Posts tonen met het label UNEP. Alle posts tonen
Posts tonen met het label UNEP. Alle posts tonen

woensdag 16 januari 2013

VN-fondsen niet door Suriname benut om kwikgebruik in goudwinning aan te pakken

GEF heeft indammen kwikgebruik wereldwijd als een van haar speerpunten

Achtereenvolgende Surinaamse regeringen laks in bestrijding kwik

16-01-2013  Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Deze dagen is er wereldwijd in media veel aandacht voor een internationale bijeenkomst van het Milieu Programma van de Verenigde Naties (UNEP, United Nations Environmental Programme) - deze week in het Zwitserse Genève - met als doel in de loop van dit jaar te komen tot een internationaal ‘Kwikverdrag’ waarin landen zich vastleggen om kwikvervuiling wereldwijd en het gebruik van kwik terug te dringen.

Vertegenwoordigers van zo’n 130 landen komen bijeen. Onduidelijk is of Suriname een vertegenwoordiging heeft afgevaardigd (zie voetnoot). Suriname kampt al decennia met aanzienlijke kwikproblemen in vooral het binnenland, waar kleinschalige goudzoekers door het gebruik van kwik in het goudwinningsproces kreken en rivieren vervuilen en de gezondheid van lokale bewoners (inheemsen en marrons) in gevaar brengen.
Het uiteindelijk kwikverdrag zal de naam Minamata Convention gaan krijgen, genoemd naar de Japanse stad waarvan bewoners tientallen jaren zijn blootgesteld aan kwikverontreiniging van de zee.

Ontwikkelingslanden spannen zich op allerlei manieren in om het gebruik van kwikgebruik drastisch te verminderen of zelfs compleet uit te bannen.

Suriname laks in aanpak kwikgebruik
Tot vandaag de dag is gebleken dat achtereenvolgende Surinaamse regeringen echter nauwelijks tot geen actie hebben ondernomen om het gebruik van kwik tegen te gaan. Projecten hiertoe zijn er nauwelijks (geweest). Op kleine schaal heeft het Wereld Natuurfonds Guianas getracht kleinschalige goudzoekers te bewegen over te stappen van het gebruik van kwik naar groene, milieuvriendelijke winningsmethoden. Een enkel klein goudwinningsbedrijf heeft zelf de aanzet gegeven om milieuvriendelijk goud te winnen, zoals Sarafina NV dat gebruik is gaan maken van zogenoemde ‘shaking tables’.
Gesteld kan worden, dat Surinaamse regeringen en non-gouvernementele organisaties laks zijn geweest om het kwikgebruik aan te pakken. Niemand heeft ooit met goed doorwrochten plannen of projecten hiertoe enige aanzet willen geven, terwijl iedereen heel goed wist en weet dat wateren in het binnenland sterk vervuild zijn door kwik en dat inheemsen en marrons in bepaalde dorpen met gezondheidsproblemen kampen.

Geen gebruik van VN-GEF en -SGP
Voor specieke opgezette projecten om het kwikgebruik uit te bannen kunnen landen en organisaties voor de financiering ervan een beroep doen op de zogenoemde Global Environment Facility (GEF) of op het Small Grants Programme (SGP), dat weer gefinancierd wordt door het GEF. Het GEF valt onder het VN Ontwikkelings Programma (UNDP, United Nations Development Programme).  Het UNDP zetelt voornamelijk in New York City en voorziet ontwikkelingslanden - met de name de minst ontwikkelde landen - van advies, training en materiaal om armoede te bestrijden en ontwikkeling te stimuleren. UNDP voert daarbij zelf geen projecten uit maar organiseert en financiert deze, waarbij de uitvoering aan andere VN organisaties wordt uitbesteed.

Het in Washington, Amerika, gevestigde, GEF werd opgericht in 1992, na de VN-Top van de Aarde (Earth Summit) in juni van dat jaar in het Braziliaanse Rio de Janeiro. Die conferentie leverde een aantal belangrijke milieuconventies op die de ondertekenende landen dwingen hun economie op bepaalde punten ingrijpend aan te passen. Een speciaal fonds werd nodig geacht om de ontwikkelingslanden daarbij te helpen. Het fonds wordt beheerd door UNEP, UNDP en de Wereldbank. Een paar miljard Amerikaanse dollar is al in dat fonds gepompt voor milieuprojecten. Het fonds concentreert zich daarbij op initiatieven op de terreinen biodiversiteit, klimaatverandering, internationale wateren en stoffen die de ozonlaag aantasten. Het fonds heeft een partnerschap met 182 landen en organisaties en is het grootste publieke fonds te wereld ter verbetering van het milieu in die wereld.

