zaterdag 21 juni 2014

De Surinaamse windmolens van ondernemer in Nederland Max Ghazi - Eind 2009/begin 2010 uitgevoerde studie AdeK en NH naar windsnelheden voor Surinaamse kust kreeg geen vervolg.....

'Roti-bakker' en vermeend industrieel in Aalsmeer heeft winderige plannen

Is plan serieus of een luchtballon?

Ghazi en stichting Willem4 en de Urban Development Bank......

21-06-2014 Door: Paul Kraaijer (deels voor Obsession Magazine)


Paramaribo – Soms vraag je je af, bij het lezen van de Surinaamse krant de Ware Tijd, waarom de redactie en vooral de correspondent in Nederland, Eric Mahabier, op oppervlakkige wijze aandacht besteedt aan plannen en kennelijke uchtkastelen van zogenoemde Surinaamse ondernemers. Was het op 20 mei ene Raj Doerga en zijn nieuwe luchtvaartmaatschappij Suriname Air Quo Vadis die een platform kregen in de krant, op 11 juni kreeg 'roti-bakker', ondernemer en (groot) industrieel Max Ghazi in de krant en van die correspondent een podium om zijn windmolenplan publiek maken. Een plan om zo doorheen te prikken. En laten we niet het plan uit 2006 en 2007 vergeten van ondernemer Chanderbosh Bisram, eigenaar van het garagebedrijf Suriname Industrial Engineering and Vehicle Service NV in Paramaribo, voor de bouw van een kleine kerncentrale te plantage Groot Chatillon in het district Commewijne. Ook Bisram vond in de Ware Tijd een bondgenoot. Een plan dat overigens nooit van de grond is gekomen. Een luchtballon. Een luchtkasteel, verdwenen in de stilte van het verleden. 

Ghazi en zijn windmolenplan
Ghazi, eigenaar van de in het Nederlandse Aalsmeer gevestigde Max Ghazi Group, beweerde in het artikel in de Ware Tijd 'destijds' een rapport voor de Surinaamse regering te hebben samengesteld voor de opwekking van energie door windmolens voor de kust, in de oceaan. Correspondent Mahabier verzuimt te vermelden wanneer het rapport is geschreven. Een rapport dat nergens te vinden is en dat ook niet door die heer Max Ghazi ter beschikking wordt gesteld. Wat beweegt een mens als Max Ghazi om zich te storten op de energiesector in Suriname? Nergens blijkt in het verleden enige interesse van deze man voor die sector te zijn geweest.

Namens de Max Ghazi Group laat op maandag 16 juni Rosita Drigpal (Ghazi) weten, dat de rapporten niet worden 'uitgegeven'. 'Indien u vragen heeft kunnen wij deze proberen te beantwoorde voor u.'
Hierop zijn per omgaande onderstaande vragen aan Maxi Ghazi ter beantwoording verzonden:

1) Graag vernemen wij in hoeverre de heer Max Ghazi over zijn plannen voor de plaatsing van windmolens om via wind energie op te wekken in Suriname contact heeft gehad met de Surinaamse autoriteiten, zoals met de heer Jim Hok, minister van Natuurlijke Hulpbronnen.
2) Ook de vraag in hoeverre de heer Ghazi kennis heeft van windenergie en
3) waarom hij hiervoor pleit? Waar ligt zijn belang eventueel?
4) Door wie is het rapport opgesteld en
5) waarom is het kennelijk niet openbaar? Openbaarheid zou wellicht kunnen bijdragen aan het verkrijgen van een groot draagvlak voor de plannen.

De heer Ghazi heeft niet meer gereageerd. Waarschijnlijk niet, omdat hij simpelweg geen kennis van zaken heeft inzake windenergie en mogelijk zelf de inhoud van het rapport niet goed genoeg kent om een paar simpele vragen te beantwoorden.

Volgens hem zouden met een investering van ruim honderd miljoen Amerikaanse dollar meer dan vijf windmolens in productie kunnen worden gebracht en die zouden een groot deel van de huishoudens in Suriname van stroom kunnen voorzien. Mahabier schrijft verder dat onderzoek door de Max Ghazi Group heeft aangetoond, dat Suriname de windmolens in de Atlantische Oceaan moet plaatsen, omdat daar de wind het hardst waait. Een open deur, daarvoor hoef je geen deskundige te zijn.

Maar, hoe komt Ghazi aan zijn cijfers?
De kosten van een windturbine zouden ongeveer 1.500.000 euro tot 2.500.000 euro zijn, dit is sterk afhankelijk van de hoogte van een turbine. Per meter kost een windmolen bij benadering 25.000 euro. Een windturbine met een ashoogte van 60 meter kost dus 60 keer 25.000 euro: 1.500.000 euro.
De uiteindelijke kosten van een windturbine worden voor het grootste deel bepaald door de plek waar hij geplaatst wordt. De windsnelheid verschilt van locatie tot locatie en hiermee ook de opbrengst/rendement van de turbine. In Nederland kan dit verschillen van 11 cent tot 18 cent per kilowattuur (in 2009 heeft men met moderne windturbines in Nederland een kostenprijs van 6 cent per kilowattuur behaald), dit in vergelijking tot de kosten van fossiele brandstoffen ca 8 cent per kilowattuur. Deze kosten zijn inclusief onderhoud, verzekering, bouw en een afschrijving van 15 tot 20 jaar. De meest gebruikte moderne windturbines (vanaf bouwjaar 2006) hebben een vermogen van ongeveer 3 Megawatt. Dit vermogen wordt echter niet altijd opgewekt, omdat dit afhankelijk is van de windkracht. Als een windturbine één uur op volledig vermogen draait, noemt men dit een vollastuur.
Een windturbine wordt als rendabel gezien als hij minimaal 2200 vollasturen per jaar draait. Zoveel als mogelijk volllasturen draaien maakt de windturbine rendabel, het heeft echter ook een nadeel, door het draaien op optimaal vermogen ontstaat meer slijtage in de windturbine met als gevolg hiervan meer onderhoud. (Bron)

 

Greenpeace: windenergie alleen mogelijk met subsidie
Naar aanleiding van het plan van Ghazi laat Greenpeace Nederland in een reactie weten, bij monde van Marleen Zwartkruis van de afdeling Pers en Communicatie, dat windenergie veel voordelen oplevert. 'Uiteraard milieu- en klimaatvoordelen, maar ook het voordeel dat landen minder afhankelijk worden van fossiele energie en daarmee van landen die beschikken over fossiele voorraden. Daarnaast laten tal van studies zien dat schone energie als wind en zon op lange termijn goedkoper zijn, maar in de eerste jaren wel een flinke investering vergen.'
Volgens de internationale milieuorganisatie kan windenergie echter alleen mogelijk zijn met behulp van subsidie: 'Het is moeilijk voor ons om een inschatting te maken of windenergie kans van slagen heeft in Suriname, omdat wij onvoldoende kennis hebben van de weersgesteldheid om te beoordelen of wind op land een optie is. Voor wind op zee geldt, dat dit alleen kans van slagen heeft als de Surinaamse overheid hier een subsidie ter beschikking stelt. De techniek is op dit moment nog te duur om zonder subsidie te kunnen renderen. Zonne-energie lijkt beslist een optie aangezien Suriname voldoende zon heeft, maar ook daar is flink investeringsgeld voor nodig om echt een substantiële omslag naar schone energie te kunnen bewerkstelligen.' 

Max Ghazi gefotografeerd door Eric Mahabier
'Roti-bakker', Pertjajah Luhur, Urban Development Bank, stichtingen Willem 4 en Vriendschapsbanden Nederland-Suriname
Maar, wie is die Max Ghazi? Hij is eigenaar van de in 1975 opgerichte Max Ghazi Group, die begon in de markt van de Aziatische- en Caribische keuken (waarvoor in hetzelfde jaar ook Max Ghazi Food werd opgericht), maar die zich nu ook richt op stedelijke ontwikkeling, ondersteuning van en advies aan bedrijven, vastgoed en zogenoemde sociaal verantwoorde projecten, zo is te lezen op de nauwelijks informatie bevattende Engelstalige website van de 'group'. Zijn moslim voorouders waren afkomstig uit Irak, waar de naam Ghazi populair en wijd verbreid is en belandden via Trinidad in Suriname. Als begin zeventiger jaren alle kinderen van de op 6 januari 2006 op 91-jarige leeftijd overleden Angelina Ghazi-Ramdahin Angelina Ghazi-Ramdahin geëmigreerd zijn – Max arriveerde 1973 in Nederland - en in Nederland wonen, vervoegt Angelina zich bij hen. De familie Ghazi zet onder leiding van Angelina het 'Ghaziconcern' voort in Amsterdam. (Lees hier meer informatie over Angelina Ghazi-Ramdahin.) In Amsterdam heeft het bedrijf zowel op de hoek Kinkerstraat/Ten Katestraat in West (HalalWok, met een warm hart voor de Surinaamse Henk Abrahams Stichting: opvang en zorg van en voor zwerfhonden) als aan het Dapperplein in Oost een afhaalrestaurant.

Naast 'de keuken' blijkt Max Ghazi politiek actief te zijn (geweest). Zo was hij in ieder geval in september 2009 nog de Nederlandse vertegenwoordiger van de Surinaamse politieke partij Pertjajah Luhur en adviseur van voorzitter Paul Somohardjo.
De stichting Vriendschapsbanden Nederland-Suriname (VNS) hield zaterdag 14 juni bij Max Ghazi thuis in Aalsmeer een bijeenkomst voor Nederlandse onderwijsgevenden die van 9 tot en met 24 juli in Suriname verblijven. De Ware Tijd berichtte hierover in haar online-editie van zondag 15 juni en dat artikel was weer van de hand van Eric Mahabier. Ghazi zou adviseur zijn van de stichting VNS.

