Posts tonen met het label Leontine Bansse-Issa. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Leontine Bansse-Issa. Alle posts tonen

donderdag 30 augustus 2012

Verbannen Furadan populair gif onder inbrekers

Vele honden slachtoffer van landbouwgif

Geen controle op- en handhaving van wet- en regelgeving

30-08-2012   Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Het Surinaamse inbrekersgilde gebruikt met regelmaat het landbouwgif Furadan (carbofuran) om (waak-)honden op percelen uit te schakelen, waarna de criminelen ongestoord kunnen inbreken in woningen. Het product Furadan werd echter al in 2007 door het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) verboden verklaard. Toch blijkt het dodelijke goedje nog in omloop te zijn en is er kennelijk geen enkele vorm van controle vanuit de overheid aanwezig.

Bruno
De hond Bruno van oud-Staatsolie directeur Eddie Jharap werd zondagavond 26 augustus  het voorlopig laatste dodelijke slachtoffer van het gif. Inbrekers bleken de hond te hebben vergiftigd met balletjes gehakt, gemengd met Furadan. Bruno stierf een gruwelijke dood.

Bruno en zijn baasje Eddie.... (Bron: Eddie Jharap, Facebook)
Furadan stond de volgende dagen weer even in de schijnwerpers, zij het zijdelings, omdat het in de lokale media, natuurlijk en vooral, ging om de hond van een bekende en gewaardeerde Surinamer. Jharap deed zijn schrijnende verhaal tegenover diverse media.

‘(...) Hij had duidelijk veel pijn, hijgde zwaar en langzaam. Er kwam slijm en bloed uit zijn mond en probeerde op te staan, maar viel direct op de grond. Hij heeft mij wel herkend. Ik heb hem zijn hoofd gewassen en geprobeerd water in zijn mond te geven. Elke keer als ik wat water gaf, kreunde hij erg. Het leek als of het water hem pijn deed. Ik heb gebeden, gehuild en hem gestreeld. Hij werd rustiger, zijn adem langzamer en de kreunen zachter. Ongeveer vijf minuten later heeft hij langzaam zijn ogen gesloten en met een paar hikken de geest gegeven. Toen hij stijf begon te worden wist ik dat hij dood was. Al die tijd had ik zijn hoofd op mijn schoot.’

Eddie Jharap sprak over Bruno alsof hij een mens was.....

Geen inhoudelijke aandacht in media voor Furadan......
Over Furadan of carbofuran werd en wordt echter nauwelijks gesproken of geschreven door en in de media. ‘Journalisten’ blijken meer geïnteresseerd te zijn in de wijze waarop door Furadan vergiftigde honden op gruwelijke wijze overlijden en in het begrijpelijke treuren van de eigenaren, dan in het verhaal achter Furadan.

Maar, opmerkelijk genoeg, kwam de krant De Ware Tijd op donderdag 30 augustus met een artikel over de Wet Bestrijdingsmiddelen en dat handhaving ervan veel te wensen zou overlaten. De wet lijkt alleen op papier te bestaan, dat is de teneur van het artikel.

‘(...) Verboden en vervallen pesticiden en herbiciden die onlangs samen met ambtenaren van het ministerie van Landbouw Veeteelt en Visserij (LVV) in beslag zijn genomen, moeten geretourneerd worden aan overtreders. Die mogen de producten blijven verkopen. (...)
Bij LVV wordt zelfs vermoed  dat medewerkers – die moeten toezien op een correcte naleving van de wet door importeurs en verkopers van landbouwchemicaliën – smeergeld aannemen en de andere kant opkijken bij het constateren van overtredingen. (...)’, zo schrijft de krant.

In het artikel worden diverse pesticiden met naam en toenaam genoemd, maar over Furadan wordt met geen letter gerept. Opmerkelijk, omdat juist dit product met regelmaat op negatieve wijze in het nieuws komt, terwijl het feitelijk niet meer in het land aanwezig zou mogen zijn.

Overigens worden ook andere dieren het dodelijke slachtoffer van Furadan. Zo werden begin november 2007 drie zogenoemde zebustieren te Leiding 9a door het gif gedood.

Dierenbescherming Suriname en Furadan
Dierenarts en voorzitter van de Stichting Dierenbescherming Suriname Leontine Bansse-Issa trok in maart van dit jaar weer eens aan de bel. Dierenartsen zouden wekelijks veel meldingen krijgen over vergiftigde honden. De organisatie pleitte weer voor strengere overheidscontrole op de aanwezigheid van het gif Furadan. Een paar maanden eerder, in november 2011, pleitten zowel dierenactiviste Cynthia Ashruf en Leontine Bansse-Issa voor zwaardere straffen voor ‘hondenmoordenaars’. Ashruf verklaarde toen uit bronnen vernomen te hebben dat Furadan via één van de buurlanden Suriname binnengesmokkeld wordt.

Zeer giftige carbofuran in veel landen verboden stof
Dat Furadan werkelijk verboden is in Suriname, blijkt uit een verklaring van toenmalig minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij Keremchand Raghoebarsingh gedaan op 27 juni 2007 in de Raad van Ministers, dat Furadan een aantal maanden eerder illegaal was verklaard. Daardoor mag het product ook niet meer geïmporteerd worden. De minister zei verder dat er indicaties zwaren dat illegale pesticiden het land in worden gesmokkeld en dat hij zijn collega’s van Financiën en Justitie en Politie gevraagd had alertheid te betrachten over deze materie. Let wel, dit was ruim vijf jaren geleden.....en nog steeds duikt Furadan op.

Maar wat is carbofuran, de stof in het product Furadan? De stof is een van de meest giftige zogenoemde carbamaten pesticiden. Carbamaten zijn chemische verbindingen die ook in de pharmaceutische handel worden gebruikt bijvoorbeeld om het centrale zenuwstelsel te beïnvloeden als kalmeringsmiddel, pijnstiller of spierverslapper.

