zondag 14 juli 2013

Jaarlijks worden ‘sapakara’s uit Suriname geëxporteerd - Stop de export van wildvang en bescherm de eigen biodiversiteit

In 30 jaar verdwenen 4.611 sapakara’s in de internationale legale handel in wild

Gebandeerde reuzenteju op je eigen perceel: het binnenland binnen handbereik

Fascinerend reptiel beweegt zich voort in Suriname

14-07-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Suriname kent een unieke biodiversiteit en niet alleen in het binnenland. Ook in de stad, Paramaribo, kun je iedere dag geconfronteerd worden met enkele exponenten uit die unieke biodiversiteit die het dagelijks leven kleur geven en verrijken.

De meest bontgekleurde grote en piepkleine vogels, grote dikke padden en heel kleine, nauwelijks een centimeter grote, kikkertjes, vlinders, muskieten, miniscuul kleine miertjes die op iedere kruimel in huis afstormen in grote getalen, uit het niets, en andere bijzondere insecten, vleermuizen, anaconda’s, de kleine gekko ofwel kamrawindje die de muren van je woning zonder enige moeite ‘beklimmen’ en andere fascinerende reptielen, kunnen plotseling op je eigen perceel opduiken, gewoon in een buurt van Paramaribo.

(Bron foto's: P. Kraaijer)
Maar, het meest fascinerende reptiel dat ik de laatste tijd met grote regelmaat bij mij in de omgeving en nu en dan op het erf zie, is de zogenoemde gebandeerde (gouden teju) reuzenteju (tupinambis teguixin), die hier sapakara wordt genoemd.

Aangenaam en onaangenaam verrast
Niets vermoedend open je de achterdeur en sta je ‘oog in oog’ met een sapakara die niet weet hoe snel hij moet wegkomen. Ik aangenaam verrast en hij duidelijk onaangenaam verrast. In paniek rent hij de verkeerde kant op, kan geen kant meer op en moet terug en langs mij. En dat doet hij: redelijk snel en welhaast waggelend als een gans rent hij weg om uiteindelijk in het niets te verdwijnen. Gelukkig kon ik het dier op de gevoelige plaat, zo goed en zo kwaad als het ging, vastleggen.
Het was het zoveelste exemplaar dat ik de afgelopen tijd heb gezien en iedere keer waren het andere. De laatste sapakara, die niet wist hoe snel die moest weg komen, miste een groot deel van zijn staart. Aan het achtereind van zijn lijf was een soort stuitje te zien en vermoedelijk zal er ooit weer een nieuwe staart groeien, waardoor het dier nog groter is. Misschien is hij zijn staart ‘verloren’ in een gevecht met een soortgenoot of is hij ontsnapt aan de mens. Immers, het schijnt dat vooral onder Javanen hier de sapakara een lekkernij is.

Nu een dan zie ik een andere sapakara over de muur rond het perceel lopen, voorzichtig, links en rechts kijkend en steeds is de lange tong uit zijn bek te zien, in en uit, in en uit. Zodra hij ook maar iets hoort, snelt hij weg, duikt weg aan de achterzijde van de muur en verdwijnt in een door onkruid overwoekerd leeg perceel. De reuzenteju lijkt welhaast een kleine varaan, een mini variant van de komodovaraan. Hij oogt in zekere zin angstaanjagend, ietwat prehistorisch ook. In geen enkel opzicht te vergelijken met de altijd vriendelijk ogende groene leguaan (iguana iguana), die hier vrij veel voorkomt, of met een kleine helder groene en razendsnelle hagedissoort.

De (gebandeerde) reuzenteju wordt, inclusief staart, ongeveer 1m20 lang met uitschieters tot 1m50 centimeter. Vooral oudere dieren kunnen erg log en zwaar worden. De reuzenteju heeft een lange en spitse kop, de staart is ongeveer even lang als het lichaam. De soort heeft een enigszins gebandeerd patroon van witte of gelige dorsale banden over het hele lichaam, op de staart zijn deze meer geprononceerd. Het hele lijf is bedekt met kleine witte of gele vlekjes die het dorsale patroon wat verstoren, zo is te lezen in de internetencyclopedie Wikipedia.

Gewild onder handelaren
Helaas blijkt de Surinaamse sapakara ook gewild te zijn onder handelaren in wild en onder houders van terraria in onder andere de Verenigde Staten en Nederland. Dat wordt mij duidelijk tijdens het doorspitten van de handelsdatabase van CITES, Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora. CITES is feitelijk een internationale overeenkomst tussen regeringen met als doel om te voorkomen dat de internationale handel in wilde dieren en planten geen gevaar vormt voor hun populaties. Inmiddels hebben 178 landen CITES ondertekend, waaronder Suriname, dat officieel sinds 15 februari 1981 is aangesloten.

Tussen 1982 en 2013 zijn 4.611 sapakara’s op legale wijze uit Suriname geëxporteerd. Het land dat de meeste dieren importeerde is de Verenigde Staten, maar de sapakara verdween ook naar onder andere Nederland, Japan, België, Duitsland, Kroatië, de Nederlandse Antillen en Griekenland:



Uit het overzicht blijkt onder andere dat de grootste aantallen levende en met name in het wild gevangen sapakara’s werden geëxporteerd naar Amerika: 344 in 1988, 428 in 1994 en een jaar later 834 en in 2002 502. Na 2002 daalde het aantal naar Amerika met 15 exemplaren in 2006, 8 in 2007 en de laatste sapakara’s gingen in 2010 naar de Verenigde Staten, 27 dieren.

Ook sapakara's naar Nederland
Naar Nederland werden in 1994 63 exemplaren geëxporteerd, gevolgd door 51 in 1995, 157 in 1996, 67 in 1997, 51 in 1998, 44 in 1999, 31 in 2000, 54 in 2001 en 2 in 2007. Na 2007 zijn er geen sapakara’s meer legaal uit Suriname geëexporteerd.

Enkele eenmalige exporten waren naar Griekenland (in 1999 10 dieren), naar de Nederlandse Antillen 4 exemplaren in 1995, maar Slovakije 10 dieren in 1996 en 20 sapakara’s naar Hongarije in 2001.

Vorig jaar werden in totaal 19 sapakara’s geëxporteerd en die verdwenen allemaal naar Spanje. De meeste dieren zijn in het handelscircuit verdwenen.

SURINAME: stop de export van wildvang en bescherm de eigen biodiversiteit
Helaas zijn er in de wereld nog steeds mensen die kennelijke behoefte hebben aan wildvang exemplaren van de sapakara voor financieel gewin. Na 2004 is er wel een daling in het aantal jaarlijks waar te nemen, dat niet meer bedraagt dan hooguit 36 in 2005 naar Amerika. Je kunt je afvragen wat bijvoorbeeld particuliere terrariahouders hebben aan een Surinaamse gebandeerde reuzenteju in een veelal te kleine terrariumbak in de woonkamer of in een ‘dierenwinkel’. Nu en dan worden exemplaren via het internet te koop aangeboden of te ruil.

Hopelijk komt er ooit een definitief einde aan de export van sapakara’s (en vele duizenden andere dieren) uit Suriname, die de hele wereld worden overgevlogen om hun eindbestemmingen - een veel te kleine bak – te bereiken.
Sapakara’s horen thuis in het wild, zoals bij mij op het erf......

Dit is toch niet wat wij willen met een Surinaamse sapakara?:

zaterdag 13 juli 2013

Grootste jammerkont over plagiaat gaat zelf weer in de fout

‘Sterreporter’ van de Ware Tijd blijkt recidivistisch pleger van plagiaat

Journalist 'sloopt' buitenlandse nieuwsberichten en maakt ze tot de zijne.......