Het SGP is een soort klein broertje van het GEF. Het programma werd voor het eerst in Suriname geïntroduceerd in 1997. Het eerste door een non-gouvernementele organisatie ingediende project werd twee jaren later ter goedkeuring ingediend. Het SGP financiert projecten tot een bedrag van 50.000 Amerikaanse dollar per projectaanvraag.

Inmiddels heeft ‘Suriname’ volgens het SGP zo’n achtentachtig projecteningediend voor een totaalbedrag van  2.089.595 Amerikaanse dollar, waarvan slechts drie betrekking hadden op kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning in het Surinaamse binnenland. Eén van die drie was een door de stichting Godo-holo in 2001 aangevraagd project. 

De stichting ontving 2.000 Amerikaanse dollars voor het aantrekken van een deskundige om onderzoek te doen naar mogelijkheden om kleinschalige goudzoekers in het Tapanahonigebied (zuidoosten van het land), in de omgeving van de Toso- en Selakreek, over te laten stappen van het gebruik van kwik in het goudwinningsproces naar een milieuvriendelijke winningsmethode.
De tweede aanvraag dateert ook uit 2001 van de vrouwenorganisatie Pikin Saron voor een project inzake een onderzoek naar mogelijke kwikvervuiling. Ook hier ging het om een bedrag van 2.000 Amerikaanse dollar. Het derde betreft een milieu bewustwordingsproject uit 2006/2007 voor Marron kleinschalige goudzoekers in het Tapanahoniriviergebied. Doel was om de voor het milieu vernietigende werkwijze van de goudzoekers om te buigen naar een constructieve werkwijze en ook om ze bekend te maken met milieuvriendelijke winningsmethoden. De stichting Nehezra ontving hiertoe een bedrag van 21.236 Amerikaanse dollar.

De aanvragen worden vandaag bevestigd door Tanja Lieuw, National Coordinator van het SGP Suriname. Verder laat ze in een reactie weten: ‘Wij hebben na 2007 geen nieuwe projectvoorstellen ontvangen van non-gouvernementele organisaties die het probleem met kwik willen aanpakken, ons fonds gaat er namelijk wel vanuit dat de organisaties bij ons aankloppen met hun ideeen, die dan samen met ons worden uitgewerkt to projectvoorstellen.’

Bij de  grotere broer, het GEF, blijkt Suriname de afgelopen jaren nauwelijks projecten ter financiering te hebben ingediend. Uit de website van het GEF blijkt dat Suriname voor zeven ingediende nationaleprojecten gelden heeft ontvangen voor een totaalbedrag van 15.655.356 Amerikaanse dollar. 
 
 

Het eerste project dateert uit 1997 en het laatste werd in november 2011 goedgekeurd.  Twee projecten springen eruit vanwege de aanzienlijke bedragen die door het fonds beschikbaar werden gesteld.
In 2001 keurde het GEF een projectvoorstel (nummer 661) goed dat als doel had de ecosystemen en de biodiversiteit in het Guyana Schild en dan met name in het Centraal Suriname Natuurreservaat (CSNR) en in het Sipaliwini Natuurreservaat (SNR) beter te beschermen. Het GEF stelde 9.590.000 Amerikaanse dollar beschikbaar voor het in totaal op 18.390.000 Amerikaanse dollar begrote project.
Het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen ontving in november 2012 een bedrag van 4.400.000 Amerikaanse dollar voor een project  (GEF-nummer 4497) ter ontwikkeling van duurzame energie, energie efficiency en elektrificatie van geheel Suriname, dus ook het binnenland. Het totale project is begroot op 25.900.000 Amerikaanse dollar.

Om een bevestiging te krijgen inzake de projectvoorstellen bij het GEF is de directeur Milieu van het ministerie van Arbeid, Technologische ontwikkeling en Milieu, Henna Uiterloo, benaderd.  Uiterloo is het zogenoemde ‘GEF Focal Point’ voor Suriname. Een reactie bleef echter uit.