Typische symptomen, na inname van carbofuran door dieren, zijn kwijlen, tranen, urineren, defecatie, moeilijke ademhaling, braken en trage hartslag. Dikwijls is de dosis zo hoog dat de dieren snel, na enige spierrillingen en stuipen, in coma gaan en sterven. Als de dieren de eerste fase doorkomen, kunnen er dagen tot weken later nog vertraagde verschijnselen optreden gekarakteriseerd door wankel op de poten staan, overdreven bewegingen en een rare houding of stand van de achterpoten.

In vele landen is carbofuran inmiddels verboden. In de Europese Unie is carbofuran sedert 13 december 2007 niet meer erkend en dus ook niet in Nederland. Dat wordt 30 augustus 2012 bevestigd in reactie via email door Eveline Beij, Management Assistent bij het ‘College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden’ in Wageningen:  ‘Middelen op basis van deze stof zijn in heel Europa niet toegelaten. De stof Carbofuran mag in Europa niet gebruikt worden in gewasbeschermimgsmiddelen.’


Zelfs leeuwen overleden Furadan niet......
Carbofuran werd zelfs illegaal gebruikt om opzettelijk wild dodelijk te vergiftigen in Amerika, Canada, Groot-Brittannië en Kenia. Vooral steenarenden en buizerds werden het slachtoffer, maar ook honden, wasbeertjes en gieren. In Kenia gebruikten rondtrekkende herders, vooral de Masaï, het gif om leeuwen te doden. Dat werd in april 2010 zelfs even wereldnieuws. Een paar leeuwen en een hyena in het zuiden van Kenia waren gedood met vergiftigd vlees. Het gif dat werd gebruikt was Furadan (carbofuran), verkocht door het bedrijf FMC Corporation in het Amerikaanse Philadelphia. Volgens de producenten zou Furadan niet schadelijk zijn, als het goed gebruikt wordt. Maar in Kenia, Oeganda en Tanzania werd het niet meer verkocht toen bleek dat herders het gebruikten om leeuwen mee te doden.

Paula Kahumbu, directrice van WildlifeDirect, een natuurbeschermingsorganisatie in Kenia, schreef over het misbruik van Furadan: ‘WildlifeDirect wetenschappers hebben consequent gerapporteerd dat Furadan wordt gebruikt om leeuwen te vergiftigen. Deze pesticide wordt gestrooid op de karkassen van vee om zo leeuwen te doden die de aanwezigheid daarvan niet opmerken, omdat de pesticide geen geur of smaak afgeeft. Ieder dier dat van een vergiftigd karkas eet, sterft binnen enkele minuten. Niet alleen leeuwen, maar ook jakhalzen, hyena's en aasgieren.’

Net als het geval is in Suriname, werd in Kenia Furadan uit de handel genomen, maar door smokkelpraktijken komt het gif toch beide landen in.

Wetgeving en importverboden geen zin als overheid niet toeziet op naleving
In Suriname blijkt er niet tot nauwelijks op Furadan door de overheid gecontroleerd te worden. Het ministerie van Landbouw, Visserij en Veeteeld was niet bereikbaar voor commentaar of wilde gewoon niet reageren, de vingers niet branden. Ook niet reageren is echter reageren......
De Wet Bestrijdingsmiddelen blijkt niet meer dan een papieren wet te zijn. Opgepakte inbrekers die met Furadan honden dodelijk hebben vergiftigd worden ook niet tot nauwelijks specifiek voor dat feit beboet of veroordeeld. Het verzoek van de Dierenbescherming om zwaardere straffen in te stellen voor ‘hondenmoordenaars’ vindt vooralsnog geen gehoor en dus worden criminelen ook niet afgeschrikt om het gif te blijven gebruiken.

Wetgeving en (import)verboden hebben geen enkele zin als de overheid niet toeziet op naleving en handhaving. Zolang de overheid hierin nalatig en afwachtend blijft zullen helaas nog vele honden de dood vinden door carbofuran......

UPDATE, lees ook dit arikel van 22 juli 2013 op de nieuwswebsite Tehelka.com, India:

zondag 25 maart 2012

Levendige handel in export dieren uit Suriname....

In 30 jaar werden ruim 850.700 levende dieren geëxporteerd uit Suriname

In 1993 recordaantal van bijna 41.000 groene leguanen uitgevoerd

25-03-2012  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Uit Suriname blijken op legale wijze jaarlijks vele duizenden in het wild gevangen dieren te worden geëxporteerd, waarvan de meesten verdwijnen in de commerciële handel en een enkele soort in een dierentuin of in de internationale vivisectie-industrie. Het aantal geëxporteerde dieren kan verontrustend worden genoemd. Het is een exportbranche waar weinig over bekend is. Bedrijven die zich specifiek met de export van dieren bezig houden zijn nauwelijks te traceren. Het is niets meer en minder dan broodhandel. Dieren worden uit het wild geplukt, opgeslagen in kooien en vervolgens wacht ze een lange reis naar verre oorden. Aan de essentiële vraag of dergelijke exporten in deze tijd nog nodig zijn, wordt voorbij gegaan. Immers, veel diersoorten worden wereldwijd in gevangenschap opgenomen in fok- en kweekprogramma’s.



Uit onderzoek van de gegevens uit het CITES handelsregister (Convention on International Trade in Endangered Species of wild fauna and flora) blijkt dat uit Suriname tussen 1981 en 2011 in totaal ruim 850.700 levende dieren (ruim zestig verschillende soorten) met CITES-papieren zijn geëxporteerd. De (commerciële) handel van meer dan 30.000 beschermde soorten planten en dieren wordt gereguleerd met CITES-vergunningen en -certificaten. Daar hebben verschillende landen in 1973 afspraken over gemaakt. Inmiddels hebben bijna 180 landen deze zogenaamde CITES-overeenkomst ondertekend. Ook Suriname.

In 1981 werden 14.612 dieren en in 2010 10.826 dieren (de meeste dieren in 2010, 3.921, naar de Verenigde Staten en 2.082 naar Nederland) geëxporteerd. De meeste dieren werden in 1995 Suriname uit getransporteerd, 60.108, en het kleinste aantal, 7.740, in 1984.
Het dier dat het meest is/wordt geëxporteerd is de groene legaan (Iguana Iguana), vooral naar Amerika. In totaal werden de afgelopen dertig jaren 503.201 exemplaren het land uit vervoerd. In 1993 werden de meeste groene leguanen (40.715) geëxporteerd en het kleinste aantal, 1.227, in 2004.