Max Ghazi is ook betrokken bij een bank in oprichting, de Urban Development Bank, en bij de Nederlandse stichting Willem 4. Het was weer de Ware Tijd die begin maart 2012 berichtte, dat deze bank 'al gauw een mobilisatie van 25 miljoen euro tot stand ziet komen voor de financiering van projecten in Suriname'. Dat geld zou afkomstig moeten zijn van de Surinaamse diaspora in Nederland die graag wil investeren in Suriname. Max Ghazi liet weten, namens 'de netwerkorganisatie' Willem 4, dat de bank zowel grote als kleine projecten in Suriname gaat financieren. Bij kleine projecten zou het moeten gaan om bedragen tot 10.000 euro en bij grote projecten om 100.000 euro om in aanmerking te kunnen komen voor financiering. Willem 4 zou volgens de krant in Nederland een aanvraag gedaan hebben voor de oprichting van de bank.
Volgens Ghazi, begin maart 2012, was die diaspora groep heel enthousiast om via de bank in Suriname te investeren. Die maand zou er bij de regering Bouterse een voorstel voor de financiering van 5.000 woningen hebben gelegen, die Willem 4 wil bouwen als bijdrage aan het oplossen van de woningnood in Suriname. De prijs per woning zou komen te liggen tussen de 20.000 en 30.000. euro.

Maar, anno juni 2014 blijkt er nog steeds geen Urban Development Bank te bestaan. Zowel Willem 4 als Max Ghazi reageert niet op verzoeken om aan te geven wat de actuele stand van zaken is met betrekking tot de bank. Deze stichting, Willem 4, die een postbusadres heeft in het Nederlandse Heemstede, maar haar secretariaat op Curaçao heeft, initieert programma's en projecten met als onderliggende waarde duurzaamheid, sociaal-economische uitdaging en innovatie.

'Daartoe zet Willem4 kennis, ervaring en haar netwerk in ter ondersteuning en begeleiding. Ze adviseert bij strategieontwikkeling en public affairs, marketing, zorgt voor samenwerking in de verschillende fases van het project, legt verbanden en zorgt dat partijen elkaar versterken. Daarnaast coördineert Willem4 de zorg voor de financiering van de initiatieven. Initiatieven krijgen daardoor een vliegende start met als doel innovatieve groei en sociaal-economische structuurversterking en duurzame ontwikkeling te versnellen. Willem4 is de verbindende factor bij projecten en programma's vanwege een unieke en intensieve samenwerking van bedrijfsleven, kennisinstelling en overheid.', aldus de stichting op haar internetsite.

Willem 4 heeft ook in Suriname een afdeling en daarvan is contactpersoon en secretaris Annelies Brinkman, journaliste in dienst van de Ware Tijd en de correspondente voor het Nederlandse persbureau ANP in Suriname.

Galibi: metingen windsnelhheid
Suriname en windenergie: studie naar windsnelheden eind 2009/begin 2010 kreeg geen vervolg....
Uit een uitgevoerde studie naar windsnelheden tussen oktober 2009 en november 2010 in Galibi (district Marowijne) en Nieuw Nickerie (district Nickerie) blijkt. dat Suriname voldoende potentie heeft om energie met wind op te wekken. Het onderzoek stond onder leiding van Cornel Wijngaarde van de afdeling elektrotechniek van de Faculteit Technologische Wetenschappen de Anton de Kom Universiteit in Paramaribo (AdeK) en van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen (NH). Wijngaarde liet in februari 2011 weten, tijdens een windenergie seminar op de universiteit waar hij samen met zijn collega Anand Kalpoe de eindresultaten van het onderzoek presenteerde, dat er opmerkelijke resultaten waren genoteerd. 'In de kleine regen- en droge tijd hebben we windsnelheden gemeten op een hoogte van ongeveer dertig meter en over het algemeen is de windsnelheid zes meter per seconde.'

Hij laat vandaag in een reactie weten dat je er zeker van moet zijn 'dat de windsnelheden gunstig moeten zijn alvorens te gaan investeren'. 'Die windsnelheid moet toch meer zijn dan zeven meter per seconde op een hoogte van vijftig meter.'

Moderne windturbines beginnen stroom op te wekken bij windkracht twee tot drie en leveren vanaf windkracht zes het volle vermogen. De meeste turbines schakelen uit bij extreme weersomstandigheden, bijvoorbeeld als het harder waait dan 25 meter per seconde (windkracht tien). De technische beschikbaarheid van moderne windturbines is zeer hoog, hoger dan 95 procent. Dit betekent dat een windturbine slechts een klein deel van de tijd (twee weken per jaar) niet kan draaien vanwege onderhoud of storing. (Bron)

Volgens Wijngaarde kan windenergie de oplossing bieden voor energievraagstuk. Gedacht wordt aan een groot windpark parallel aan een onderling verbonden raster, een klein windpark met een lokale raster en een winddiesel (of batterij) systeem om dorpen van stroom te voorzien.

In een vervolgstudie zou de economische haalbaarheid van windenergie in Suriname onderzocht moeten worden. Die vervolgstudie is nooit van de grond gekomen. Dat wordt vandaag bevestigd door Wijngaarde in een reactie: 'Nee, er is geen vervolgonderzoek geweest.'

Plan blijft plan
Het plan van Maxi Ghazi zal waarschijnlijk een plan blijven. Een plan met de nodige vraagtekens die de heer Ghazi kennelijk niet wil beantwoorden. Hij heeft niets meer en niets minder gedaan dan correspondent Mahabier van de Ware Tijd voor zijn publiciteitskarretje te spannen. Via die krant heeft Ghazi ruchtbaarheid aan het plan gegeven en de journalist heeft geluisterd, genoteerd en heeft verzuimd om kritische en objectieve vragen te stellen. En daar zal het bij blijven, een artikel, zoals dat ook het geval was met de artikelen in die krant over de vermeende nieuwe luchtvaartmaatschappij van een heer Doerga en het kerncentraleplan van een heer Bisram. Aan dit rijtje luchtballonnen kan het Ghazi-plan worden toegevoegd.....

Of er ooit windmolens voor de Surinaamse kust zullen verrijzen zal vooral afhangen van het door de regering gevoerde energiebeleid en de wil fors te investeren in duurzame vormen van energie, zoals wind- en zonne-energie.


Tot slot
* TERZIJDE
Frans Ghazi en Olcay Gulsen Vermeldenswaard is nog, dat in augustus 2013 in Nederland in bladen en websites in de entertainment- en modewereld en ook in kranten verhalen verschenen over de bekende Nederlands-Koerdische modeontwerpster Olcay Gulden en haar nieuwe liefde, een lid van de Ghazi-familie, Frans. Gulsen is eigenaar van het kledingmerk Supertrash. Voordat ze bevriend raakte met Ghazi had ze een soort knipperlicht relatie met voetballer Edgard Davids. Over Ghazi liet ze weten: 

Gulsen en Frans Ghazi. (Bron foto: Gulsen/Twitter)
'Hij is een onwijs leuke aantrekkelijke man met veel gevoel voor humor. en met een goudeerlijk hart. Dat maakt hem zo mooi. Het gebeurt niet vaak dat je zo iemand tegenkomt. Mensen hebben vaak bijbedoelingen. Frans niet. Hij is zó puur!' 

De website ilovefashionnews.nl bericht 26 augustus, dat Frans al sinds zijn twaalfde voor het bedrijf van zijn vader werkt.

Olcay leerde Frans kennen, omdat ze naar zijn huis kwam kijken dat hij wilde verhuren. In datzelfde huis gingen ze samenwonen. Maar, de diverse media konden nauwelijks informatie vinden over die Frans Ghazi: geen Facebook, geen Linkedin, geen Hyves, geen Orkut, niets. Wat wel boven water kwam was dat hij in de voedselindustrie werkzaam is en van pokeren houdt. Natuurlijk verscheen er ook het een en ander over Frans Ghazi op de beruchte Surinaamse roddelforumwebste Mamjo.com. De relatie liep echter in november alweer op de klippen. Volgens Gulcen is hun relatie vooral misgegaan doordat ze te hard van stapel zijn gelopen. Daardoor kwamen ze er later pas achter dat ze eigenlijk helemaal niet zo goed bij elkaar passen als dat ze dachten. 'Na die verliefdheid ontdek je of de basis ook echt goed is. We zijn er toen achter gekomen dat we te weinig met elkaar gemeen hebben om verder te gaan. We passen niet in elkaars leven nu', aldus Olcay op 28 november 2013 op ilovefashionnews.nl. 

Noot:
Onderstaand artikel in de Ware Tijd van zaterdag 12 juli 2014 bevestigt wat ik stel, dat de correspondent van de Ware Tijd in Nederland, Eric Mahabier, kennelijk goed bevriend is met die Ghazi. Waarom vindt hij die Ghazi zo belangrijk? In het artikel wordt ook weer gerept over de oprichting van die Urban Development Bank en de stichting Willem 4, dezelfde opmerkingen hierover werden ook al gedaan in die krant in maart 2012!!!! Kortom, die Ghazi en zijn plannen zijn niets meer en niets minder dan gebakken lucht, maar dat kan hij, bakken.

De tekst van het artikel vandaag:

Suriname moet nu al inspelen op de oprichting van de ‘Brics Development Bank’ en deskundigen aantrekken die vooral op agrarisch gebied goede rapporten kunnen schrijven. Die rapporten moeten in projectvorm bij de nog op te richten bank ingediend worden voor financiering van de Surinaamse agrarische sector. 

De Surinaams-Nederlandse industrieel Max Ghazi is ervan overtuigd dat indien Suriname vooruitlopend op de oprichting van de bank nu al zijn huiswerk begint te maken, het land binnen enkele jaren daadwerkelijk de agrarische schuur van het Caribisch Gebied kan worden. President Desi Bouterse is door zijn Braziliaanse collega uitgenodigd als toehoorder te participeren in de Brics (Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika) top die volgende week in Brazilië plaatsvindt.
Netwerk organisatie Willem4, waar Ghazi aan verbonden is, is bezig met de oprichting van de "Urban Development Bank", die gericht is op de diaspora van Suriname, Curaçao, Aruba en Bonaire. Volgens Ghazi is de bank al geregistreerd in Nederland en worden de formaliteiten op de eilanden nu getroffen.