13-07-2013 COLUMN Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Diverse malen heb ik op dit blog bericht over plagiaat in Surinaamse media ofwel het niet vermelden van de bron van een artikel of foto door journalisten en webredacteuren. Ook heb ik een paar keer bericht over de grootste jammerkont en hypocriet als het gaat om plagiaat in het Surinaamse journalistieke veld, de vermeende sterreporter van de Ware Tijd, Ivan Cairo.

Cairo was in januari van dit jaar na afloop van de zogenoemde Journalistenweek van de Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ), waarin plagiaat in de media een centraal thema was, de journalist die het luidst jammerde over plagiaat en over collega’s die bij het geheel of gedeeltelijk overnemen van (zijn) artikelen niet de bron (zijn naam of de naam van zijn krant, de Ware Tijd) vermelden. De tranen rolden bijna door zijn gejammer heen naar buiten. Hij deed zich voor als de voorbeeld-journalist, de nette, fatsoenlijke ‘mediawerker’. Maar, in de praktijk blijkt deze journalist (die ook nog eens ‘informant’ is in Suriname voor de internationale organisatie Verslaggevers zonder Grenzen) zelf om de haverklap bronnen niet te vermelden en zelfs onwaarheden te vermelden bij en in ‘zijn’ artikelen.

Cairo struint buitenlandse, regionale, Caribische, media af naar Surinaams getint nieuws en doet zijn uiterste best om dat nieuws zo goed en zo kwaad als het gaat te vertalen, maar neemt vervolgens niet de moeite en heeft niet het journalistieke fatsoen om de bron te vermelden en heeft zelfs de brutaliteit om ook nog eens onwaarheden te vermelden.

Zo berichtte hij gisteravond, vrijdag 12 juli 2013, in de onlineversie van de Ware Tijd over een ‘furieus’ Guyanees leger, dat ‘in een verklaring’ zijn ongenoegen zou hebben geuit over ‘de berichtgeving dat door vermoedelijke laksheid van haar kustwacht enkele zeepiraten zijn overgedragen aan de Surinaamse politie’.

Maar, het Guyanese leger heeft helemaal niet 'furieus gereageerd op de berichtgeving', er was immers op het moment van dit zeepiraterij incident nog geen enkele berichtgeving in Suriname over dat incident geweest. Obsession Magazine (gevestigd in Amsterdam, dat sinds maart 2012 zeven dagen in de week vierentwintig uur per dag op haar website een selectie publiceert uit het Surinaamse nieuws in Suriname, Nederland en de rest van de wereld afgewisseld met eigen artikelen), was de eerste Surinaamse nieuwswebsite die donderdag 11 juli heeft bericht over de verontwaardiging bij het Guyanese leger inzake de arrestatie van de zeepiraten. Verder is geheel onduidelijk over welke ‘verklaring’ Cairo het heeft.......:

Hieronder het artikel van Cairo in de Ware Tijd en het artikel een dag eerder van Obsession Magazine:



De wijze waarop Cairo ‘zijn’ nieuws brengt heeft weinig met zuivere, eerlijke, journalistiek te maken. Deze man is een ijdeltuit die zichzelf op onverklaarbare wijze heeft weten te verheffen tot een vermeend belangrijk Surinaams journalist, maar die veel van zijn artikelen dankt aan een zekere vorm van plagiaat. Het vermelden van een bron is hem vreemd.
In alle vrijheid kan Cairo zich schuldig maken aan het welhaast wekelijks besmeuren van het journalistieke metier.
Dat kan, omdat kennelijk weinigen zich daar druk over maken.
Dat kan, omdat velen in Suriname het nieuws zonder na te denken kritiekloos absorberen.
Dat kan, omdat er een journalistenvereniging is die nog steeds weigert om de eigen sector, de eigen achterban, kritisch te bejegenen en tegen het licht te houden.

Volgens de SVJ-voorzitter, Wilfred Leeuwin, staat plagiaat gelijk aan diefstal, maar deze inteeltorganisatie verzuimt nog steeds om werkelijk tegen plagiaat en ‘dieven’ op te treden. Recidivist en letterdief Cairo is een van de journalisten/webredacteuren in Suriname die nog steeds op vrije voeten is en ongehinderd kan doorgaan met zijn plagiaatmisdrijven......

Noot:
Twee dagen later blijkt Cairo gewoon door te gaan met zijn criminele plagiaatpraktijken. De vermeend sterreporter leert het maar niet om aan bronvermelding te doen, zoals blijkt uit dit artikel in 'zijn' de Ware Tijd van maandag 15 juli 2013:



Nee, hij durft te schrijven 'Naar verluidt' terwijl zijn tekst afkomstig is uit dit artikel:
http://www.kaieteurnewsonline.com/2013/07/14/health-minister-chases-media-from-guyanasuriname-signing/ Ik breng ten overvloede in herinnering dat Ivan Cairo de grootste jammerende journalist was die na de door de SVJ georganiseerde Journalistenweek in januari, waarin plagiaat centraal stond, kritiek had op journalisten/media die zich schuldig maken aan plagiaat i.c. het niet vermelden van de bron bij gehele of gedeeltelijke overname van een artikel.

woensdag 10 juli 2013

Het 'negertje' van wieleranalist Henk Lubberding

Uitspraak Lubberding valt slecht bij fatsoenlijk Nederland

Maar, rolde ‘negertje’ van de tong als racistische opmerking of was het gewoon een beetje goed bedoeld dom?

10-07-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Het is alweer een paar dagen geleden dat de nieuwe wieleranalist van de NOS, oud-renner Henk Lubberding, tijdens het ‘analyseren’ van een etappe in de Tour de France in het Radio 1 programma Langs de Lijn even wat ongelukkig de mist in ging met een uitspraak. Voor hij het door had was het gewraakte woordje al van de tong gerold en voor hij het door had viel bijna half bekend Nederland over hem heen, met de altijd keurige en gesoigneerde Humberto Tan als een soort spreekbuis voor het donkere deel van Nederland. Humberto Tan, radio- en televisiepresentator, schrijver, dj, kledingontwerper, ambassadeur voor het Wereld Natuur Fonds, antiracist, fatsoensrakker, oud-NOS Sport medewerker, enzovoorts, enzovoorts.

Het is woensdag 3 juli en Lubberding doet vol overgave zijn analyserende beschouwing van een Touretappe. In zijn enthousiasme en liefde voor de wielersport flapte hij er echter op een moment de volgende tekst uit:  

‘Die renner die vandaag voorop reed. Dat negertje. Nou ja, negertje, hij was wel heel donker. Dus ik noem dat maar een neger. Het is al verbazingwekkend dat die op een fiets kunnen rijden. Dat hebben wij al jaren moeten missen in het peloton. Ik vind het mooi dat kleurlingen in het profpeloton aanwezig kunnen zijn. Dat valt op.’

‘Negertje’ slaat verrassend in als een bom
Tja, hij liet met die uitspraken een bommetje vallen en velen vielen over hem heen. Dat hij een donkere renner omschreef als ‘negertje’, omdat hij kennelijk niet zo snel op de naam van de Fransman Kevin Reza met roots in Guadeloupe kon komen, werd Lubberding niet door iedereen in dank afgenomen, vooral niet door de fatsoensrakkers en hij werd dan ook meteen heel ondoordacht, overtrokken en net zo naïef als de uitspraak van Lubberding, bestempeld als racist. Lubberding is helemaal geen racist.