Globaal overzicht aantal en soorten geëxporteerde dieren
Om een globaal beeld te schetsen van het aantal en soorten geëxporteerde dieren volgt hieronder een klein en willekeurig overzicht:
14.647 boa constrictors (de meeste, 909, in 2005) – CITES export quotum 2011 1.010 exemplaren;
8.226 kaaimannen met een recordaantal van 853 exemplaren in 1995 – CITES export quotum 2011 925 exemplaren;
6.755 viooltjespapegaaien (Pionus Fuscus, ook wel Pirikutu en Bruin Margrietje genoemd) – CITES export quotum 2011 800 exemplaren;
17.740 maïsparkieten (Aratinga Pertinax; Karuprakiki), waarvan de meeste, 1.500 in 1987 en het kleinste aantal in 2008, 12 exemplaren – CITES export quotum 2011 2.033 exemplaren;
62.187 oranjevleugel amazones (Amazona Amazonica; Kulekule), het grootste aantal van 4.941 vogels werd in 1995 uit Suriname geëxporteerd – het jaar waarin in totaliteit de meeste dieren het land uit werden vervoerd. De meeste oranjevleugel amazones zijn naar Nederland geëxporteerd – CITES export quotum 2011 3.600 exemplaren;
19.958 pijlgifkikkers (Dendrobates Tinctorius; Okopipi) naar vooral Nederland en de verenigde Staten (V.S.) – opvallend is dat in de jaren 1981 tot en met 1986 en 2005, 2006 en 2007 geen enkel exemplaar werd geëxporteerd – CITES export quotum 2011 1.886.

Opmerkelijke exporten
In 2009 werden volgens het CITES handelsregister 31 en in 2010 54 uitheemse Indian Bullfrogs (Hoplobatrachus Tigerinus) – die voorkomen in India, Pakistan en Nepal – geëxporteerd.
In 2007 werden 6 volgens de IUCN (International Union for the Conservation of Nature) Rode Lijst ‘bedreigde’ witvleugel cotinga’s (Xipholena Atropurpurea) naar de V.S. geëxporteerd.
De IUCN Rode Lijst van bedreigde soorten wordt jaarlijks opgesteld door de IUCN met medewerking van duizenden soortendeskundigen wereldwijd. Het risico dat een soort uitsterft en de ernst van de bedreiging wordt vastgesteld aan de hand van een aantal criteria: de snelheid waarmee een soort achteruit gaat, de zeldzaamheid van de soort, en de verspreiding van de soort – grootte van het leefgebied en mate van versnippering.
De witvleugel cotinga komt alleen in het oosten van Brazilië voor en er zouden nog maar tussen de 5.000 en 19.500 exemplaren in het wild leven.
Een ander niet-inheemse diersoort werd in een aantal van 600 naar Amerika geëxporteerd in 2006: de Nicobar sparrowhawk (Accipiter Butleri), die alleen zou voorkomen op de Nicobar Eilanden bij India (heeft de IUCN Rode Lijst status ‘kwetsbaar’).
Twee reuzenmiereneters (Myrmecophaga Tridactyla) zijn in 1996 Suriname uitgevoerd naar Japan en één een jaar later. Twee exemplaren verdwenen in 2002 naar Mexico en een naar de V.S.. Zijn status op de IUCN Rode Lijst is ‘gevoelig’.
In 2001 werden 10 driekleurige gifkikkers (Epipedobates Tricolor) geëxporteerd. Deze kikkersoort leeft alleen in Ecuador en kreeg drie jaar later de status ‘bedreigd’ op de IUCN Rode Lijst.
36 Reuzentoekans (Ramphastos Toco; Toco Toekan) werden in 1995 geëxporteerd naar Nederland en in 1999 6 vogels naar Spanje.
14 Zogenoemde toerako’s (Tauraco) werden in 1999 naar de V.S. geëxporteerd.
1 Tayra (Eira Barbara), een marterachtige, werd in 1997 vanuit Suriname naar Japan geëxporteerd en 1 gestreepte ransuil (Pseudoscops Clamator) naar buurland Brazilië.
In 1996 werden 2 witgezichtsaki’s (Pithecia Pithecia) naar Japan geëxporteerd. Tot vandaag de dag is volstrekt onduidelijk hoeveel van deze apen nog in het wild leven. Vanwege de schuwheid van de witgezichtsaki is de populatie moeilijk te controleren.
In 1987 werden 3 laaglandtapirs (Tapirus Terrestris) naar Nederland en 2 exemplaren in 2008 naar Zuid-Afrika geëxporteerd. Sinds 2008 heeft dit dier de IUCN Rode Lijst ‘kwestbaar’ status.

Begin jaren ’80 en in 1995 zijn krapé’s en aitkanti’s geëxporteerd
Twee van de meest in het oog springende exporten betrof de export van een aantal levende groene zeeschildpadden (Chelonia Mydas; krapé) en lederschildpadden (Dermochelys Coriacea; aitkanti). Van de groene zeeschildpad werden in 1980 120 exemplaren (bestemming V.S.), 1981 350 (bestemming Canada), 1982 1.102 (bestemming 1.100 exemplaren V.S. en 2 Denemarken), 1990 20 (bestemming V.S.) en in 1995 205 dieren – 200 naar Canada en 5 naar Nederland – geëxporteerd. De schildpad had en heeft de ‘bedreigde’ status op de IUCN Rode Lijst. In 1995 werden 5 lederschildpadden naar Nederland vervoerd, in 1981 300 naar Canada en in 1982 74 naar de V.S.. Destijds had deze grote zeeschildpad de ‘bedreigde’ status en nu ‘kritiek’. Een medewerker van de ‘Red List Unit IUCN’ in het Britse Camebridge bevestigt deze exporten en laat in een reactie weten dat de in 1980 en 1981 naar Canada geëxporteerde groene zeeschildpadden en lederschildpadden bestemd waren voor wetenschappelijke doeleinden. Ook de in 1982 naar de V.S. vervoerde 74 lederschildpadden hadden als bestemming de wetenschap.