Ghazi ziet de in oprichting zijnde Brics ontwikkelingsbank als een goede tegenhanger van de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) en van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). De Brics bank kan tegen zachtere voorwaarden leningen verstrekken dan de IDB en het IMF tot nu toe gedaan hebben.

donderdag 19 juni 2014

De lange weg van een monument in wording

Bouw monument steeds uitgesteld door administratieve en financiële rompslomp

Commissie monument heeft zaken niet op orde

19-06-2014 Door: Paul Kraaijer (Obsession Magazine)


Paramaribo – De Surinaamse minister van Defensie, Lamure Latour, gaf in juli 2013 opdracht tot het opzetten van een monument voor gevallenen, militairen en burgers, tijdens de Binnenlandse Oorlog. Waar het monument zou komen en hoe het eruit zou moeten gaan zien was toen nog niet bekend. Enkele maanden later, op 13 november, werd door toenmalig minister Soewarto Moestadja van Binnenlandse Zaken de Commissie Monument Gesneuvelde Militairen en Burgers tijdens de Binnenlandse Oorlog in de periode 1986-1992. De commissie, onder voorzitterschap van Henk Herrenberg, moest zorgen voor een ontwerp van het monument en een locatie. Inmiddels is het bijna juli 2014 en nog steeds is het monument niet gereed. Een jaar van stagnaties door verschillende redenen ligt hieraan ten grondslag.

Half juni van dit jaar liggen de werkzaamheden aan het monument al ruim zes weken stil. 'We zitten met financiën', was de reactie van Herrenberg tegenover De West van dinsdag 17 juni.
Herrenberg beweerde, dat de commissie de stukken niet op tijd in orde gemaakt heeft, waardoor er stagnaties opgetreden zijn en er nog geen geld vrijgemaakt is om de bouwwerkzaamheden op te pakken. Verder beweerde hij, dat bepaalde zaken bij de overheid niet snel worden afgehandeld als men niet de juiste procedure volgt.

Herrenberg bereidt komst monument nauwelijks voor
Maar, het is niet de eerste keer dat de commissie en haar voorzitter blijk geven hun zaken niet op orde te hebben. Voordat je met de nodige poeha begint met de bouw van een monument zorg dan dat alles 'er omheen', ook de administratie, rond is, zoals de financiering waardoor de bouw ongestoord kan plaatsvinden. Maar nee hoor, het gaat weer op z'n Jan Boeren Fluitjes. Organiseren moet en kun je leren. Dit is echt een aanfluiting...

De eerste en tweede streefdatum voor het 'Monument Gesneuvelde Militairen en Burgers tijdens de Binnenlandse Oorlog in de periode 1986-1992’ werden niet gehaald. De eerste streefdatum was rond 25 november. De tweede streefdatum was 25 februari, maar door stagnatie werd ook die onthulling verschoven.

Herrenberg negeert ex-militairen
Begin november 2013 kwam er overigens nog kritiek vanuit de vereniging van ex-militairen naar aanleiding van door Herrenberg gedane uitspraken, dat het idee voor een monument al bestond vlak na de binnenlandse oorlog. De toenmalig voorzitter van de vereniging, Renato Cyrus, beweerde echter, dat ex-militairen in 2007 gevraagd hebben om een monument. 'We hebben erop aangedrongen bij de vorige regering alsook bij de huidige. Het idee is van ons', aldus Cyrus. De ex-militairen zijn ook gepikeerd, omdat zij niet betrokken zijn bij de planning van het opzetten van de monumenten. Ze hadden ook graag een bijdrage willen leveren aan de bouw van de monumenten. 'We hebben ook technische mannen onder ons en we hadden zo graag een bijdrage willen leveren. We betreuren het dat de commissie ons zo is gepasseerd.' Aan de vereniging was volgens Cyrus wel ondersteuning gevraagd door de commissie, maar dan alleen om hen te helpen aan namen van militairen die tijdens de oorlog zijn omgekomen.

Regering Venetiaan-Sardjoe wilde geen monument
Overigens liet vicepresident Ramdien Sardjoe op 3 december 2009 een vertegenwoordiging van ex-militairen weten, dat zijn regering Venetiaan-Sardjoe er niet aan dacht om een monument op te zetten speciaal voor gevallen militairen in de Binnenlandse Oorlog. Sardjoe omschreef deze 'onnodige strijd' als een broederoorlog, waarbij kinderen van het land zijn gevallen. 'Het was een strijd tussen Surinamers onderling en dan wordt niet meer gekeken of aan de zijde van de toenmalige regering is gestreden.' Hij zei ook dat een ieder die zich heeft ingezet voor het Surinaamse volk moet worden herdacht. 'Want ook de gesneuvelden van de andere partij maken daarop aanspraak.'

Commissie doet haar huiswerk slecht
Begin 2014 lagen de werkzaamheden drie maanden stil. Oorzaak zou zijn geweest, dat de commissie geen toestemming had van het ministerie van Openbare Werken (OW) en de Commissie Monumentenzorg Suriname. Begin maart kreeg de commissie echter de persoonlijke toestemming van president Desi Bouterse om het gedenkteken af te bouwen. De Commissie Monumentenzorg Suriname stelde, dat het stuk grond waarop het monument voor gevallen burgers en militairen komt, is geoccupeerd door de commissie ‘Monumenten van de gesneuvelde Burgers en militairen 1986-1992′. De Waterkant valt echter onder de Werelderfgoedlijst van de VN-organisatie UNESCO (United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization) die door de Stichting Gebouwd Erfgoed Suriname wordt beheerd. Bij het plaatsen van objecten zoals monumenten, moet de beheerder eerst op de hoogte gesteld worden. Ook heeft de commissie onder leiding van Herrenberg geen bouwvergunning van OW om aan de Waterkant een monument op te zetten. Na de mededeling van Bouterse zag Herrenberg geen aanleiding meer om Openbare Werken en de Commissie Monumentenzorg Suriname om toestemming te vragen. ‘Wij hebben al groen licht van de hoogste man van het land en de Waterkant valt onder het beheer van het Kabinet van de President', was de reactie van commissievoorzitter Herrenberg.

De werkzaamheden begonnen weer op 3 maart 2014. De commissie had overigens een levensduur van drie maanden, maar president Bouterse verlengde het voortbestaan met zes maanden.

Nu, 19 juni 2014, liggen de werkzaamheden aan de Waterkant dus weer stil.

Wachten op UNESCO
De UNESCO blijkt haar bevindingen over het opzetten van het gedenkteken in de historische binnenstad nog niet kenbaar gemaakt. Dat is volgens directeur Stephen Fokke van de Stichting Gebouwd Erfgoed niet de schuld van de VN-organisatie. Hij zei 13 juni tegenover de Ware Tijd, dat tijdens een vergadering op 14 april bij minister Rabin Parmessar van Openbare Werken is besloten, dat UNESCO wordt gehoord. Behalve de Stichting Gebouwd Erfgoed was ook de commissie 'Monumenten van de gesneuvelde militairen en burgers 1986-1992' betrokken bij dit besluit. Er is toen een ontwerp van het monument gestuurd naar de UNESCO en die heeft 16 mei gereageerd.
'UNESCO heeft meer behoefte aan informatie zoals een driedimensionale tekening. Ook wil UNESCO weten wat voor soort objecten voorkomen nabij het monument', aldus Fokke. Maar de overheid heeft nog niet gereageerd op het schrijven van UNESCO, waardoor de visie van VN-organisatie nog uitblijft.

Halfslachtig werk commissie Herrenberg 
De weg naar een monument is lang. Echter, met een betere organisatie, een betere planning, een betere administratie en een beter financieel beheer had het monument al in volle glorie onthuld kunnen zijn.

Een jaar na de bekendmaking door de minister van Defensie, dat er een monument komt voor gesneuvelde militairen en burgers tijdens de Binnenlandse Oorlog, blijkt dat de locatie aan de Waterkant waar het monument komt nog niet eens definitief vast staat......

vrijdag 13 juni 2014

STVS en WK Voetbal gaan (nog) niet samen

Amateurisme op en top bij staatszender doet WK en gehele bevolking geen recht

Met gekromde tenen en irritaties naar wedstrijden en 'beschouwingen' kijken

Voor-, tussen- en nabeschouwingen van 'analisten' kunnen volledig genegeerd worden

13-06-2014 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Met veel poeha, arrogantie, zicht- en hoorbare trots en het nodige gepoch maakte de Surinaamse staatszender STVS (Surinaamse Televisie Stichting) op 7 mei bekend alle televisierechten voor het FIFA-Wereldkampioenschap Voetbal (WK) in Brazilië opgekocht te hebben. De zender liet op venijnige toon meteen weten, dat het uitzenden van wedstrijden door andere zenders leidt tot 'onrechtmatig handelen' en dat zij genoodzaakt zou zijn in zo'n geval een Kort Geding aan te spannen tegen haar collega-omroep. De toon was gezet door een omroep die zelf nota bene het amateurisme nog niet is ontgroeid.


STVS investeert niet in professionalisme
In aanloop naar het WK werd Suriname doodgegooid door de STVS met allerlei commerciële activiteiten om kijkers te lokken. De uitzendingen van de wedstrijden en de beschouwingen worden doorspekt van vele reclames van sponsoren van STVS. Die sponsoren zijn met hun logo's zichtbaar achter de de presentatoren en analisten en natuurlijk ook in beeld tijdens de wedstrijden. Natuurlijk ontbreken ook diverse loterijen niet rond het WK en de STVS.


Allemaal leuk en aardig, maar de staatszender heeft nauwelijks tot niet geïnvesteerd in apparatuur en zendmasten die het mogelijk moeten maken om kwalitatief goede beelden te verzorgen en om de zender in het hele land te kunnen ontvangen. De STVS is zelfs nauwelijks te ontvangen in bijvoorbeeld het district Coronie. Het is districtscommissaris Aroenkoemar Ramdhani die ervoor heeft gezorgd dat een handjevol Coronianen het WK Voetbal toch goed kunnen zien. Hij heeft namelijk bij het Cultureel Centrum Coronie in Totness een schotelantenne laten plaatsen waardoor beeldontvangst mogelijk is. Daarnaast was het nota bene een politieke partij die tientallen dorpen in het achterland heeft voorzien van schotelantennes en breedbeeldtelevisies. Dat alles vooral en met name voor de kennelijk oh zo belangrijke wereldkampioenschappen voetbal. Vele marrons en inheemsen kunnen deze dagen genieten van de vele voetbalwedstrijden met dank aan particulier initiatief en niet aan de STVS of de landelijke overheid, een overheid die al vele maanden liep te schreeuwen dat ook de gemeenschappen in het binnenland het WK Voetbal zouden kunnen gaan zien.

Maar, hier heeft de STVS een belangrijke steek laten vallen. Al jaren is immers bekend dat deze dagen het WK Voetbal plaatsvindt in Brazilië. Ook de staatszender wist dit. Maar, de STVS heeft verzuimd om hierop vroegtijdig in te spelen, om te investeren, om rekening te houden met de bevolking. Niet alleen zijn de diverse eigen programma's van de zender amateuristisch, dat kan ook gezegd worden van de directie en andere verantwoordelijken binnen die omroep.

