties, zoals Natuurbeheer en Stinasu, voor onderliggende waarheidsvinding.’ Maar, de gegevens zijn hard. Het staat vast dat levende groene zeeschildpadden en lederugschildpadden uit Suriname zijn geëxporteerd. De export van eieren, vlees en andere dierproducten wordt door CITES apart geregistreerd.

De stichting Dierenbescherming Suriname laat bij monde van voorzitter – èn dierenarts – mevrouw Leontine Bansse-Issa weten de gegevens over de zeeschildpadden ‘schokkend’ te vinden en die waren de stichting niet bekend. Bansse-issa: ‘Dat er in de jaren en tachtig en negentig veel te veel wildlife is geëxporteerd is wel bekend. Dankzij vele organisaties en overheden in binnen en buitenland is de hoeveelheid dieren die geëxporteerd wordt drastisch verminderd. Het is duidelijk dat het verbod op transporten van wildlife naar Europa, tenzij voor aanvulling van genetisch materiaal bestemd voor fokcentra, een grote impact heeft gehad.’

Eind februari 2012 waren de CITES landelijke export quota 2012 voor Suriname nog niet bekend alsook niet de exportgegevens over het jaar 2011.

Export van doodshoofdaapjes, monkimonki’s
Van 1981 tot en met 2010 werden uit Suriname in total 4.612 doodshoofdaapjes (Saimiri Sciureus) geëxporteerd. De meeste verdwenen uit Suriname voor zogenoemde ‘commerciële’ doeleinden. Slechts twintig aapjes gingen naar dierentuinen in de Dominicaanse Republiek (tien) en Kroatië (tien), in 2001. De meeste doodshoofdaapjes werden geëxporteerd naar Japan, 3.490. In 1997 werd het record aantal van 636 aapjes naar Japan vervoerd. Diverse van de naar Japan geëxporteerde doodshoofdaapjes belandden in de vivisectiesector. Verder werden Surinaamse monkimonki’s vervoerd naar de V.S., Slowakije (4 exemplaren in 1996), Maleisië (5 aapjes in 1997, 34 in 2000, 28 in 2002, 4 in 2003 en 28 in 2005), Mexico, Zuid-Afrika en Hongarije (25 aapjes in 2004). Het CITES export quotum voor 2011 bedroeg 1.000 exemplaren.

In oktober 2008 werden 80 doodshoofdaapjes geëxporteerd naar een grote handelaar in proefdieren, Worldwide Primates, in Miami, Florida (V.S.).


Die export leidde tot grote verontwaardiging onder vooral Nederlandse dierenrechtenactivisten die snel overgingen tot een protestactie bij het Surinaamse consulaat in Amsterdam. In augustus 2011 ontving de dierenrechtenorganisatie Animal Rights Foundation of Florida (ARFF) in Fort Lauderdale een brief van de Surinaamse Luchtvaartmaatschappij, SLM, waarin werd medegedeeld dat deze maatschappij geen niet-mensapen meer vervoerd voor de vivisectie-industrie.


Exporteurs moeilijk te vinden
Een speurtocht naar bedrijven in Suriname die dieren exporteren levert zeer weinig op. Het bedrijf Exotic Fauna N.V. is een bedrijf dat onder andere diverse papegaaiensoorten, parkieten, toekans, zoogdieren, apen en reptielen exporteert. Ook zou het bedrijf nu en dan bepaalde diersoorten aan dierentuinen leveren, zoals reuzenmiereneters. Volgens informatie over het bedrijf, te vinden op het internet, zouden alle transporten vergezeld gaan van originele CITES exportvergunningen en gezondheidscertificaten. Exotic Fauna N.V. was niet bereikbaar voor een reactie.
Een ander bedrijf dat dieren exporteert is Graanoogst Animal Exports in het district Wanica. Dit bedrijf zou zich bezighouden sinds 1990 met de export van onder andere schildpadden, diverse reptielensoorten, zoogdieren, parkieten, tropische vogeltjes en toekans. Volgens Graanoogst Animal Exports zijn haar cliënten importeurs uit de hele wereld. Ook dit bedrijf was niet bereikbaar voor commentaar.
Volgens een rapport van het Wereldnatuur Fonds Guianas uit maart 2001 (Evaluation of the Animal and Plant Trade in the Guianas, Preliminary Findings) waren er toen twee overkoepelende organisaties van dierenexporteurs – Vereniging van Vogel- en Dierenexporteurs en Wildlife Exporters and Breeders – met in totaal zestien leden en daarnaast waren er negen onafhankelijke exporteurs.

De Voedsel- en Landbouworganisatie (Food and Agriculture Organization – FAO) van de Verenigde Naties in Rome, omschreef Suriname in een rapport (International trade in wild birds, and related bird movements, in Latin America and the Caribbean) in 2011 nog als een van de belangrijkste Latijns-Amerikaanse exportlanden van vogels. Suriname neemt na Argentinië en Guyana de derde plaats in. Het aantal geëxporteerde vogels nam drastisch af in 2006 en 2007 na een Europees importverbod. Suriname moest op zoek naar nieuwe afzetmarkten en dat werden vooral Mexico en landen in Azië.

Dierenrechtenorganisaties in Suriname besteden nauwelijks tot geen aandacht aan de export van dieren uit het land. Wel was er begin december 2011 een protest van de stichting Dierenbescherming Suriname tegen de verkoop van dieren langs de weg, vooral in Paramaribo. Ook werd bij de Nationale Assemblee een petitie ingediend, waarin gepleit werd voor een verbod op de verkoop van dieren, zoals papegaaien en doodshoofdaapjes, langs de openbare weg in vaak veel te kleine kooien. De stichting is van oordeel dat dieren vrij moeten zijn van pijn, angst en chronische stress. Maar, jaarlijks blijken ook nog eens vele duizenden dieren in kooien en dergelijk vanaf de internationale Johan Adolf Pengel luchthaven bijna anoniem de hele wereld te worden overgevlogen met veelal urenlang durende vluchten.

Dierenbescherming Suriname: ‘Export nauwelijks te controleren’
Mevrouw Bansse-Issa van de Dierenbescherming Suriname zegt dat haar stichting zich op het standpunt blijft stellen dat de grootste invloed op het verminderen en hopelijk uitbannen van transport naar het buitenland van in het wild gevangen dieren pas zal komen, wanneer de vraag in deze landen naar apen en andere dieren stopt. ‘Dit kan worden gestimuleerd door gecoördineerde akties van internationale en nationale organisaties die de publieke opinie trachten om te buigen naar het onder geen enkele voorwaarde willen meewerken aan deze misstanden. Dat is de reden waarom wij in Suriname lobbyen en voorlichting geven om de vraag van de consument ofwel potentiële diereigenaren te remmen om wildlife als huisdier of ook anderzins te willen houden. In de onlangs ingediende concept wet Dierenwelzijn zullen er veel grotere restrictie’s zijn. Pas als de vràag naar in het wild gevangen dieren stopt, zal het vangen en verkopen, legaal of illegaal stoppen.
Individuen, organisaties en overheden zullen via wetgeving en controle op naleving daarvan de handen steeds in elkaar moeten blijven slaan, om de transporten en het houden van wildgevangen wildlife onder controle te krijgen. Maar, zelfs al wordt de wetgeving in Suriname aangescherpt, dan is de controle daarop toch slecht of niet mogelijk en krijg je nog meer illegale transporten dus nog meer dierenleed en dierverlies.’