WWF Guianas reageert verrast en terughoudend
Deze exporten geven aanleiding voor vraagtekens en redenen om een reactie te vragen van het Wereld Natuur Fonds Guianas (WWF Guinas). De ‘maritime turtle conservation assistant’ Avanaisa Turny reageert in een eerste reactie zeer voorzichtig en plaatst vraagtekens bij de genoemde exporten. ‘Als het toch nog blijkt, onderbouwd met bewijzen dat zeeschildpadden legaal geëxporteerd zijn, keur ik dat persoonlijk af. Wat WWF betreft, zullen we bij het uitkomen van uw artikel met de bewijsvoering zeker wel van ons laten horen.’ De geëxporteerde zeeschildpadden zouden mogelijk zogenoemde ‘hatchlings’ (jonge dieren) geweest kunnen zijn, aldus Turny. Dat het WWF Guianas kennelijk geschrokken is door de informatie blijkt binnen kore tijd uit een tweede WWF-reactie, deze keer van ir. Gerold Zondervan, ‘regional advisor’ WWF Guianas. Hij geeft aan ‘niet onmiddellijk een eensluidende reaktie’ te kunnen geven. ‘Ik wil eerst mij (ons) in elk geval terdege laten informeren en oriënteren, aangezien het gaat over een tijdsperiode van nog voordat WWF Guianas werkzaam was hier in Suriname. Officieel zijn wij hier begonnen in 1999. UIteraard zullen wij van onze zijde kontakt maken met de bevoegde instanties, zoals Natuurbeheer en Stinasu, voor onderliggende waarheidsvinding.’ Maar, de gegevens zijn hard. Het staat vast dat levende groene zeeschildpadden en lederugschildpadden uit Suriname zijn geëxporteerd. De export van eieren, vlees en andere dierproducten wordt door CITES apart geregistreerd.

De stichting Dierenbescherming Suriname laat bij monde van voorzitter – èn dierenarts – mevrouw Leontine Bansse-Issa weten de gegevens over de zeeschildpadden ‘schokkend’ te vinden en die waren de stichting niet bekend. Bansse-issa: ‘Dat er in de jaren en tachtig en negentig veel te veel wildlife is geëxporteerd is wel bekend. Dankzij vele organisaties en overheden in binnen en buitenland is de hoeveelheid dieren die geëxporteerd wordt drastisch verminderd. Het is duidelijk dat het verbod op transporten van wildlife naar Europa, tenzij voor aanvulling van genetisch materiaal bestemd voor fokcentra, een grote impact heeft gehad.’

Eind februari 2012 waren de CITES landelijke export quota 2012 voor Suriname nog niet bekend alsook niet de exportgegevens over het jaar 2011.

Export van doodshoofdaapjes, monkimonki’s
Van 1981 tot en met 2010 werden uit Suriname in total 4.612 doodshoofdaapjes (Saimiri Sciureus) geëxporteerd. De meeste verdwenen uit Suriname voor zogenoemde ‘commerciële’ doeleinden. Slechts twintig aapjes gingen naar dierentuinen in de Dominicaanse Republiek (tien) en Kroatië (tien), in 2001. De meeste doodshoofdaapjes werden geëxporteerd naar Japan, 3.490. In 1997 werd het record aantal van 636 aapjes naar Japan vervoerd. Diverse van de naar Japan geëxporteerde doodshoofdaapjes belandden in de vivisectiesector. Verder werden Surinaamse monkimonki’s vervoerd naar de V.S., Slowakije (4 exemplaren in 1996), Maleisië (5 aapjes in 1997, 34 in 2000, 28 in 2002, 4 in 2003 en 28 in 2005), Mexico, Zuid-Afrika en Hongarije (25 aapjes in 2004). Het CITES export quotum voor 2011 bedroeg 1.000 exemplaren.

In oktober 2008 werden 80 doodshoofdaapjes geëxporteerd naar een grote handelaar in proefdieren, Worldwide Primates, in Miami, Florida (V.S.).


Die export leidde tot grote verontwaardiging onder vooral Nederlandse dierenrechtenactivisten die snel overgingen tot een protestactie bij het Surinaamse consulaat in Amsterdam. In augustus 2011 ontving de dierenrechtenorganisatie Animal Rights Foundation of Florida (ARFF) in Fort Lauderdale een brief van de Surinaamse Luchtvaartmaatschappij, SLM, waarin werd medegedeeld dat deze maatschappij geen niet-mensapen meer vervoerd voor de vivisectie-industrie.


Exporteurs moeilijk te vinden
Een speurtocht naar bedrijven in Suriname die dieren exporteren levert zeer weinig op. Het bedrijf Exotic Fauna N.V. is een bedrijf dat onder andere diverse papegaaiensoorten, parkieten, toekans, zoogdieren, apen en reptielen exporteert. Ook zou het bedrijf nu en dan bepaalde diersoorten aan dierentuinen leveren, zoals reuzenmiereneters. Volgens informatie over het bedrijf, te vinden op het internet, zouden alle transporten vergezeld gaan van originele CITES exportvergunningen en gezondheidscertificaten. Exotic Fauna N.V. was niet bereikbaar voor een reactie.
Een ander bedrijf dat dieren exporteert is Graanoogst Animal Exports in het district Wanica. Dit bedrijf zou zich bezighouden sinds 1990 met de export van onder andere schildpadden, diverse reptielensoorten, zoogdieren, parkieten, tropische vogeltjes en toekans. Volgens Graanoogst Animal Exports zijn haar cliënten importeurs uit de hele wereld. Ook dit bedrijf was niet bereikbaar voor commentaar.
Volgens een rapport van het Wereldnatuur Fonds Guianas uit maart 2001 (Evaluation of the Animal and Plant Trade in the Guianas, Preliminary Findings) waren er toen twee overkoepelende organisaties van dierenexporteurs – Vereniging van Vogel- en Dierenexporteurs en Wildlife Exporters and Breeders – met in totaal zestien leden en daarnaast waren er negen onafhankelijke exporteurs.