Geschrokken, maar vooral overrompeld, door al die kritiek en beschuldigingen aan zijn adres, leek het hem maar beter om snel zijn excuses aan te bieden - nadat hij alle aandacht voor hem op zich in had laten werken - en dat deed hij dan ook op vrijdag 6 juli:
‘Ik had het woord negertje niet mogen gebruiken. Dat wist ik ook niet, maar ik wilde daar absoluut niemand mee beschadigen. Het is ook gewoon een heel donkere jongen en ik vond het juist prachtig om hem in de kopgroep te zien rijden.’
Hij heeft is zelfs ooit op trainingskamp geweest op Guadeloupe:
‘Ik herinner me nog dat ik als renner op trainingskamp was in Guadeloupe, waarbij we met allemaal donkere jongens moesten fietsen. En die waren toen ook gewoon niet zo goed. Daarom vind ik het nu juist prachtig dat dit soort jongens steeds vaker in het peloton te zien zijn.'

IJdeltuit Tan uit de bocht
De bekendste keurige donkere Nederlander en fatsoensrakker is zonder enige twijfel Humberto Tan en die liet zaterdag 6 juli zijn ongezouten kritiek doorklinken, dus een dag nadat Lubberding al zijn excuses had aangeboden. Maar, Tan nam waarschijnlijk die excuses niet serieus en ging er vol op los in een eigen column op de website van BNR Nieuwsradio.

Humberto:
‘ (...) “Negertje” is niet alleen denigrerend en racistisch, maar Lubberding doet bovendien zijn werk als analist slecht. Heeft dat “negertje” geen naam? Waar komt 'het' dan vandaan? Heeft hij talent? Is hij de eerste ooit? Is hij een klimmer, een sprinter, een waterdrager? Lubberding zegt nog wel dat hij het wel mooi vindt dat het peloton “verkleurt”, want er reed warempel ook nog een Japanner mee in de kopgroep, ook al zonder naam. En wat zal hij van zijn stoel gevallen zijn dat deze week voor het eerst in de geschiedenis een Afrikaan de gele trui pakte.
Stel je voor dat we sporters structureel alleen etnisch zouden duiden in plaats van gewoon bij hun naam? Dus niet Churandy Martina, maar dat negertje uit Curaçao. Dus niet Ranomi Kromowidjojo maar dat Javaantje uit Groningen en niet Lewis Hamilton maar dat negertje in de Formule 1. Hoe stuitend!! (...)’
(...)
‘(...) Het is 2013 en een Fransman met roots in Guadaloupe rijdt rond in het peloton. Een uniek verhaal over wielrenner Kevin Reza van de Europcar-ploeg. Geboren in Versailles, 2 keer derde geworden bij de Nationale Franse kampioenschappen. Maar analist Lubberding weet niet veel te melden over de renner behalve dat het een “negertje” is… Treurig maar waar en de NOS bedekt het met de mantel der liefde. (...)’, aldus Humberto Tan.

De NOS zou de kwestie volgens Tan met de mantel der liefde hebben bedekt. Daar slaat de oud-NOS Sport medewerker de plank finaal mis. Immers, al op 4 juli maakte de NOS bekend dat zij Lubberding op zijn taalgebruik zou wijzen. Daarenboven werd bekend, dat de hoofdredacteur NOS Sport, Maarten Nooter, achter Lubberding stond en dat die zich 'alleen wat ongelukkig had uitgedrukt, terwijl hij juist een positieve boodschap wilde brengen'. Lubberding blijft dan ook te horen in Langs de Lijn.

Gelukkig sprak Tan alleen namens zichzelf, alhoewel soms de misplaatste indruk wordt gewekt dat hij een soort spreekbuis is voor Surinamers in Nederland.

De ijdele Humberto Tan had alleen een punt als het gaat om het matige vermogen om een wieleretappe te analyseren van Lubberding. Maar, om nu zo'n drukte te maken om het woord 'negertje'.... dat lijkt mij op z’n zachtst gezegd een beetje overtrokken, overdreven en als een duidelijk voorbeeld van op alle slakken zout leggen en zelf de aandacht willen trekken met dank aan het ‘negertje van Lubberding’.

‘Neger’ in Suriname niet ongewoon
Onlangs, 28 juni 2013, verscheen er nog een artikel in Trouw waaruit duidelijk wordt, dat er Surinamers in Suriname zijn die totaal geen moeite hebben met het woord 'neger':

‘(...) Een negerin, dat is nu eenmaal wat ik ben! Ik begrijp dat het voor sommigen gevoelig ligt, gezien de geschiedenis, maar hoe moet je mij anders noemen? Met 'zwarte' of 'Afro-Surinamer' zullen veel mensen ook een probleem hebben’, aldus een zilversmid in Paramaribo. ‘Als iemand me toesnauwt dat ik 'maar een negerin' ben, ga ik die persoon natuurlijk wel op zijn plaats zetten. Dat heeft dan niets te maken met het woord op zich, maar met de toon waarop het wordt gebruikt.’

De Belgische, in Paramaribo wonende, journalist Pieter van Maele begint zijn artikel als volgt: ‘Wie voor het eerst in Suriname komt, zal door het veelvuldige gebruik van 'het n-woord' in de dagelijkse omgangstaal wel eens met zijn oren staan te klapperen.’

Beetje dom, maar niet racistisch
Natuurlijk was het een beetje dom van Lubberding om in het verband van een donkere wielrenner het woord 'negertje' te gebruiken, vooral omdat het denigrerend klinkt, maar toch niet racistisch? De analist kon even niet op de naam van de renner komen en gebruikte zonder er verder bij na te denken het woord ‘negertje’. Ik volg het wielrennen al jaren en denk een beetje te weten hoe Lubberding in elkaar steekt. Daarom ben ik er ook van overtuigd dat hij totaal niet, juist verre van, het woord ‘negertje’ racistisch heeft gebruikt. Hij heeft gewoon niet nagedacht en floep, daar was het woord.
Maar goed, zo denk ik er over: niet overal meteen te zwaar op reageren om maar oh zo maatschappelijk correct over te komen.

maandag 8 juli 2013

Jonge succesvolle atleet Chivano Pocorni onder indruk van alle media-aandacht

Amsterdamse 6-jarige atleet geniet van zijn sport

'Chivano zou heel ver kunnen komen'

08-07-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - De slechts 6-jarige jonge en al zeer succesvolle atleet Chivano Pocorni uit Amsterdam wordt misschien de toekomstige Surinaams/Nederlandse Usain Bolt. In ieder geval staat hij al met deze wereldberoemde Jamaicaanse atleet op een internationale lijst van recordhouders.

Dat heeft Chivano te danken aan zijn internationale recordtijd op de 600 meter voor 6-jarigen, gelopen op 1 juni van dit jaar in Hoofddorp. Hij liep een tijd van 2.06,09. Het oude internationale record, op een lijst met 47 landen, stond al twaalf jaar op 2.08,07.

Afgelopen weekeinde behaalde Chivano nog twee bronzen medailles en een zilveren plak tijdens nationale jeugdkampioenschappen (AAU, Amateur Athletic Union of the United States, Primary Nationals) in het Amerikaanse Orlando, in de staat Florida. Maar, hoe komt de ‘kleine’ Chivano Pocorni nu terecht bij die wedstrijden in Amerika? Dat heeft hij te danken aan zijn moeder, Demelza Pocorni, een stimulerende en stuwende factor achter de successen van de jonge Chivano.

‘Het leek mij heel leuk voor Chivano om eens een keer deel te nemen aan een atletiektraining in Amerika. In eerste instantie heb ik daarover informatie ingewonnen. Ik stuitte per toeval op de kampioenswedstrijd in Orlando die ook nog eens zou plaatsvinden in de periode dat Chivano in Amerika is. De organisator van dat kampioenschap heb ik vervolgens om toestemming gevraagd voor deelname van Chivano. Ze waren erg onder de indruk en wilden Chivano graag bij dit evenement hebben’, aldus Chivano’s moeder vandaag, maandag 8 juli 2013, vanuit Amerika tegenover mij.