Geen enkel projectvoorstel ingediend bij het GEF had betrekking op kwikgebruik en/of de kleinschalige goudwinning. Opmerkelijk, omdat het GEF zich onder andere specifiek richt opkwikproblematiek wereldwijd. Zo ondersteunt het fonds projectvoorstellen op het terrein van het terugdringen van kwikgebruik in producten, in industriële processen, het terugdringen van de uitstoot van kwikdampen en het verminderen van kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning.  Voor wat betreft het laatste doel heeft het GEF projecten goedgekeurd in onder andere Ecuador en Peru en Burkina Faso, Mali en Senegal.

Gemiste kans
Dat in Suriname geen projecten worden ontwikkeld en ter financiering worden voorgelegd aan de VN-fondsen met als doel het vervangen van kwik in de kleinschalige goudwinning door milieuvriendelijke winningsmethoden is een gemiste kans. Vooral nu het GEF juist het terugdringen van kwikgebruik in de wereld als een van haar belangrijke aandachtspunten hanteert.

Waar blijft (investerings)fonds....
De Commissie Ordening Goudsector heeft medio 2012 geopperd een fonds te willen instellen waarop goudzoekers een beroep kunnen doen om de aanschaf van milieuvriendelijke winningsmethoden te financieren, waardoor ze kunnen stoppen met het gebruik van het schadelijke kwik. En in het ‘Ontwikkelingsplan 2012 – 2016 - SURINAME IN TRANSFORMATIE’ van de regering Bouterse-Ameerali daterend van februari 2012, is onder ‘III.5.1. Goud en Ordening Goudsector, onder andere te lezen:
‘(...) De Regering zal een korte termijn een staatsbesluit slaan, betreffende de instelling van een investeringsfonds, ten behoeve van de ontwikkeling van de goudsector. Dit fonds zal het financieren van activiteiten in de sector die ondersteunend zijn naar de complete ordening en de duurzame ontwikkeling van de sector ter hand nemen. Kleine en middelgrote ondernemers alsook de overheid en Niet Gouvernementele Organisaties, NGO’s, zullen in aanmerking kunnen komen voor financiering van initiatieven en activiteiten, gericht op het opheffen van de chaotische, illegale en onveilige situatie in de goudrijke gebieden.’

Slechts een aanzet, terwijl kwikgebruik welig tiert
Een eerste aanzet, maar dat is het anno januari 2013 nog steeds, een aanzet. Van enig (investerings)fonds is nog geen sprake en het binnenland wordt dagelijks nog steeds ernstig vervuild door kwik en ook de gezondheid van lokale bewoners is nog steeds in het geding.

Noot:
Sheila Logan van het ‘Mercury negotiations team’, UNEP Chemicals Branch/DTIE, liet mij op maandag 21 januari 2013 via email in een reactie weten, dat Suriname bij de laatste onderhandelingsronde, INC5, in Genève, niet was vertegenwoordigd.  Bij de voorlaatste UNEP-conferentie, INC4 in Uruguay, werd Suriname nog vertegenwoordigd door Vanessa Sabajo, beleidsmedewerkster Milieu bij het ministerie van Arbeid, Technologische ontwikkeling en Milieu, Onduidelijk is waarom zij niet aanwezig was in Zwitserland. 


In een korte reactie laat zij, Sabajo, op 22 januari weten om contact hierover op te nemen met ‘de leiding van milieu, die de voordrachten doet om te participeren’. Maar, die leiding reageert niet.


donderdag 10 januari 2013

Suriname voert geen effectief beleid om kwik in goudvelden uit te bannen


128 Landen bespreken maatregelen tegen kwik - Verdrag moet kwikverontreiniging inperken

Kwikgebruik goudzoekers vele jaren geen prioriteit Surinaamse regering

10-01-2013   Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Regeringen van 128 landen staan op het punt om een eerste wettelijk bindend wereldwijd verdrag te ondertekenen om de uitstoot van kwikdampen en kwikverontreiniging aan te pakken. Suriname is een van de deelnemende landen, maar onduidelijk is wat het belang van en voor Suriname is om een dergelijk verdrag te ondertekenen.