De Voedsel- en Landbouworganisatie (Food and Agriculture Organization – FAO) van de Verenigde Naties in Rome, omschreef Suriname in een rapport (International trade in wild birds, and related bird movements, in Latin America and the Caribbean) in 2011 nog als een van de belangrijkste Latijns-Amerikaanse exportlanden van vogels. Suriname neemt na Argentinië en Guyana de derde plaats in. Het aantal geëxporteerde vogels nam drastisch af in 2006 en 2007 na een Europees importverbod. Suriname moest op zoek naar nieuwe afzetmarkten en dat werden vooral Mexico en landen in Azië.

Dierenrechtenorganisaties in Suriname besteden nauwelijks tot geen aandacht aan de export van dieren uit het land. Wel was er begin december 2011 een protest van de stichting Dierenbescherming Suriname tegen de verkoop van dieren langs de weg, vooral in Paramaribo. Ook werd bij de Nationale Assemblee een petitie ingediend, waarin gepleit werd voor een verbod op de verkoop van dieren, zoals papegaaien en doodshoofdaapjes, langs de openbare weg in vaak veel te kleine kooien. De stichting is van oordeel dat dieren vrij moeten zijn van pijn, angst en chronische stress. Maar, jaarlijks blijken ook nog eens vele duizenden dieren in kooien en dergelijk vanaf de internationale Johan Adolf Pengel luchthaven bijna anoniem de hele wereld te worden overgevlogen met veelal urenlang durende vluchten.

Dierenbescherming Suriname: ‘Export nauwelijks te controleren’
Mevrouw Bansse-Issa van de Dierenbescherming Suriname zegt dat haar stichting zich op het standpunt blijft stellen dat de grootste invloed op het verminderen en hopelijk uitbannen van transport naar het buitenland van in het wild gevangen dieren pas zal komen, wanneer de vraag in deze landen naar apen en andere dieren stopt. ‘Dit kan worden gestimuleerd door gecoördineerde akties van internationale en nationale organisaties die de publieke opinie trachten om te buigen naar het onder geen enkele voorwaarde willen meewerken aan deze misstanden. Dat is de reden waarom wij in Suriname lobbyen en voorlichting geven om de vraag van de consument ofwel potentiële diereigenaren te remmen om wildlife als huisdier of ook anderzins te willen houden. In de onlangs ingediende concept wet Dierenwelzijn zullen er veel grotere restrictie’s zijn. Pas als de vràag naar in het wild gevangen dieren stopt, zal het vangen en verkopen, legaal of illegaal stoppen.
Individuen, organisaties en overheden zullen via wetgeving en controle op naleving daarvan de handen steeds in elkaar moeten blijven slaan, om de transporten en het houden van wildgevangen wildlife onder controle te krijgen. Maar, zelfs al wordt de wetgeving in Suriname aangescherpt, dan is de controle daarop toch slecht of niet mogelijk en krijg je nog meer illegale transporten dus nog meer dierenleed en dierverlies.’




Vooralsnog verlaten jaarlijks meer dan tienduizend in het wild gevangen dieren Suriname. Het is nog steeds een stille, welhaast heimelijke, en onbekende lucratieve handel. Aan het leed, pijn en stress dat de dieren ongetwijfeld wordt aangedaan, wordt door de exporteurs, vervoerders en handelaren voorbij gegaan. Voor hen zijn die dieren niets meer en niets minder dan produkten die dollars opleveren.

Noot Paul Kraaijer:
Het artikel is op 25 maart 2012 gepubliceerd op de Surinaamse nieuwswebsites Obsession Magazine, GFC Nieuws en NoSpang.

Aan het artikel werd begin mei even aandacht besteedt via de Facebookpagina van een Surinaamse dierenrechtenactiviste. Uit een paar reacties werd duidelijk dat men zeer verrast is over het grote aantal in het wild gevangen dieren dat jaarlijks uit Suriname wordt geexporteerd. Maar, er was ook een reactie van een dame die vindt dat dierenrechtenorganisaties in Suriname door mij zouden worden verweten niets of nauwelijks iets te doen. Hieronder volgen een aantal reacties, ook die van mij (cursief):

'Wat ik niet snap... waarom wordt het de Surinaamse dierenrechtenorganisaties verweten, nauwelijks iets of niets te doen? Als men die aantallen optelt, plus alle andere ellende dat er met dieren in Suriname gebeurt, vergeleken met het aantal dierenrechtenorganisaties in Suriname... Hoe is het dan mogelijk? In plaats van dat men de exporteurs en organisaties die de vraag naar exotische dieren hooghouden aanspreekt... *zucht* maar goed, gelukkig zijn er nog mensen die iedere dag opnieuw die dweil weer oppakken terwijl die kraan maar open staat.'

'(...) dat is precies ook wel mijn persoonlijke opmerking. Mensen en in dit geval de schrijver van het artikel, zijn gauw geneigd een schuldige aan te wijzen en in deze was het echt heel onterecht. Er gebeurt heel veel meer, en ik denk niet dat de schrijver van het artikel ook maar enigszins kan denken dat wij opgewassen zijn tegen die enorme corruptie op dat veld.'

'Even een kanttekening: ik heb geen enkele schuldige aangewezen. Het is jammer wanneer mensen zich op een of andere manier tekort gedaan voelen door het artikel. Maar het is een feit dat dit issue, LEGALE export van wild, geen aandacht heeft gehad. Natuurlijk zijn er mensen die zich voor dieren inspannen en daar besteed ik ook aandacht aan. Ik heb getracht in contact te komen met exporteurs, maar die reageren niet of zijn helemaal niet te bereiken. Het is gewoon een business die zich vooral achter de schermen afspeelt. Met het artikel heb ik slechts beoogd om bekend te maken hoeveel wildvang er jaarlijks uit Suriname wordt geexporteerd. Een handel waar nauwelijks aandacht voor is. Ik ben schrijver, kritisch, geen activist en ik mag zaken aankaarten en eventueel vragen stellen en kritisch zijn. Nu ben ik benieuwd of de handschoen wordt opgepakt om deze grootscheepse handel in in het wild gevangen dieren eens aan te kaarten.....in ieder geval blijkt uit de reacties dat iedereen verbaasd is over de omvang van de export van wild. Was het artikel niet geschreven, dan had niemand hierover kennis gekregen.'