Ze gaf haar zoon op voor de 55 meter sprint, 200 meter sprint en verspringen, wetende en zich realiserende, dat het niveau in Amerika ‘duidelijk veel hoger dan in Nederland’ ligt.

Chivano aan de leiding tijdens de 200 meter sprint.

‘Toch deed Chivano niet onder. Hij presteerde erg goed. Chivano deed afgelopen zaterdag, 6 juli, mee aan de voorrondes. De top acht mocht door naar de finale. Bij alle onderdelen eindigde Chivano in de top acht en daarom mocht hij zondag meedoen aan de finales. Ook hier presteerde hij goed en deed het veel beter dan tijdens de voorrondes. In de finale eindigde hij voor alle onderdelen in de top drie en daarmee is hij niet alleen in de prijzen gevallen, maar heeft hij zich ook geplaatst voor de eindfinale in Detroit waar alle atleten die in de top drie zijn geëindigd uit heel Amerika tegen elkaar zullen strijden.’

De recente opmerkelijke prestaties van Chivano trokken de nodige aandacht van de media. Volgens zijn moeder heeft hij al die aandacht wel als positief ervaren. ‘Het was in het begin natuurlijk even wennen, maar door alle media aandacht is hij nu wel gaan beseffen, dat hij het goed doet op het gebied van sport. Voorheen besefte hij dat allemaal nog niet. Hij was al blij met een medaille, maar zijn prestatie zelf zei hem niet zoveel. Nu begint hij in te zien dat hij het erg goed doet. Hij is dan ook wat trotser op zichzelf.’

Een bronzen medaille op het onderdeel verspringen, 3.36. (Bron foto's: Demelza Pocorni)

‘Chivano zou heel ver kunnen komen met zijn sport, zolang hij de goede begeleiding krijgt en de ondersteuning die hij nodig heeft. Voor de rest hangt het natuurlijk helemaal van hem zelf af. Het allerbelangrijkste is natuurlijk dat hij van zijn sport blijft genieten en het vooral leuk blijft vinden. Zoals nu’, aldus moeder Demelza Pocorni.

Klik hier voor de volledige uitslagenlijst van het in het afgelopen weekeinde in Orlando gehouden kampioenschap.

Chivano in actie op 1 juni dit jaar in Hoofddorp:

zondag 7 juli 2013

Protest in Nieuw Zeeland tegen booractiviteiten Newmont in gebied waar bedreigde diersoorten leven

Actiegroep bezet aantal dagen boorlocatie Newmont

Coromandel Watchdog wil aandacht voor zeldzame, bedreigde, diersoorten in boorgebied

07-07-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo - Terwijl de staat Suriname waarschijnlijk binnen afzienbare termijn een definitieve overeenkomst sluit met de Amerikaanse goudmijnmultinational Newmont voor het opzetten van een grote goudmijn in het Meriangebied, in het oosten van Suriname, ondervindt Newmont verzet tegen haar goudmijnactiviteiten in Nieuw Zeeland.

Afgelopen week heeft een groep demonstranten in op het Coromandel Schiereiland van Nieuw Zeeland een goudwinningslocatie van Newmont bezet gehouden. Door de bezetting, in het Forest Park in de Parakiwai Valley bij Whangamata, moest het Amerikaanse goudmijnbedrijf haar exploratiewerkzaamheden stopzetten. De actie was georganiseerd door de groep Coromandel Watchdog.

Volgens de actiegroep is Newmont actief in het leefgebied van de met uitsterven bedreigde en beschermde Archey’s (oer-)kikker en andere zeldzame diersoorten zoals de Helm’s vlinder en de Coromandel bruine kiwi. Het gebied had volgens de groep moeten worden opgenomen in het ‘Schedule Four Conservation’ van de ‘Crown Minerals Act’ toen het park werd gecreëerd. ‘Schedule Four’ registreert stukken land die beschermd worden en waar mijnbouw niet is toegestaan.

(Bron foto: Coromandel Watchdog)
De organisatie wil Newmont alle informatie verstrekken over de aanwezigheid van zeldzame diersoorten in het gebied, zodat het bedrijf kan beslissen of er uiteindelijk gemijnd gaat worden of niet. ‘Elke vorm van mijnbouw in dit gebied is totaal ongepast’, aldus de actiegroep.

Coromandel Watchdog laat vandaag, zondag 7 juli 2013, via een persbericht weten, dat haar bezettingsactie is beëindigd. ‘We hebben ons doel bereikt om te benadrukken dat er in dit gebied nooit aan goudwinning zou mogen worden gedaan. We hebben twee dagen ons kamp opgeslagen op de boorlocatie in het uitgestrekte bosgebied, omdat we het milieu en de bedreigde diersoorten in dit bos wille beschermen’, aldus de coördinator van de groep, Renee Annan.

‘We zullen onze vreedzame acties tegen Newmont’s pogingen om goud te winnen in het Forest Park voortzetten, een gebied dat het habitat is van de zeldzaamste kikker in de wereld. Newmont heeft vanmiddag meer veiligheidspersoneel ingevlogen om het bedrijf te beschermen, terwijl het bedrijf eigenlijk ons zou moeten helpen bij het beschermen van de natuur.’

donderdag 4 juli 2013

Kampen nazaten van Nederlandse slaveneigenaren met een trauma?

Geen enkel ‘kritisch’ geluid over nazaten Hollandse slaveneigenaren in Suriname

150 Jaar afschaffing slavernij op 1 juli 2013 leidt tot springvloed aan ongebreidelde activiteiten en media- en andere berichten

05-07-2013 COLUMN Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – De afgelopen weken werd je door allerlei media overspoeld met berichten over het herdenken op 1 juli dat op die dag 150 jaar geleden de slavernij in Suriname werd afgeschaft. Diverse zogenoemde Afro-Surinaamse organisaties vlogen elkaar bijna in de haren over de wijze van herdenken, over de zin en onzin van een zoveelste slavernijmonument (in Suriname) en over de vraag of de Nederlandse regering excuses zou moeten aanbieden voor de rol van Nederland in de slavenhandel en of Nederland zou moeten overgaan tot het doen van zogenoemde ‘herstelbetalingen’.

Overal duiken nazaten op
Het nationaal slavernijmonument Nederland in Oosterpark, Amsterdam
Slavernij stak weer een aantal weken intensief en tot vervelends toe de kop op. Soms op een beschamende wijze. De ene vermeende deskundige schreeuwde of jammerde nog luider dan dan de andere vermeende deskundige. De ene na de andere expositie werd geopend, zowel in Suriname als in Nederland, de ene na de andere lezing werd gehouden, het ene na het andere monument of plaquette werd onthuld, de ene na de andere film of documentaire werd op het grote doek of thuis in de huiskamer op televisie vertoond. Het werd je zwart voor de ogen. Het zwarte slavernijverleden.
Natuurlijk, het is een verleden om bij stil te staan en om niet en nooit te vergeten. Maar, te lang erbij stil blijven staan, al 150 jaar, lijkt iets teveel van het goede.
Je struikelde ook bijna over de ingezonden stukken in kranten en op bijvoorbeeld nieuwswebsites. Nazaten doken plotseling overal op. Nazaten met kennis van zaken en nazaten zonder enige kennis van zaken. Nazaten mèt en nazaten zònder trauma’s of psychische gevolgen van het kennelijke feit dat uit landen als Nigeria en Ghana afkomstige voorouders als slaven te werk werden gesteld op Surinaamse plantages.