Vooralsnog verlaten jaarlijks meer dan tienduizend in het wild gevangen dieren Suriname. Het is nog steeds een stille, welhaast heimelijke, en onbekende lucratieve handel. Aan het leed, pijn en stress dat de dieren ongetwijfeld wordt aangedaan, wordt door de exporteurs, vervoerders en handelaren voorbij gegaan. Voor hen zijn die dieren niets meer en niets minder dan produkten die dollars opleveren.

Noot Paul Kraaijer:
Het artikel is op 25 maart 2012 gepubliceerd op de Surinaamse nieuwswebsites Obsession Magazine, GFC Nieuws en NoSpang.

Aan het artikel werd begin mei even aandacht besteedt via de Facebookpagina van een Surinaamse dierenrechtenactiviste. Uit een paar reacties werd duidelijk dat men zeer verrast is over het grote aantal in het wild gevangen dieren dat jaarlijks uit Suriname wordt geexporteerd. Maar, er was ook een reactie van een dame die vindt dat dierenrechtenorganisaties in Suriname door mij zouden worden verweten niets of nauwelijks iets te doen. Hieronder volgen een aantal reacties, ook die van mij (cursief):

'Wat ik niet snap... waarom wordt het de Surinaamse dierenrechtenorganisaties verweten, nauwelijks iets of niets te doen? Als men die aantallen optelt, plus alle andere ellende dat er met dieren in Suriname gebeurt, vergeleken met het aantal dierenrechtenorganisaties in Suriname... Hoe is het dan mogelijk? In plaats van dat men de exporteurs en organisaties die de vraag naar exotische dieren hooghouden aanspreekt... *zucht* maar goed, gelukkig zijn er nog mensen die iedere dag opnieuw die dweil weer oppakken terwijl die kraan maar open staat.'

'(...) dat is precies ook wel mijn persoonlijke opmerking. Mensen en in dit geval de schrijver van het artikel, zijn gauw geneigd een schuldige aan te wijzen en in deze was het echt heel onterecht. Er gebeurt heel veel meer, en ik denk niet dat de schrijver van het artikel ook maar enigszins kan denken dat wij opgewassen zijn tegen die enorme corruptie op dat veld.'

'Even een kanttekening: ik heb geen enkele schuldige aangewezen. Het is jammer wanneer mensen zich op een of andere manier tekort gedaan voelen door het artikel. Maar het is een feit dat dit issue, LEGALE export van wild, geen aandacht heeft gehad. Natuurlijk zijn er mensen die zich voor dieren inspannen en daar besteed ik ook aandacht aan. Ik heb getracht in contact te komen met exporteurs, maar die reageren niet of zijn helemaal niet te bereiken. Het is gewoon een business die zich vooral achter de schermen afspeelt. Met het artikel heb ik slechts beoogd om bekend te maken hoeveel wildvang er jaarlijks uit Suriname wordt geexporteerd. Een handel waar nauwelijks aandacht voor is. Ik ben schrijver, kritisch, geen activist en ik mag zaken aankaarten en eventueel vragen stellen en kritisch zijn. Nu ben ik benieuwd of de handschoen wordt opgepakt om deze grootscheepse handel in in het wild gevangen dieren eens aan te kaarten.....in ieder geval blijkt uit de reacties dat iedereen verbaasd is over de omvang van de export van wild. Was het artikel niet geschreven, dan had niemand hierover kennis gekregen.'

'Weet je hoe lang wij bezig zijn met deze kwestie? En precies wat je zegt, veel gebeurt in het duister. Helaas is er teveel corruptie! En daar zijn ook wij net tegen opgewassen. Er verschijnen bijvoorbeeld foto's van mensen die de schildpaddeneieren stelen op FB en elders, en we zijn benieuwd of die persoon of personen ook aangehouden zijn, behalve de transporteur!'

'Hoe kan men bezig zijn met 'deze kwestie' als de cijfers/aantallen van geexporteerde dieren niet eens bekend waren? Natuurlijk is dit geen makkelijk issue om iets tegen te doen en natuurlijk is er corruptie, en natuurlijk is er belangenverstrengeling, en natuurlijk zijn er belangen, maar werkelijk, ik heb er nooit iets over gelezen of gehoord in Suriname, over de LEGALE export van wild..... LET OP: ik heb geen kritiek op de op 1 hand te tellen dierenbeschermingsorganisa​ties hier, die doen goed werk, maar laten we wel eerlijk zijn en gewoon erkennen dat de LEGALE export van wild nimmer voldoende aandacht heeft gekregen, om wat voor redenen dan ook. Dus nogmaals, ik vind het jammer als mensen zich meteen zo 'aangevallen' voelen en voorbij gaan aan de essentie van het artikel.'

'Wij zijn wel degelijk heel lang hiermee bezig!! Wij voelen ons wel degelijk aangevallen, omdat we wel hard werken, maar krijgen te weinig ondersteuning voor dierenkwesties vanuit o.a. de samenleving. Ik benadruk nogmaals dat de corruptie op dat stuk ook enorm is. Is veel geld! Je was toch aanwezig op de protestdemonstratie georganiseerd door ons? En hoeveel mensen waren aanwezig??? En je had toch ook die foto's gezien van die baby brulaapjes die doodgeschoten waren? Hoeveel protest heb je vanuit de samenleving gehoord? Wij doen ons ding, we praten met overheidsinstanties, we hebben nieuwe wetgeving opgesteld, maar zolang we niet voldoende ondersteuning vanuit de samenleving krijgen, blijven we helaas schreeuwenden in de woestijn. Ik heb met een aantal assembleeleden gesproken en allemaal zeggen: heeft geen prioriteit!!'

'We zullen het niet eens worden: mijn artikel is zooooo lang en bevat zoooooveel informatie en een paar regels gaan over de Surinaamse dierenrechtenorganisaties.....en dan krijgen die paar regeltjes hier meer aandacht dan de essentie van het artikel, DAT is jammer. Ik was overigens niet bij die protestdemonstratie aanwezig en ik zie meer foto's van doodgeschoten wild in Suriname dan die baby brulaapjes.....en neen, protest was er niet, en ook niet na het vertonen door Apintie van die beelden van die mishandelde hond te Goede Verwachting....ik weet dat dieren hier nauwelijks aandacht krijgen en schreeuwen is en blijft nodig ook al is het in de woestijn en laten we ieder op onze eigen manier voor dieren opkomen.'

dinsdag 20 maart 2012

Surinaamse overheid kijkt toe hoe illegale porknokkers Brownsberg Natuurpark vernietigen

Fotoverslag WWF Guianas goudmijnactiviteiten op Brownsberg leidt tot hypocriete reacties....


20-03-2012  door: Paul Kraaijer


Het is jammer te moeten constateren dat in Suriname kennelijk foto's verantwoordelijken moeten wakker schudden..... Al jaren achtereen zijn illegale ‘porknokkers’ (goudzoekers) actief in het Brownsberg Natuurpark in het district Brokopondo. Al jaren achtereen hebben de autoriteiten niet opgetreden. Het natuurgebied met een rijke en unieke biodiversiteit en een grote toeristische trekpleister, wordt vernietigd.


De minister van Ruimtelijke Ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB), Simon Martosatiman, reageerde ontstemd op de berichten. ‘Er is duidelijk iets behoorlijk mis. De consequentie is dat iemand daar niet op zijn plek zit en zal moeten opstappen.’ Hij erkende zelfs te weten dat er goudzoekers waren in het gebied, maar dacht dat het zou gaan om ongeveer twee of drie locaties. Toen het WWF een week terug hem het rapport onder de neus duwde, viel de minister bijna van zijn stoel toen het om ongeveer vijftig locaties bleek te gaan, zo berichtte een van de kranten in Suriname. Hij wist dus van de activiteiten van illegale goudzoekers in het natuurgebied, maar trad niet op.