'Weet je hoe lang wij bezig zijn met deze kwestie? En precies wat je zegt, veel gebeurt in het duister. Helaas is er teveel corruptie! En daar zijn ook wij net tegen opgewassen. Er verschijnen bijvoorbeeld foto's van mensen die de schildpaddeneieren stelen op FB en elders, en we zijn benieuwd of die persoon of personen ook aangehouden zijn, behalve de transporteur!'

'Hoe kan men bezig zijn met 'deze kwestie' als de cijfers/aantallen van geexporteerde dieren niet eens bekend waren? Natuurlijk is dit geen makkelijk issue om iets tegen te doen en natuurlijk is er corruptie, en natuurlijk is er belangenverstrengeling, en natuurlijk zijn er belangen, maar werkelijk, ik heb er nooit iets over gelezen of gehoord in Suriname, over de LEGALE export van wild..... LET OP: ik heb geen kritiek op de op 1 hand te tellen dierenbeschermingsorganisa​ties hier, die doen goed werk, maar laten we wel eerlijk zijn en gewoon erkennen dat de LEGALE export van wild nimmer voldoende aandacht heeft gekregen, om wat voor redenen dan ook. Dus nogmaals, ik vind het jammer als mensen zich meteen zo 'aangevallen' voelen en voorbij gaan aan de essentie van het artikel.'

'Wij zijn wel degelijk heel lang hiermee bezig!! Wij voelen ons wel degelijk aangevallen, omdat we wel hard werken, maar krijgen te weinig ondersteuning voor dierenkwesties vanuit o.a. de samenleving. Ik benadruk nogmaals dat de corruptie op dat stuk ook enorm is. Is veel geld! Je was toch aanwezig op de protestdemonstratie georganiseerd door ons? En hoeveel mensen waren aanwezig??? En je had toch ook die foto's gezien van die baby brulaapjes die doodgeschoten waren? Hoeveel protest heb je vanuit de samenleving gehoord? Wij doen ons ding, we praten met overheidsinstanties, we hebben nieuwe wetgeving opgesteld, maar zolang we niet voldoende ondersteuning vanuit de samenleving krijgen, blijven we helaas schreeuwenden in de woestijn. Ik heb met een aantal assembleeleden gesproken en allemaal zeggen: heeft geen prioriteit!!'

'We zullen het niet eens worden: mijn artikel is zooooo lang en bevat zoooooveel informatie en een paar regels gaan over de Surinaamse dierenrechtenorganisaties.....en dan krijgen die paar regeltjes hier meer aandacht dan de essentie van het artikel, DAT is jammer. Ik was overigens niet bij die protestdemonstratie aanwezig en ik zie meer foto's van doodgeschoten wild in Suriname dan die baby brulaapjes.....en neen, protest was er niet, en ook niet na het vertonen door Apintie van die beelden van die mishandelde hond te Goede Verwachting....ik weet dat dieren hier nauwelijks aandacht krijgen en schreeuwen is en blijft nodig ook al is het in de woestijn en laten we ieder op onze eigen manier voor dieren opkomen.'

dinsdag 1 februari 2011

Paramaribo Zoo laat hoogbejaarde tijger niet inslapen - UPDATE: Zoo laat Samba alsnog op 14 november 2011 inslapen.....!!

Samba sterft rustige natuurlijke dood

01-02-2011 Door: Paul Kraaijer, De Parbode, Februari 2011, Jaargang 5, Nummer 58


Wie deze dagen de bijzondere Paramaribo Zoo bezoekt wordt geconfronteerd met een hoogbejaarde Bengaalse tijger. Bij het kleine, oude vervallen verblijf is op een bordje te lezen dat de 19 jaar oude Samba ziek is, aan ouderdomsverschijnselen lijdt, kortademig is en heel slecht eet. Verder kunnen bezoekers lezen dat de verzorger van de tijger geen voorstander is het dier in te laten slapen, omdat ‘hij de mening is toegedaan dat zolang hij (lees: Samba) nog eet, niet besmettelijk is voor de mens en de andere dieren in de Paramaribo Zoo een natuurlijke dood te prefereren is’.

Het bordje en de stil liggende tijger in zijn kooi vragen om een reactie van de directie van de dierentuin. Immers, moet hier niet een ethische discussie worden gevoerd over hoe om te gaan met zeer oude, zieke, dieren in een dierentuin? Laten inslapen ofwel euthanaseren of een natuurlijke dood laten sterven? Maar, is een veel gehoorde reactie, een bejaarde dame of heer die ernstig of ongeneeslijk ziek is laat je toch ook niet inslapen? Daarnaast is er waarschijnlijk in het geval van Samba geen sprake van ondraaglijk lijden. Voor een leek is dat natuurlijk niet te zien: Samba ligt grotendeels van de dag en als hij loopt dan is dat heel traag, haast waggelend.