Zwijgen over nazaten van slaveneigenaren
Maar, niemand hoorde je kritisch spreken, waar of wie dan ook, over nazaten van Nederlandse slaveneigenaren die vandaag de dag in Suriname wonen - althans hier wonen mensen met familienamen van onder andere welvarende slaveneigenaren uit Amsterdam en het ligt toch min of meer voor de hand te veronderstellen dat die mensen van vandaag, nazaten zijn van de Nederlandse slaveneigenaren van toen. Is ooit hierbij stilgestaan in Suriname? Is ooit bijvoorbeeld hiernaar onderzoek gedaan?
'De psyche en de trauma's' van de nazaten van Nederlandse slaveneigenaren die in Suriname wonen.......

De Vrije Universiteit onderzocht wie de Amsterdamse slaveneigenaren waren in 1863, toen de slavernij werd afgeschaft. Een team onderzoekers onder leiding van docent Dienke Hondius presenteerde in juni 2012 een kaart met 80 namen en adressen van slaveneigenaren in Amsterdam. Nooit eerder was onderzoek gedaan naar slaveneigenaren die in Nederland woonden ten tijde van de afschaffing van de slavernij, stelt de VU. Deze slaveneigenaren lieten hun zaken regelen door vertegenwoordigers in Suriname en de Antillen, de plekken waar de slaven verbleven.

Bij de afschaffing van de slavernij kregen de eigenaren een financiële vergoeding. Deze gegevens zijn bewaard gebleven in archieven. Hondius en haar onderzoekers konden aan de hand van deze gegevens en met informatie uit bevolkingsregisters achterhalen waar de slaveneigenaren in Amsterdam moeten hebben gewoond. Bij de afschaffing kregen de slaven zelf overigens niets. In de hoofdstad woonden veel slaveneigenaren, omdat Amsterdam mede-eigenaar was van Suriname. In de 17e en 18e eeuw waren er nog veel meer eigenaren vanwege de grotere economische activiteit en de grotere betrokkenheid van Amsterdamse families en firma’s. Toen aan het begin van de 19e eeuw duidelijk werd dat er aan de slavernij een einde zou komen, verkochten nogal wat handelaren en eigenaren hun aandelen, belangen of slaven.

Hondius en haar team willen ook kaarten samenstellen voor de 17e en 18e eeuw. De presentatie van de kaart met de 80 adressen was een eerste stap.

Via deze speciale website zijn de slaveneigenaren te vinden die woonachtig waren in Amsterdam tussen 1853 en 1863. Op de kaart staan de adressen van de eigenaren die in die tijd (1853-1863) in Amsterdam woonden. Elk adres heeft een link naar informatie in het Nationaal Archief. De huisnummering is de meest recente (1875). Deze kaart is gebaseerd op het onder leiding van dr. D.G. Hondius:


Slaveneigenaren in Amsterdam 1863 weergeven op een grotere kaart

Enkele familienamen van slaveneigenaren die in Nederland of in Suriname woonachtig waren op het moment dat de slavernij in 1863 werd afgeschaft, die vandaag de dag nog steeds zijn terug te vinden in Suriname. Het is slechts een selectie van bekende hedendaagse Surinaamse familienamen. De namen zijn afkomstig van de website van het Nationaal Archief Nederland:

Alberga, Biervliet, Castilho del, Comvalius, Coutinho, Dompig, Fernandes, Ferrier, Goede, Goedschalk, Guicherit, Halfhide, Hering, Jessurun, Jesurun, Kolff, Lindveld, Lugard, Morpurgo, Muntslag, Oehlers, Onoribo, Parra de la, Pool, Purperhart, Ravenswaaij van, Robles, Sanches, Stuger, Vervuurt, Wesenhagen.

Natuurlijk komt de vraag naar boven of de families die vandaag in Suriname een van deze namen dragen, werkelijk nazaten zijn van de eigenaren van slaven. De meeste eigenaren woonden in Paramaribo of de Antillen, een deel woonde in Nederland.

dinsdag 2 juli 2013

Opmerkelijk: Lek bij afdeling Voorlichting ministerie van Onderwijs

Hoe veilig is de inhoud van emails aan MinOV?

Tekst email eindredacteur Obsession Magazine aan MinOV over naschoolse opvang, als 'open brief' met valse ondertekening door GFC Nieuws gepubliceerd

02-07-2013 Door: Redactie Obsession Magazine, Amsterdam


Amsterdam - Hoe veilig is de inhoud van emails van burgers, organisaties, media, et cetera gericht aan de afdeling Voorlichting van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling (MinOV)? Die vraag stelt zich sinds gisteren, maandag 1 juli 2013, de eindredacteur van Obsession Magazine in Amsterdam.

Naar aanleiding van diverse mediaberichten over het uitblijven van de betaling van vergoedingen aan leerkrachten in het succesvolle project Naschoolse Opvang, zond Obsession Magazine de afdeling Voorlichting van het ministerie via email enkele concrete vragen met als doel – in verband met een artikel – enige duidelijkheid te verkrijgen omtrent de gang van zaken rond die al dan niet gedane betalingen. De email werd zondag 30 juni verzonden naar het emailadres van de afdeling Voorlichting van MinOV.

Inhoud email Obsession Magazine aan MinOV als ‘open brief’ op GFC Nieuws
Tot stomme verbazing van de redactie van Obsession Magazine, werd de letterlijke tekst van de 30 juni verzonden email aan de afdeling Voorlichting van MinOV maandag 1 juli als ‘open brief, ondertekend door ene ‘Mascha Mack’, gepubliceerd op de nieuwswebsite GFC Nieuws.

 

Natuurlijk vroeg de verzender van de ‘Obsession’ email zich meteen af: ‘Hoe is dit mogelijk?’.

De redactie nam ’s avonds nog contact op met zowel de webredactie van GFC Nieuws als met de afdeling Voorlichting van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling om opheldering te verkrijgen. GFC Nieuws werd uiteraard ook verzocht de ‘open brief’ direct van haar website te verwijderen.

Lastercampagne tegen minister en ministerie
Als eerste reageerde het hoofd van de afdeling Voorlichting en Informatie van het ministerie, mevrouw Sheila Mijnals. ‘Met verbazing neem ik kennis van uw bericht. Waarschijnlijk wederom een lastercampagne tegen onze minister en het ministerie. Diverse personen hebben toegang tot het emailadres en het bericht is ook al doorgestuurd naar de afdelingen die antwoord moeten geven op de door uw gestelde vragen.’ Ook liet zij weten contact op te zullen nemen met de webredactie van GFC Nieuws.

Kort na haar reactie kwam een reactie binnen van GFC Nieuws: ‘Wij laten het uitzoeken. Er is voor zover bekend een brief bij ons op kantoor afgegeven. Vermoedelijk door een bode. Zodra wij meer relevante details hebben van de dienstdoende veiligheidsman laten wij dat aan u weten.’

Natuurlijk kun je je de vraag stellen waarom de webredactie van GFC Nieuws had besloten om de ‘open brief’ te plaatsen. Het is immers duidelijk geen ‘open brief’ en dat had bij de redactie een alarmbelletje moeten laten rinkelen. Ook de ondertekening, ‘Mascha Mack’, had bij GFC Nieuws vraagtekens moeten oproepen. Wat moest er worden uitgezocht door GFC Nieuws? Zijn ze op die webredactie werkelijk zo naïef?