Datzelfde kan gezegd worden van de in december 2010 geïnstalleerde presidentiële commissie Ordening Goudsector. Leden Gerold Dompig en Melvin Linscheer van die commissie wisten dat porknokkers in het natuurgebied de boel aan het vernietigen waren, maar ook zij bleven op hun stoel zitten. Nu, gedwongen door de onthullende foto's van het WWF, gaan de porknokkers uit het Brownsberg Natuurpark verwijderd worden - vrijwillig, aldus Dompig.....


Het verslag komt op een moment dat de directeur van de St. Natuurbehoud Suriname (Stinasu), Frank Kasantaroeno, in opspraak is. Stinasu is beheerder van het natuurgebied. Desondanks blijkt Kasantaroeno illegale porknokkers toestemming te hebben gegeven om gedurende vier maanden goud te mijnen in het natuurpark in ruil voor goud. Natuurlijk wordt dit door de directeur van Stinasu ontkend. Er zijn echter kwitanties in omloop waaruit blijkt dat Stinasu goud heeft ontvangen van porknokkers. Overigens al in 2007 waren goudzoekers in het natuurgebied actief. Ze werden toen door Stinasu willens en wetens gedoogd.


Hopelijk heeft het op 19 maart 2012 gepresenteerde fotoverslag van het WWF Guianas als zijdelings effect, dat Stinasu wordt opgeheven of een andere invulling gaat krijgen en dat haar directeur onmiddellijk wordt ontheven uit zijn functie. Als beheerder van het Brownsberg Natuurpark, een toeristische trekpleister en een gebied met een unieke en bijzondere biodiversiteit, had Kasantaroeno dit natuurpark moeten beschermen en niet voor grote delen uit handen moeten geven aan kleinschalige goudzoekers. Het WWF Guianas, dat Stinasu niet voor de presentatie van haar fotoverslag had uitgenodigd, heeft inmiddels laten weten de geldkraan naar Stinasu dicht te draaien. De internationale natuurbeschermingsorganisatie is Stinasu en haar directeur meer dan zat.


Beschermt de Surinaamse regering wel de unieke biodiversiteit van het land, waarmee zjj altijd op het internationale politieke toneel pronkt?


Neen, de natuur mag ongehinderd door ongeveer tweeduizend porknokkers en gadegeslagen door de organisatie die die natuur zou moeten beschermen en door de verantwoordelijke minister en de commissie Ordening Goudsector vernietigd worden. Het WWF Guianas heeft hen nu op een confronterende wijze de ogen geopend. Hopelijk blijven die ogen open en draaien ze niet langer naar links, wanneer rechts de natuur onherstelbaar wordt vernietigd.

Noot Kraaijer:
Het artikel is op 21 maart 2012 gepubliceerd op de Surinaamse nieuwswebsites NoSpang en GFC Nieuws.

vrijdag 2 maart 2012

Veel huurwoningen voor Surinamers niet betaalbaar

Hebzucht en wantrouwen overwoekeren gedrag verhuurders

03-03-2012  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Het blijkt voor vele Surinamers welhaast onmogelijk om tegen een betaalbaar bedrag een woning te kunnen huren. Dat heeft niets te maken met de inkomens van mensen, maar met het hebzuchtige en wantrouwende gedrag van veel verhuurders. Hebzuchtig, omdat zij woningen te huur aanbieden tegen een maandelijkse prijs in euro’s of Amerikaanse dollars. Wantrouwend, vanwege slechte ervaringen met huurders. Maar, heb je uiteindelijk na lang zoeken – je zoekt immers naar een naald in een hooiberg - een geschikte en betaalbare huurwoning woning gevonden, dan blijkt er extreem veel borg te worden gevraagd. De huursector in Suriname lijkt ziek en verziekt.

Onbereikbaar
Een gemiddelde goedverdienende Surinamer ontvangt iedere maand een salaris dat globaal ligt tussen de twaalf- en zestienhonderd Surinaamse dollars. Toch blijkt het zeer moeilijk om met een dergelijk inkomen een fatsoenlijk huis te kunnen huren. Fatsoenlijk, simpel, flatwoning, woonkamer, keuken en twee slaapkamers. Maar, probeer in Suriname eens een dergelijke gewone woning te vinden voor een maandelijkse huurprijs van rond de zeshonderd Surinaamse dollars. Een rondje kijken op de populaire internetsite Via2000 (een soort Surinaamse Marktplaats.nl) toont onomstotelijk aan, dat tachtig procent van dergelijke woningen wordt aangeboden voor huurprijzen die schommelen tussen de driehonderd en zeshonderd euro’s..., per maand.

Welke Surinaamse arbeider en gezin zijn in staat om deze dagen nog een simpele huurwoning te kunnen betrekken? Mensen die voor dergelijke prijzen woningen te huur aanbieden zijn of het gevoel met de dagelijkse realiteit van het leven in Suriname verloren, of zij zijn verhuurders die hopen op huurders die zijn teruggekeerd uit Nederland met een Nederlands pensioen of ander inkomen in euro’s of het zijn niets meer en niets minder dan ordinaire hebzuchtige geldwolven. Via Via2000 worden diverse woningen zelfs door één en dezelfde verhuurder aangeboden. Zo’n verhuurder lijkt verdacht veel op een soort makelaar of ‘pandjesbaas’. Een blik op de website Via2000 leert ook, dat zeer veel woningen en appartementen gemeubileerd te huur worden aangeboden en specifiek voor vakantiegangers en stagiaires. De huursector lijkt alleen bestemd te zijn voor niet lokale woningzoekers. Lokale huurders worden gedwongen om huren te voldoen in euro’s en dan nog graag contant, zodat instanties zoals de Belastingdienst geen lucht krijgen van de extra inkomsten van de verhuurders.

Hoelang mogen Surinaamse producten nog in vreemde valuta worden aangeboden?
De vraag zou nu gesteld moeten worden of in Suriname producten mogen worden aangeboden in andere valuta (zoals de euro en de Amerikaanse dollar) dan de eigen Surinaamse dollar – en een huurwoning is ook een product waar geld voor wordt gevraagd. Een jaar gelden adverteerde het ministerie van Handel en Industrie (HI) met regelmaat in kranten dat winkeliers hun producten in Surinaamse dollars moeten aanbieden. Minister Michael Miskin van dat ministerie liet toen weten, dat volgens bestaande wetgeving de prijsaanduiding in Surinaamse valuta moet worden gedaan, maar dat toch ook het bedrag in andere valuta vermeld mag worden. Echter, iemand die een product in bijvoorbeeld euro’s aanbiedt, mag geen Surinaamse dollars weigeren. Bedrijven als de SLM, Telesur en de EBS (NV Energiebedrijven Suriname) moeten werken met alleen de eigen munteenheid van Suriname. Begin 2011 zei minister Miskin dat Suriname ‘in een grijze fase’ zit. Het blijkt nauwelijks mogelijk om op te kunnen treden tegen ondernemers en bedrijven die een hogere dan de door de Centrale Bank van Suriname vastgestelde wisselkoers hanteren. De regering sprak de hoop uit dat de jacht op bijvoorbeelde euro’s en Amerikaanse dollars zou afnemen, wanneer bedrijven gewoon de Surinaamse dollar gaan accepteren.

Op hetzelfde moment dat de HI-minister zijn uitspraken deed over de Surinaamse dollar, liet zijn collega van het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme, Falisi Pinas, weten een klopjacht te starten tegen prijsaanduidingen in euro’s en Amerikaanse dollars. Een jaar later is duidelijk dat van een klopjacht nauwelijks sprake kan zijn geweest. Bekijk productadvertenties in kranten en op websites en de euro’s en Amerikaanse dollars lachen je vrolijk en ongestoord tegemoet. Het lijkt er nog steeds op dat de eigen Surinaamse munt in het handelsverkeer het onderspit delft en wordt ondergesneeuwd door buitenlandse muntsoorten als de euro en Amerikaanse dollar. De Centrale Bank van Suriname was niet bereikbaar voor een reactie, ondanks herhaald verzoek.

 

Extreem veel borg
Niet alleen de verhuur van woningen in Suriname in andere valuta dan de eigen Surinaamse munt is opmerkelijk en afkeurenswaardig. Verhuurders blijken ook nog eens vrij te zijn om extreem hoge borgsommen van huurders te vragen. Ga je een woning huren dan is het normaal dat tevens een maand borgsom wordt voldaan gelijk aan de maandelijkse huurprijs. Maar, daarenboven kan een verhuurder vervolgens ook nog eens twee maanden of meer vooruit huur vragen – dat  moet dan wel bij het aangaan van het huurcontract duidelijk door de verhuurder worden uitlegd of in een contract zijn vastgelegd. Gebruikelijk is het, dat een huurder aan het einde van een maand de huur voldoet voor de volgende maand. Ook is het gebruikelijk dat de verhuurder geen huurcontract op papier heeft. Door een huurcontract op papier op te stellen kunnen misverstanden en problemen worden voorkomen en kan een huurder eventueel nog besluiten om toch maar niet een huurovereenkomst aan te gaan. Een mondelinge huurovereenkomst is wel rechtsgeldig, maar bij een eventueel conflict kunnen de verhuurder en huurder elkaar gaan tegenspreken over wat wel of wat niet is overeengekomen.

Verhuurders blijken weinig vertrouwen te hebben in de Surinaamse huurder en verlangen dan ook meer dan de gebruikelijke borgsom. Klinkt logisch, maar is één borgsom niet voldoende?

Om de verziekte Surinaamse huursector – waar geen belangenorganisatie voor huurders te vinden is - te genezen is het wellicht raadzaam wanneer de regering Boutserse-Ameerali een presidentiële commissie Ordening Huursector in het leven zou roepen. Ordenen is het beste en meest effectieve lap- en/of wondermiddel om delen van de Surinaamse maatschappij in het gareel te krijgen.

Noot Kraaijer:
Het artikel is op 3 maart 2012 geheel gepubliceerd op de Surinaamse nieuwswebsite NoSpang en 4 maart 2012 op GFC Nieuws.

De Surinaamse nieuwswebsite berichtte op 22 augustus 2012 het volgende:

Het merendeel van De Assembleeleden dringt er bij de regering op aan duidelijkheid te geven over een staatsbesluit waar sommige staatsbedrijven toestemming wordt gegeven vreemde valuta te vragen voor geleverde diensten.

Betalingen voor huishuur, roerende en onroerende goederen in vreemde valuta vinden de volksvertegenwoordigers ongehoord. Deze zaken moeten desnoods bij wet verboden worden, aldus de politici.

‘De SRD is redelijk stabiel en we moeten de burger ontlasten van die verplichting om in valuta te betalen’, zo stelt André Misiekaba (Mega Combinatie/NDP) .

DOE-fractieleider Carl Breeveld vindt het ongehoord dat burgers worden gedwongen om huishuur in vreemde valuta te betalen. Volgens hem is het elke maand een ‘gehossel’ voor sommige mensen om vreemde valuta te kopen. In sommige gevallen worden zij zelfs met uitzetting bedreigd, aldus Breeveld.

Het bewuste staatsbesluit zou volgens Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons zijn gemaakt enkele jaren terug toen er een schaarste was aan vreemde valuta in het land. In die periode is voor sommige staatsbedrijven, zoals de Surinaamse Luchtvaartmaatschappij (SLM), de uitzondering gemaakt, hun diensten aan te bieden in vreemde valuta.

Guno Castelen (Nieuw Front/SPA) zegt dat wel rekening gehouden moet worden met bedrijven als NV Havenbeheer die diensten levert aan buitenlandse partners. Hij benadrukt dat bij dit staatsbedrijf geen betalingen worden geëist in valuta aan Surinamers.

Mahinder Ratipal (Nieuw Front/VHP) zegt dat dagelijks de kranten bol staan van verhuur en handel in roerende en onroerende goederen die vrijwel alleen in valuta worden aan geprijsd. Zijn fractiegenoot Sheilendra Girjasing, die ook tegen de verplichte valutabetaling is, zegt evenwel dat de keus om in vreemde valuta te betalen aan de burger moet worden overgelaten. Die betaling moet wel plaatsvinden tegen de vastgestelde koers als er in SRD wordt betaald.

woensdag 22 februari 2012

Asociale Surinaamse automobilisten negeren zebrapad

Opinie/Column: Voetgangers in Suriname zijn hun leven niet zeker op ‘veilig’ zebrapad


Tijd voor een commissie Ordening Verkeersgedrag en Infrastructuur

22-02-2012 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Het zebrapad is in Suriname geen garantie voor voetgangers om veilig en zonder kleerscheuren een weg over te kunnen steken. Asociale automobilisten negeren simpelweg het zebrapad. Vaak zijn zij selectief blind, kijken stuurs recht vooruit en zien niet de wandelaar staan die het zebrapad op wil lopen om de weg over te steken. Let wel, een zebrapad in Suriname is het bij wet vastgestelde ‘domeingebied’ van de voetganger.

Maar, die wandelaar kent het gedrag van het merendeel van de Surinaamse weggebruikers. Die wandelaar weet dat negen van de tien automobilisten niet voor hem zal stoppen. Die wandelaar is bekend met de asociale wijze waarop vele automobilisten – èn niet te vergeten buschauffeurs – zich in het verkeer gedragen. Die wandelaar zal niet zo ‘brutaal’ zijn om ook maar één voet op een zebrapad te plaatsen, wanneer een auto van links of van rechts nadert. Maar, die wandelaar staat wettelijk in zijn recht om die ene voet op het veilige zebrapad te plaatsen. Die wandelaar weet over het algemeen heel goed dat, zodra hij ook maar één voet op een zebrapad plaatst of zelfs maar aanstalten maakt om dat te doen, een naderende auto of bus moet stoppen.

Veel automobilisten willen zebrapad niet zien
Als voetganger moet je echter wèl brutaal zijn en in zekere zin durf en lef hebben om een zebrapad op te lopen, want het zou anders lang kunnen duren voordat een automobilist met fatsoen voor je wil stoppen.