Delegaties uit die landen worden komende week, tussen 13 en 18 januari, in het Zwitserse Genève verwacht voor een vijfde en laatste ronde van besprekingen. Alle landen zijn het er over eens, dat dringend actie is vereist om kwikdampuitstoot te verminderen, dat een groot risico is voor het milieu en de volksgezondheid.

De totstandkoming van het verdrag wordt gecoördineerd door het onderhandelingscomité van het Milieu Programma van de Verenigde Naties (UNEP, United Nations Environment Programme).

Volgens een conceptversie van het UNEP 2013 Wereld Kwik Rapport kwam in 2010 zo’n 6.500 ton kwikdamp in de lucht terecht. Zo’n 30% daarvan was afkomstig van menselijke activiteiten en 15% van natuurlijke bronnen zoals vulkanen en erosie. Het restant kwam op natuurlijke wijze uit de bodem, water en vegetatie.

WHO: Kwik in top tien bedeigende chemicaliën voor volksgezondheid
De Wereld Gezondheids Organisatie (WHO, World Health Organization) heeft vastgesteld dat kwik een van de top tien chemicaliën is die een bedreiging vormt voor de volksgezondheid – het kan de hersenen beschadigen en het is een gevaar voor foetussen.
Volgens UNEP is door menselijke activiteiten in totaal 35.000 ton kwikuitstoot, waarvan ongeveer 40% dateert van voor 1850. De overige hoeveelheid dateert uit laat 19e eeuw uit zilver- en goudmijnbouw, toen kwik werd gebruikt om die metalen te winnen. De laatste tientallen jaren is de uitstoot toegenomen door de kleinschalige goudwinning in Afrika en Latijns Amerika en door snelle industrialisering van Azië. China draagt nu 30% bij aan de wereldwijde uitstoot.

Voor de laatste ronde van onderhandelingen, in juni/juli 2012, spitsten discussies zich toe op de totstandkoming van een kwikverdrag voor alle landen om kwikdampuitstoot te reduceren. Maar, dat stuitte op verzet van landen als China en India. Zij zijn van oordeel dat ontwikkelde landen hun dan moeten helpen met financiering en technologie. 

Op verzoek van de UNEP, tijdens de vierde onderhandelingsronde in de laatste week van juni en de eerste week van juli 2012 in Uruguay, zond de directeur Milieu, Henna Uiterloo, van het Surinaamse ministerie van Arbeid, Technologische ontwikkeling en Milieu 12 augustus 2012 een brief aan UNEP in Genève met ‘informatie’ over de uitstoot van kwikdampen in Suriname. 
Suriname liet de internationale organisatie weten dat er gegevens bekend zijn.... 

 
 

Nee, Suriname beschikte niet eens over een speciale kwikdampmeter, terwijl in het binnenland de stof in grote hoeveelheden wordt gebruikt in de goudwinning en ook in het centrum van Paramaribo door goudopkopers. Pas in december 2012 beschikte de Arbeidsinspectie over een dergelijke meter en kon begonnen worden met metingen bij goudopkopers in Paramaribo. De leverancier van de kwikdampmeter liet een specialist naar Suriname gestuurd, om arbeidsinspecteurs te trainen.

Het internationale verdrag focust zich ook om het terugbrengen van kwikuitstoot in de kleinschalige goudwinning, welke sector nauwelijks wordt gereguleerd. Veel goudzoekers zijn zich nog niet steeds niet bewust van de risico’s van het gebruik van kwik bij het winnen van goud.

UNEP verwacht dat uiteindelijk in de loop van dit jaar het verdrag zal worden getekend door de deelnemende landen, dat ze verplicht om het gebruik van kwik aan te pakken.

De Europese Unie besloot al in 2008 om de export van kwik vanaf 2011 te verbieden, terwijl de Amerikaanse oud-president George Bush in oktober 2008 een wet bekrachtigde die per dit jaar, 2013, alle export van kwik uit de Verenigde Staten moet verbieden.