Meerdere personen hebben toegang tot mailaccount Voorlichting MinOV
Maar, de basis van het lek ligt uiteraard bij de afdeling Voorlichting van MinOV. Mevrouw Mijnals geeft zelf aan, dat meerdere personen toegang hebben tot de mailaccount van Voorlichting, waaronder overigens ook zij zelf als hoofd Voorlichting & Informatie.
Het ligt voor de hand te veronderstellen, dat een medewerk(st)er van deze afdeling onder een valse naam de inhoud van de email van Obsession Magazine willens en wetens heeft gebruik om waarschijnlijk het ministerie en minister Shirley Sitaldin in een negatief daglicht te plaatsen. De bedoeling van de redactie van Obsession Magazine met de email was juist, om antwoorden op vragen te verkrijgen van het ministerie, om daarmee duidelijkheid te krijgen omtrent de gang van zaken rond de uitbetaling van leerkrachten in de naschoolse opvang.

Nieuw mailaccount met beperkte toegankelijkheid? Wie heeft email gelekt naar GFC Nieuws?
Het kennelijke feit, dat iemand van de afdeling Voorlichting van MinOV zeer waarschijnlijk kwade bedoelingen heeft met de inhoud van bepaalde binnenkomende emails, duidt erop dat in principe geen enkele email aan die afdeling veilig is en geen enkele email vertrouwelijk wordt behandeld. MinOv zou er verstandig aan doen om een nieuw mailaccount aan te maken en die slechts toegankelijk te maken voor één hooguit twee goed gescreende medewerk(st)ers.
Daarenboven zou uitgezocht moeten worden wie de inhoud van de Obsession Magazine email, en wie weet ook de inhoud van andere emails, lekt naar een nieuwswebsite als GFC Nieuws waarvan de redactie alles wat binnenkomt klakkeloos plaatst.

Na lang aandringen verwijdert GFC Nieuws ‘open brief’
De ‘open brief’ stond vanmiddag, Nederlandse tijd, nog steeds op de GFC Nieuws website. Een medewerkster van GFC Nieuws liet rond vier uur ‘s middags, Nederlandse tijd, via email het volgende weten: ‘Wij hebben uw verzoek doorgespeeld naar de eindredactie en hebben nog geen toestemming om het stuk te verwijderen. De kwestie wordt uitgezocht.’

Kort na ontvangst van die email van GFC Nieuws bleek de ‘open brief’ eindelijk van de website van GFC Nieuws te zijn verwijderd, na nogmaals, vanmiddag, een email van de redactie van Obsession Magazine met het verzoek de ‘open brief’ meteen te verwijderen. Zou geen gehoor worden gegeven aan het verzoek, dan zou het magazine andere stappen overwegen.

Noot:
Hoe toevallig is het dat in de loop van dinsdagmiddag 2 juli bekend is geworden, dat minister Shirley Sitaldin van Onderwijs door president Bouterse is vervangen door de jonge Ashwin Adhin. Een verrassende benoeming en het is maar de vraag in hoeverre deze Adhin zich als minister kan gaan bewijzen in een wespennest als het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling.

zondag 30 juni 2013

Regering solt op schandelijke wijze met leerkrachten naschoolse opvang

Overheid maakt mooie sier met succes-project, maar betaalt de dragers van het project niet

Ministerie van Onderwijs maakt misbruik van arbeidsethos leerkracht

30-06-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Al maanden maakt de Surinaamse regering mooie sier met het geslaagde project Naschoolse Opvang. Maar, hoe mooi het project ook moge zijn, de regering hanteert een verwerpelijke wijze om de dragers van het project, de leerkrachten, voor hun werkzaamheden te belonen: zij worden niet beloond.

Al maanden ontvangen de leerkrachten geen betaling van de afgesproken vergoeding. Iedere maand worden de leerkrachten aan het einde van de maand weer geconfronteerd met allerlei excuses van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling. Dan weer wordt niet uitbetaald vanwege dit en een maand later wordt nog steeds niet uitbetaald vanwege weer iets anders. De regering houdt hardwerkende en lange dagen makende leerkrachten aan een lijntje. Maar, wanneer niet snel wordt overgegaan tot – een correcte – uitbetaling dan dreigt het lijntje te breken. De regering lijkt te vergeten dat het oh zo gewaardeerde project drijft op enkel en alleen de leerkrachten.

Het project startte in juli vorig jaar met 6.000 leerlingen op 17 scholen. Inmiddels gaat het om 60.000 kinderen, verspreid over 258 scholen, die onder andere van een warme maaltijd worden voorzien. In 2014 moeten alle 350 lagere scholen landelijk meedoen.

Maar, het is geen voedingsproject, het is een project bedoeld om schoolprestaties van kinderen te verbeteren. Die kinderen krijgen na de normale schooltijd vanaf 13.00 uur nog een paar uur extra les, tot 17.00 uur. Vele leerkrachten die les geven in de naschoolse opvang maken extra lange dagen en dat geldt vooral voor leerkrachten die ook nog eens ver moeten reizen.

Lange dagen en geen waardering
Het is niet ongewoon dat leerkrachten rond zes uur in de ochtend van huis gaan en pas ’s avonds rond zeven uur pas thuis zijn. Daarbij moet niet vergeten worden dat ze ook nog eens ’s avonds lessen voor de volgende dag moeten voorbereiden, huiswerk moeten corrigeren, proefwerken moeten corrigeren, enzovoorts. Kortom, de Surinaamse leerkracht in de naschoolse opvang is een leerkracht die zich wil inzetten voor de leerlingen.

Maar, ze zijn dit jaar nog totaal niet uitbetaald. In december heeft de overheid de leerkrachten van het naschoolse project voor het laatst uitbetaald. Dit geldt voor leerkrachten in het hele land, zo berichtte het Dagblad Suriname woensdag 26 juni 2013. De leerkrachten zijn uiteraard zeer boos en willen dat de staat hun tegoeden snel overmaakt.

In Commewijne roeren de leerkrachten zich, omdat de coördinator van het project, Ann Sadi, hen steeds belooft dat de salarissen worden overgemaakt, echter zonder resultaat. Ook moeten de leerkrachten telkens aan administratieve verplichtingen voldoen, zonder dat hun wordt uitgelegd wat er aan de hand is.

Geduld raakt op
Zo langzamerhand raakt het geduld van de leerkrachten op. De regering maakt mooie sier met het project, maar degenen die het project dragen krijgen worden maar niet uitbetaald voor de vele extra uren die zij steken in de scholing van de Surinaamse jeugd. Diverse leerkrachten hebben inmiddels besloten om dagelijks eerder naar huis te gaan, zolang de betaling uitblijft.

VHP-Assembleelid Shailendra Girjasing zegt in de krant, dat de leerkrachten hem hebben gezegd dat hun wordt gevraagd steeds geduld te hebben. ‘Het enige wat de mensen horen, is dat ze geduld moeten hebben en dat ze opnieuw registraties moeten doen, omdat blijkt dat een deel wel heeft ontvangen, terwijl anderen weer niet zijn uitbetaald. De schuld wordt nu in de schoenen van CeBuMA geschoven’, aldus Girjasing. CeBuMA is het Centraal Bureau Mechanische Administratie. Girjasing onderneemt verder geen enkele actie. Hij reageert alleen op verzoek van een journalist.

Ook de leerkrachten in Para zijn ontevreden. Veel van hen zijn gedemotiveerd en willen stoppen met het project.

Belofte na belofte, toezegging na toezegging, maar allemaal gebakken lucht
De Ware Tijd had op 13 juni bericht dat de leerkrachten uiterlijk een week later hun salaris zouden ontvangen. Fouten, waardoor de betaling uitbleef, zouden intussen zijn gecorrigeerd. Dat beweerde althans Henk Venoaks, de voorzitter van de commissie ‘Naschoolse Opvang’. De betaallijsten zouden die week in orde worden gemaakt stelde een CeBuMa-medewerker.