Dat het slecht gesteld is met de apparatuur bij de omroep bleek dinsdag 22 april van dit jaar toen er brand uitbrak in de zekeringskast van de zendmast. De brand kon ontstaan, doordat de apparatuur is verouderd en er steeds meer apparaten zijn bijgevoegd. Dat zorgde voor overbelasting van het systeem. Het bedrijf is doorspekt van amateurisme. Door de brand was de STVS een paar uren uit de lucht.

Soms zeggen foto's genoeg, zoals deze foto's van de zekeringskast en een schotel bij de STVS (Foto's: Stefan Tull/de Ware Tijd).

Een dag later liet waarnemend-directeur Cliffton Limburg van de zender weten door gebrek aan geld de technische gebreken aan de STVS-apparatuur niet in een keer te kunnen aanpakken. Maar, op de begroting voor dit jaar heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken twee miljoen Surinaamse dollar uitgetrokken voor de STVS en haar collega SRS, Stichting Radio Omroep Suriname. Uitbreidings- en vervangingsinvesteringen moeten van het ministerie worden besteed aan moderne apparatuur, moderne technologieën, infrastructuur (masten et cetera) alsook aan opleiding en training van het personeel. ‘Deze branche wordt gekenmerkt door snelle technologische veranderingen zoals digitale televisie, satelliet tv, et cetera.’, aldus het ministerie. Vraag is wat bijvoorbeeld de STVS met al dat overheidsgeld doet of heeft gedaan? Is het alleen besteed aan personeelskosten? Eind 2012 kreeg het personeel nog een 13 procent salarisverhoging.....
De redactiekantoren blijken ook niet echt waterdicht te zijn. Zo stond de redactie van het STVS-Journaal Tweede Kerstdag onder water door overvloedige regenval.

Een dag voor de start van het kampioenschap werd bij de STVS nog gesleuteld aan apparatuur.Om stroomuitval te voorkomen, werd de NV Energie Bedrijven Suriname ingeschakeld om extra voorzieningen te treffen in geval van calamiteiten. Er werden kabels aangelegd voor extra energietoevoer en ook werden twee aggregaten geplaatst, om ervoor te zorgen dat bij stroomuitval het feest in het heuse WK-dorp in het kantoor van de Surinaamse Voetbalbond, SVB, gewoon kan doorgaan. Van hieruit gaat de STVS voor-, tussentijdse en nabeschouwingen uitzenden van de wedstrijden.


Openingsceremonie, voorbeschouwing en Coca Cola 
Met veel spanning in de stoel, klaar om naar de openingsceremonie bij de STVS te kijken. Maar, de ceremonie was nauwelijks begonnen of het werd pardoes, zonder vooraankondiging, onderbroken door een 'presentator' van de STVS in dat zogenoemde WK-dorp in het kantoor van de SVB. Een 'presentator' die zijn uiterste best deed om maar vooral zo lollig mogelijk over te komen. Maar, iedereen wilde toch de openingsceremonie zien? Na een paar minuten werd er weer naar een buitenlandse zender geschakeld om de uitzending van de openingsceremonie te vervolgen, met nu en dan een stilstaand beeld. Heel irritant. Maar, als deze knulligheid ten top de voorbode is voor de komende weken.....wat een stompzinnige presentatie en dan die vele sponsoren/adverteerders die natuurlijk ook in beeld moeten worden gebracht, inclusief de pontificaal in beeld gebrachte flesjes en half gevulde glazen Coca Cola, omdat dat gewoon moet van die sponsor.
Kortom, het wordt alleen kijken naar de wedstrijden. De voor-, tussen- en nabeschouwingen kunnen volledig worden genegeerd, vooral om veel irritatie en ergernis te voorkomen.

'Analisten Henk en Henna'
De openingswedstrijd tussen Brazilië en Kroatië gisteravond werd gelukkig zonder problemen uitgezonden, met Engelstalig commentaar. Helaas bleken de twee onbekende analisten, ene Henk en ene Henna (verzuimd werd de namen nu en dan even in beeld te brengen), in het WK-dorp niet echt voetbaldeskundig. Na afloop van de wedstrijd kon iedereen die keek getuige zijn van hun ondeskundige analyse en commentaar. Een ieder had een dergelijke analyse kunnen geven. Waarom koos de STVS niet voor echte voetbaldeskundigen, voor echte analisten, desnoods uit Nederland gehaald? Sponsoren, waaronder de Surinaamse Luchtvaart Maatschappij (SLM), genoeg, toch? Daarenboven, zoals gebruikelijk is bij live uitzendingen van de staatszender, viel het geluid nu en dan uit en werden tijdens de analyses ook nog eens de verkeerde wedstrijdfragmenten getoond, waar de analisten niet om hadden gevraagd.

NOS wordt gemist.....
Nederland – Spanje staat vanmiddag op het programma..... Kijken maar weer, met gekromde tenen en de volumeknop van de tv tijdens de voor-, tussen- en nabeschouwing op nul, om aan de bloeddruk te denken. (15.20 uur: De voorbeschouwing begint in ieder geval met een presentator zonder geluid.......Toen er weer geluid was: 'Vandaag Nederland tegen Frankrijk', aldus de presentator. Wat een begin, ongelooflijk en laat ik het dan maar niet hebben over de twee zogenoemde analisten die de STVS voor vandaag ergens vandaan heeft getrokken.)

Een omroep als het Nederlandse NOS wordt hier node gemist.....

Noot:
Woensdag 18 juni 2014. Nederland tegen Australië.  Laat de STVS per direct alle voetbalanalisten het zogenoemde WK Dorp uitbannen..... Wat een waardeloze commentaren/analyses, nauwelijks kennis en verstand van internationale teams en spelers en zooooo negatief over het Nederlandse elftal.....maar, dat zit kennelijk in de genen van de analisten. Dit zijn analisten die misschien verstand hebben van een bal, die is rond, dat valt nog te bevatten, punt, maar een wedstrijd of een team analyseren......pfffffff.....verschrikkelijk....gewoon maar even de volumeknop op nul zetten en gaan genieten van de wedstrijd.
Vandaag zo'n negatieve analist, Winston Babel, met een sacherijnig hoofd die werkelijk onzin verkondigt, geen enkele zin goed uitspreekt en zichtbaar met tegenzin achter zijn 'desk' en flesje Coca Cola staat. 'Nederland gaat constant breien aan de aanval', aldus die analist in een zogenoemde voorbeschouwing. Hoe verzint hij het..... Nederland wint met 3-2.....

'Nederland heeft geen niveau'...... dat is de 'analyse' in de nabeschouwing van de wedstrijd Nederland-Australië op de STVS van die Babel..... Wat heeft die man tegen Nederland of heeft hij naar een andere wedstrijd gekeken? Laat de STVS hem in ieder geval niet meer als analist uitnodigen. Die man heeft totaal geen 'analyse-verstand'..... Daarenboven is hij een ongelooflijk stuk sacherijn die heel ongeïnteresseerd, depressief en sloom oogt..... Weg ermee!!!

UPDATE, 24 juni: Ondanks het dreigen met gerechtelijke stappen, zijn er toch de nodige bedrijven in Paramaribo die ook WK-wedstrijden in gezellige sferen voor het publiek uitzenden. Dat bericht de Ware Tijd dinsdag 24 juni. Een van die bedrijven is TBL-cinemas.
'Directeur Erwin Emanuels van TBL-Cinemas stelt in de krant dat daar geen geld vor owordt gevraagd en dat er dus geen vuiltje aan de lucht is. ‘Wij hebben met de STVS gesproken en die heeft ons erop gewezen dat er geen geld gevraagd mag worden.’ Lackin kon desgevraagd niet duidelijk maken of de locaties de wedstrijden niet tegen betaling mogen uitzenden of sowieso niet mogen uitzenden.', aldus de krant.
Uit het laatste moge duidelijk zijn, dat die dame Lackin werkelijk niet weet wat ze doet of gedaan heeft. Ze is directeur van de STVS en geeft dan een dergelijke reactie. Welke deskundigheid heeft zij in huis???

Een dag later, woensdag 25 juni, laat Chas Warning, consultant van de staatszender, in de Ware Tijd weten dat WK-wedstrijden niet tegen betaling mogen worden uitgezonden.

woensdag 11 juni 2014

Vakbondsman valt door de mand - Overheid vergeet in te spelen op ontwikkelingen in bauxietsector

Ronald Hooghart: 'Laat Suralco/Alcoa opdonderen'

Ruim 1.000 banen op de tocht en vakbondsman gaat daaraan voorbij....

De onzekere toekomst van Suralco/Alcoa – Minister Hok maakte zich in april 2012 al zorgen, maar vervolgens werd het stil

11-06-2014 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – De bekende scherp gebekte Surinaamse vakbondsman Ronald Hooghart, voorzitter van de Centrale van Landsdienaren Organisaties (CLO), liet dinsdagochtend 10 juni in het dagelijkse STVS televisie ochtendactualiteitenprogramma 'Mmanten Taki' weten, dat wat hem betreft Suralco/Alcoa uit Suriname kan 'opdonderen'. Woorden van een zogenoemde vakbondsman. Een vakbondsman voor wie kennelijk ruim 1.000 banen die op het spel staan bij Suralco/Alcoa niet zo belangrijk zijn. Is dit werkelijk een vakbondsman? Helaas vroeg de altijd opgewekte, maar zelden kritische, presentator Lloyd Groenewoud niet door. Hij wilde of weigerde of durfde Hooghart niet live te fileren.

Hooghart,
de vakbondsman met de grote mond,
de vakbondsman die altijd zijn handen in het vuur steekt (met woorden althans) voor de arbeider, de vakbondsman zich altijd in felle verwerpende bewoordingen uitlaat over kapitalisme en de tijd van de koloniale overheersing die hij nog steeds boven het land als een mistige deken ziet handen.
Maar, met zijn opmerkingen in 'Mmanten Taki' is hij hard door de mand gevallen. Hij lijkt totaal niet te denken aan de arbeiders, de werkende klasse van Suriname die moeten bijdragen aan de opbouw van het land, zoals zo vaak door dezen en genen wordt gezegd. Of is het nieuws van het dreigende ontslag van ruim 1.000 werknemers van Suralco aan hem voorbij gegaan? Nee toch!? Maar, opdonderen? En nog geen minuut later wel doodleuk zeggen, geen problemen te hebben met het inschakelen van buitenlandse deskundigheid/deskundigen om de toekomst van de bauxietsector tegen het licht te houden. Kortom, als het uitkomt zijn de oh zo door Hooghart verfoeide buitenlanders van harte welkom.