Suriname moddert al jaren aan
Suriname lijkt vele jaren de kwikproblematiek in het binnenland te hebben genegeerd. Kleinschalige goudzoekers gebruiken nog steeds kwik bij de winning van goud en nog steeds worden hierdoor het water in kreken en rivieren vervuild en de gezondheid van lokale bewoners, inheemsen en marrons, bedreigd. Achtereenvolgende regeren waren op de hoogte van de risico’s van het gebruik van kwik in de goudvelden, maar nimmer werd enige effectieve actie ondernomen. Van overheidswege bijvoorbeeld worden de goudzoekers niet gestimuleerd en gemotiveerd om over te stappen op milieuvriendelijke winningsmethoden. Controle op het gebruik van kwik is er niet en goudzoekers vinden wegen om het kwikimportverbod te omzeilen door smokkelroutes vanuit bijvoorbeeld de Guyana’s te gebruiken. De in december 2010 ingestelde presidentiële Commissie Ordening Goudsector kondigde in 2012 aan dat ingaande  2013 kwik moet zijn verbannen uit de goudvelden..... Maar, zoals zo vaak gebeurt, woorden worden niet omgezet in daden. Beleid wordt niet omgezet in praktijk en handhaving en controle blijken welhaast een onmogelijkheid in het binnenland.

Milieuvriendelijk goudwinnen met 'shaking table'
Niet alleen de regering heeft grote moeite om de kleinschalige goudwinningssector te reguleren en onder controle en toezicht te krijgen. Ook de paar natuurbeschermingsorganisaties in Suriname modderen al vele jaren aan om goudzoekers warm te krijgen voor ‘groene’ milieuvriendelijke winningsmethoden. Maar, daar hangt een prijskaartje aan en vele goudzoekers willen wel, maar zouden graag zien dat er een fonds wordt ontwikkeld waarop zij een beroep kunnen doen om de financiële middelen te verkrijgen om milieuvriendelijke winningsmethoden aan te kunnen schaffen.

Het Wereld Natuur Fonds Guianas (WWF Guianas) maakte in november 2008 bekend dat Suriname, Guyana en Frans-Guyana gezamenlijk zouden toewerken naar een kwikvrije kleinschalige goudwinning.  Delegaties van de drie landen waren in november 2008 in Frans-Guyana bijeen om gesprekken te voeren met plaatselijke overheidsfunctionarissen, gouddelvers, milieuorganisaties en instituten actief in de sector. Suriname was vertegenwoordigd door afgevaardigden van de ministeries van Arbeid, Technologische ontwikkeling en Milieu, Natuurlijke Hulpbronnen en Financiën, het NIMOS en de Nederlandse ambassade. Ook waren Surinaamse gouddelvers en concessiehouders uitgenodigd, maar die waren in geen velden of wegen te bekennen. De deelnemers brachten ook veldbezoeken aan goudvelden waar alternatieve winningsmethoden werden gebruikt. Voor Frans-Guyana was gekozen, omdat het daar sinds 2006 verboden is kwik te gebruiken bij de goudwinning. Vanaf toen werden ook de import van kwik stopgezet, de wetgeving aangepast en een bewustwordingscampagne opgestart. Met de nieuwe wetgeving werd de kleinschalige goudindustrie in dat land volledig gelegaliseerd. Suriname blijkt echter grote moeite te hebben om te leren van de ervaringen en kennis in het Franse buurland.

Controle onmogelijk
Tijdens de wekelijkse persconferentie van de Raad van Ministers op 9 februari 2011 antwoordde minister Ginmarto Kromosoeto van Arbeid, Technologische ontwikkeling en Milieu (ATM) op vragen van journalisten, dat kwik verboden is en dat het niet mag worden geïmporteerd. Kromosoeto erkende dat kwik het land wordt binnengesmokkeld en dat het ministerie daar nauwelijks greep op heeft. De Dienst Arbeidsinspectie heeft, aldus de bewindsman, niet de middelen en de logistiek om regelmatig in het binnenland controles uit te voeren. En wanneer er eens iemand van deze dienst in het binnenland is dan is er geen wettelijke mogelijkheid om op te treden. Dat kan alleen met bijstand van de politie. Sinds het instellen in december 2010 van de presidentiële Commissie Ordening Goudsector, kunnen sociale- en veiligheidsinspecteurs meeliften met het management team van de Commissie Ordening Goudsector naar goudwinningsgebieden in het binnenland.  Minister Kromosoeto maakte ook bekend dat het ministerie werkt aan de aanschaf van een zogenaamde kwikdampmeter waarmee luchtvervuiling in een bepaalde omgeving kan worden vastgesteld.