Discussie
De directeur van de Paramaribo Zoo, John Altenberg, zegt in samenspraak met de verzorger en met de dierenarts van de dierentuin, Leontine Bansse-Issa, besloten te hebben om Samba een natuurlijke dood te laten sterven. Altenberg: “Ja, er is intern wel een discussie geweest over de gezondheidssituatie van Samba. Het is goed om wat tekst en uitleg te geven, omdat de meeste bezoekers de achtergrond van het dier niet kennen. Hij lijdt geen pijn en is niet ziek. Tja, op het bordje dat aan zijn verblijf hangt is helaas wel te lezen dat hij ziek is, maar dat is onjuist. Samba is gewoon oud. Kortademig is hij ook niet. Onze dierenarts behandelt hem en we hebben continu overleg met haar, ook over de voeding. De tijger wordt dus goed in de gaten gehouden.”De woorden van John Altenberg krijgen bijval van mevrouw Bansse-Issa.. “Een dier mag natuurlijk niet uitzichtloos lijden. Maar ouder worden hoort nu eenmaal bij het leven. Samba ademt al jaren iets sneller, maar is zeker niet kortademig. Op dit moment is Samba gewoon een oude tijger, maar niet stervend.”De oude tijger is wel kieskeurig geworden als het om zijn ontbijt en lunch gaat. Bansse-Issa: “Hij lust geen taai rundvlees, maar eet elke dag zijn portie van vier tot zes kippen. Ook de eetlust wordt in de gaten gehouden. Zijn gebit is nog in orde. Hij heeft perioden van stram bewegen gehad en is toen met pijnstillers behandeld. Hij is daar prima op verbeterd.” In 2009 heeft de dierenarts wel een tijger laten inslapen, een zusje van Samba. “Het dier at slecht en werd snel mager, omdat zij een tumor in haar bek had. De directie en verzorgers van de dierentuin zijn dus zeker niet principieel tegen euthanasie, maar willen dit alleen doen bij uitzichtloos lijden. Overigens zijn de tijgers in de Paramaribo Zoo de afgelopen vijftien jaar steeds ouder dan zestien jaar geworden en dan doen zogenoemde ouderdomsverschijnselen zich voor en hebben de dieren geriatische zorg nodig.”, aldus mevrouw Bansse-Issa.



De Rotterdamse dierentuin Diergaarde Blijdorp onderhoudt al vele jaren goed contact met de dierentuin van Paramaribo. Directeur Marc Damen heeft begrip voor de beslissing om Samba van zijn oude dag te laten genieten en om het dier niet te doden. Damen: “Het is voor mij niet mogelijk om een oordeel te vellen over Samba in de Paramaribo Zoo. Ik ben nooit in deze dierentuin geweest, ken het verblijf en de situatie en de casus niet. Maar, ik vertrouw op de deskundigheid van de verzorgers, directie en dierenarts van de Paramaribo Zoo dat ze lijden van het dier voorkomen. In een dierentuin willen we niet alleen maar dieren in topconditie laten zien, maar krijgen dieren ook de gelegenheid om hun oude dag door te brengen. Het feit dat een dier oud en de dagen wellicht moe is, wil nog niet zeggen dat we het dan maar op moeten ruimen. Op het moment dat een dier echter gaat lijden, is dat wel een moment om een dier uit lijden te verlossen.”Volgens Marc Damen laat ook zijn Diergaarde Blijdorp dieren bij voorkeur een natuurlijke dood sterven, als het dier niet lijdt. “Het is een ethische discussie, maar we vinden het respectvol naar het dier en daarnaast hoort de dood bij het leven en daar hoeven we ons niet voor te schamen en dat strikt achter gesloten deuren te laten plaatsvinden.”, aldus Damen.

Deskundige
Een Amerikaanse tijgerdeskundige denkt er echter anders over. Allereerst wil Ronald Tilson, een van de directeuren van de Minnesota Zoo en coordinator van het ‘Species Survival Program’ van de Amerikaanse Vereniging van Dierentuinen en Aquaria, benadrukken dat Samba geen volbloed Bengaalse tijger is. “Buiten de Bengaalse tijgerlanden India, Nepal en Bangladesh, zijn nauwelijks Bengaalse tijgers te vinden. De meesten zijn zogenoemde hybriden, kruisingen tussen twee verschillende soorten, en hun herkomst is veelal onbekend.”Over Samba zegt hij verbaasd te zijn over zijn hoge leeftijd. “Samba is behoorlijk oud, de meeste tijgers gaan voor het 19e levensjaar dood, een enkele wordt ouder maar alleen met goede zorg van een dierenarts. Aan een tijger is trouwens niet te zien of hij pijn lijdt. Tijgers lijden in solitaire stilte.” De Amerikaan laat doorschemeren niet tegen het laten inslapen van Samba te zijn. “Behoedt de oude jongen voor meer pijn. Als hij slecht eet en zich niet meer zo vrij kan bewegen dan is er iets goed mis.”De hoge leeftijd van de tijgers in de Paramaribo Zoo door de jaren heen duidt er op dat de dieren de vele jaren van ‘opsluiting’ in de dierentuin in alle opzichten goed zijn verzorgd en het goed hadden en nog steeds hebben. In het wild leven de dieren meestal een paar jaren korter dan de 19 jaren van Samba. Op dit moment zouden zich overigens wereldwijd rond de 210 Bengaalse tijgers in dierentuinen bevinden. In het wild gaat het bijzonder slecht met deze tijgersoort.
Bedreigd
Volgens een door het Wereld Natuur Fonds in januari 2010 uitgebracht persbericht zouden er wereldwijd slechts zo’n 3200 Bengaalse tijgers in het wild leven. Zeventig jaar geleden leefden er alleen al in India nog rond de 30.000 Bengaalse tijgers. Het dier is dan ook door International Union for Conservation of Nature (IUCN) op haar ‘Red List’ van bedreigde diersoorten geplaatst.

Samba bevindt zich nog in gezelschap van zijn broertjes Joris en Jeltsin, die zich wel in een ander verblijf bevinden. Altenberg: “Alle tijgers in de dierentuin zijn geboren uit een stel dat jaren geleden vanuit Amerika is gekomen. Ik weet niet precies meer uit welke dierentuin. Uit angst voor inteelt werd vrij snel besloten, na overleg met de Amerikanen, om alle tijgers te castreren en te steriliseren. Samba heeft namelijk ook nog twee zusjes gehad. Daarvan is een aan kanker overleden toen zij zestien was en de andere zus is op tienjarige leeftijd overleden.”


De directeur van de dierentuin spreekt bewogen. Het is een man die duidelijk begaan is met het ‘lot’ van zijn dieren. Van bijna ieder dier kent hij de geschiedenis. Zo is hij verzot op zijn Braziliaanse reuzenotter Terry.
Dit dier is ooit als baby ergens in Saramacca gevonden, door iemand bij de dierentuin afgegeven en terechtgekomen in het kantoor van Altenberg. Met de hand heeft hij het dier grootgebracht, vooral met veel pap. Dan is er het verhaal van de miereneter die als jong door iemand van de rug van de moeder werd gehaald. De moeder werd namelijk ‘gekapt’: zijn staart moest het ontgelden, waarna het dier overleed. Elk dier in de diereentuin heeft zijn eigen verhaal.

Vernieuwingen
Altenberg neemt van de gelegenheid gebruik om ook nog even te wijzen op de staat waarin de Paramaribo Zoo verkeert. “Vijf jaar geleden was de dierentuin eigenlijk niet om aan te zien. Langzamerhand worden meer en meer dierenverblijven vernieuwd. Er is al een schitterend apeneiland gebouwd voor de slingerapen, een mooi verblijf voor anaconda’s en er wordt nu gewerkt aan een nieuw apenverblijf. Maar er is nog een lange weg te gaan. In de planning zitten onder andere nog een nieuw verblijf voor de Braziliaanse, populaire met een kalebas voetballende reuzenotter, en een nieuw onderkomen voor de miereneters.”Hij vervolgt enthousiast: “Je stelt prioriteiten en je moest dus beoordelen wat het meest urgent aan vernieuwing toe is. Maar, belangrijk is absoluut ook dat de dieren op een fatsoenlijke wijze te eten krijgen. De dieren krijgen hier het beste van het beste.”Samba krijgt in zijn laatste levensfase ook het beste van het beste en kan in alle rust op ieder moment zelf inslapen op een natuurlijke wijze..... Wanneer Samba is overleden dan wordt hij - als er nog genoeg ruimte is op de eigen dierenbegraafplaats in de Paramaribo Zoo - begraven. Mocht die ruimte onvoldoende zijn dan wordt het dier gecremeerd.

(Bron foto's: eigen foto's Kraaijer)

(Dit is de originele versie van het in het februarinummer 2011 van de Parbode - http://www.parbode.com/ - verschenen artikel.)

Geraadpleegde bronnen o.a.:
http://www.worldwildlife.org/who/media/press/2010/WWFPresitem14914.html
http://www.care2.com/c2c/groups/disc.html?gpp=13579&pst=http://en.wikipedia.org/wiki/Bengal_tiger
http://www.iucnredlist.org/apps/redlist/details/136899/0
http://lynx.uio.no/lynx/catsgportal/cat-website/catfolk/tiger-08.htm
http://library.sandiegozoo.org/studbook.htm#carnivores
http://nl.wikipedia.org/wiki/Paramaribo_Zoo
http://www.aza.org/species-survival-plan-program/


Oudste Bengaalse tijger Paramaribo Zoo overleden

19-11-2011 door Bonnie van Leeuwaarde, De Ware Tijd



Paramaribo - Samba, de oudste Bengaalse tijger van de Paramaribo Zoo, is maandag overleden. Omdat de tijger al een tijdje sukkelde met zijn gezondheid, moest de dierenarts hem laten inslapen. Samba is 21 jaar geworden en was één van de oudste bewoners van de dierentuin.

Het was een moeilijke beslissing, maar ze moest genomen worden, aldus beheerder Rakesh Debisarun. “Samba leed onder zijn ouderdomsverschijnselen”, legt Debisarun uit. “Al zijn tanden waren uitgevallen waardoor hij niet goed kon eten, hij kon niet goed lopen en ademhalen ging heel moeilijk. Eén van zijn longen functioneerde niet meer goed.”

Samba kreeg speciale voeding, vlees zonder botten, en bleef de laatste tijd in zijn nachtverblijf. De leiding van de dierentuin had liever dat Samba een natuurlijke dood zou sterven en gaf hem pijnstillers. “Maar uiteindelijk hebben we toch maar besloten om hem te laten inslapen”, zegt Debisarun. “Je zag gewoon dat hij pijn had. Hij was achteruitgegaan en dat was ook aan hem te zien.”

Samba is geboren in de Paramaribo Zoo, net als zijn broertjes Boris en Jeltsin. Ook hun ouders zijn in de Zoo geboren. De eerste Bengaalse tijgers kwamen uit een Curaçaose dierentuin naar de Paramaribo Zoo. In gevangenschap worden Bengaalse tijgers ongeveer veertien jaar oud en in het wild zijn ze met uitsterven bedreigd. Boris en Jeltsin zijn de twee laatste Bengaalse tijgers van de dierentuin. Beide zijn tien jaar oud.
Samba is maandag begraven achter zijn verblijf.

Dierenverzorger Dewanand Sanchit verzorgde Samba sinds de tijger vijf jaar was. “Ik gaf hem eten, maakte zijn kooi schoon, lette op of hij ziek was en gaf hem liefde en aandacht. Het zijn wilde dieren en ze blijven agressief, maar je moet lief voor ze zijn. Nooit schreeuwen of slaan.” Een beetje verdrietig is Sanchit wel. “Maar hij heeft wel zeker vijf extra jaren gehad.” Terwijl de andere verzorgers een bloemetje op het graf legden, deed Sanchit een gebedje. “Ik heb Bhagwan gevraagd: als ik Samba niet goed heb verzorgd, dan vraag ik vergiffenis”.

Noot Kraaijer:
Eindelijk is Samba uit zijn lijden verlost. Maar, de Paramaribo Zoo blijkt wel inconsequent te zijn geweest. Begin dit jaar schreef ik voor de Parbode een groot artikel over het dier. Toen ging het al heel slecht met hem: hij at nauwelijks, was kortademig en liep niet, neen, hij waggelde. Het was zielig om te zien. Gevraagd naar waarom ze het dier niet lieten inslapen werd gereageerd, ook door de dierenarts, dat ervoor gekozen was het dier een natuurlijke dood te laten sterven. Immers, een hoog bejaard ziek mens laat je toch ook niet inslapen? Nu, is toch besloten Samba te laten inslapen.....rijst de vraag: had de zoo dat nu niet eerder kunnen doen? De tijger heeft met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijk het hele jaar geleden en bezoekers mochten daarvan 'genieten'.....