Je komt aangelopen bij een drukke weg, zoals de Kwattaweg of Indira Gandhiweg in Paramaribo en wilt naar de overzijde. Gelukkig, er is een zebrapad met zowaar verkeerslichten erbij. Maar ja, dan moeten die verkeerslichten wel werken. Je kijkt naar rechts en ziet veel verkeer naderen. Er wordt hard gereden. Ook van de andere zijde nadert druk verkeer. Toch moet je naar de overkant. De stoute schoenen maar even snel aantrekken om voorzichtig één voet op het zebrapad te plaatsen. De ene na de andere automobilist raast echter gewoon voorbij. Inmiddels staat je tweede voet ook op het duidelijk zichtbare zebrapad en nog steeds raast het verkeer je bijna uit je schoenen. Diverse automobilisten kijken je zelfs verwijtend en doordringend aan, alsof jìj ze hindert. Je loopt inmiddels op het veilig gewaande zebrapad, maar een automobiliste heeft toch de asociale brutaliteit om gewoon door te rijden. Ze ziet je niet eens. Omdat jìj wel bij je volle verstand bent, houd je in om een fatale klap tegen die auto te voorkomen; je wilt immers met twee bruikbare benen aan de overzijde van de weg komen en niet met twee benen met rammelende botten erin. Van de andere zijde nadert een fatsoenlijke automobilist met gepaste snelheid en stopt netjes voor je, zoals het hoort, zoals het moet.

Rijbesluit 1972 legt spelregels vast
Moet, omdat het ook in Suriname bij wet is geregeld hoe je als voetganger een voetgangersoversteekplaats als een zebrapad moet ‘nemen’ en hoe je je als automobilist moet gedragen wanneer een zebrapad wordt genaderd. Het zogenoemde Rijbesluit 1972 (in 2005 gewijzigd bij Staatsbesluit) omschrijft een zebrapad alsvolgt:
‘Een voetgangersoversteekplaats bestaat uit een dwars over de rijbaan aangebrachte strook van tenminste 4 m breed, samengesteld uit witte en donkere strepen. Op voetgangersoversteekplaatsen wordt aan voetgangers door bestuurders een zekere bescherming geboden ( art. 52 b lid 1 ). (...) Uit de verplichting voor bestuurders om voetgangers op een voetgangersoversteekplaats voor te laten gaan, vloeit voort dat zij de naar omstandigheden geboden voorzichtigheid in acht moeten nemen. Zij dienen de voetgangersoversteekplaatsen voorzichtig te naderen. (...) Hetzelfde geldt als zij kennelijk op het punt staan te gaan oversteken, bijv. als zij op het trottoir bij een voetgangersoversteekplaats staan te wachten.’

Wanneer een automobilist niet stopt bij een zebrapad om iemand veilig de weg over te laten steken, riskeert hij een boete van honderdvijftig Surinaamse dollars. De woordvoerder van het Korps Politie Suriname, John Jones, liet op 10 februari 2012 tegenover de krant De West weten dat er ‘onmiddellijk wordt opgetreden’ als een automobilist op heterdaad wordt betrapt op het doorrijden over een zebrapad terwijl iemand aan het oversteken is. Jones: ‘Op het moment dat iemand vòòr een voetgangersoversteekplaats een poging doet om over te steken, dient de bestuurder gelijk te stoppen. Wanneer hij het zebrapad nadert, moet hij op een afstand al vaart verminderen.’

Zelden agent bij zebrapad
Het zijn goedbedoelde woorden van de vertegenwoordiger van de Surinaamse politie. Maar, dat zijn het, woorden. De praktijk leert echter dat je zelden tot nooit een agent bij een zebrapad ziet staan. Mocht hij er wel staan, dan is de vraag hoe hij denkt op te kunnen treden tegen een asociale voorbij razende automobilist die geen oog had voor die ene aarzelende voetganger die het zebra nauwelijks op durfde te lopen.

Het Surinaamse verkeer is een waar risicogebied. Het ontbreekt veel Surinamers helaas aan fatsoen en ook aan verkeersinzicht. Velen blijken maling te hebben aan verkeersregels en verkeerswetgeving. In Suriname krijg je geen voorrang, maar neem je voorrang. Brutalen en asocialen hebben de halve wereld. Staat er ergens een file dan zie je met regelmaat buschauffeurs fietspaden op racen, een ander woord is er niet voor. Bermen worden kapot gereden. Soms belandt een bus mèt passagiers in een berm, vanwege het roekeloze rijgedrag ven de chauffeur. Je vraagt je wel eens af hoe het mogelijk is dat dergelijke buschauffeurs hun rijbewijs hebben kunnen behalen. Zij nemen grote risico’s in het verkeer en ‘vergeten’ daarbij dat zij mensen vervoeren. Buspassagiers moeten zich veilig kunnen voelen wanneer zij van plaats A naar plaats B worden vervoerd. In Suriname is een ritje in een bus een klein avontuur.

Een auto kan dodelijk wapen worden....door onbezonnen en onverantwoordelijk gedrag chauffeur
Het aantal ongelukken in Suriname is te hoog, het aantal (dodelijke) verkeersslachtoffers in Suriname is te hoog. Maar, zolang mensen hun gedrag als chauffeur/coureur niet veranderen, zal er weinig in het verkeersbeeld veranderen. Sinds december 2010 wordt de kleinschalige goudsector geordend door een presidentiële commissie. Het zou goed zijn wanneer er een presidentiële commissie Ordening Verkeersgedrag en Infrastructuur ingesteld zou worden. Veel verkeersleed in het land is simpelweg te voorkomen, wanneer weggebruikers hun verstand gaan gebruiken en beginnen te begrijpen dat hun voertuig eens een dodelijk wapen kan worden door hun eigen onbezonnen en onverantwoordelijke gedrag.

Noot Kraaijer:
Het artikel is volledig gepubliceerd op 22 februari 2012 op de Surinaamse nieuwswebsite NoSpang en op 24 februari 2012 op de Surinaamse nieuwswebsite GFC Nieuws.
De directeur van Sky Radio & Televisie reageerde via email persoonlijk op 22 februari 2012:
'Beste heer Kraaijer,
Het is een juiste constatering.!!!
Het lijkt alsof het de verantwoordelijkheid van alleen de politie is om in de gesignaleerde trend een ommekeer te brengen.
Ik denk dat wij als gemeenschap stelling moet nemen tegen het verfoeilijk en a-sociaal gedrag van bepaalde weggebruikers.Dan kan er iets veranderen aan het rijgedrag en mentaliteit van deze lieden.
Met vr groet
A.Lall Mohamed'

zaterdag 4 februari 2012

Onzorgvuldige Surinaamse media....twee onvoldoendes op een dag

Bevolkingsgroep stigmatiseren en te snel nieuws willen brengen (scoren) brengt onzorgvuldigheid met zich mee…..

04-02-2012 door: Paul Kraaijer


De media heeft zich zich weer eens van een slechte zijde laten zien. De wijze waarop op zaterdag 4 februari door twee vertegenwoordigers van de Surinaamse nieuws is gebracht, wekte mijn verbazing.

Mijn eerste verbazing ontstond in alle vroegte bij het lezen van de krant De Ware Tijd. De krant bracht een artikel over de wateroverlast in Paramaribo-Noord. Inhoudelijk een prima artikel, maar het onderschrift bij een bij het artikel geplaatste foto fronste weer eens mijn journalistieke wenkbrauwen. Op de foto is een woning te zien die volledig door het water is ingesloten. Het onderschrift luidt: ‘Ook minderbedeelden worden geteisterd door wateroverlast in Paramaribo-Noord. Dit huis aan de Kleinestraat zit nu middenin een zwamp.’


De wateroverlast deze dagen in delen van Paramaribo treft iedereen, of je nu een Hindoestaan, Chinees, Javaan, goed gesitueerd, zwerver of huisdier bent. Waarom heeft iemand op de redactie van De Ware Tijd besloten om nadrukkelijk te vermelden dat ook ‘minderbedeelden worden geteisterd door wateroverlast’? Tja, iedereen zou zelf kunnen beoordelen wie in het huis op de foto zou kunnen wonen. Maar, het uiterlijk of de grootte van woning hoeft bij voorbaat niet te verraden hoe financieel daadkrachtig de bewoner(s) is (zijn).
Het deel van het onderschrift bij de foto waarin het woord ‘minderbedeelden’ wordt genoemd, is dan ook behoorlijk stigmatiserend en ook nog eens overbodig. Van enige objectiviteit bij de bedenker van het onderschrift is totaal geen sprake.

Na van deze verbazing te zijn bekomen, werd mijn aandacht gevestigd op een serie berichten op de nieuwswebsite Starnieuws over een ernstig ongeval te Uitkijk, dat al snel een zelfmoord en drievoudige moord bleek te zijn.

Het eerste bericht verscheen om twee uur in de ochtend met onder andere deze tekst: ‘(...) Omstanders vertellen aan Starnieuws dat de chauffeur van de auto eerst naar achteren reed. Ineens schoot de grijze Carina in volle vaart naar voren en belandde in de rivier. Het voertuig dreef een poosje op het water, maar verdween in de diepte. Het is nu vloed wat het zoeken bemoeilijkt. Er wordt gevreesd voor het leven van de inzittenden. (...)'
Op dat moment is totaal nog niets bekend over het aantal en de identiteit van de inzittenden.
De redactie van Starnieuws wil gewoon als eerste het nieuws brengen, terwijl er feitelijk nog te weinig te melden is.

Het tweede bericht verschijnt ’s morgens om kwart voor negen op Starnieuws. Daarin is onder andere het volgende te lezen: ‘(...) Gisteravond zijn twee vissers getuige geweest van dit ongeval. De vissers hebben tegenover de politie verklaard dat er twee personen, een man en een vrouw, in de auto zaten. Op een gegeven moment reed de man de auto ongeveer tien meters achteruit en reed daarna vooruit. Hij gaf veel gas en ging met knarsende banden de rivier in. De politiecommandant zegt dat dit, vermoedelijk, te maken heeft met zelfmoord en moord. Vermoed wordt dat de twee vermiste personen uit een ander district afkomstig zijn. (...) Aanvankelijk werd ook gedacht dat er kinderen in de auto zaten.’Starnieuws baseerde haar informatie kennelijk vooral op de verklaringen van twee getuigen, vissers. Die mannen hadden verklaard dat zich in de auto een man en een vrouw bevonden. Het artikel eindigt met de opmerking dat aanvankelijk gedacht werd dat er ook kinderen in de auto zaten.

Om acht minuten voor elf in de ochtend verschijnt een derde bericht op Starnieuws. Daarin staat onder andere: ‘(...) De auto, Toyota Carina, die in de Saramaccarivier verdween, had vier inzittenden erin. Het gaat om een vader met zijn drie kinderen. De moeder van die kinderen en echtgenote heeft aangifte van vermissing gedaan bij de politie te Nieuwe Grond. (..) Eerder op de dag was het gezin gaan uit eten. Er ontstond een heftige ruzie tussen man en vrouw. De man bedreigde de vrouw dat hij zichzelf samen met de kinderen van kant zou maken. Hij zette de vrouw uit de auto en reed met de kinderen weg. Toen de vrouw de man en de kinderen niet zag aankomen, besloot ze vanmorgen aangifte te doen. De personen en de auto worden nog steeds vermist. (...)’

Een uur na publicatie van dit bericht meldt Starnieuws dat de auto is gelokaliseerd en dat de politie een graafmachine heeft laten komen om de wagen uit de rivier te takelen. Het artikel eindigt alsvolgt: ‘(...) Het drama dat zich afspeelt op de plaats des onheils is enorm. "Waarom moest dit gebeuren, waarom moesten de onschuldige kinderen meegesleurd worden in de dood", vragen huilende familieleden zich af.’ Starnieuws houdt van drama en het benadrukken ervan.

Om vijf minuten voor half drie ‘smiddags bericht Starnieuws dat de poging om de auto uit de rivier te takelen is mislukt, omdat de kabel brak. ‘(...) Een diepe zucht ging door de menigte toen de kabel brak. In de auto worden de ontzielde lichamen verwacht van de slachtoffers. Het gaat om een meisje van anderhalf, twee jongens van 3 en 7 jaar. De vader die ze dood in joeg, is 29. (...)’

Starnieuws laat haar bezoekers om vier uur ’s middags weten dat de auto de rivier uit is getakeld: ‘Om half vier is het gelukt om het voertuig met de vier verongelukten uit de rivier te trekken. De tweede poging om de auto uit het water te halen, is gelukt. Het heeft ruim zestien uur geduurd om de wagen te lokaliseren en uit de Saramaccarivier te krijgen. Nadat de technische formaliteiten verricht zijn door de Forensische Opsporingsdienst, worden de ontzielde lichamen vervoerd naar het mortuarium. (...)
Uit dit bericht zou de conclusie kunnen worden getrokken, dat de lichamen van de vader en de drie kinderen zich in de auto bevonden. Later zou blijken dat ook die informatie onjuist was.

Duidelijk is dat de redactie van Starnieuws liever het nieuws (te) snel brengt dan de informatie voor plaatsing te checken. Sky Radio had inmiddels gemeld dat één van de inzittenden, de zevenjarige zoon, zich niet in de auto bevond. Hij was vermoedelijk door de door de klap op het water kapotgeslagen voorruit van de auto eruit gekomen. Ook dit artikel wordt met de nodige overbodige dramatiek beëindigd: ‘(...) Hij reed volgens ooggetuigen bewust in volle vaart het water in. Het gegil van de kinderen blijft naklinken... (...)’

Om vijf uur ’s middags moet Starnieuws in een artikel erkennen dat de zevenjarige jongen zich toch niet in de auto bevond: ‘Het ontzielde lichaam van de oudste zoon van zeven jaar is uit de auto gedreven. In het voertuig dat uit de Saramaccarivier werd getrokken, zijn drie lichamen aangetroffen. (...)’

Het ongeluk blijkt het gevolg te zijn van een familiedrama. De 29-jarige bestuurder/vader was volgens Sky Radio al enkele malen met de politie in aanraking geweest wegens huiselijk geweld. Dat zou verklaren waarom agenten op de plaats van het ongeluk al snel verklaarden dat het vermoedelijk ging om moord of zelfmoord. Instanties wisten dus van de problemen in het gezin, maar enige begeleiding heeft de vader nimmer gekregen, aldus Sky radio.

Velen zullen zich nu achter de oren krabben.
Hopelijk ook de redactie van Starnieuws die zich zou moeten bezinnen over haar wijze van berichtgeving. Berichtgeving die slechts ten doel had en heeft om nieuws telkens als eerste te brengen en mogelijk om bezoekers van haar website telkenmale terug te laten keren. Die snelheid brengt echter onvermijdelijk onzorgvuldigheid en slordigheid met zich mee. Juist in dit soort zaken is zorgvuldigheid heel belangrijk. Het gaat om mensenlevens, het gaat om families en vrienden en bekenden van slachtoffers. Informatie is niet of nauwelijks gechecked door Starnieuws....
Op één dag twee onvoldoendes voor de media....

donderdag 26 januari 2012

Gefronste wenkbrauwen SVJ over ranking Suriname op wereldranglijst persvrijheid van Verslaggevers Zonder Grenzen

SVJ heeft twijfels over hoge plaats Suriname op wereldranglijst persvrijheid


Eigen organisatie ook schuldig aan beperken persvrijheid

26-01-2012  door: Paul Kraaijer


De Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ) laat op 26 januari via haar voorzitter Wilfred Leeuwin weten, verbaasd te zijn over de plaats die Suriname inneemt op de 2011-2012 wereldranglijst van persvrijheid van de internationale organisatie Verslaggevers Zonder Grenzen(VZG). Op die lijst pronkt Suriname nu op een gedeelde tweeëntwintigste plaats met Japan. Suriname laat landen als het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Australië achter zich. Dat lijkt een ware prestatie, maar hoe realistisch is de lijst? Waar wordt de ranking van een land op gebaseerd?

Zijn VZG-informanten betrouwbaar
‘De verbazing van de SVJ wordt vergroot als achteraf wordt begrepen dat VZG geen relevante referentie heeft gebruikt om tot deze notering te komen’, aldus de SVJ in een verklaring, ondertekend door de voorzitter. Op de vragenlijst die een journalist voorgeschoteld heeft gekregen, konden vragen alleen met ‘ja’ en ‘nee’ worden beantwoord, zo staat te lezen op de nieuwswebsite Starnieuws waar Leeuwin als journalist werkzaam is (Kraaijer: die vragenlijst telt vierenveertig vragen).


‘De SVJ als georganiseerde beroepsinstantie en bewaker van de persvrijheid in Suriname is nimmer hierover geconsulteerd’, staat in de verklaring.  Of de SVJ geconsulteerd had moeten worden is natuurlijk maar de vraag. De VZG is voor haar informatie afhankelijk van zogenoemde informanten in landen. Die informanten geven misstanden en dergelijke in de journalistiek door aan het VZG hoofdbureau in het Franse Parijs. De vraag kan gesteld worden hoe betrouwbaar, objectief en geloofwaardig de informanten zijn. Voor Suriname is die informant Ivan Cairo, journalist bij een van de grote landelijke dagbladen, De Ware Tijd. Het is ook deze journalist die Leeuwin heeft geïnterviewd voor de editie van 26 januari. In dat interview zegt de voorzitter van de SVJ te hopen dat VZG zich in de toekomst breder oriënteert over de situatie in Suriname, met meerdere journalisten praat en niet slechts afgaat op de afwezigheid van fysiek geweld tegen journalisten of mediahuizen. Ook de subtielere zaken die fnuikend zijn voor de persvrijheid moeten in de beoordeling worden meegenomen.’Leeuwin heeft feitelijk VZG via Cairo al direct benaderd...... Maar, wat of wie belet de SVJ om zelf informatie over persvrijheidissues in Suriname te melden bij VZG? Als de SVJ casu quo Wilfred Leeuwin zoveel belang eraan hecht dat VZG informatie ontvangt uit Suriname en dat Suriname op een meer realistische plaats komt te staan in de wereldranglijst van persvrijheid, dan zou de Surinaamse journalistenvereniging zelf contact op kunnen nemen met VZG en geen passieve houding aannemen.

Verbale intimidatie journalisten zou zijn toegenomen
Inhoudelijk gaat VZG niet in op de vraag waarom Suriname op de wereldranglijst van persvrijheid dertien plaatsen is geklommen naar plaats tweeëntwintig. In één zin wordt geschreven dat Suriname, zoals Canada, Jamaica en de zeven leden tellende Organisatie van Oost Caribbische Staten, haar nieuwe positie te danken heeft aan het feit dat er geen gewelddadige incidenten zijn geweest waarbij journalisten betrokken zijn geweest en aan verbeteringen in de vrijheid van informatie. In de op 26 januari uitgegeven verklaring reageert de SVJ hierop alsvolgt: ‘Op zich klopt dit en mogen we verheugd zijn dat ‘ook’ in 2011 geen enkele journalist vanwege zijn of haar werk is mishandeld, voor het gerecht is gedaagd of vermoord. Maar voor de SVJ is dat juist de reden waarom 2011 aangemerkt kan worden als het jaar waarin de persvrijheid wel degelijk onder druk is komen te staan. Juist in dat jaar is er verschil te merken en kan een vergelijking gemaakt worden met voorgaande jaren.’
Volgens de SVJ is in 2011 de communicatie tussen de overheid en de vrije media juist verslechterd. ‘De overheid kiest er eerder voor zelf gedoceerde informatie te verstrekken aan de gemeenschap. In 2011 zijn de mediabedrijven Dagblad Suriname en het avondblad De West, waar journalisten werken, vanuit de overheid belemmerd en beknot in de uitoefening van hun werk. In 2011 is de verbale intimidatie naar journalisten toe toegenomen’,aldus Leeuwin. In welke zin die verbale intimidatie is toegenomen, vermeldt Leeuwin niet.



Suriname en VZG
De SVJ hoopt dat VZG de situatie rond persvrijheid in Suriname voor haar jaarlijkse wereldranglijst werkelijk herziet en zich in de toekomst beter laat informeren vanuit Suriname over misstanden en dergelijke in de journalistiek. Hiertoe zou wellicht VZG een andere Surinaamse informant moeten krijgen. Met de verontschuldigingen van de organisatie is in ieder geval een goede zet geplaatst.

Op de internetsite van de organisatie worden overigens slechts drie journalistieke incidenten in Suriname vermeld, waarvan één ook nog eens – hoe opmerkelijk – direct betrekking heeft op haar eigen informant Ivan Cairo:

Mei 2007
Op 10 mei mocht het STVS actualiteitenprogramma Suriname Vandaag van de staatszender niet worden uitgezonden, onder druk van de toenmalige vice-president Ram Sardjoe en onder druk van Chinese diplomaten in Paramaribo. Feitelijk dus onder druk van de regering Venetiaan. Het programma zou gaan over de relatie tussen China en Taiwan. De producer en redacteur van het programma was Nita Ramcharan die  graag had gezien dat het programma was uitgezonden. Een van de journalisten die de Chinese ambassadeur had geïnterviewd kreeg later dreigtelefoontjes van diplomaten.

November 2009
VZG is bezorgd over dreigtelefoontjes op 7 november aan het adres van journalist Ivan Cairo van De Ware Tijd. De telefoontjes werden in verband gebracht met een serie artikelen over de verdwijning van negentig kilo inbeslaggenomen cocaïne uit een politiebureau in Paramaribo. De VZG-website laat met betrekking tot dit incident weten: ‘Cairo is also the Reporters Without Borders Surinam correspondent.’ Cairo verklaarde tegenover VZG een telefonische boodschap te hebben ontvangen waarin hij gewaarschuwd werd om uit te kijken. Suriname stond in 2009 op plaats tweeënveertig van de wereldranglijst van persvrijheid.

Augustus 2010
VZG laat op de dag van de inauguratie van president Bouterse weten dat die installatie niet mag betekenen dat hij onschendbaar wordt voor de moord op journalisten. Onder de vijftien doodgeschoten democratische activisten in de nacht van 8 december 1982 bevonden zich vijf journalisten: Andre Kamperveen, eigenaar en manager van Radio ABC, Frank Wijngaarde, een Radio ABC verslaggever, en drie schrijvende journalisten, Leslie Rahman, Bram Behr en Jozef Slagveer.  VZG: ‘Net als Zuidamerikaanse buurlanden van wie de regeringen veel in het werk hebben gesteld om mensenrechtenschendingen in het verleden niet te vergeten, zo moet de nieuwe regering van Suriname begrijpen dat een verkiezing of amnestie problemen uit het verleden niet kan oplossen.’

De mishandeling begin juni 2010 van de Nederlandse journalist Armand Snijders, onder andere oud-hoofdredacteur van het Surinaamse maandelijkse magazine Parbode, was niet belangrijk genoeg voor VZG om te vermelden op de website van de organisatie. Waarschijnlijk werd de mishandeling ook niet bij de organisatie door haar informant Cairo gemeld...  Snijders werd door een terreinwagen ‘s morgensvroeg van zijn bromfiets gereden en vervolgens geslagen en geschopt. Volgens Armand zouden zijn belagers hem hebben ‘gezegd’ dat hij  'op moet houden met het schrijven van rotzooi in Parbode'. Met gebroken ribben, een op drie plaatsen gebroken sleutelbeen en schaafwonden over zijn hele lichaam kwam hij in een ziekenhuis terecht. Zowel de de Nederlandse Vereniging van Journalisten, NVJ, als de SVJ veroordeelden de mishandeling van Snijders. Het was overigens de vierde keer dat Snijders werd mishandeld. De mishandeling in juni 2010 werd door VZG niet  vermeld in haar volledig jaaroverzicht........

Uit dit overzichtje zou afgeleid kunnen worden dat het met de persvrijheid in Suriname prima is gesteld. Slechts drie ‘ernstige’ incidenten in een paar jaar. Maar, het is opmerkelijk te noemen dat bijvoorbeeld de ernstige mishandeling van Snijders niet wordt vermeld.

Wat weegt zwaarder voor een VZG-informant: een ‘simpel’ dreigtelefoontje aan je eigen (lees: informant) adres of het een ziekenhuis in slaan van een journalist vanwege zijn werk....? Hoe objectief, selectief en onafhankelijk is die ene informant van VZG en hoe goed zou het zijn wanneer het aantal informanten in Suriname drastisch zou worden uitgebreid?


Noot Kraaijer:
Verslaggevers Zonder Grenzen heeft 27 januari 2012 erkend dat de ranking van Suriname op de wereldranglijst van persvrijheid foutief is, aldus bericht het Dagblad Suriname een dag later.

In De Ware Tijd van 28 januari 2012 is in een artikel over 'het gedoe' over de ranking onder andere het volgende te lezen, waarin bevestigt wordt dat dWT journalist Ivan Cairo nog steeds de informant is in Suriname voor Verslaggevers Zonder Grenzen:
'(...) SVJ-voorzitter Wilfred Leeuwin heeft, nadat hij contact zocht met RSF, een brief ontvangen van de organisatie. “Ik moet erkennen dat mijn persoonlijke gegevens over Suriname duidelijk onvolledig zijn”, schrijft Benoît Hervieu van RSF in zijn reactie op de brief van Leeuwin. Verder zegt hij dat het gebrek aan contacten verklaart dat er een onvolledig beeld bestaat. “Ik zou u willen toevoegen als mijn contactpersoon.” Verschuiving Tijdens een telefonisch interview met ‘Bakana Tori’ op Radio SRS daagde RSFcontactpersoon Ivan Cairo eenieder uit om de enquêtelijst op een andere manier in te vullen. “Misschien eindigen we als land dan nog hoger!”

Cairo nam de gelegenheid op de uniforme vragenlijst van RSF door te nemen en daarmee aan te tonen dat de antwoorden op iedere vraag niet in twijfel gebracht konden worden. Daarbij is het zo dat de waardering van andere landen ook een rol spelen in de lijst. “Wanneer de situatie in landen die voorheen hoog scoorden verslechterd is, zakken zij en er vindt een verschuiving plaats op de hele lijst.” (...)'

Maar tot heden heeft geen enkele journalist in Suriname collega Ivan Cairo kritische vragen gesteld over wat hij zoal wel en niet meldt als informant voor Verslaggevers Zonder Grenzen aan deze organisatie......

Overigens besteed, uiteraard, ook Starnieuws op 28 januari 2012 weer aandacht aan de kwestie. Hierin komt de informant voor Verslaggevers Zonder Grenzen, Ivan Cairo, uitgebreid aan het woord.
Hij moet gewoon zijn taak als informant serieuzer nemen...hij komt nu behoorlijk hypocriet en haast verdedigend over en bekritiseert zijn 'eigen' VZG en dan druk ik me nog netjes uit......

Het Assembleelid en oud-journalist Melvin Bouva reageert als mostert na de maaltijd op 31 januari 2011 via het Dagblad Suriname op de ontstane commotie over de klassering van Suriname op de wereldranglijst van persvrijheid, daarbij ongetwijfeld gestimuleerd door zijn verleden als mediaman:

Bouva: “Surinaamse journalisten hebben machtige positie”

Parlementariër Melvin Bouva (NDP/Megacombinatie) vindt het zeer positief dat Suriname van de 36ste plaatst in 2010 naar de 22ste positie in 2011 is gegroeid op de wereld persvrijheidsladder van ‘Reporters Without Borders’.

“In Suriname bestaat er duidelijk geen gevaar voor journalisten om hun werk te doen. Ze hebben integendeel een machtige positie en moeten daar goed gebruik van maken om de bevolking te informeren”, zegt het DNA-lid.

Bouva is van mening dat voorzitter Wilfred Leeuwin van de Surinaamse Vereniging voor Journalisten (SVJ) emotioneel heeft gehandeld bij het bekritiseren en onder de noemer ‘discutabel’ plaatsen van het internationale persvrijheidsrapport.
“Zijn argumentatie dat 'Reporters Without Borders’ slechts één journalist heeft geïnterviewd om te komen tot het eindresultaat en dat journalistiek bedrijven in Suriname juist moeilijker is geworden, is zwak, want ik heb de vragenlijst gezien en ook al hadden 100 journalisten het beantwoord, ze zouden niets anders dan ‘ja’ of ‘nee’ kunnen invullen”, aldus de parlementariër.

Daarnaast vindt Bouva dat persvrijheid meer heeft te maken met de individuele beperkingen die een journalist/verslaggever ervaart om een regeringsfunctionaris te bereiken. “Het heeft ook te maken met hoe hoofdredacteuren het nieuws in zijn juiste of onjuiste vorm doorlaten en met wetten de journalistiek rakende”, aldus Bouva.

Het Megacombinatie-lid is ervan overtuigd dat de regering Bouterse/Ameerali de pers niet onder druk wenst te zetten, zoals de SVJ wil doen overkomen. Hij onderbouwt dit door te stellen dat de huidige regering in de eerste instantie verbeteringen heeft aangebracht voor de media bij de wekelijkse persontmoetingen.

De wekelijkse persontmoetingen zijn in een ander jasje gegoten met instemming van hoofdredacteuren en er zijn geen wetten gemaakt om de journalistiek te beperken. Daarnaast worden journalisten niet ontvoerd of vermoord. De samenleving is in het verleden ook nimmer zou nauw geweest bij de informatie van de regering. De regering Bouterse zorgt op agressieve manier voor informatievoorziening naar de samenleving toe”, aldus Bouva die vindt dat de groei naar de 22ste plek op de wereldpersvrijheidsladder Suriname moet stimuleren om vrije meningsuiting meer ruimte te geven.

Ondertussen heeft Reporters Without Borders, nadat de SVJ in stelling is gekomen, besloten om het onderzoek naar persvrijheid in Suriname opnieuw te doen. “Toch vind ik dat de reactie van de SVJ eenzijdig en geen objectief beeld geeft.”