De Surinaamse regering publiceerde in juli 2011voor het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP, United Nations Development Programme) het ‘Updated National Chemical Profile The Republic of Suriname’. Dit honderdeenentwintig pagina’s tellende rapport werd opgesteld door het ministerie van Arbeid, Technologische Ontwikkeling en Milieu (ATM) in het kader van de implementatie van het Verdrag van Stockholm. (Het Verdrag van Stockholm inzake persistente organische verontreinigende stoffen is een internationaal milieuverdrag, aangenomen tijdens de conferentie van de Verenigde Naties over persistente organische verontreinigende stoffen in Stockholm, op 22 mei 2001. Het is een wettelijk bindend instrument met als doel de gezondheid van de mens en het milieu beschermen tegen persistente organische verontreinigende stoffen; deze stoffen zijn persistent in het milieu, verspreiden zich over grote delen van het aardoppervlak, stapelen zich op in de voedselketen, en vormen een risico voor de gezondheid van de mens en voor het milieu.)
ATM geeft in het rapport voor de UNDP aan dat geen enkele informatie bekend is over import van kwik. Verder meldt het ministerie dat er geen nationaal gecoördineerde aanpak is van de problemen in de kleinschalige goudsector en het ongecontroleerde gebruik van kwik. Hierbij dient opgemerkt te worden dat op het moment dat het rapport voor de UNDP werd uitgebracht, juli 2011, de presidentiële Commissie Ordening Goudsector al zeven maanden aan het werk was.

Passief beleid leidt niet tot uitbannen kwikgebruik Surinaamse goudvelden
Duidelijk is dat de regering een passief beleid voert als het gaat om de aanpak van het kwikgebruik in het binnenland. Het dit jaar nog op te stellen internationale UNEP-verdrag zal waarschijnlijk voor het kwikgebruik en de kwikuitstoot in Suriname weinig tot geen zoden aan de dijk zetten. Eerst zal de regering zich moeten inspannen om ervoor te zorgen dat de porknokkers en garimpeiros in het binnenland kwik vaarwel kunnen zeggen en kunnen overstappen op ‘groene’ winningsmethoden.

zondag 19 november 2006

Laag radioactief afval waarschijnlijk in milieu gedumpt....

Kernafval geen prioriteit in Suriname
Expertise om afval te verwerken ontbreekt

19-11-2006  Door: Paul Kraaijer


ZWOLLE 19-11-2006 – Laag radioactief ziekenhuisafval in Suriname wordt waarschijnlijk in het milieu gedumpt. Tot die conclusie komt Paul Kraaijer uit Zwolle. Sinds juni 2003 doet hij onderzoek naar hoe in Suriname wordt omgegaan met – de opslag van – laag radioactief afval.

Milieu- en afvalbeleid in Suriname staat nog in de kinderschoenen. Er zijn positieve ontwikkelingen waar te nemen, maar op het terrein van gevaarlijke soorten afval ontbreekt veel expertise. Niemand weet überhaupt wat er aan gevaarlijk afval in het land aanwezig is, laat staan in welke hoeveelheden.

Aanleiding voor het onderzoek was het door de Centrale Organisatie Voor Radioactief Afval (COVRA) in Vlissingen op 18 juni 2003 gedane voorstel aan de Tweede Kamer om de voormalige en huidige overzeese rijksdelen van Nederland te helpen bij de opslag van haar kernafval.

Op het moment dat Kraaijer van dit voorstel vernam was hij verbaasd, immers de COVRA doelde in haar voorstel ook op Suriname. Als frequent bezoeker van Suriname vroeg hij zich af wat er in het land aan radioactief afval aanwezig is en hoe dit wordt opgeslagen en hoe ermee wordt omgegaan. Op eigen initiatief startte Kraaijer een onderzoek. Intensief e-mailverkeer met diverse instanties en personen in Suriname heeft alleen de “wetenschap” opgeleverd dat in Suriname slechts enkele radioactieve naalden aanwezig zouden zijn. Die “wetenschap” werd aan Kraaijer in een e-mail in november 2003 medegedeeld door de toenmalige vice-voorzitter van de Nationale Assemblee, mevrouw mr. Ruth Wijdenbosch: "in de industrie en de landbouw wordt geen gebruik gemaakt van radioactieve straling. Tevens is de import en export van radioactief afval verboden volgens het Besluit Negatieve Lijst (wet in Suriname). In het verleden is in de geneeskunde wel gebruik gemaakt van radioactieve naalden voor de bestraling van kanker. Deze naalden zijn door de desbetreffende ziekenhuizen (volgens mijn info slechts een ziekenhuis) “veilig” opgeborgen. …”
,br /> Deze reactie stemde Kraaijer niet tevreden. Er moet meer laag-radioactief afval zijn afkomstig uit ziekenhuizen zoals kleding, handschoenen, verouderde apparatuur, etcetera. Wat gebeurt hiermee?

Tussen juni 2003 en oktober van dit jaar heeft hij gepoogd antwoorden te verkrijgen. Hij heeft contact gehad met onder andere het Nationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling in Suriname (het NIMOS), de Stichting Voor een Schoon Suriname (SVSS), het Bureau Openbare Gezondheidszorg (BOG, onderdeel Ministerie van Volksgezondheid, directeur Lesley Resida), de Surinaamse vertegenwoordiger van de Pan American Health Organisation (PAHO), de International Atomic Energy Agency (IAEA, Wenen, Oostenrijk) en de heer Jules de Kom (toxicoloog, werkzaam in het Academisch Ziekenhuis Paramaribo). Ook heeft Kraaijer diverse malen de directie van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo via e-mail en gewone post met vragen benaderd. Ondanks herhaalde verzoeken heeft de directie nimmer de moeite genomen om de e-mails te beantwoorden. De laatste brief aan de directeur van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo, de heer Joemmankan, heeft Kraaijer op 22 oktober verzonden. Overigens kampt het Academisch Ziekenhuis Paramaribo met een afvalprobleem. Het ziekenhuis heeft een verouderde verbrandingsoven die de huidige hoeveelheid afval niet meer kan verwerken en aan vervanging toe is. Het ontbreekt echter aan voldoende financiële middelen om binnen korte termijn een nieuwe oven aan te schaffen.

Dat zwijgen van de heer Joemmankhan en het niet verkrijgen van de gevraagde informatie doet het vermoeden versterken dat het gevaarlijke laag radioactieve afval, hoe gering in hoeveelheid ook, met regulier afval in het milieu wordt gedumpt. Uit eigen ervaring en met zijn eigen ogen heeft Kraaijer diverse malen kunnen zien dat in en rond Paramaribo onder andere kapotte vrieskisten, koelkasten, auto’s en ander (huishoudelijk) afval “gewoon” in de natuur wordt gedumpt. Daarnaast wordt veel afval verbrand. Inmiddels heeft Kraaijer uit Surinaamse bron vernomen dat het Academisch Ziekenhuis Paramaribo afval dumpt en/of verbrand in de natuur.

Volgens het United Nations Environmental Programme, opgesteld in een document naar aanleiding van een conferentie in Port of Spain, Trinidad and Tobago, 19 – 22 mei 2003, is de motivatie van mensen, bedrijfsleven en industrie in Suriname om afval in de open lucht te verbranden gelegen in gemak, gewoonte en kostenbesparing. Met klemt stelt de UN dat ziekenhuisafval apart moet worden ingezameld en behandeld, maar daarentegen vormt het in Suriname een onderdeel van het gewone afval uit de stad. Bij verbranding in de open lucht komt ook nog eens dioxine vrij, gevaarlijk voor mens en milieu. Medisch afval vormt door verbranding een van de grootste bijdragen aan de hoeveelheid dioxine in de lucht, aldus de UN. De Surinaamse afdeling van de PAHO doneerde 70 verbrandings”ovens” waarmee onder andere medisch afval, zoals naalden gebruikt in vaccinatiecampagnes, afkomstig van gezondheidsklinieken uit het binnenland van Suriname, kan worden verbrand. Die “ovens” zijn door studenten van het Natuur Technisch Instituut (NATIN) gemaakt van gebruikte oliedrums!

In augustus 2004 bereikte Kraaijer via de Suriname Aluminium Company L.L.C. (SURALCO) per e-mail het bericht dat dit bedrijf in het verleden op verzoek van lokale ziekenhuisinrichtingen uitsluitend gebruikte injectienaalden in haar medische verbrandingsoven in Paranam heeft vernietigd.