Maar, van enige betaling was geen sprake. Een week later berichtte het Dagblad Suriname, dat vele leerkrachten de uitdaging waren aangegaan om ook lessen te verzorgen op de scholen tijdens de naschoolse opvang, met het idee om elke maand iets extra te verdienen. Zij hadden verwacht dat zij elke maand samen met hun salaris, de extra verdiensten (van SRD 50 per dag) gestort zouden krijgen. Deze maand hebben de leerkrachten wel een salarisstrook ontvangen, waarop staat aangegeven dat er voor twee maanden is gestort. Maar, er was niets gestort: de salarisstroken moesten gecorrigeerd worden. De leerkrachten zouden een nieuwe salarisslip krijgen en de gelden zouden worden gestort. De leerkrachten kwamen echter bedrogen uit. De loonstrook werd niet gecorrigeerd en er werd niets gestort.

Het wordt tijd dat de leerkrachten het werk neerleggen en eens zien hoe de regering dan gaat reageren en hoe snel overgegaan wordt tot volledige uitbetaling....... Leerkrachten in de naschoolse opvang maken lange dagen, vele extra uren, om de jeugd - de toekomst - te scholen.
En waar zijn de onderwijsbonden? Overal wordt en werd om uiteenlopende redenen het werk neergelegd en roeren werknemers zich – de medewerkers van de Surinaamsche Bank, de milieu-inspecteurs van het Bureau Openbare Gezondheidszorg (BOG), arbeiders van de Surinaamse Dok-en Scheepsbouw Maatschappij (SDSM), personeel van het Bureau Opvang Dak- en Thuislozen, arbeiders van IAmGold/Rosebel Gold Mines N.V., enzovoorts - maar de leerkrachten in het project naschoolse opvang denken aan de leerlingen, terwijl de regering niet aan de leerkrachten denkt.

Problemen met betaling waren er al in januari 2013
Al in januari van dit jaar werd duidelijk dat de regering het niet zo nauw neemt met het uitbetaling van de salarissen voor leerkrachten in de naschoolse opvang. De Ware Tijd schreef op 5 januari:

‘Ongeveer drieduizend leerkrachten van de basisschool wachten nog op uitbetaling van hun tegoeden voor naschoolse opvang. Vanaf de uitbreiding van dit project in oktober is geen geld gestort op hun rekeningen.’ 

Volgens het project Naschoolse Opvang had het verwerken van presentielijsten voor stagnatie gezorgd. ‘Eigenlijk hebben wij het werk een beetje onderschat. De bedoeling was om in december honderd scholen in het bestand te hebben, maar we zitten op tweehonderd. En om alle gegevens te verwerken, is vaak tot in de kleine uurtjes gewerkt’, aldus een woordvoerder van het project. De krant schreef vernomen te hebben, dat schoolhoofden het geld zullen uitbetalen als het gestort zou zijn op de schoolrekening.

Leerkrachten van de naschoolse opvang in Moengo wilden medio januari van dit jaar dagelijks een uur eerder stoppen met het werk, omdat ze maar geen uitbetaling ontvingen. De coördinator van het project Naschoolse Opvang in Moengo, Nabesing Ajeki, wist de schoolleiders over te halen om de leerlingen tot vijf uur ’s middags bezig te houden.
Maar, diezelfde Ajeki vroeg de leerkrachten ook om nog even geduld te hebben en zich vooral op de voordelen van het project te richten. Hij dreigde zelfs leerkrachten die eerder zouden vertrekken tien Surinaamse dollar per dag te korten op de vergoeding. Deze Ajeki ging hiermee uiteraard te ver. Maar, tegen de coördinator werd niet opgetreden.
Anita Biharie, schoolleider van OS Wonoredjo, zei 24 januari in de Ware Tijd: ‘Er was ons beloofd dat er eind december uitbetaald zou worden. Er is voor gewerkt, dus verwacht je het geld dat we hard kunnen gebruiken.’ 

Djugu djugu rond wijze van betaling
Dezelfde krant berichtte in haar editie van 30 januari, dat de uitbetaling van bijna 3.000 leerkrachten in de naschoolse opvang bleek te zijn gedaan zonder belastingafdracht. Met de groep, aldus de krant, was afgesproken dat SRD 50 dagvergoeding zou worden uitgekeerd. Maar, dat werd uitbetaald zonder inhouding van loonbelasting en premie AOV. Alle lonen onder SRD 900 zijn belastingvrij. Een groot deel van de leerkrachten werkt echter elke dag, waardoor zij meer dan dit bedrag ontvangen.
Om de belastingdruk te verzachten, kan het bedrag van SRD 50 als overwerkvergoeding worden aangemerkt. Een belangrijk deel van de leerkrachten zal het werken in de naschoolse opvang aanmerken als overwerk. De leerkrachten hebben al een reguliere baan van 08.00 uur tot 13.00 uur. De belasting bij hantering van het overwerktarief valt lager uit, dan bij hantering van het tarief volgens het normaal loon.

Volgens de voorzitter van de Commissie Naschoolse Opvang, Henk Venoaks, wordt het geld op de rekening van de schoolleiders gestort. De leerkrachten moesten hun schoolhoofd hiervoor machtigen. Bij de betaling vanaf februari wilde de commissie het geld op de bankrekening van de leerkrachten storten. ‘Het was ondoenlijk om alle leerkrachten rechtstreeks uit te betalen.’

Een week later waren de problemen rond de uitbetaling aan leerkrachten in de naschoolse opvang weer nieuws voor de Ware Tijd. Henny Dielingen, hoofd begrotingszaken van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling, liet weten dat eind februari alle leerkrachten van de naschoolse opvang zouden zijn uitbetaald.
Op elke school die deelneemt aan de naschoolse opvang is door de leerkrachten een coördinator gemachtigd. Vervolgens wordt het loon voor de onderwijzers overgemaakt op de rekening van de coördinator, aldus Dielingen.
Er waren echter enkele administratieve fouten ontstaan die het betalingsproces vertraagden. Zo zouden er verkeerde bankrekeningen genoteerd zijn of verkeerde namen. De stukken werden teruggestuurd naar de Commissie Naschoolse Opvang voor correctie.

Doorstart in oktober.....
Begin juni werd bekend dat de naschoolse opvang in oktober een ‘doorstart’ maakt. Melvin Bouva, NDP-Assembleelid en voorzitter van de vaste parlementaire commissie van Onderwijs, pleitte zelfs voor een naamsverandering van het project vanwege ‘het negatieve beeld’. In het vervolg zal er regelmatig worden geëvalueerd om een vinger aan de pols te houden, benadrukte Bouva. Maar, helaas, ook in het geval van Bouva - net als zijn VHP-collega Girjasing - blijft het bij woorden, maar enige druk op het ministerie blijft achterwege. Druk, om ervoor te zorgen dat de leerkrachten op tijd hun vergoedingen voor de naschoolse opvang gestort krijgen.

Dagelijks gewoon om één uur ’s middags naar huis gaan.....
Inmiddels zijn we op de laatste dag van juni 2013 terechtgekomen. Nog steeds hebben de leerkrachten in de naschoolse opvang geen Surinaamse dollarcent op hun rekening gezien voor hun werkzaamheden.

Het moge duidelijk zijn dat de overheid een loopje neemt met de hard werkende leerkrachten in de naschoolse opvang.