Hooghart aast ongegeneerd op ministerpost
Overigens werd in het vraaggesprek met Groenewoud ook nog even kort ingegaan op zijn vermeende poging om de NDP (Nationale Democratische Partij) van Desi Bouterse en de Pertjajah Luhur (PL) van Paul Somohardjo met elkaar te verzoenen. Hooghart is sinds kort namelijk ook beginnend politicus en voorzitter van zijn eigen Partij Belangenbehartiging en Ontwikkeling (PBO), waarvan hij de oprichting op 1 april van dit jaar al in december 2013 aankondigde. Hij wil met zijn PBO een samenwerkingsverband met de NDP en PL.....

Hooghart zit gewon ongegeneerd te azen op een eventuele toekomstige ministerspost. Deze man is machtsgeil. Maar, alsjeblieft zegt, laat deze schreeuwer met een fobie voor het koloniale verleden ver van welke regering dan ook blijven.... Een politicus moet de nuance in issues weten te vinden en daartoe is hij niet in staat. Zijn werkwijze is er een van de ongenuanceerde confrontatie. Hard, geen ruimte voor die nuance, nauwelijks ruimte voor relativering en objectiviteit.

Bij de formele bekendmaking van de PBO op 1 april zei hij al dat, vanwege hun sociale agenda, de NDP en Pertjajah Luhur de meest voor de hand liggende kandidaten voor samenwerking in 2015 zijn. Zijn partij zou vooral willen opkomen voor mensen aan de onderkant van de maatschappelijke ladder. Adequate ziektekostenverzekering, waardevaste pensioenen, betaalbare huisvesting en rechtszekerheid voor landsdienaren ofwel ambtenaren zijn de prioriteitsgebieden waar Hooghart zich in de politiek mee wil bezighouden.

Het is opmerkelijk dat zijn uitlatingen in 'Mmanten Taki' over Suralco/Alcoa geen kritische reactie hebben uitgelokt van andere vakbonsleiders, zoals van Robby Berenstein van de vakcentrale C-47. Berenstein maakt zich wel zorgen over de arbeiders bij Suralco/Alcoa en hun dreigend ontslag. Dat liet hij onder andere weten als gast in hetzelfde programma, en op dezelfde dag, waarin Hooghart zijn uitlatingen deed.

Waarom 'opdonderen'
Suralco/Alcoa gaat haar productie tussen juli en september verlagen naar het laagste niveau, 360.000 ton aluinaarde per jaar. Het bedrijf maakte eind mei bekend, dat die stap onvermijdelijk is om de komende 4,5 jaar operationeel te blijven. Door de productievermindering komen tweehonderd vaste arbeiders en zo’n zevenhonderd contractwerkers zonder werk te zitten, aldus het bedrijf.
Al jaren lijdt Suriname ettelijke miljoenen verlies in de bauxietindustrie en betaalt veel meer aan Suralco dan het aan inkomsten ontvangt.
Op 29 mei was Aquilino Paolucci, de regionale president van het Amerikaanse moederbedrijf Alcoa voor Latijns-Amerika en het Caribisch gebied, in Suriname. Hij voerde een gesprek op het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen. Daar werden de opties die er zijn besproken en een ander werd schriftelijk vastgelegd. Alcoa geeft de regering maximaal een jaar de tijd om te kiezen uit de door haar gepresenteerde oplossingsvoorstellen om de bauxietindustrie in het land te redden, waarbij de belangrijkste probleemgebieden energie en de ontwikkeling van nieuwe mijnen zijn.
Voor Alcoa is vooral het oplossen van het energievraagstuk belangrijk. De operaties van Suralco draaien op de ruwe olie van Staatsolie die tegen wereldmarktprijzen wordt geleverd. Door de jaren heen is de wereldmarktprijs voor aluinaarde gedropt van ruim 300 Amerikaanse dollar naar minder dan 180 Amerikaanse dollar per metrieke ton. De energiekosten vertoonden echter een opwaartse trend.
President Bouterse ging vrijdag 30 mei in De Nationale Assemblee (DNA) gedetailleerd in op deze kwestie en onderbouwde zijn mededelingen met cijfers. Hij bedankte zowel de oppositie als de coalitie voor het feit dat ze ‘de ernst van de situatie inzien en hun volle inzet geven om aan dit vraagstuk te werken’. Bouterse voegde er aan toe, dat er ook een internationaal consult wordt ingehuurd.



Het ontstaan van Suralco
Suralco is een dochteronderneming van Alcoa World Alumina and Chemicals (AWAC); een joint venture van de Amerikaanse aluminiumproducent Alcoa (60%) en Alumina Ltd (40%). Alcoa is al sinds 1916in Suriname actief, aanvankelijk onder de naam Surinaamse Bauxiet Maatschappij. Een jaar eerder had Alcoa, dat destijds Aluminum Company of America heette, deskundigen naar Suriname gestuurd om de mogelijkheid voor bauxietwinning te onderzoeken. Het eerste erts werd gewonnen aan de Cotticarivier bij het dorp Moengo in het oosten van het land. Het eerste Surinaamse bauxiet werd in 1922 geëxporteerd. In 1938 werd begonnen met de bouw van een fabriek voor aluminiumverwerking aan de Pararivier. De fabriek, die in 1941 in bedrijf werd gesteld, werd Paranam genoemd, naar de Para- en Surinamerivier.

Aluminum Production & Bauxite Mining: "Aluminum" 1941:


Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de vraag naar aluminium groot; de geallieerde luchtvloot werd grotendeels gebouwd van uit Surinaams erts gewonnen aluminium.

Op 1 maart 1957 sloten de Surinaamse regering en Alcoa een zogeheten richtlijnovereenkomst. De structuur van de 'Surinaamse Bauxiet Maatschappij' werd gewijzigd en de naam werd Suriname Aluminium Company (Suralco).
Op 27 januari 1958 sloot Alcoa de zogenoemde Brokopondo-overeenkomst met de Surinaamse regering. Alcoa verplichtte zich om een stuwdam, een waterkrachtcentrale, een bauxietsmelterij en een fabriek voor aluminiumwinning te bouwen. In ruil kreeg Alcoa een concessie voor 75 jaar om bauxiet te winnen, plus korting op de elektriciteitsprijs. In 1965 werd te Paranam de aluminiumsmelter in bedrijf genomen, die werkte op elektriciteit uit de waterkrachtcentrale van de Afobakadam. Het complex werd op 9 oktober dat jaar officieel geopend door Koningin Juliana.

Video Stuwdam en bauxietwinning in Suriname (1965):


Parlementaire commissie
In De Nationale Assemblee werd 3 juni besloten om voor de oplossing van deze kwestie een commissie in te stellen. DNA-voorzitter Jennifer Geerlings-Simons pleitte voor een commissie, samengesteld uit vier leden van de coalitiefractie en drie uit oppositiefractie:
Carl Breeveld (DOE, Democratie en Ontwikkeling in Eenheid), Ricardo Panka (NDP, Nationaal Democratische Partij), Ronnie Brunswijk (ABOP, Algemene Bevrijdings- en Ontwikkelingspartij), Paul Somohardjo (Pertjajah Luhur), Radjkoemar Randjietsing (VHP, Vooruitstrevende Hervormings Partij) en Ronny Asabina (BEP, Broederschap en Eenheid in de Politiek) en de voorzitter van de parlementscommissie Natuurlijke Hulpbronnen’, Anton Paal (PALU, Progressieve Arbeiders en Landbouwers Unie).

 Dezelfde dag kwamen 's avonds al vertegenwoordigers van het bedrijfsleven, de vakbond en de overheid in een spoed tripartiet overleg bijeen om de situatie waarin Suralco verkeert en de mogelijke gevolgen te bespreken. Tijdens dat overleg werd duidelijk, dat de vakbeweging nog niet formeel door de regering over de situatie was geïnformeerd.

Vakbondsleider Berenstein van C-47:
‘De kwestie heeft onze bezorgdheid. Er staan niet alleen honderden banen op het spel, maar vermenigvuldig dat met het aantal gezinsleden van de arbeiders.'
Voordat er vanuit de vakbond concreet eisen op tafel gelegd worden over de belangen van de werknemers, moeten er volgens hem eerst een aantal scenario’s op papier gezet worden. ‘Wat zijn de gevolgen als Suralco blijft, maar ook wat zijn de gevolgen als Suralco weggaat’, zei Berenstein. ‘De focus is nu behoud van arbeidsplaatsen.’ Er is geen termijn gesteld waarin antwoord wordt verwacht van de president. ‘We gaan ervan uit dat de regering de zaak heel serieus neemt en het tripartiet overleg ook als serieus beschouwt’, aldus Berenstein.

Zijn collega Murwin Leeflang, voorzitter van de Algemene Werknemers Organisatie (AWO) die opkomst voor de contractarbeiders bij Suralco/Alcoa, liet op 8 juni via Starnieuws weten 'alle reden' te hebben voor 'behoorlijke zorgen'. Hij zei ook dat zijn organisatie nog niets had vernomen van het bedrijf: ‘Het lijkt mij goed dat we officieel ook van de maatschappij horen wat er gaande is en wat de positie is van de contractarbeiders.’
Leeflang benadrukte het belang van een snelle totstandkoming van de Wet op Contractarbeid. De relatie tussen Suralco en de contractors is volgens de vakbondsleider slechts gebonden aan een zogenoemd memorandum of understanding tussen de partijen. Volgens Leeflang geeft dit document slechts de intentie van een moment weer om samen te werken.

De speciale parlementaire commissie startte maandag 9 juni haar eerste gesprekken met vertegenwoordigers van diverse instanties en betrokkenen, waaronder ook de stuurgroep van de regering onder leiding van ondernemer Dillip Sardjoe. Directeur Gillmore Hoefdraad van de Centrale Bank van Suriname en de algemeen directeur van Staatsolie, Marc Waaldijk, van de presidentiële stuurgroep, zeiden kort na hun gesprek met de parlementaire commissie, dat er nog zeker enkele weken nodig zijn om het standpunt van Suriname te formuleren. Volgens Waaldijk moet tijd vanuit Surinaamse zijde helemaal geen probleem te zijn.
‘Het is een zwaarwichtige kwestie met enorme effecten en daar moet je alle tijd voor nemen’, aldus Waaldijk tegenover Starnieuws. Volgens Hoefdraad vindt nu alleen informatieuitwisseling plaats. Daarna worden er nog enkele speciale commissies samengesteld en buitenlandse adviseurs geraadpleegd. Hoefdraad: ‘Het gaat er niet om dat we praten over een vertrek of niet van de Suralco uit Suriname. Er is een probleem en daar gaan we heel zakelijk naar kijken. We zijn in feite nog maar net bij het begin van de discussie.’

'Gebrek aan kennis en kunde debet aan ontstane situatie Suralco/Alcoa'
De Vereniging van Mijnbouwkundigen en Geologen in Suriname (VMGS) kwam gisteren, woensdag 11 juni 2014, met een persbericht waarin zij pleit voor een duurzame oplossing voor de bauxietindustrie. Volgens de vereniging heeft Suriname gefaald om zich minimaal goed voor te bereiden op de situatie. De recente ontwikkelingen in de sector vormen een bron van grote zorg bij VMGS.
'De toekomst van een aanzienlijk deel van onze leden en aspirant leden ziet er, met de mogelijkheid dat er een einde komt aan de bauxietindustrie in Suriname, niet rooskleurig uit. Deze situatie heeft enkel en alleen kunnen ontstaan door het structurele gebrek aan kennis en kunde op geologisch en mijnbouwkundig gebied bij de overheid, haar werkarmen en haar instituten.'

Duidelijk is, dat de door Alcoa gestelde deadline van 13 juni niet door de Surinaamse regering wordt gehaald. De regering stelt meer tijd nodig te hebben om de ontstane situatie goed, met deskundigen en direct betrokkenen, te bestuderen om uiteindelijk met goed onderbouwde voorstellen of een voorstel te komen in de richting van de bestuurstafel van Suralco/Alcoa.

Minister Hok was in april 2012 al somber over toekomst Suralco/Alcoa
Opgemerkt dient te worden, dat Suralco's Managing Director Peter de Wit bij zijn vertrek op 20 april 2012 nog zei de toekomst voor het bedrijf positief in te zien. 'De vraag naar aluminium en dus die van aluinaarde en bauxiet, zal gestadig blijven stijgen in de komende jaren, er wordt een verdubbeling van vraag naar aluminium verwacht in de komende 10 jaar. Aluminium zal een steeds belangrijkere rol gaan spelen in een wereld waarbij urbanisatie, energiebesparing en toenemende mobiliteit centraal staan.'
Hij liet weten dat de heropende Lelydorp I mijn zorgt voor de levering van bauxiet voor de raffinaderij tot 2014. 'De voorbereidingen voor het ontwikkelen van het Nassau Plateau tot bauxietmijn lopen volgens schema. Ook de voorbereidingen voor het heropenen van de Para-Noord en Kankantrie-Noord mijnen worden ter hand genomen. Volgens plan zullen deze mijnen simultaan met de Nassau mijn in gebruik worden genomen en de raffinaderij tot 2025 van bauxiet voorzien.'
De Wit zei er alle geloof en vertrouwen in te hebben dat het goed gaat met Suralco en met het lokale management team en zijn capaciteiten.

De woorden van De Wit wekten verbazing bij minister Jim Hok van Natuurlijke Hulpbronnen. Hij vroeg zich af hoe hij de op dat moment zijnde massale afvloeiing van contractarbeiders bij het bauxietbedrijf moest plaatsen tegenover de verklaring van De Wit. Volgens Hok was door het beleid van de regering Venetiaan-Sardjoe de bauxietindustrie al aan het doodbloeden.
‘Suralco is nu nog in leven, omdat de overheid grote hoeveelheden energie van het bauxietbedrijf koopt. Het bedrijf is nu dus meer energieboer dan bauxiet- of aluinaardeboer. We hopen dat haar plannen voor de ontwikkeling van het Nassaugebied door gaan. Dat ze bijvoorbeeld alvast beginnen met het aanleggen van de weg daar naar toe. Maar, we hebben dat niet helemaal niet in de hand. Anders zal Suralco ook uit Suriname vertrekken. Dat betekent dan wel het einde van de Brokopondo overeenkomst.’ De bewindsman zei verder dat de regering al het mogelijke zal blijven doen om de bauxietindustrie in Suriname te doen herleven.

Overheid heeft verzuimd in te spelen op te verwachten ontwikkelingen in bauxietsector
Let wel, dit zijn woorden uit april 2012! Kennelijk hebben Hok en de regering de afgelopen twee jaren zitten slapen en had in ieder geval de huidige situatie binnen Suralco/Alcoa niet echt een verrassing hoeven te zijn....... De zaken waarover nu indringend wordt gesproken door de parlementaire commissie en vele direct en indirect betrokkenen, hadden al binnen de afgelopen twee jaren besproken kunnen worden. Toekomstscenario's hadden al in rapporten kunnen zijn verwerkt. Maar, enige toekomstvisie en inspelen op toekomstige ontwikkelingen in de bauxietsector (en dat geldt ook voor de goudwinningssector) schijnt te ontbreken op overheidsniveau en dat zal niet de eerste keer zijn.

Noot:
Het internationale persbureau Reuters berichtte vrijdag 13 juni 2014 overigens, dat Alcoa binnen twee jaar vertrekt uit Jamaica en dat het haar mijnbouwbelangen verkoopt aan de multinational Noble Group Ltd., dat haar hoofdkantoor heeft in Hong Kong. Is dit een voorbode voor wat Suriname te wachten staat???

zondag 8 juni 2014

De Britse nep 'sjamaan' Juliette D'Souza en de Surinaamse connectie

(Bron foto: Polly Hancock/ Ham&High)
D'Souza veroordeeld tot tien jaar cel voor oplichting en fraude

Britse ponden in boom in Surinaams regenwoud zouden kwalen en ziekten genezen

'Sjamaan' had jarenlang Surinaams aapje Joey als huisdier in te kleine kooi

08-06-2014 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – De Blackfriars rechtbank in Londen, heeft op 30 mei 2014, na een vijf weken durende rechtszaak, de 59-jarige Juliette Sophia Josephine D'Souza veroordeeld tot een gevangenisstraf van 10 jaar voor oplichting en fraude. De vrouw deed zich jarenlang voor als een 'sjamaan', een soort natuurlijke genezeres, die mensen die leden aan ernstige kwalen en ziekten als kanker wijs wist te maken, dat zij ze kon genezen. Daartoe gelukte het de in Guyana geboren Britse haar slachtoffers - waaronder een operazangeres en een een advocaat, voor wie D'Souza een soort laatste toevluchtsoord en hoop op genezing was geworden - zo'n een miljoen Britse pond af te troggelen met het verhaal, dat dat geld naar Suriname werd gestuurd waar het in het regenwoud in een boom werd opgehangen, waarna de slachtoffers zouden genezen. Inmiddels heeft een bij de zaak betrokken politiefunctionaris verklaard, dat het waarschijnlijk gaat om een bedrag van rond de vijf miljoen pond.

Het was een opmerkelijke rechtszaak met een sterk Surinaams tintje. Toch ging de rechtszaak volledig voorbij aan Surinaamse media, met uitzondering van het Nederlands/Surinaamse Obsession Magazine dat diverse keren vanaf de eerste zittingsdag, op basis van Britse mediaberichten over de rechtszaak, aandacht schonk aan de rechtszaak, Juliette D'Souza en haar aapje Joey. Pas toen de jury van de rechtbank haar oordeel velde en de rechtbank uitspraak deed, kreeg de Surinaamse krant de Ware Tijd, eindelijk, lucht van de zaak en de Surinaamse connecties, en publiceerde een summier artikel over de zaak.

De rechtszaak
Juliette D'Souza werd in juni 2012 aangehouden in het bejaardentehuis Branch Hill House in Londen, waar ze op bezoek was bij haar moeder. Op het moment van haar arrestatie had ze vijf mobiele telefoons op zak en ruim 2.800 Britse pond. Ze werd ervan beschuldigd elf mensen te hebben overgehaald om bedragen van 30.000 of 40.000 Britse pond contant aan haar te geven, met het verhaal, dat zij een sjamaan was met bovennatuurlijke krachten. In totaal zou de vrouw minstens een miljoen Britse pond hebben afgetroggeld van slachtoffers die ervan overtuigd waren, dat zij kanker kon genezen of behulpzaam kon zijn bij het verkrijgen van kinderen.
D’Souza wist haar slachtoffers wijs te maken, dat zij het geld naar Suriname liet overvliegen waar het opgehangen zou worden in een magische boom in het tropisch regenwoud, om daarmee de problemen van de slachtoffers op te lossen. Het geld verdween echter in de ‘uitbundige levensstijl’ van D’Souza die tegelijkertijd drie of vier luxe appartementen huurde en een fortuin uitgaf aan Louis Vuitton tassen, juwelen, antieke meubels en vakanties. Ze kocht onder andere voor 3.000 Britse pond een Hermes handtas. De 59-jarige van Perrin ‘s Lane, Hampstead (Londen) afkomstige verdachte, had haar zinnen gezet gedurende twaalf jaren op de meest kwetsbaren in de samenleving en pochte over haar vermeende beroemde klanten, waaronder prinses Diana en X Factor goeroe Simon Cowell, om het vertrouwen van haar slachtoffers te winnen.


D'Souza verlaat de rechtbank na een van de zittingen.

Geld naar Oma en Pa in Suriname
Benjamin Aina van het Openbaar Ministerie zei op de eerste zittingsdag van de rechtszaak, 1 mei 2014:

‘Juliette D’Souza vertelde de mensen dat ze een sjamaan was. Ze had te maken met burgers die ernstige levensbedreigende problemen hadden. Sommigen waren stervende aan kanker, sommigen hadden goede vrienden die stierven aan kanker, sommigen hadden lichamelijke kwalen, sommigen waren wanhopig om kinderen te krijgen. In een geval had een echtpaar een kind met een handicap die ze wilde helpen.’
‘Het geld zou in een gesloten enveloppe naar Suriname worden gestuurd, naar gebedsgenezers Oma en Pa. Zij zouden het geld onder een boom leggen of erin hangen waardoor de problemen van haar slachtoffers zouden worden opgelost. Maar, in plaats daarvan gebruikte ze het geld om een luxe levensstijl te kunnen financieren in het Verenigd Koninkrijk en in Zuid-Amerika.’

D’Souza beweerde echter dat ze nooit sjamaan was geweest en ontkende de 23 aanklachten inzake het door bedrog en fraude verkrijgen van allerlei goederen. Ze beschuldigde de osteopaat Keith Bender, een van haar slachtoffers van het eerste uur die nota bene, toen zij elkaar leerden kennen, patiënten van hem doorverwees naar D'Souza, ervan 'achter alles te zitten', omdat hij 'slecht' was. Ze erkende wel naar Suriname te zijn geweest, maar alleen om naar haar 'man' te gaan die tijdens de rechtszaak 'Mr Tjin A Ton' werd genoemd, een hoge politiefunctionaris.

Tegenover de politie had ze verklaard: 'Ik heb nooit gesproken over welk offer of welke 'healing' van Sylvia Eaves (een van haar slachtoffers, 83 jaar, operazangeres, die in de rechtszaak als een van de getuigen was opgeroepen) dan ook en zij heeft me nooit gevraagd om haar van wat dan ook te genezen. Bender gaf mevrouw Eaves allerlei sjamaan boeken. Hij was degene die sprak over sjamanen. Keith Bender zat waarschijnlijk achter alles.'
Later zei ze: 'Ik weet hoe slecht Keith is. Ik mag hem niet. Hij sprak vaak over hoe hij tijdens een behandeling van een patiënt zijn of haar nek zou breken. Hij brak zelfs een keer bijna de nek van inspecteur Tjin A Ton, op wie hij zo jaloers was.'

Het verhaal van getuige osteopaat Bender
Tijdens een van de zittingen omschreef Bender de rechtbank hoe hij begin jaren '90 van de vorige eeuw D 'Souza ontmoette, via zijn vader die tandarts was in West Londen. De vrouw werd een van de patiënten in zijn osteopathiepraktijk. In het begin dacht hij, dat ze een advocaat was en dat ze Marian Nicholls heette. Maar, later noemde ze zichzelf ook Vanessa Campbell. Bender verklaarde dat zijn eerste financiële transactie met D'Souza het verstrekken van een lening van 4.000 Britse pond aan haar was en dat werd door haar zonder problemen terugbetaald. Maar, halverwege de jaren '90 zat alles hem plotseling tegen: hij raakte bijna failliet, zijn huwelijk liep op de klippen en daar bovenop verdween ook nog eens zijn accountant met 20.000 Britse pond. Hij vertelde de rechtbank dat D'Souza in die periode zeer behulpzaam was, ze leende hem geld, betaalde een auto voor hem en vertegenwoordigde hem in civiele rechtszaken waarin hij betrokken was geraakt. Volgens Bender was het in die tijd, dat D'Souza voor het eerst zei dat ze zelf een sjamaan was, dat ze de advocatuur verliet om zich volledig te storten op haar nieuwe baan als 'healer' en uiteindelijk wist ze hem ervan te overtuigen dat sjamanisme werkt.

Bender, D'Souza en 'Pa'
In de ogen van Bender was het bewijs dat de vrouw niet loog, het feit dat op een reis naar Suriname in februari 1996 Justice Evan Rees, oud-ombudsman van 1977 tot 1991 op Trinidad & Tobago, door haar werd geïntroduceerd aan zijn familie en meeging op die reis. Hij leed aan kanker en was vol lof over D'Souza. Maar, in april 1996 overleed hij.
In 1997 leende Bender 20.000 pond van de sopraan Sylvia Eaves om als 'offer' aan D'Souza te geven. Eaves en haar zus waren al sinds 1993 patiënt van hem. Tijdens de zitting verklaarde Bender, dat hij ergens in 2004 op een dag mevrouw Eaves naar verschillende banken had gereden, achttien in totaal, om telkens 3.000 pond te incasseren. Dat was noodgedwongen, omdat dat het maximum toegestane bedrag was om contant op te nemen, zonder eerst de bank hierover te benaderen. Al dat geld ging als 'offer' naar D'Souza.

In 2007 ging het echter mis tussen Bender en D'Souza. Zij was in november 2006 naar Suriname vertrokken en had Bender gezegd dat ze rond de kerst weer thuis zou zijn. Toen werd het Bender duidelijk, dat hij degene was die betalingsplichtig was gemaakt om de maandelijkse huur van 8.000 pond van haar woning aan 17 Willoughby Road in Hampstead, Londen, te voldoen. Bender verkeerde echter in de veronderstelling dat die huur werd betaald door Matthew Robinson, eigenaar van een IT-bedrijf. Aan hem had hij ook, via D'Souza, een geleend bedrag van 20.000 pond terugbetaald. Toen D'Souza maar niet terugkeerde uit Suriname en hij geen contact meer met haar kon krijgen en ook niet met Robinson raakte hij in paniek, maar op de een of andere manier vond hij een oud telefoonnummer van Robinson, belde hem en kreeg toen de schrik van zijn leven: Robinson was vertrokken naar Nieuw Zeeland, was daar een nieuw leven begonnen, had al sinds 2005 geen contact meer gehad met D'Souza en had absoluut geen interesse in het pand in Willoughby Road en was dan ook niet van plan om een aanzienlijke openstaande huurschuld te betalen. De ogen van Bender werden ruw geopend en hij realiseerde zich met een groot probleem te zitten.

Joey, het aapje van D'Souza
Hij zocht contact met anderen die op zoek waren naar de sjamaan Juliette D'Souza en uiteindelijk leidde een en ander ertoe, dat er een ware nachtmerrie werd ontdekt op het adres 17 Willoughby Road: een hoeveelheid designer tassen, in brand gestoken foto's voor de helft begraven onder de aarde, zeven vrieskisten met rottend vlees en in een te kleine kooi Joey, een kapucijnaapje.

Tijdens de tweede zittingsdag op donderdag 8 mei bleek, dat een van de slachtoffers van D'Souza een vrouw was, die ze had weten over te halen abortus te plegen nadat ze eerst 170.000 Britse pond had betaald in een wanhopige poging om zwanger te raken. D’Souza had de vrouw aangeraden abortus te ondergaan, omdat de baby ernstig misvormd ter wereld zou komen. De vrouw leende tienduizenden Britse ponden van familie en vrienden om D’Souza te kunnen betalen. Op een gegeven moment heeft D’Souza haar slachtoffer een telefoon gegeven om te spreken met ‘Oma’, de ‘opper sjamaan’ in het Surinaamse binnenland, die bij de vrouw ook aandrong op abortus.

Een andere getuige was de moeder van een tweeling waarvan een leed aan het syndroom van Down. Ze vertelde de rechtbank, dat ze in eerste instantie voor rugklachten onder behandeling was Keith Bender en werd op een moment door hem verwezen naar iemand met de naam Vanessa Campbell, omdat ze problemen had om nog een kind ter wereld te brengen. Dit was rond 1998.
Campbell ofwel D'Souza maakte de vrouw wijs, dat zij tegen betaling van een 'offer' van 3.000 pond ervoor kon zorgen dat ze zwanger zou raken. De getuige verklaarde voor de rechtbank, dat dat door haar werd afgewezen. Enkele jaren later echter kreeg ze problemen met haar kind met het syndroom van Down. Door gedragsproblemen werd dat kind van twee scholen verwijderd. Volgens een kinderpsycholoog zouden die problemen alleen maar erger worden. De vrouw nam hierop weer contact op met Bender en vertelde hem het verhaal. Hij reageerde met de vraag 'waarom probeer je niet Vanessa Campbell?' en dat deed ze. Deze keer zei Campbell/D'Souza, met een foto van het kind in haar hand, dat alhoewel er niets kon worden gedaan aan het syndroom van Down, het kind was bezeten door boze geesten en dat die konden worden verdreven tegen betaling van een bedrag van 25.000 pond.

Britse undercoverjournalist tijdens werk in Paramaribo gehinderd door Tjin A Ton
Een undercoverjournalist van de Britse krant ‘The Sunday Times’ die onderzoek deed naar D'Souza, werd gevolgd door haar invloedrijke echtgenoot, een hoge politiefunctionaris in Paramaribo. Journalist Tim Rayment verklaarde dat als getuige op 22 mei tijdens de derde zittingsdag.

De woning van D'Souza aan de Kristalstraat in Paramaribo-Noord
Rayment deed verhaal van zijn reis in 2008 naar Suriname als onderdeel van zijn negen maanden durende onderzoek naar claims, dat de vrouw meer dan een miljoen Britse pond had weten te ontfutselen van kwetsbare slachtoffers door te beweren dat zij bovennatuurlijke krachten bezit die kanker kunnen genezen. Ze maakte haar slachtoffers wijs, dat de grote sommen geld die zij aan haar moesten betalen naar Suriname werd gevlogen waar het onder een boom werd geplaatst of erin werd gehangen in het binnenland, waarna zij zouden genezen.

De freelance journalist verklaarde tegenover de Blackfriars Court in Londen, dat hij D’Souza was gevolgd naar een luxueus huis in Suriname (aan de Kristalstraat in Paramaribo) en dat hij en zijn fotograaf, terwijl zij buiten dat huis stonden, werden benaderd door Tjin A Ton in een auto, het hoofd van Immigratie.

D'Souza en Armand Tjin A Ton
‘Toen hij opdook vanuit het terrein van het huis, dat hij deelde met D’Souza, in een kleine witte auto en langs ons reed, kreeg ik het gevoel dat hij ons goed opnam’, aldus Rayment. ‘Wij reden zeer rustig terug naar ons hotel. Ik reed expres langzaam. Dat deed ik om Tjin A Ton te dwingen om ook zijn snelheid te temperen, zodat ik wist dat hij ons volgde. En het leed geen twijfel, hij volgende ons inderdaad.’

‘Ik had een bijzonder moeilijke job te doen, omdat ik had begrepen dat de partner van D’Souza een invloedrijke politiefunctionaris was. Hij werd mij omschreven als het hoofd van de Immigratiedienst. Ze deelden de woning en er was uiteraard de mogelijkheid dat hij op de hoogte was van wat zij zoal uitspookte. Ik trachtte een weg te vinden om de vrouw te benaderen als ze alleen zou zijn, dus niet met hem. Vanwege zijn positie bij de Immigratiedienst geloofde ik dat hij in een positie verkeerde om mij te beletten mijn onderzoek uit te kunnen voeren. We besloten de volgende dag Suriname te verlaten.’

Het hotel waar hij en zijn fotograaf verbleven werd in de gaten gehouden door diverse undercoveragenten en daarom heeft hij, een journalist met dertig jaar ervaring, ‘s nachts documenten verscheurd en door het toilet gespoeld, terwijl zijn fotograaf zo veel als mogelijk foto’s via een ‘slechte internetverbinding’ verzond, uit angst dat ze zouden worden gearresteerd, zo werd in de rechtszaal verklaard.
Rayment zei tegen de rechtbankjury, dat hij de volgende dag uit een rij passagiers op de luchthaven werd getrokken, naar een kleine ruimte werd gebracht en werd ondervraagd door een aantal personen die via een telefoon zich leken te informeren bij iemand.

De Suriname connectie:
* Kristalstraat, Paramaribo-Noord
* 'Oma' was mevrouw Bracelly-Boucher, moeder van
* partner van D'Souza, Armand Tjin A Ton
* Kwattaweg 54a 

Juliette D'Souza veroordeeld op 2 mei 2008 in Paramaribo tot 8 maanden cel voorwaardelijk wegens het zich voordoen als advocaat In 2005 blijkt Juliette D'Souza een medewerkster van het KLM-bureau in Paramaribo (omschreven in documenten als 'PL') een paspoort te hebben aangeboden van een inwoonster van de Londense wijk Hampstead, Isobel Cooke, die spoorloos was verdwenen......

PL betreurt nog steeds de dag ,dat ze voor het eerst de Britse nep sjamaan ontmoette in haar kantoor van de KLM in Paramaribo, aldus verklaarde ze op 3 juni 2014 tegenover Balita Pinoy Headlines.  De werkzaamheden van PL bestonden uit het verwerken van problemen van Business Class reizigers en nadat een collega het bedrijf had verlaten, nam D'Souza altijd contact met haar op in verband met veranderingen in haar retourvlucht naar Londen. In de ogen van PL was D'Souza een 'high flying' advocaat die jaarlijks zes tot acht keer naar Paramaribo vloog. Ze vloog nooit terug naar Londen op de op haar ticket vastgestelde datum. PL moest daarom altijd op een nieuwe vlucht een stoel voor haar reserveren. Na diverse reizen naar Paramaribo verkreeg D'Souza langzaam maar zeker het vertrouwen van PL en het onderlinge contact verliep via de eigen mobiele telefoons en vaste nummers. Er ontstond uiteindelijk een 'vriendschap' met D'Souza en PL werd uitgenodigd voor ontmoetingen in het Residence Inn Hotel en voor maaltijden in het nabij gelegen DOK24 restaurant. Cadeaus zoals een Gucci horloge volgden snel. Andere ontmoetingen vonden plaats in de Dawson Haar Salon in het hotel Torarica.

Oma en zoon Armand
Bij sommige van de ontmoetingen was D'Souza, die woonde op een adres aan de Kristalstraat in Paramaribo-Noord, in gezelschap van een vrouw en dat was Oma, die feitelijk mevrouw Bracelly-Boucher was, de moeder van Armand Tjin A Ton en die woonde op het adres Kwattaweg 54a in Paramaribo. Deze oude dame zou destijds 85 jaar oud zijn geweest.
Volgens PL deed Oma allerlei boodschappen, regelde tickets en financiële zaken. Oma was de persoon met wie PL te maken had wanneer D'Souza in Londen was.
Nadat D'Souza weer eens uit Londen was gearriveerd werd een bijeenkomst belegd in de Residence Inn waar haar 'echtgenoot', politiefunctionaris Armand Tjin A Ton, ook bekend onder zijn bijnaam Tjin Tjin, ook bij aanwezig was. Feitelijk was D'Souza zoals dat in Suriname heet zijn concubine. Tijdens die ontmoeting informeerde hij naar hoe hij aan informatie kon komen over mensen die vanuit Londen via Amsterdam naar Suriname reisden. PL zei dat echter die informatie niet te kunnen verstrekken. Vervolgens nam D'Souza contact met haar op en stelde een privé-ontmoeting alleen met haar voor, omdat haar man PL niet mocht. Volgens een tegenover Balita Pinoy afgelegde verklaring van PL, kreeg ze korte tijd later problemen op haar werk en trachtte voor advies in contact te komen met D'Souza in Londen.

Isobel Cooke
In 2005 bood D'Souza PL een uitweg aan uit al haar problemen. D'Souza zou een Brits paspoort voor PL regelen, zodat ze in Engeland kon gaan wonen, op naam van 'Isobel Cook'. Het zou 5.000 euro kosten. Het was in hetzelfde jaar dat de echte Isobel Cooke verdween uit Hampstead, Londen. Ze was een patiënte in Londen van D'Souza en operazangeres Sylvia Eaves, die een vriendin was van Isobel, betaalde D'Souza veel geld om Isobel met haar problemen te helpen. Isobel Cooke verdween zonder een spoor achter te laten. Niemand, ook niet mevrouw Eaves, had nog contact met haar. Zoektochten naar Cooke bleken vruchteloos. Uiteindelijk, nadat PL helemaal geen geld meer had, ging ze met haar verhaal naar een familielid, een gepensioneerde politieman. Hij adviseerde haar om alle gesprekken en details van alle ontmoetingen op band op te nemen en dat heeft ze gedaan. PL stelde een rapport op voor de politie in Paramaribo, waarna D'Souza in 2007 kon worden gearresteerd. Ze werd gedagvaard voor blackmail, witwassen van geld en het zich voordoen als advocaat. Uiteindelijk werd ze op 2 mei 2008 in Paramaribo veroordeeld tot acht maanden voorwaardelijke celstraf met een proeftijd van drie jaar voor alleen het zich voordoen als advocaat.

 

De carrière van Armand Tjin A Ton werd door de hele affaire geschaad. In eerste instantie mocht hij geen enkel politiebureau meer betreden en later werd hij naar een andere post overgeplaatst. Hij zou nu, juni 2014, een lage functie hebben in het politiebureau Keizerstraat in het centrum van Paramaribo. Zijn superieuren zouden bezorgd zijn geweest over zijn leefstijl met dure auto's en regelmatige vluchten naar het buitenland.

Het Surinaamse aapje Joey
Joey, het uit Suriname afkomstige bruine kapucijnaapje van Juliette D’Souza, is opgevangen in een speciale apenopvang in Cornwall. Het diertje is gehandicapt geraakt, doordat het negen jaren lang opgesloten is geweest in een te kleine kooi, zonder frisse lucht, bewegingsvrijheid en gezelschap in de woning van D’Souza in Hampstead, Londen. Dat berichtte woensdag 4 juni 2014, de Camden New Journal. Dierenrechtenactiviste Angela Humphery liep jarenlang langs het huis van haar buurvrouw D’Souza zonder te weten dat zij een nep ‘sjamaan’ was, die zieke en kwetsbare mensen voor honderdduizenden Britse ponden heeft opgelicht met verhalen over een boom in het Surinaamse binnenland waarin het door haar slachtoffers aan haar gegeven geld werd opgehangen, waarna ze zouden genezen. De 82-jarige Humphery wist ook niet dat in het huis een aapje werd gehouden in een veel te kleine kooi.

Na de veroordeling van D’Souza werd onthuld, dat Joey al in 2008 was gered uit de woning door de Britse Dierenbescherming en naar de apenopvang in Cornwall was gebracht. Het aapje zou blijvend misvormd blijven met een ernstige metabolische botziekte die zijn ruggengraat, kaak en tanden aantasten, en met een psychologische angst voor open ruimtes.
Mevrouw Humphery verklaarde tegenover de Camden New Journal, dat zij en haar man Joey wisten op te sporen om hem te adopteren en jaarlijks te sponsoren.

Ondanks het feit, dat Joey blijvend gehandicapt zal zijn, is hij toch grotendeels hersteld. Hij werd ook al geadopteerd door de bekende komiek en acteur Stephen Frey en heeft zelfs een vriendinnetje gevonden, aldus Humphery.

‘We gingen hem bezoeken toen we over hem ontdekten. We hadden geen idee dat hij al de tijd daar was. Hij is blijvend gehandicapt geworden door het gebrek aan zonlicht, door het nauwelijks eten van voedzaam voedsel en door onvoldoende ruimte om zich te kunnen bewegen. Zijn tong hangt constant buiten zijn bek. De laatste twee jaren voor zijn redding, zat was hij volledig alleen en geïsoleerd met alleen de televisie als gezelschap.’

Joey werd als kleine baby, drie maanden jong, naar Engeland gebracht, nadat D’Souza het aapje had gekocht in 1998 op een markt in Suriname. De moeder van Joey was gedood voor haar vlees, ‘bush meat’. Volgens de handelsdatabase van CITES (Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora) werd in 1998 een (1) bruin kapucijnaapje (Cebus apella) vanuit Suriname geëxporteerd naar Groot-Brittannië voor 'privédoeleinden'.

Het verhaal van Joey:


De Ware Tijd
Deze zaak heeft ondertussen de aandacht van het Openbaar Ministerie in Suriname. Dat meldde althans 26 mei 2014 de Ware Tijd. Rudy Steinberg, coördinator van de afdeling Kapitale Delicten, zei, dat de procureur-generaal hem gevraagd heeft de zaak te ‘bekijken’. Er is uit Engeland geen verzoek om assistentie gekomen, hoewel er vermoedens en aanwijzingen zijn dat D’Souza in Suriname handlangers moet hebben gehad, aldus de krant. De redactie heeft kennelijk niet de moeite genomen om even haar eigen archieven of het internet te raadplegen, dan was ongetwijfeld de naam Juliette D'Souza opgedoken, vooral rond de rechtszaak in Paramaribo tegen haar en de voorwaardelijke veroordeling begin mei 2008.

(Met dank aan o.a.: Balita Pinoy Headlines) 

Noot: 
De Britse krant The Daily Mail besteedt in haar editie van zaterdag 14 juni 2014 ook uitgebracht aandacht aan de zaak D'Souza. De krant wist onder andere te achterhalen dat D'Souae werkelijk  Maryan Lesley Persaud is, geboren op 11 september 1954 in een ziekenhuis in de hoofdstad van Guyana, Georgetown.