“Teneinde echter te voorzien in de behoefte der ziekenhuisinrichtingen (het Diakonessenhuis en het St. Vincentius Ziekenhuis te Paramaribo) werd in de maand april 2002 een medische verbrandingsoven geschonken aan de Stichting WASPAR voor gezamenlijk gebruik door de beide voormelde ziekenhuizen.”

Uiteraard zocht Kraaijer contact met de Stichting WASPAR (Stichting Wasserij Partikuliere Ziekenhuizen). Van de bedrijfsleider van deze stichting ontving hij op 15 augustus 2005 de mededeling dat buiten het Ministerie van Volksgezondheid om geen mededelingen mochten worden gedaan.

Antwoorden bleven uit. Het ministerie reageerde niet.

Van 15 oktober tot en met 8 november 2005 zette Kraaijer zijn onderzoek in Suriname voort. Tijdens het verblijf in Suriname sprak hij met een vertegenwoordigster van het NIMOS, met Jules de Kom en met Lesley Resida (hiervoor genoemd). Kraaijer werd niet veel wijzer. De heer Resida van het Bureau Openbare Gezondheidszorg (Ministerie van Volksgezondheid) kon slechts vertellen dat het onderwerp kernafval geen prioriteit heeft. Deskundigheid ontbreekt, aldus Resida.

In zijn eigen burelen staat oude röntgenapparatuur in een afgesloten ruimte. Wat er mee moet gebeuren weet hij niet. Volgens Resida ontbreekt ook hier de expertise om de apparatuur uit elkaar te halen. Naar aanleiding van het bezoek van Kraaijer zou hij wel zijn superieuren informeren.

Kraaijer wees de heer Resida op enkele ernstige ongelukken in het recente verleden met laag-radioactief afval afkomstig uit ziekenhuizen (Goiânia, Brazilië, september 1987 – Ikitelli, Istanbul, Turkije, december 1998 – Samut Prakan, Bangkok, Thailand, februari 2000). Deze ongelukken hadden ernstige, langdurige en verstrekkende gevolgen voor de volksgezondheid. Zij waren het directe gevolg van inadequate opslag van- en onzorgvuldig handelen met laag-radioactief afval afkomstig uit ziekenhuizen en medische onderzoeksinstituten. Nucleair afval dook op in afvalhopen bij metaalhandelaren, “gewoon” gedumpt. Het afval bleek veelal gebruikt te zijn bij de behandeling van kankerpatiënten. Ten gevolge van die dumpingen overleden mensen, mensen werden ernstig ziek en ledematen moesten worden geamputeerd (daaronder ook niets vermoedende spelende kinderen) De ongelukken hadden allen ook politiek inhoudelijke consequenties en overal werd de vraag gesteld wie nu feitelijk verantwoordelijk was voor de opslag van radioactief afval. Dergelijke ongelukken moeten voorkomen worden, aldus Kraaijer.

Om de druk op te voeren op de directeur van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo (om hem eindelijk te bewegen openheid van zaken te geven over de gang van zaken rond radioactief afval in zijn ziekenhuis) heeft de Zwollenaar in de eerste week van november brieven verzonden aan de Surinaamse vertegenwoordiger van de Pan American Health Organization (PAHO) in Paramaribo, aan de World Heath Organization (WHO) in Wenen, Oostenrijk, en aan Paul Somohardjo, voorzitter van de Nationale Assemblee.

Na terugkeer in Nederland ging Kraaijer door met zijn onderzoek. Sinds september van dit jaar heeft hij deze speciale internet weblog opgezet, waarin dagelijks wordt bericht over het milieu- en afvalbeleid in Suriname. Op dit weblog is ook veel informatie te vinden over plannen van de Surinaamse ondernemer Bisram om een kleine kerncentrale te willen bouwen in het district Commewijne. Zo is een opmerkelijke reactie te lezen van Bisram op aan hem door Kraaijer gestelde vragen en van natuurbeschermings organisatie STINASU die Bisram kwalificeert als een “doorgedraaide idioot”.

Kraaijer hoopt eind dit jaar, begin 2007, zijn onderzoek in Suriname voort te kunnen zetten.