Het enthousiasme en werkplezier bij die leerkrachten is inmiddels tot onder het vriespunt gedaald. Het steeds maar niet uitbetalen van hun vergoedingen is een schande. Misschien wordt het werkelijk tijd dat de leerkrachten uit protest iedere dag gewoon om één uur ’s middags, na hun gewone gewerkte uren, huiswaarts gaan en de naschoolse opvang laten voor wat het is. Immers, als je als sector zelf geen enkele actie onderneemt, zal het ‘betalingsgedrag’ van de overheid niet veranderen.

Het hele project draait rond de inzet van leerkrachten. Vallen die leerkrachten weg, dan heeft het project geen bestaansrecht meer........

Noot:
GFC Nieuws bericht donderdag 11 juli dat de leerkrachten in de naschoolse opvang volgende week worden uitbetaald. Maar, hoe betrouwbaar is dat bericht? Is het de zoveelste loze 'belofte'? Lees hier het artikel.

vrijdag 28 juni 2013

Illegale goudzoekers in Costa Rica drie maanden cel in voor goudwinning in natuurpark - Voorbeeld voor Suriname.....

In Suriname worden dergelijke illegale goudzoekers beloond met een legaal stuk goudwinningsgrond

28-06-2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – Een groep illegale kleinschalige goudzoekers in Costa Rica is veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf voor mijnen in het Corcovado National Park op het Osa schiereiland. Dat is 27 juni bericht door de lokale krant Tico Times.

De mannen werden pas afgelopen vrijdag betrapt door parkopzichters en leden van de nationale politie, waarna snel een veroordeling volgde.

Ze hadden al twintig kubieke meter grond uit een rivier verwijderd, zo meldden parkopzichters vrijdag. Een rechter veroordeelde gisteren vier goudzoekers voor het verwijderen van goud uit het beschermde natuurgebied.

‘De goudwinningsactiviteiten van deze personen hadden gevolgen voor de helderheid van het water over een afstand van 1.5 kilometer. Ze hadden ook al twintig kubieke meter sediment uit de rivier verwijderd’, aldus parkopzichter Tony Salas.

Volgens Carlos Madriz, hoofd van de afdeling controle en bescherming van de Osa Conservation Area (ACOSA), zorgen de aangerichte vernielingen in het milieu door de illegale goudzoekers voor een schadepost van rond de 10.000 Amerikaanse dollar, omdat er vooral waterbronnen in het ecosysteem van het gebied zijn vervuild.

‘Deze uitspraak helpt bij het constant controleren op milieuschade in het Corcovado National Park, omdat illegale goudwinning waardevolle ecosystemen in beschermde gebieden aantast’, aldus ACOSA in een gisteren uitgebracht persbericht.

Voorbeeld voor Suriname....
Het snelle en effectieve optreden van de Costa Ricaanse autoriteiten zou een goed voorbeeld kunnen zijn voor de Surinaamse regering. In Suriname zijn nog nooit illegale goudzoekers wegens het aanrichten van milieuschade tot celstraffen veroordeeld. Neen, hier verkeren ze in de gelukkige omstandigheid dat de overheid nota bene nieuwe legale goudwinningsgebieden voor ze zoekt, waarvoor ze zich kunnen laten registreren.

maandag 24 juni 2013

Nog steeds veel producten in buitenlandse valuta geprijsd

HI beloofde in maart 2013 strengere controle

24 juni 2013 Door: Paul Kraaijer


Paramaribo – In Suriname worden nog steeds diverse producten geprijsd in Amerikaanse dollars en euro’s. Enkele grotere winkelbedrijven en garagebedrijven prijzen hun producten in Amerikaanse dollars en veel woningen worden voor koop en verhuur aangeboden in euro’s. De woningmarkt is daardoor amper toegankelijk voor de doorsnee lokale Surinamer. Maar, dat – het prijzen van producten in buitenlandse valuta - is niet meer toegestaan. Kennelijk wordt er nauwelijks op gecontroleerd vanuit de overheid.

Een recente advertentie die voor zich spreekt.

Volgens Rudy Balker, voorzitter van de Consumentenbond Suriname, wordt in Suriname een grote denkfout gemaakt. ‘De Surinaamse consument kan niet vergeleken worden met bijvoorbeeld consumenten in lidlanden van de CARICOM. Hier verdient de consument geen Amerikaanse-, maar de Surinaamse dollar. Veel in buitenlandse valuta geprijsde artikelen zijn voor velen hier niet betaalbaar.’

Balker: ‘De regering moet haar Grondwettelijke taak vervullen en dusdanige maatregelen treffen waardoor de consument een menswaardig bestaan kan leiden.’

Minister Raymond Sapoen van het ministerie van Handel en Industrie kondigde op 15 maart van dit jaar nog aan dat er een strengere controle zou kopen op handelaren die hun goederen in vreemde valuta prijzen. Volgens een staatsbesluit van 1998 is het verboden om prijzen aan te duiden in een vreemde muntsoort. Overtreding hiervan valt onder de wet Economische Delicten.

‘Daar waar er klachten uit het veld komen zal er gerichter worden opgetreden’, zei Sapoen. ‘We zullen erop toezien dat er een zo effectief mogelijke bestrijding komt van dit probleem.’ Hij zei verder, dat nieuwe afdeling Consumenten Zaken een belangrijke rol gaat vervullen bij de controle.
Er mag wel in vreemde valuta worden geprijsd, maar dan moet de tegenwaarde in SRD erbij worden vermeld. In de praktijk blijkt het tegendeel en komt het nog steeds voor dat ondernemers, onder wie veel autohandelaren, uitsluitend in vreemde valuta prijzen. Voor luchtvaartmaatschappijen geldt een uitzondering op deze regel. Zij mogen hun diensten wel uitsluitend in buitenlandse valuta prijzen.

Begin 2011 adverteerde het ministerie van Handel en Industrie met regelmaat in kranten dat winkeliers hun producten in Surinaamse dollars moeten aanbieden. Toenmalig HI-minister Michael Miskin liet toen weten, dat volgens bestaande wetgeving de prijsaanduiding in Surinaamse valuta moet worden gedaan, maar dat toch ook het bedrag in andere valuta vermeld mag worden. Echter, iemand die een product in bijvoorbeeld euro’s aanbiedt, mag geen Surinaamse dollars weigeren. Bedrijven als de SLM, Telesur en de EBS (NV Energiebedrijven Suriname) moeten werken met alleen de eigen munteenheid van Suriname. Begin 2011 zei minister Miskin dat Suriname ‘in een grijze fase’ zit.

Op hetzelfde moment dat de HI-minister zijn uitspraken deed over de Surinaamse dollar, liet zijn collega van het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme, Falisi Pinas, weten een klopjacht te starten tegen prijsaanduidingen in euro’s en Amerikaanse dollars.

Twee jaar later is duidelijk dat van een klopjacht nauwelijks sprake kan zijn geweest. Bekijk productadvertenties in kranten en op websites en de euro’s en Amerikaanse dollars lachen je vrolijk en ongestoord tegemoet. Het lijkt er nog steeds op dat de eigen Surinaamse munt in het handelsverkeer het onderspit delft en wordt ondergesneeuwd door buitenlandse muntsoorten als de euro en Amerikaanse dollar.


Hieronder een foto door Carbiz woensdag 26 juni 2013 geplaatst op haar Facebookpagina. Dit is dus een garagebedrijf/autohandel in Paramaribo (zie ook de advertentie hierboven) die auto's te koop aanbiedt in Amerikaanse dollars en niet in de lokale Surinaamse dollar. Wanneer maakt de regering een einde aan dergelijke praktijken???

TOYOTA MARK2 2000, 2500CC, CD, SIER-VELGEN, $4750,-
TOYOTA MARK2 2000, 2500CC, CD, SIER-VELGEN, $4750,-

De Wet Economische Delicten: